Europese Commissie

Topproject

  • 01 January 2005

Het recreatie- en sportcentrum van Haanja, dichtbij de zuidgrens van Estland, is zowel qua doelstelling als qua uitvoering een bijzonder goed voorbeeld van regionale ontwikkeling.

Het project is ontstaan in 1999 toen bij het ministerie van Economische zaken projectvoorstellen konden worden ingediend voor het PHARE ESC-programma1 2000. Het graafschap Võru en de gemeente Haanja hebben hun krachten gebundeld en een voorstel gedaan voor de bouw van een recreatiecentrum aan de voet van de hoogste heuvel van Estland en zelfs van alle Baltische staten, de Suur Munamägi ("moederheuvel"), met een hoogte van ... 318 m. Door zijn reliëf trekt de regio Haanja al sinds lang veel bezoekers, die er in de winter komen langlaufen en in de zomer mountainbiken. Een infrastructuur voor bezoekers ontbrak echter. Aan de ene kant moest er dus een multifunctioneel centrum komen (met kleedruimten, kantine, skiverhuur e.d.) terwijl anderzijds de pistes moesten worden aangepast aan de eisen van de internationale skifederatie, zodat ook wedstrijden op hoog niveau zouden kunnen worden georganiseerd. Daarvoor moesten de bestaande pistes worden verlegd en verbreed en moest er een speciale sneeuwploeg en ander onderhoudsmaterieel worden aangeschaft. Ook het verlichten van de pistes was van groot belang, omdat het hier in de winter maar 6 of 7 uur per dag licht is. Ten slotte was er vooral behoefte aan een marketingplan voor het promoten van het centrum in Estland en onze buurlanden. De grootste problemen ontstonden in de uitvoeringsfase. De milieueffectrapportage en het ontwerp van de infrastructuur kostten veel tijd en moeite. Toen het programma van eisen voor de technische voorzieningen en de architectonische aspecten was voltooid, bleek dat de middelen voor het project niet geheel toereikend waren. Maar zoals men zegt: waar een wil is, is een weg; de gemeente kwam meteen met meer geld en de landelijke overheid van Estland bleef niet achter. In dit opzicht hebben we tijdens de uitvoering van het programma geleerd hoe enorm belangrijk het is om te kunnen rekenen op een goede samenwerking tussen lokale en landelijke overheden. Het resultaat: we hebben een fantastisch multifunctioneel centrum gebouwd dat perfect in zijn omgeving past. In de winter wordt het gebruikt door skiërs en in de zomer door mountainbikers, wandelaars en trekkers die komen genieten van het uitzicht op dit hoogste punt van Estland. Het gebouw biedt ruimte aan 60 personen voor vergaderingen. Skiërs hebben de keuze uit pistes van 1, 3, 5 of 10 km. Op een uitstekend verlichte piste van 3,2 km kan tot 9 uur 's avonds worden geskied. Het project heeft in totaal 636.000 euro gekost. Daarvan heeft de Europese Unie 395.000 euro voor haar rekening genomen, de regering van Estland 117.000 en de gemeente Haanja 124.000. Bij de opening van het recreatie- en sportcentrum Haanja in december 2003 wist Mati Alaver, de trainer van het Estse langlaufteam en van meerdere Estse medaillewinnaars bij Olympische Spelen en wereldkampioenschappen, het succes van dit project heel treffend te verwoorden: "door de bouw van een recreatie- en sportcentrum in deze regio heeft de overheid zijn taak voor de sportliefhebber vervuld". Zijn toespraak was een duidelijk signaal aan het projectteam, dat drie jaar lang keihard heeft gewerkt om dit project tot een goed einde te brengen. De uitvoering van een eerste project met Europees geld voor economische en sociale cohesie was geen geringe opgave voor een kleine gemeente als Haanja. Het succes heeft echter geleid tot de goedkeuring van een nieuw PHARE ESC-project, waarmee in 2004 zal worden begonnen. Deze keer gaat het om de complete renovatie van de toren die in 1939 werd gebouwd op het hoogste punt van Estland en in 1969 voor het laatst onder handen werd genomen. (1) ESC: Economic and Social Cohesion (Economische en sociale cohesie).