![]() | |
| De Europese Commissie > Belastingen en douane-unie > Gegevensbanken > SAMANCTA | |
Navigation |
Bijlage D: Internationale kaart voor chemische veiligheid (ICSC) |
| BENZEEN | ICSC: 0015 |
| Cyclohexatrieen Benzol | November 2016 |
| CAS-nr.: 71-43-2 VN-nr.: 1114 EG-nr.: 200-753-7 |
| ACUTE GEVAREN | PREVENTIE | BRANDBESTRIJDING | |
| BRAND & EXPLOSIE | Licht ontvlambaar. Damp-/luchtmengsels zijn explosief. Brand- en explosiegevaar. Zie Chemische gevaren. | GEEN open vuur, GEEN vonken en VERBODEN te roken. Gesloten systeem, ventilatie, explosieveilige elektrische apparatuur en verlichting. Bij vullen, aftappen of verwerken GEEN perslucht toepassen. Gebruik vonkvrij handgereedschap. Voorkom de opbouw van elektrostatische ladingen (o.a. door aarden). | Blussen met schuim, sproeistraal (water), kooldioxide, poeder. Bij brand: vaten enz. koel houden door spuiten met water. |
| ELK CONTACT VERMIJDEN! | |||
| SYMPTOMEN | PREVENTIE | EERSTE HULP | |
| Inademing | Duizeligheid. Slaperigheid. Hoofdpijn. Misselijkheid. Kortademigheid. Stuiptrekkingen. Bewusteloosheid. | Gebruik ventilatie, plaatselijke afzuiging of adembescherming. | Frisse lucht, rust. Een arts raadplegen. |
| Huid | KAN WORDEN OPGENOMEN! Droge huid. Roodheid. Pijn. Zie verder Inademing. | Beschermende handschoenen. Beschermende kleding. | Verontreinigde kleding uittrekken. Huid met veel water afspoelen of afdouchen. Een arts raadplegen. |
| Ogen | Roodheid. Pijn. | Gebruik een gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming. | Eerst afspoelen met veel water gedurende een aantal minuten (contactlenzen verwijderen indien mogelijk), dan een arts raadplegen. |
| Inslikken | Buikpijn. Keelpijn. Braken. Zie verder Inademing. | Niet eten, drinken of roken tijdens het werk. | De mond spoelen. GEEN braken opwekken. Een arts raadplegen. |
| OPRUIMING VAN VRIJGEKOMEN STOF | VERPAKKING EN ETIKETTERING |
| Verwijder alle ontstekingsbronnen. Ontruim de gevarenzone! Raadpleeg een deskundige! Persoonlijke bescherming: gebruik een gaspak. NIET in het riool wegspoelen. Laat deze stof NIET in het milieu terechtkomen. Lek- en morsvloeistof, voor zover mogelijk, opvangen in afsluitbare vaten. De resterende vloeistof in zand of inert absorptiemateriaal opnemen. Vervolgens opslaan en verwijderen overeenkomstig de lokale voorschriften. |
Overeenkomstig de GHS-criteria van de VN![]() Licht ontvlambare vloeistof en damp Kan dodelijk zijn als de stof bij inslikken in de luchtwegen terechtkomt Veroorzaakt huidirritatie Veroorzaakt ernstige oogirritatie Kan genetische schade veroorzaken Kan kanker veroorzaken Veroorzaakt schade aan het beenmerg en het centrale zenuwstelsel bij langdurige of herhaalde blootstelling Schadelijk voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen Vervoer VN-indeling VN-gevarenklasse: 3; VN-verpakkingsgroep: II |
| OPSLAG | |
| Brandveilig. Gescheiden van levensmiddelen en diervoeders, oxidatiemiddelen en halogenen. Opslaan in een ruimte zonder afvoer of riolering. | |
| VERPAKKING | |
| Niet met levensmiddelen en diervoeders vervoeren. | |
| Opgesteld door een internationale groep van deskundigen in opdracht van de ILO en de WHO met financiële steun van de Europese Commissie. © ILO and WHO 2017 | |
| FYSISCHE EN CHEMISCHE EIGENSCHAPPEN | |
| Fysische toestand; Verschijningsvorm KLEURLOZE VLOEISTOF MET KARAKTERISTIEKE GEUR. Fysische gevaren De damp is zwaarder dan lucht en verspreidt zich over de grond met kans op ontsteking op afstand. Ten gevolge van stroming, beweging, enz. kan elektrostatische lading opgewekt worden. Chemische gevaren Reageert heftig met oxidatiemiddelen, salpeterzuur, zwavelzuur en halogenen met brand- en explosiegevaar. Tast kunststoffen en rubber aan. |
Formule: C6H6 Molecuulmassa: 78,1 Kookpunt: 80°C Smeltpunt: 6°C Relatieve dichtheid (water = 1): 0,88 Oplosbaarheid in water, g/100ml bij 25°C: 0,18 Dampdruk, kPa bij 20°C: 10 Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 2,7 Relatieve dichtheid van het damp-/luchtmengsel bij 20°C (lucht = 1): 1,2 Vlampunt: -11°C c.c. Zelfontbrandingstemperatuur: 498°C Explosiegrenzen, vol % in lucht: 1,2-8,0 Verdelingscoëfficiënt octanol/water als log Pow: 2,13 |
| BLOOTSTELLING & GEVOLGEN VOOR DE GEZONDHEID | |
| Blootstellingsroute De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing, via de huid en door inslikken. Gevolgen van kortdurende blootstelling De stof werkt irriterend op de ogen, de huid en de luchtwegen. Het inslikken van de vloeistof kan inademing ervan veroorzaken, waardoor longontsteking kan optreden. De stof kan het centrale zenuwstelsel aantasten. Dit kan leiden tot een vermindering van het bewustzijn. Blootstelling ver boven de OEL kan bewusteloosheid veroorzaken en de dood tot gevolg hebben. Bij inslikken kan de stof gemakkelijk in de luchtwegen terechtkomen, waardoor longontsteking kan optreden. |
Inademingsrisico Een voor de gezondheid schadelijke verontreiniging van de lucht kan door verdamping van deze stof bij 20 °C zeer snel worden bereikt. Gevolgen van langdurige of herhaalde blootstelling De stof ontvet de huid, waardoor deze kan uitdrogen of barsten. De stof kan het centrale zenuwstelsel en het immuunsysteem aantasten. De stof kan het beenmerg aantasten. Dit kan leiden tot bloedarmoede. Deze stof is kankerverwekkend voor de mens. Kan erfelijke genetische schade aan menselijke geslachtscellen veroorzaken. Zie Opmerkingen. |
| Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling |
| TLV: 0,5 ppm als TWA; 2,5 ppm als STEL; (huid); A1 (bewezen kankerverwekkend voor de mens); BEI vastgesteld. EU-OEL: 3,25 mg/m3, 1 ppm als TWA; (huid); MAK: kankerverwekkende stof van categorie 1; mutageniteit in geslachtscellen: groep 3A; huidopname (H) |
| MILIEU |
| Giftig voor in het water levende organismen. Kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken. |
| OPMERKINGEN |
| Gebruik van alcoholische dranken versterkt de schadelijke werking. Afhankelijk van de mate van blootstelling is periodiek medisch onderzoek wenselijk. De geur waarschuwt onvoldoende bij het overschrijden van de blootstellingsgrenswaarde. Benzeen veroorzaakt acute myeloïde leukemie/acute niet-lymfocytaire leukemie. Er is ook een positief verband waargenomen tussen blootstelling aan benzeen en acute lymfocytaire leukemie, chronische lymfocytische leukemie, multipel myeloom en non-Hodgkin-lymfoom. |
| AANVULLENDE INFORMATIE |
| EG-indeling Symbool: F, T; R: 45-46-11-36/38-48/23/24/25-65; S: 53-45; Opmerking: E |
| Alle rechten voorbehouden. Dit materiaal wordt gepubliceerd zonder enige expliciete of impliciete garantie. De ILO, de WHO noch de Europese Commissie is aansprakelijk voor de interpretatie en het gebruik van de informatie in dit materiaal. www.ilo.org |
| Herzieningen | ||
| 10.02.2021 | ||