Richtsnoeren voor de lidstaten inzake beheersverificaties

Extra tools

 
Available languages : Bulgarian Czech Danish German Estonian Greek English Spanish French Croatian Italian Latvian Lithuanian Hungarian Maltese Dutch Polish Portuguese Romanian Slovak Slovenian Finnish Swedish
Period : 2014-2020
Date : 17/09/2015

Dit document heeft tot doel richtsnoeren te verstrekken over bepaalde praktische aspecten van de toepassing van artikel 125, lid 4, onder a), en lid 5, van de VGB en van artikel 23 van de ETS. Het is de bedoeling dat dit document voor de lidstaten als referentiedocument dient met het oog op de tenuitvoerlegging van die artikelen. Deze richtsnoeren zijn van toepassing op de ESIF, met uitzondering van het Elfpo. Tegen die achtergrond verdient het aanbeveling dat de lidstaten – rekening houdend met hun eigen organisatiestructuren en controlemaatregelen – deze richtsnoeren ook daadwerkelijk in praktijk brengen. De richtsnoeren verstrekken een aantal goede werkmethoden die kunnen worden toegepast door MA's en instanties bedoeld in artikel 23, lid 4, van de ETS, waarbij de specifieke kenmerken van elk BCS in acht worden genomen. Uit de audits van de Commissie die in de programmeringsperioden 2000-2006 en 2007-2013 zijn uitgevoerd, is gebleken dat het gebruik van een dergelijk document voordelen met zich mee kan brengen.

In deze richtsnoeren wordt aandacht besteed aan de wettelijke voorschriften, algemene beginselen en doelstellingen van verificaties, aan de instanties die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering ervan, aan het tijdsschema, het toepassingsgebied en de frequentie van de verificaties, aan de organisatie van de verificaties ter plaatse, aan het vereiste om de werkzaamheden te documenteren en, tot slot, aan het uitbesteden van de verificaties. Op een aantal specifieke gebieden worden uitgebreide voorbeelden van goede praktijken gegeven, zoals bij overheidsopdrachten en de regelingen voor financiële bijstand. In het verleden is namelijk gebleken dat de lidstaten op deze gebieden met de nodige problemen zijn geconfronteerd. De richtsnoeren bevatten ook informatie over beheersverificaties op het gebied van financieringsinstrumenten, inkomstengenererende projecten en ETS. Ook kwesties in verband met de duurzaamheid van de concrete acties, gelijkheid en non-discriminatie, en het milieu komen aan de orde.

Vanwege de grote verschillen in de organisatiestructuren van de lidstaten kunnen in dit document niet alle situaties worden behandeld. Beheersverificaties vallen onder de verantwoordelijkheid van de MA wanneer ze worden verricht uit hoofde van artikel 125, lid 4, onder a), van de VGB en van artikel 23, lid 3, van de ETS. De MA heeft de mogelijkheid om taken te delegeren aan II's. Waar in deze handleiding verwezen wordt naar MA's, wordt dit daarom ook geacht een verwijzing naar die II's te zijn in gevallen waarin alle, of een aantal beheersverificatietaken door de MA aan dergelijke instanties zijn gedelegeerd. In de andere gevallen ligt de verantwoordelijkheid voor de beheersverificaties voor de ETS-programma's bij de lidstaten, derde landen of gebieden die in overeenstemming met artikel 23, leden 3 en 4, van de ETS de verantwoordelijke instantie of persoon aanwijzen.

Met het oog op het streven naar een verlaging van de administratieve lasten voor begunstigden van de ESIF moet erop worden gewezen dat de begunstigden en MA, CA, AA en II's onderling informatie kunnen uitwisselen via een systeem voor elektronische gegevensuitwisseling. De regels in het wetgevingspakket 2014-2020 die verband houden met het initiatief voor e-cohesie zijn zo geformuleerd dat de lidstaten en de regio's oplossingen kunnen vinden die zijn afgestemd op hun eigen organisatorische en institutionele structuur en die tegemoetkomen aan welbepaalde behoeften terwijl ze eenvormige minimumvereisten vaststellen.

More information :

Guidance on European Structural and Investment Funds 2014-2020

Publications