Inhoudstafel
Zoeken in de gids

Deel B – Informatie over de acties die in deze gids nader worden omschreven

Dit deel bevat voor alle in de Erasmus+-programmagids nader omschreven acties en activiteiten de volgende informatie:

  • een beschrijving van de doelstellingen en verwachte effecten;
  • een beschrijving van de ondersteunde activiteiten;
  • tabellen met de evaluatiecriteria voor projectvoorstellen;
  • nuttige aanvullende informatie die bijdraagt tot een beter begrip van het soort ondersteunde projecten;
  • een beschrijving van de financieringsregels.

Iedereen die een aanvraag wil indienen, wordt aangeraden eerst aandachtig het deel dat betrekking heeft op de te ondersteunen actie volledig te lezen. Aanvragers wordt ook aangeraden de aanvullende informatie in bijlage I bij deze gids zorgvuldig door te nemen.

Onderwijs en opleiding

Mogelijkheden in hoger onderwijs, beroepsonderwijs en -opleiding, schoolonderwijs en volwassenenonderwijs.

Welke acties worden ondersteund?

Onder "Kernactie 1", "Kernactie 2" en "Kernactie 3" worden concrete acties toegelicht ter verwezenlijking van de programmadoelstellingen op het gebied van onderwijs en opleiding. De acties daarvan die voornamelijk, maar niet uitsluitend, betrekking hebben op onderwijs en opleiding, betreffen:

  • mobiliteitsprojecten voor lerenden en personeel in hoger onderwijs, beroepsonderwijs en -opleiding,
  • mobiliteitsprojecten voor personeel in schoolonderwijs en volwassenenonderwijs,
  • gezamenlijke masteropleidingen van Erasmus Mundus,
  • Erasmus+-leningen aan masterstudenten,
  • strategische partnerschappen,
  • kennisallianties - Europese universiteiten,
  • allianties voor sectorspecifieke vaardigheden,
  • capaciteitsopbouw op het gebied van hoger onderwijs.

Het deel "Kernactie 3" bevat ook informatie over Erasmus+ activiteiten inzake het ondersteunen van het beleid voor onderwijs en opleiding met betrekking tot beleidsanalyse en intercollegiaal leren (peer learning), initiatieven voor beleidsinnovatie, instrumenten en netwerken, samenwerking met internationale organisaties en de dialoog met beleidsmakers en organisaties van belanghebbenden. Deze activiteiten worden uitgevoerd via specifieke oproepen tot het indienen van voorstellen die direct worden beheerd door de Europese Commissie of door het Uitvoerend Agentschap. Meer informatie is te vinden op de websites van de Commissie en het Uitvoerend Agentschap.

Wat zijn de doelstellingen van deze acties?

Specifieke Doelstellingen

Met het Erasmus+-programma worden de volgende specifieke doelstellingen nagestreefd op het gebied van onderwijs en opleiding:

  • verhoging van het niveau van de kerncompetenties en vaardigheden, met name wat betreft hun relevantie voor de arbeidsmarkt en hun bijdrage tot een hechtere samenleving, met name door de mogelijkheden voor leermobiliteit te verruimen en de samenwerking tussen de onderwijs- en opleidingswereld en het beroepsleven te intensiveren;
  • bevordering van kwaliteitsverbeteringen, excellentie op het gebied van innovatie en internationalisering op het niveau van onderwijs- en opleidingsinstellingen, met name door nauwere transnationale samenwerking tussen aanbieders van onderwijs en opleidingen en andere belanghebbenden;
  • bevordering van het ontstaan en ruimere bekendheid van een Europese ruimte voor een leven lang leren bedoeld om beleidshervormingen op nationaal niveau aan te vullen en om de modernisering van onderwijs- en opleidingsstelsels te ondersteunen, met name door sterkere beleidssamenwerking, verbetering van het gebruik van instrumenten van de Europese Unie voor transparantie en erkenning en de verspreiding van goede praktijken;
  • versterking van de internationale dimensie van onderwijs en opleiding, met name door samenwerking tussen instellingen in de programma- en partnerlanden op het gebied van beroepsonderwijs en  opleiding en in het hoger onderwijs, door de aantrekkelijkheid van de Europese instellingen voor hoger onderwijs te vergroten en door ondersteuning van het externe optreden van de Europese Unie, inclusief haar ontwikkelingsdoelstellingen, door de mobiliteit en de samenwerking tussen de instellingen voor hoger onderwijs in de programma- en partnerlanden te bevorderen en door doelgerichte opbouw van capaciteit in partnerlanden;
  • verbetering van het onderwijzen en leren van talen en bevordering van de grote taalverscheidenheid van de Europese Unie en het intercultureel bewustzijn.

Jeugdzaken

Mogelijkheden voor niet-formeel en informeel leren op het gebied van jeugdzaken.

Welke acties worden ondersteund?

Onder "Kernactie 1", "Kernactie 2" en "Kernactie 3" worden concrete acties voorgesteld ter verwezenlijking van de programmadoelstellingen op het gebied van jeugdzaken. De acties daarvan die voornamelijk, maar niet uitsluitend, betrekking hebben op jeugdzaken (niet-formeel en informeel leren), betreffen:

  • mobiliteitsprojecten voor jongeren (uitwisseling van jongeren en vrijwilligerswerk) en jeugdwerkers,
  • strategische partnerschappen,
  • capaciteitsopbouw op het gebied van jeugdzaken,
  • dialoogprojecten voor jongeren.

In het onderdeel getiteld "Kernactie 3" staat ook informatie over Erasmus+-acties ter ondersteuning van jeugdbeleid, met betrekking tot beleidsanalyse en intercollegiaal leren (peer learning), toekomstgerichte initiatieven, instrumenten en netwerken, samenwerking met internationale organisaties en de dialoog met organisaties van belanghebbenden; al die acties worden in het kader van Erasmus+ gepromoot ter ondersteuning van jeugdwerkstelsels. Deze acties worden uitgevoerd via specifieke oproepen tot het indienen van voorstellen die door het Uitvoerend Agentschap van de Europese Commissie of direct door de Europese Commissie zelf worden beheerd. Meer informatie is te vinden op de websites van de Commissie en het Uitvoerend Agentschap.

Wat zijn de doelstellingen van deze acties?

Specifieke Doelstellingen

Met het Erasmus+-programma worden de volgende specifieke doelstellingen nagestreefd op het gebied van jeugdzaken:

  • verhoging van het niveau van de kerncompetenties en vaardigheden van jongeren, waaronder kansarme jongeren, bevordering van de participatie in de democratie in Europa en op de arbeidsmarkt, van actief burgerschap, van interculturele dialoog, van sociale integratie en solidariteit, met name door de mogelijkheden voor leermobiliteit voor jongeren, mensen die actief zijn in jeugdwerk en jeugdorganisaties en jeugdleiders te verruimen en door sterkere banden tussen jeugdzaken en de arbeidsmarkt tot stand te brengen;
  • bevordering van kwaliteitsverbetering in het jeugdwerk, met name door nauwere samenwerking tussen organisaties op het gebied van jeugdzaken en/of andere belanghebbenden;
  • aanvulling van beleidshervormingen op lokaal, regionaal en nationaal niveau en ondersteuning van de ontwikkeling van een op kennis gebaseerd en empirisch onderbouwd jeugdbeleid en erkenning van niet-formeel en informeel leren, met name door sterkere beleidssamenwerking, een beter gebruik van de instrumenten van de Europese Unie voor transparantie en erkenning en de verspreiding van goede praktijken;
  • versterking van de internationale dimensie van jeugdactiviteiten en de bekwaamheid van jeugdwerkers en jeugdorganisaties ter ondersteuning van jongeren als aanvulling op het externe optreden van de Europese Unie, met name door de bevordering van mobiliteit en samenwerking tussen belanghebbenden in de programma- en partnerlanden en internationale organisaties.

Over de periode 2014-2020 wordt 8,6 % van het budget toegewezen aan acties ter ondersteuning van mogelijkheden voor niet-formeel en informeel leren op het gebied van jeugdzaken.