Inhoudstafel
Zoeken in de gids

Dialoogprojecten voor jongeren

Wat is het doel van deze actie?

Deze actie moedigt jongeren aan tot actieve participatie in de democratie en bevordert debatten die de thema's en prioriteiten vermeld in de EU-jeugdstrategie en de dialoogmechanismen hiervan, centraal hebben staan. De dialoogmechanismen1 zijn opgebouwd rond prioriteiten en volgens tijdschema's. Daarbij worden evenementen opgezet die jongeren de gelegenheid bieden van gedachten te wisselen over de afgesproken thema's, niet alleen met elkaar, maar ook met beleidsmakers, deskundigen in jeugdzaken en vertegenwoordigers van overheidsinstanties die bevoegd zijn voor jeugdzaken, met het doel resultaten te boeken die bevorderlijk zijn voor de beleidsvorming.

Wat zijn dialoogprojecten voor jongeren?

Dialoogprojecten voor jongeren kunnen de vorm aannemen van bijeenkomsten, conferenties, raadplegingen en evenementen. Deze evenementen moedigen jongeren aan tot actieve participatie in de democratie in Europa, en bevorderen hun interactie met beleidsmakers. Concreet resulteren deze evenementen erin dat jongeren beter hun stem kunnen laten horen (door standpunten, voorstellen en aanbevelingen te formuleren) en zodoende meer inspraak krijgen in de vorming en uitvoering van het Europese jeugdbeleid.

Een dialoogproject voor jongeren verloopt in drie fasen:

  1. planning en voorbereiding;
  2. uitvoering van de activiteiten;
  3. evaluatie (inclusief gedachtewisseling over mogelijke vervolgacties).

 

Welke activiteiten worden ondersteund door deze actie?

Binnen deze actie kan een project uit een of meer van de volgende activiteiten bestaan:

  • nationale bijeenkomsten en transnationale/internationale seminars waarmee ruimte wordt geboden voor informatie-uitwisseling, debatten en actieve participatie van jongeren – in dialoog met jeugdbeleidsmakers – met betrekking tot vraagstukken die van belang zijn voor de EU-jeugdstrategie en haar Dialoogmechanismen;
  • nationale bijeenkomsten en transnationale seminars die de weg effenen voor de officiële EU-jeugdconferenties die halfjaarlijks worden georganiseerd door de lidstaat die het voorzitterschap van de Europese Unie bekleedt;
  • evenementen ter bevordering van debatten en informatie over jeugdbeleidsthema's die in verband staan met de tijdens de Europese Jeugdweek georganiseerde activiteiten;
  • raadplegingen van jongeren met het doel hun behoeften te peilen over diverse kwesties die betrekking hebben op participatie in de democratie (onlineraadplegingen, opiniepeilingen e.d.);
  • bijeenkomsten en seminars, informatie-evenementen of debatten tussen jongeren en beleidsmakers/deskundigen in jeugdzaken rond het thema participatie in de democratie;
  • evenementen waarbij het functioneren van de democratische instellingen en de rol van beleidsmakers in die instellingen worden gesimuleerd.

De activiteiten worden geleid door jongeren; de deelnemende jongeren moeten actief worden betrokken in alle stadia van het project, vanaf voorbereiding tot follow-up. Beginselen en methoden van niet-formeel leren moeten worden toegepast in het gehele project.

De volgende activiteiten komen niet in aanmerking voor subsidieverlening in het kader van deze actie: statutaire vergaderingen van organisaties of netwerken van organisaties; politiek beïnvloede evenementen.

 

Welke criteria worden gehanteerd om dit project te evalueren?

Hieronder worden de formele criteria opgesomd waaraan het project moet voldoen om in aanmerking te komen voor een subsidie uit het Erasmus+-programma:

 

Subsidiabiliteitscriteria

In aanmerking komende deelnemende organisaties

Deelnemende organisaties kunnen zijn:

  • organisaties of verenigingen zonder winstoogmerk, niet-gouvernementele organisaties (ngo's);
  • Europese jeugd-ngo's;
  • lokale of regionale publieke organen,

die gevestigd zijn in een programmaland of in een partner-buurland van de EU (regio's 1 tot 4; zie deel A van deze gids onder "Begunstigde landen"). Organisaties uit begunstigde partnerlanden kunnen alleen als partner (niet als aanvrager) aan het project deelnemen.

Wie kan een aanvraag indienen?

Elke deelnemende organisatie die in een programmaland gevestigd is, kan een subsidie aanvragen. Voor projecten die door twee of meer deelnemende organisaties worden uitgevoerd, dient een van de organisaties de aanvraag in namens alle deelnemende organisaties.

Aantal deelnemende organisaties

Transnationale/internationale activiteiten: bij de activiteit moeten minimaal twee deelnemende organisaties betrokken zijn uit minstens twee verschillende landen, waarvan ten minste één programmaland.

Nationale activiteiten: bij de activiteit is ten minste één organisatie uit een programmaland betrokken.

In aanmerking komende deelnemers

Jongeren: jongeren tussen 13 en 30 jaar die ingezetenen zijn van de bij het project betrokken landen.

Beleidsmakers: indien het project voorziet in de deelname van beleidsmakers of deskundigen inzake jeugdbeleid, kunnen deze deelnemers worden betrokken ongeacht hun leeftijd en geografische afkomst.

Aantal deelnemers

Minimaal 30 jongeren moeten bij het project worden betrokken.

Bij elke activiteit moeten deelnemers uit het land van de ontvangende organisatie worden betrokken.

Locatie(s)

Nationale activiteiten: de activiteit moet plaatsvinden in het land van de aanvragende organisatie.

Transnationale/internationale activiteiten: de activiteiten kunnen plaatsvinden in elk land van de bij de activiteit betrokken programmalanden.

Uitzondering: alleen in naar behoren gemotiveerde gevallen en indien in de hoofdactiviteit aandacht wordt besteed aan de dialoog met beleidsmakers op Europees niveau, kan een activiteit worden gehouden in een plaats waar een instelling van de Europese Unie is gevestigd2.

Projectduur

3 tot 24 maanden.

Waar aanvragen?

Bij het nationaal agentschap van het land waar de aanvragende organisatie gevestigd is.

Wanneer aanvragen?

De aanvragers moeten hun subsidieaanvraag uiterlijk indienen op:

  • 5 februari om 12 uur 's middags (Belgische tijd) voor projecten die van start gaan tussen 1 mei en 30 september van datzelfde jaar.
  • 30 april om 12 uur 's middags (Belgische tijd) voor projecten die van start gaan tussen 1 augustus en 31 december van datzelfde jaar;
  • 1 oktober om 12 uur 's middags (Belgische tijd) voor projecten die van start gaan tussen 1 januari en 31 mei van het daaropvolgende jaar.

Hoe aanvragen?

In deel C van deze gids wordt uiteengezet hoe de aanvraag wordt ingediend.

Overige criteria Voor iedere geplande projectactiviteit moet een tijdschema bij het aanvraagformulier worden gevoegd. 
Een verklaring op erewoord van de wettelijke vertegenwoordiger moet bij het aanvraagformulier worden gevoegd. 

 

Aanvragende organisaties worden getoetst aan de relevante uitsluitings- en selectiecriteria. Zie deel C van deze gids voor meer informatie.

 

Toekenningscriteria

Projecten worden beoordeeld op grond van de volgende criteria:

Relevantie van het project

(maximaal 30 punten)

 

  • De mate waarin het voorstel relevant is voor:
  • de doelstellingen en prioriteiten van de actie (zie het deel “Wat is het doel van deze actie?” hierboven);
  • de behoeften en doelstellingen van de deelnemende organisaties en van de individuele deelnemers.
  • De mate waarin het voorstel:
  • deelnemers in staat stelt hoogwaardige leerresultaten te behalen;
  • de capaciteiten van de deelnemende organisaties verruimt.
  • De mate waarin kansarme jongeren bij het project betrokken zijn.

Kwaliteit van projectontwerp en -uitvoering

(maximaal 40 punten)

 

 

  • De duidelijkheid, volledigheid en kwaliteit van alle fasen van het projectvoorstel (voorbereiding, uitvoering van mobiliteitsactiviteiten en follow-up);
  • De consistentie tussen de projectdoelstellingen en de voorgestelde activiteiten;
  • De kwaliteit van de praktische regelingen, beheersvoorschriften en vormen van ondersteuning;
  • De kwaliteit van de niet-formele, participatieve leermethoden die worden voorgesteld en de actieve betrokkenheid van jongeren in alle stadia van het project;
  • De geschiktheid van maatregelen om deelnemers te selecteren voor en/of te betrekken bij de activiteiten;
  • De mate waarin bevoegde besluitvormers (beleidsmakers, deskundigen op het gebied van jeugdzaken en vertegenwoordigers van overheidsinstanties die bevoegd zijn voor jeugdzaken e.d.) bij het projectvoorstel betrokken zijn;
  • Indien van toepassing, de kwaliteit van samenwerking en communicatie, niet alleen tussen de deelnemende organisaties, maar ook met andere belanghebbenden.

Effect en verspreiding

(maximaal 30 punten)

 

  • De kwaliteit van maatregelen om de projectresultaten te evalueren;
  • De potentiële effecten van het project:
  • op deelnemers en deelnemende organisaties tijdens en na afloop van het project;
  • op lokaal, regionaal, nationaal en/of Europees niveau.
  • De geschiktheid en kwaliteit van maatregelen met het oog op de verspreiding van de projectresultaten binnen de deelnemende organisaties en daarbuiten.
  • Voor zover van toepassing, de mate waarin het voorstel beschrijft hoe geproduceerde documenten, materiaal en media vrij toegankelijk worden gemaakt en gepromoot onder open licenties, zonder dat er onevenredige beperkingen worden opgelegd.

 

De voorstellen moeten een minimumscore van 60 punten behalen om voor financiële steun in aanmerking te komen. Bovendien moeten de voorstellen een score behalen van minstens de helft van het maximumaantal punten in elke categorie van de hierboven vermelde toekenningscriteria (dat wil zeggen ten minste 15 punten voor de categorieën "Relevantie van het project" en "Effect en verspreiding"; 20 punten voor de categorie "Kwaliteit van projectontwerp en -uitvoering").

 

Wat moet u nog weten over deze actie?

Buitengewone kosten voor dure reizen

Aanvragers van mobiliteitsprojecten kunnen financiële steun aanvragen voor reiskosten van deelnemers onder de begrotingsrubriek “buitengewone kosten” (tot een maximum van 80% van het totaal aan subsidiabele kosten: zie ook “Wat zijn de financieringsregels?”). Dit zal worden toegestaan op voorwaarde dat de aanvrager kan aantonen dat volgens de standaardfinancieringsregels (gebaseerd op de tegemoetkoming in de eenheidskosten per reisafstand) niet minimaal 70% van de reiskosten van de deelnemers is gedekt. Indien deze worden toegekend, vervangen de buitengewone kosten voor dure reizen de standaardreissubsidie.

 

Wat zijn de financieringsregels?

Het projectbudget wordt opgesteld met inachtneming van de volgende financieringsregels (in euro):

Maximumsubsidie per project voor een bijeenkomst in het kader van dialoogprojecten voor jongeren: 50 000 euro

 

Subsidiabele kosten

Financieringsmechanisme

Bedrag

Toewijzingsregel

Reiskosten

 

Tegemoetkoming in de kosten die deelnemers, met inbegrip van begeleiders, maken om van de plaats van oorsprong naar de locatie van de activiteit en terug te reizen

Tegemoetkoming in de eenheidskosten

Voor een reisafstand tussen 10 en 99 km:

20 euro per deelnemer

Op basis van de reisafstand per deelnemer. De reisafstanden moeten worden berekend met behulp van de door de Europese Commissie gesteunde afstandscalculator3. De aanvrager moet de afstand van een enkele reis vermelden voor de berekening van het EU-subsidiebedrag voor de heen- en terugreis4.

 

Voor een reisafstand tussen 100 en 499 km:

180 euro per deelnemer

Voor een reisafstand tussen 500 en 1 999 km:

275 euro per deelnemer

Voor een reisafstand tussen 2 000 en 2 999 km:

360 euro per deelnemer

Voor een reisafstand tussen 3 000 en 3 999 km:

530 euro per deelnemer

Voor een reisafstand tussen 4 000 en 7 999 km:

820 euro per deelnemer

Voor een reisafstand van 8 000 km of meer:

1500 euro per deelnemer

Organisatorische steun

Subsidiesteun voor alle andere kosten die rechtstreeks verband houden met de voorbereiding, uitvoering en follow-up van de activiteit

Tegemoetkoming in de eenheidskosten

C1.1 per dag per deelnemer5.

Op basis van de verblijfsduur per deelnemer (indien nodig, met inbegrip van één reisdag vóór de activiteit en één reisdag na de activiteit).

Steun voor personen met specifieke behoeften

Extra kosten die rechtstreeks verband houden met deelnemers met een handicap en begeleiders (met inbegrip van reis- en verblijfkosten, indien gerechtvaardigd en voor zover voor deze deelnemers geen subsidie is aangevraagd in het kader van de rubrieken "reiskosten" of "organisatorische steun").

Werkelijke kosten

100% van de subsidiabele kosten

Voorwaardelijk: het verzoek om financiële steun ter dekking van specifieke behoeften en buitengewone kosten moet met redenen worden omkleed in het aanvraagformulier

Buitengewone kosten

Kosten die verband houden met (online)raadplegingen van en opiniepeilingen bij jongeren, voor zover noodzakelijk om aan deze actie deel te nemen.

Kosten die verband houden met de verspreiding en benutting van resultaten.

Kosten ter bevordering van de deelname van kansarme jongeren onder gelijke voorwaarden (exclusief reiskosten en organisatorische steun).

Visum- en visumgerelateerde kosten, verblijfsvergunningen, vaccinaties, medische certificering.

Kosten voor een financiële garantie, indien het nationaal agentschap daarom verzoekt.

Hoge reiskosten van deelnemers (voor meer informatie, zie het deel "Wat moet u nog meer weten over deze actie?").

Werkelijke kosten

Kosten die verband houden met (online)raadplegingen van en opiniepeilingen bij jongeren, voor een financiële garantie en verspreidingsactiviteiten: 75% van de subsidiabele kosten

Hoge reiskosten: maximaal 80% van de subsidiabele kosten

Andere kosten: 100% van de subsidiabele kosten

 

Tabel A - Organisatorische steun (bedragen in euro per dag)

De steunbedragen hangen af van het land waar de activiteit plaatsvindt.

 

Land

Organisatorische

steun

 

 

C1.1

België

42

Bulgarije

32

Tsjechië

32

Denemarken

45

Duitsland

41

Estland

33

Ierland

49

Griekenland

38

Spanje

34

Frankrijk

38

Kroatië

35

Italië

39

Cyprus

32

Letland

34

Litouwen

34

Luxemburg

45

Hongarije

33

Malta

39

Nederland

45

Oostenrijk

45

Polen

34

Portugal

37

Roemenië

32

Slovenië

34

Slowakije

35

Finland

45

Zweden

45

Verenigd Koninkrijk

45

Republiek Noord-Macedonië

28

IJsland

45

Liechtenstein

45

Noorwegen

50

Turkije

32

Servië 29

Partnerland

29