Algemene strategie

De algemene strategie van de EU wordt gezamenlijk bepaald door haar instellingen: het Europees Parlement, de Europese Raad, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie.

Vooral de Europese Raad (die bestaat uit de leiders van de 28 EU-landen) zet de lijnen uit en bepaalt de algemene politieke prioriteiten.

De voorzitter van de Commissie bepaalt ook politieke prioriteiten voor zijn of haar mandaat. Om de vijf jaar, wanneer een nieuwe Commissie aantreedt, bepaalt de voorzitter de prioriteiten voor de komende periode. Daarvoor baseert hij of zij zich op de strategische agenda van de Raad en de besprekingen met de politieke groepen in het Europees Parlement. 

Prioriteiten voor 2014-2019 

De algemene prioriteiten van de Commissie voor 2014-2019 worden uiteengezet in de politieke richtsnoeren van de voorzitter. 

Tien prioriteiten voor de Commissie voor 2015-2019 

State of the Union

Elk jaar houdt de voorzitter van de Commissie een toespraak in het Europees Parlement over wat de Commissie in het afgelopen jaar bereikt heeft en wat de prioriteiten of initiatieven voor het komende jaar zijn. Deze toespraak wordt de State of the Union genoemd.

State of the Union 2017: toespraak door Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker 

De uitvoering van de strategie

Het jaarlijkse werkprogramma van de Commissie

Op grond van de State of the Union wordt een werkprogramma voor de Commissie voor de komende 12 maanden opgesteld. Daarin staat hoe de beleidsprioriteiten worden omgezet in concrete maatregelen.

De overige EU-instellingen en de nationale parlementen geven hun opmerkingen bij het programma.

Werkprogramma voor 2017

Planning en rapportage door departementen

Elk departement van de Commissie stelt een strategisch plan en een beheersplan op. Daarin staat welke bijdrage het departement aan de prioriteiten van de Commissie zal leveren. Zij bevatten ook duidelijke doelstellingen en indicatoren, die het toezicht en de rapportage vergemakkelijken.

Voor alle belangrijke wetgevings- en beleidsinitiatieven maken de departementen van de Commissie een effectbeoordeling waarbij zij nagaan wat de verwachte economische, sociale en milieu-effecten zijn.

Ze werken ook regelmatig de lijst van geplande initiatieven van de Commissie bij. Hetzelfde geldt voor de lijst van aangenomen initiatieven. Deze worden ook naar de andere EU-instellingen gestuurd zodat die hun werkzaamheden beter kunnen plannen.

Aan het eind van het begrotingsjaar stellen alle departementen een jaarlijks activiteitenverslag op, waarin zij de resultaten aan de doelstellingen toetsen.

Deze verslagen worden gebundeld tot een zogenaamd syntheseverslag dat gericht is aan het Europees Parlement en de Raad (van ministers van de EU-landen). Vanaf 2016 maakt het syntheseverslag deel uit van het jaarlijks beheers- en prestatieverslag over de EU-begroting.