Doelstellingen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid

Het gemeenschappelijk landbouwbeleid van de EU (GLB), dat in 1962 van start ging, vormt een partnerschap, enerzijds tussen landbouw en samenleving en anderzijds tussen Europa en de Europese landbouwers. Het moet:

  • landbouwers ondersteunen, de landbouwproductiviteit verbeteren en voor een stabiele voorziening van betaalbare levensmiddelen zorgen;
  • de landbouwers van de Europese Unie een redelijk inkomen garanderen;
  • het klimaat beschermen en het duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen bevorderen;
  • plattelandsgebieden en landschappen in de hele EU in stand houden;
  • de plattelandseconomie levensvatbaar houden door de werkgelegenheid in de landbouw, agrovoedingsindustrie en aanverwante sectoren te stimuleren.

Het GLB is een gemeenschappelijk beleid voor alle EU-lidstaten. Het wordt op Europees niveau beheerd en gefinancierd uit de gemeenschappelijke EU-begroting.

Het GLB in de praktijk

De landbouw verschilt van andere sectoren omdat de volgende bijzondere omstandigheden van toepassing zijn:

  • ondanks het belang van de voedselproductie ligt het inkomen van boeren ongeveer 40 % lager dan buiten de landbouwsector;
  • landbouw is sterker afhankelijk van weer en klimaat dan vele andere sectoren;
  • er is een onvermijdelijk tijdsverschil tussen de vraag van de consument en de mogelijkheid van boeren om daaraan te voldoen, want meer tarwe verbouwen of meer melk produceren gaat niet van de ene dag op de andere.

Boeren moeten niet alleen kosteneffectief produceren, zij moeten ook op een duurzame en milieuvriendelijke manier werken en onze bodem en de biodiversiteit in stand houden.

Bedrijfsonzekerheden en de milieueffecten van de landbouw rechtvaardigen de belangrijke rol die de overheid speelt voor onze boeren. Het GLB is op de volgende manieren actief:

  • inkomenssteun in de vorm van rechtstreekse betalingen zorgt voor stabiele inkomens, beloont boeren voor milieuvriendelijke landbouw en collectieve goederen die normaal niet door de markten worden betaald, zoals zorg voor het platteland;
  • marktmaatregelen zijn bedoeld om het hoofd te bieden aan moeilijke marktomstandigheden, zoals een plotselinge daling van de vraag als gevolg van een groot gezondheidsprobleem, of een daling van de prijzen wegens een tijdelijk overaanbod;
  • plattelandsontwikkelingsmaatregelen met nationale en regionale programma’s spelen in op de specifieke behoeften en uitdagingen van plattelandsgebieden.

Financiering van het GLB

Hoeveel steun de EU-landbouwers uit de algemene EU-begroting ontvangen, hangt af van allerlei factoren die te maken hebben met het waarborgen van permanente toegang tot hoogwaardige levensmiddelen, waaronder inkomenssteun, klimaatbescherming en het behoud van vitale plattelandsgemeenschappen.

Het GLB wordt gefinancierd via twee fondsen als onderdeel van de EU-begroting:

De betalingen worden door elk EU-land op nationaal niveau beheerd. Gegevens over de ontvangers van GLB-betalingen worden door elk land overeenkomstig de transparantieregels van de EU gepubliceerd.

Zie ook:

De jaarlijkse begrotingscyclus van de EU

EU-uitgaven en -inkomsten 2014-2020

Voordelen van het GLB

Het GLB bepaalt onder welke voorwaarden boeren hun taken in de samenleving kunnen vervullen.

Voedsel produceren

  • Er zijn in de EU ongeveer 10 miljoen landbouwbedrijven en zo'n 22 miljoen mensen werken regelmatig in de sector. Zij zorgen voor een indrukwekkend assortiment aan betaalbare, veilige en hoogwaardige producten.
  • De EU staat in de hele wereld bekend om haar voedingsproducten en culinaire tradities. Zij is een van ’s werelds toonaangevende producenten en netto-uitvoerders van agrovoedingsmiddelen. Dankzij haar buitengewone agrarische hulpbronnen kan en moet de EU een sleutelrol spelen bij het waarborgen van de voedselzekerheid in de hele wereld.

Ontwikkeling van plattelandsgemeenschappen

  • Op ons platteland met zijn kostbare natuurlijke rijkdommen zijn veel banen afhankelijk van de landbouw. Er is een hele toeleveringssector actief, want boeren hebben machines, gebouwen, brandstof, meststoffen en diergeneeskundige zorg nodig.
  • Andere mensen bereiden, verwerken of verpakken het geproduceerde voedsel, of werken in de opslag, het vervoer en de detailhandel. De landbouw en de levensmiddelensector zijn samen goed voor bijna 40 miljoen banen in de EU.
  • Om efficiënt te werken en modern en productief te blijven, moeten landbouwers, toeleveranciers en verwerkende sectoren gemakkelijk toegang hebben tot actuele informatie over landbouwkwesties, landbouwtechnieken en marktontwikkelingen. Verwacht wordt dat het GLB in de periode 2014-2020 zal zorgen voor snelle technologieën, betere internetdiensten en een betere infrastructuur voor 18 miljoen plattelandsbewoners, of 6,4% van de plattelandsbevolking in de EU.

Ecologisch duurzame landbouw

  • Boeren staan voor een dubbele uitdaging: ze moeten voedsel produceren, maar tegelijk ook de natuur en de biodiversiteit beschermen. Behoedzaam omgaan met natuurlijke hulpbronnen is van wezenlijk belang voor onze voedselproductie en onze levenskwaliteit, vandaag, morgen en voor toekomstige generaties.

Steunpilaren van het GLB

De Europese Commissie raadpleegt regelmatig het maatschappelijk middenveld en de landbouwcomités om de wetgeving en het beleid inzake landbouw vorm te geven. Deskundigengroepen leveren input aan de Europese Commissie, bijvoorbeeld de taskforce landbouwmarkten over oneerlijke handelspraktijken.

De Europese Commissie maakt effectbeoordelingen bij het plannen, opstellen en voorstellen van nieuwe Europese wetgeving om na te gaan of er behoefte is aan EU-maatregelen en wat de mogelijke gevolgen zijn van de beschikbare oplossingen. Dit is een essentieel onderdeel van de EU-agenda voor betere regelgeving. Effectbeoordelingen voor landbouw en plattelandsontwikkeling vonden plaats in 2003 (tussentijdse evaluatie), 2008 (“health check” – SEC (2008) 1885) , 2011 (“Het GLB tot 2020” – SEC (2011) 1153 final).

De Rekenkamer van de EU speelt een grote rol bij het toezicht op de landbouwuitgaven.

De Europese Commissie publiceert regelmatig de resultaten van enquêtes over Europeanen, landbouw en het GLB. Deze “Eurobarometer-enquêtes”, die in alle EU-landen worden gehouden, leveren waardevolle informatie over de mening van de burger over het GLB. Die informatie heeft onder meer betrekking op de bekendheid van de GLB-steun, de resultaten ervan, kwaliteitsaspecten, milieukwesties, het belang van het GLB en veel meer.

Evaluatie van het GLB

De Europese Commissie beoordeelt het GLB via het gemeenschappelijk monitoring- en evaluatiekader.

Binnen dat kader wordt aan de hand van GLB-indicatoren nagegaan wat het GLB in 2014-20 heeft bereikt en hoe het kan worden verbeterd.

Het GLB na 2020

Om de toekomstige rol van de Europese landbouw te consolideren, is het GLB in de loop der jaren voortdurend afgestemd op de economische omstandigheden en de veranderende wensen en behoeften van de burgers.

Op 1 juni 2018 kwam de Europese Commissie met wetgevingsvoorstellen over de toekomst van het GLB voor de periode na 2020.

Deze voorstellen kwamen er na een openbare raadpleging in 2017 over de toekomst van het GLB en de mededeling over de toekomst van voeding en landbouw.

In de begeleidende mededeling wordt de verdere ontwikkeling van het GLB uitgestippeld, met de nadruk op vereenvoudiging en een zo goed mogelijke prijs-kwaliteitverhouding. De Europese Commissie schetst de prioriteiten van het toekomstige GLB en brengt tegelijk een discussie op gang over een flexibelere uitvoering van het beleid, die voor meer doeltreffendheid moet zorgen.

Rechtsgrondslag

De rechtsgrondslag voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid is vastgelegd in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

De volgende vier verordeningen bepalen de verschillende componenten van het GLB:

Het gemeenschappelijk landbouwbeleid wordt beheerd door het directoraat-generaal Landbouw en Plattelandsontwikkeling van de Europese Commissie. De Europese Commissie kan gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen vaststellen voor de uitvoering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.

Zie ook:

Geldende wetgeving

Het EU-wetgevingsproces verklaard

Tijdlijn

  • 2013

    Het GLB wordt hervormd om het concurrentievermogen van de sector te versterken, duurzame landbouw en innovatie te bevorderen, de werkgelegenheid en groei in plattelandsgebieden te ondersteunen en de financiële steun te verschuiven naar productief gebruik van landbouwgrond.

  • 2003

    Het GLB biedt inkomenssteun. Met een nieuwe GLB-hervorming wordt de steun losgekoppeld van de productie. Boeren ontvangen nu inkomenssteun, op voorwaarde dat ze goed voor hun grond zorgen en zich houden aan milieu-, dierenwelzijns- en voedselveiligheidsvoorschriften.

  • 1992

    Het GLB schakelt over van markt- naar producentenondersteuning. De prijssteun wordt afgebouwd en vervangen door rechtstreekse subsidies voor landbouwers. Zij worden aangespoord om milieuvriendelijker te werken.

    De hervorming valt samen met de wereldmilieuconferentie van 1992 in Rio, waar het principe 'duurzame ontwikkeling' wordt gelanceerd.

  • 1984

    De landbouwbedrijven worden zo productief dat ze meer voedsel produceren dan nodig is. Er worden diverse maatregelen getroffen om de productieniveaus beter in overeenstemming te brengen met wat de markt nodig heeft.

  • 1962

    Het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) ziet het levenslicht! Het GLB moet een gemeenschappelijk beleid worden. De doelstellingen zijn betaalbaar voedsel voor de Europese burger en een redelijke levensstandaard voor landbouwers.

Nieuws

Documenten

DownloadenPDF - 544 KB