De terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU

Het terugtrekkingsakkoord tussen het Verenigd Koninkrijk (VK) en de Europese Unie is ingegaan op 1 februari 2020.

In alle op deze pagina gepubliceerde documenten moet elke verwijzing naar 30 maart 2019, 13 april 2019 of 1 november 2019, 00.00 uur (MET) als datum voor de terugtrekking van het VK uit de Europese Unie worden opgevat als een verwijzing naar 1 februari 2020, 00.00 uur (MET).

Het terugtrekkingsakkoord voorziet in een overgangstermijn waarin het VK gebonden is aan de verplichtingen uit hoofde van alle internationale overeenkomsten van de EU (omdat ze deel uitmaken van het EU-acquis).

Overgangstermijn

De overgangstermijn garandeert de eenheid en uniformiteit van de interne markt en de douane-unie. De EU zal haar internationale partners melden dat het VK, voor wat betreft de door de EU gesloten internationale overeenkomsten, inclusief die welke in de overgangstermijn in werking treden, nog steeds als EU-land moet worden beschouwd.

Pas na afloop van de overgangstermijn zullen de door de EU gesloten internationale overeenkomsten niet langer van toepassing zijn op het VK. Bepalingen inzake vrijhandelsovereenkomsten (zoals markttoegang, tariefcontingenten) blijven ongewijzigd voor de EU, en bedrijven in de EU moeten de oorsprongsregels controleren aangezien Britse ingrediënten niet langer als komende uit de EU worden beschouwd.

Handel in agrovoedingsmiddelen

Het VK en de EU zijn belangrijke handelspartners voor agrovoedingsmiddelen.

De EU-landen exporteren grote hoeveelheden agrovoedingsmiddelen naar het VK, vooral groenten en fruit, zowel vers als verwerkt, naast vleesproducten en voedselbereidingen. In 2017 vertegenwoordigde deze uitvoer een bedrag van 40 miljard euro.

Een aanzienlijk deel (73%) van de import van agrovoedingsmiddelen in het VK komt uit de EU. Procentueel gezien vormen zuivelproducten, voedselbereidingen en vleesproducten daarin de belangrijkste categorieën. Het VK voert vooral agrovoedingsmiddelen in uit Nederland (14%), Duitsland (11%), Ierland (10%) en Frankrijk (10%).

Voorbereiding op de brexit

Tegelijk met de onderhandelingen zijn er voorbereidingen voor de terugtrekking van het VK getroffen. Meer informatie is te vinden op de speciale website over de voorbereiding op de brexit.

Op 1 februari 2018 publiceerde de Commissie een voorbereidingsnota over de EU-levensmiddelenwetgeving, waarin zij inging op etikettering en ingrediënten van levensmiddelen, voorschriften voor exploitanten van levensmiddelenbedrijven, voorschriften inzake voedselproductie en biologische productie.

In juli 2019 werd deze gevolgd door een tweede nota over tariefcontingenten. Daarin staat wat de gevolgen zijn als de EU-regels niet langer op het VK van toepassing zijn.

DownloadenPDF - 266.4 KB

Meer informatie

Agenda van de vergadering “Stock taking of civil dialogue groups”

De brexit en de agrovoedingssector: presentatie op de vergadering “Stock taking of civil dalogue groups”

Andere door DG AGRI georganiseerde vergaderingen van de groepen voor de dialoog met de burger

De brexit stond het voorbije jaar vaak op de agenda bij burgerdialogen. In de afgelopen maanden werd er vergaderd over de volgende onderwerpen:

Waarnemingspost voor de melkmarkt – 13 december 2019

Rijst – 10 december 2019

Kwaliteit en promotie – 6 december 2019

Zetmeel – 2 december 2019

Groenten en fruit – 29 november 2019

Gedistilleerde dranken – 29 november 2019

Rundvlees – 26 november 2019

Gevogelte en eieren – 26 november 2019

Akkerbouwgewassen – 25 november 2019

Suiker – 19 november 2019

Waarnemingspost voor de suikermarkt – 15 november 2019

Varkensvlees – 14 november 2019

Schapen- en geitenvlees, apicultuur – 6 november 2019

Internationale aspecten van de landbouw – 18 oktober 2019

Melk – 4 oktober 2019

Rundvlees – 1 oktober 2019

Gedroogde voeder- en energiegewassen – 25 juni 2019

Waarnemingspost voor de vleesmarkt – 14 juni 2019

Waarnemingspost voor de gewassenmarkt – 3 april 2019

Noodplanning

Het is belangrijk dat de betrokkenen weten welke impact de verschillende scenario's na het einde van de overgangstermijn kunnen hebben.

Als er voor het einde van de overgangstermijn geen akkoord ligt, dan worden er, anders dan nu, douanerechten geheven op goederen die vanuit de EU in het VK worden ingevoerd en, omgekeerd, ook op goederen die vanuit het VK in de EU worden ingevoerd. Dit kan de markt in bepaalde sectoren verstoren met uiteenlopende gevolgen voor de lidstaten.

Maar ook als de EU en het VK wel een akkoord sluiten, moeten de importeurs en exporteurs in de EU rekening houden met veranderingen.

De gemeenschappelijke marktordening (GMO) is een reeks regels die de landbouwmarkten in de EU reguleert. De GMO voorziet in een veiligheidsnet tegen marktverstoringen. Het gaat daarbij om juridische instrumenten zoals openbare interventie, particuliere opslag, crisispreventie en risicobeheer, en om buitengewone marktmaatregelen.

De Europese Commissie heeft ervaring met de uitvoering van dergelijke maatregelen bij marktverstoringen, zoals bij het invoerverbod voor producten uit Rusland in de periode 2014-2016, toen marktonevenwichtigheden werden aangepakt (met steun voor particuliere opslag en afzetbevorderingsprogramma’s), landbouwers in cashflowproblemen op korte termijn werden geholpen (met gerichte steun en voorschotten), staatssteun werd verleend en stimulansen werden gegeven om de productie te beperken.

Er kunnen ook regelingen voor staatssteun worden aangevraagd om de meest schadelijke effecten van een “no deal”-scenario in bepaalde EU-landen op te vangen.

Invoer- en uitvoercertificaten

Na het einde van de overgangstermijn gelden de EU-regels voor het stelsel van invoer- en uitvoercertificaten niet meer voor het VK.

Dit geldt met name voor Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/1237 en Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1239, die de uitvoering van dit stelsel regelden.

De rechten en plichten die voortvloeien uit de door de EU afgegeven invoer- en uitvoercertificaten, komen daardoor bij het verstrijken van de overgangstermijn te vervallen. Hetzelfde geldt voor de rechten en plichten die voortvloeien uit de door het VK afgegeven invoer- en uitvoercertificaten, in de EU.

Dit geldt echter niet voor certificaten die in het kader van de WTO-tariefcontingenten worden afgegeven.

WTO-tariefcontingenten

Ter voorbereiding op de terugtrekking van het VK, volgen het VK en de EU de WTO-procedures om hun respectieve kwantitatieve verbintenissen vast te stellen. Die zullen vanaf het einde van de overgangstermijn gelden. In de eerste plaats moeten de tariefcontingenten worden aangepast. Voor de WTO-tariefcontingenten van de EU overwegen de EU en het VK een op de historische handelsstromen gebaseerde verdeelsleutel.

In het kader van de voorbereidingen vormt Verordening (EU) 2019/216 een grondslag voor de verdeling van de bij de GATT 1994 vastgestelde concessies en verbintenissen van de Unie. De verdeling van de tariefcontingenten is geregeld bij Verordening (EU) 2019/386 en heeft gevolgen voor de geldigheid van invoercertificaten die zijn afgegeven vóór de datum van terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie.

Door het Verenigd Koninkrijk afgegeven certificaten: Overeenkomstig artikel 2, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/386 van de Commissie zijn de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de invoercertificaten en rechten op invoer die door de vergunningverlenende autoriteiten van het Verenigd Koninkrijk zijn toegewezen uit hoofde van de tariefcontingenten die in de WTO-lijst van de EU zijn opgenomen, niet meer geldig in de Europese Unie, zodra artikel 1, lid 2, van Verordening (EU) 2019/216 van toepassing is.

Door andere EU-landen dan het Verenigd Koninkrijk afgegeven certificaten: De rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de invoercertificaten en rechten op invoer die door de vergunningverlenende autoriteiten van andere EU-landen dan het Verenigd Koninkrijk zijn toegewezen, blijven geldig in de EU, met uitzondering van certificaten die zijn overgedragen aan in het Verenigd Koninkrijk gevestigde marktdeelnemers, die niet langer geldig zijn zodra artikel 1, lid 2, van Verordening (EU) 2019/216 van toepassing is.

Verdeling van de WTO-tariefcontingenten: De na de verdeling van die tariefcontingenten beschikbare hoeveelheden worden hieronder zo spoedig mogelijk en uiterlijk twee werkdagen na de dag waarop artikel 1, lid 2, van Verordening (EU) 2019/216 van toepassing is, bekendgemaakt.

Zie ook:

Tariefcontingenten

POSEI

Om mogelijke verstoring van de traditionele handelsstromen tussen ultraperifere gebieden en het VK na de overgangstermijn te voorkomen, zullen de hoeveelheden verwerkte landbouwproducten die momenteel vanuit de ultraperifere gebieden naar het VK als lid van de EU worden verzonden, worden beschouwd als uitvoer naar derde landen. Tegelijkertijd wordt het Verenigd Koninkrijk toegevoegd aan de lijst van derde landen waarnaar verwerkte producten uit de Azoren en Madeira wederuitgevoerd mogen worden in het kader van de regionale handel.

Zie ook:

Verordening (EU) 2019/260 wat betreft de volumes van de traditionele handelsstromen tussen bepaalde ultraperifere gebieden van de Unie en het Verenigd Koninkrijk.

Documenten

DownloadenPDF - 161.9 KB
DownloadenPDF - 7.5 MB
DownloadenPDF - 274.1 KB
DownloadenPDF - 365.8 KB
DownloadenPDF - 241.3 KB
DownloadenPDF - 266.4 KB