Details van kennisgeving

Wijziging Wet verbod pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderij.

Kennisgevingsnummer: 2020/657/NL (Nederland )
Datum van ontvangst: 19/10/2020
Einde van de status-quoperiode: 16/11/2020
Beroep op de urgentieprocedure: Ja

bg cs da de el en es et fi fr hr hu it lt lv mt nl pl pt ro sk sl sv
bg cs da de el en es et fi fr hr hu it lt lv mt nl pl pt ro sk sl sv


Bericht 001

Mededeling van de Commissie - TRIS/(2020) 03787
Richtlijn (EU) 2015/1535
Notificación - Oznámení - Notifikation - Notifizierung - Teavitamine - Γνωστοποίηση - Notification - Notification - Notifica - Pieteikums - Pranešimas - Bejelentés - Notifika - Kennisgeving - Zawiadomienie - Notificação - Hlásenie-Obvestilo - Ilmoitus - Anmälan - Нотификация : 2020/0657/NL - Notificare.

No abre el plazo - Nezahajuje odklady - Fristerne indledes ikke - Kein Fristbeginn - Viivituste perioodi ei avata - Καμμία έναρξη προθεσμίας - Does not open the delays - N'ouvre pas de délais - Non fa decorrere la mora - Neietekmē atlikšanu - Atidėjimai nepradedami - Nem nyitja meg a késéseket - Ma’ jiftaħx il-perijodi ta’ dawmien - Geen termijnbegin - Nie otwiera opóźnień - Não inicia o prazo - Neotvorí oneskorenia - Ne uvaja zamud - Määräaika ei ala tästä - Inleder ingen frist - Не се предвижда период на прекъсване - Nu deschide perioadele de stagnare - Nu deschide perioadele de stagnare.

(MSG: 202003787.NL)

1. Gestructureerde informatieregel
MSG 001 IND 2020 0657 NL NL 19-10-2020 NL NOTIF


2. Lidstaat
NL


3. Verantwoordelijke dienst
Ministerie van Financiën
Belastingdienst/Douane
Centrale dienst voor in- en uitvoer


3. Dienst van herkomst
Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, directie Wetgeving en Juridische Zaken.


4. Kennisgevingsnummer
2020/0657/NL - C00A


5. Titel
Wijziging Wet verbod pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderij.


6. Desbetreffende producten
Nertsen die worden gehouden ter verkrijging van de pels (bontproductie).


7. Kennisgeving in het kader van een ander communautair wetsbesluit
-


8. Voornaamste inhoud
Op grond van de Wet verbod pelsdierhouderij is het sinds 2014 verboden om in Nederland dieren te houden, te doden of te doen doden uitsluitend of in hoofdzaak ter verkrijging van diens pels (voor de bontproductie). Op dit moment geldt een overgangstermijn, gedurende welke houders van nertsen als pelsdier, die zich begin 2014 bij de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit hebben gemeld, onder bepaalde voorwaarden hun bedrijfsactiviteiten mogen continuëren om gedane investeringen terug te verdienen. Deze overgangstermijn eindigt op 1 januari 2024. Aanleiding voor het verbod was de ethische overtuiging dat het onaanvaardbaar is om dieren te houden voor de productie van bont.

Het verbod op de pelsdierhouderij is als technisch voorschrift genotificeerd (kennisgevingsnummer: 2008/120/NL).

Het te notificeren wetsvoorstel voorziet in het verkorten van de thans nog geldende overgangstermijn. Beoogd wordt zo snel mogelijke inwerkingtreding, maar in ieder geval vóór de aanvang van de nieuwe productiecyclus in de pelsdierhouderij.


9. Beknopte toelichting
Sinds april 2020 zijn op een substantieel aantal pelsdierhouderijen besmettingen geconstateerd met het virus SARS-CoV-2 bij de op de bedrijven aanwezige nertsen. Biovendien is vast komen te staan dat personen die in contact komen met besmette nertsen een risico lopen zelf besmet te worden.

Op basis van het advies van het zogenoemde Outbreak Management Team Zoönese (OMTZ) heeft de Nederlandse regering onlangs het besluit genomen de pelsdierhouderij versneld te beëindigen. Dit besluit is enerzijds gestoeld op het risico voor de volksgezondheid. De kans bestaat dat het virus blijft circuleren onder nertsenbedrijven (reservoirvorming), waarbij op langere termijn het risico bestaat dat er secundaire transmissie via medewerkers van pelsdierhouderijen naar de algemene populatie kan optreden. Hiernaast is veel maatschappelijke onrust over het houden van nertsen en zijn de ethische bezwaren ten aanzien van het houden van dieren ter verkrijging van de pels gegroeid sinds de inwerkingtreding van de Wet verbod pelsdierhouderij.

Gelet op de bescherming van de volksgezondheid, de maatschappelijke onrust over het houden van nertsen, en de gegroeide ethische bezwaren ten aanzien van het houden van dieren ter verkrijging van de pels, is het noodzakelijk de pelsdierhouderij vervroegd en op zeer korte termijn te beëindigen. De keuze voor zo snel mogelijke inwerkingtreding hangt samen met de gebruikelijke productiecycli in de nertsenhouderij. Moederdieren worden in het voorjaar geboren en de nakomelingen (gemiddeld 5 per moederdier) worden in de winter gedood en ontdaan van hun pels. Dit betekent dat de hoeveelheid nertsen in het voorjaar enorm toeneemt. Met de voorgestelde maatregel wordt voorkomen dat een nieuwe productiecyclus kan worden gestart.

Een volledig verbod op de pelsdierhouderij is de enige maatregel die geschikt is om de volksgezondheid te beschermen, en de maatschappelijke onrust en gegroeide ethische bezwaren weg te nemen. De maatregel gaat niet verder dan noodzakelijk. Bovendien is de maatregel niet discrimatoir: er wordt noch direct noch indirect onderscheid gemaakt. Een bepaling inzake wederzijdse erkening is, gelet op de aard van de maatregel (een algeheel verbod op het houden van pelsdieren), niet aan de orde.


10. Referentiedocumenten - Basisteksten
Nummers of titels van de basisteksten: Wet verbod pelsdierhouderij: https://wetten.overheid.nl/BWBR0032739/2019-01-01.


11. Beroep op de urgentieprocedure
Ja


12. Redenen voor de urgentie
Deze maatregel is noodzakelijk ter bescherming van de volksgezondheid. Om de volksgezondheid adequaat te beschermen, moet de maatregel zo snel mogelijk na het huidige productieseizoen, maar uiterlijk begin 2021 van kracht zijn. Dit hangt samen met de in punt 9 beschreven productiecycli in de nertsenhouderij en de huidge, acute situatie met betrekking tot besmettingen met SARS-CoV-2 bij zowel nertsen als mensen.

Gelet op het feit dat het wetsvoorstel grotendeels dient ter bescherming van de volksgezondheid tegen het virus tijdens de huidige, wereldwijde pandemie, is haast geboden. Er moet immers worden voorkómen dat, na de huidige productiecyclus, een nieuwe productiecyclus kan worden gestart. Een standstillperiode van 3 maanden zou dit kunnen doorkruisen. Nederland doet daarom een beroep op de urgentieprocedure met betrekking tot de standstillperiode (artikel 6, zevende lid, onderdeel a, van Richtlijn 2015/1535.

Er is naar de mening van Nederland sprake van dringende redenen wegens een ernstige en onvoorziene situatie die verband houdt met de bescherming van de gezondheid van mens en dier, waardoor het noodzakelijk is op zeer korte termijn technische voorschriften uit te werken, vast te stellen en in te voeren, zonder dat raadpleging mogelijk is.

Een standstillperiode van 3 maanden, die in sommige situaties ook nog zou kunnen worden verlengd door het uitbrengen van een uitvoerig gemotiveerde mening, zou kunnen betekenen dat de maatregel pas in werking kan treden na de aanvang van de volgende productiecyclus, met alle gevaren voor de volksgezondheid van dien.


13. Vertrouwelijkheid
Nee


14. Fiscale maatregelen
Nee


15. Effectbeoordeling
-


16. TBT- en SPS-aspecten
TBT-aspect

NEE- Het ontwerp heeft geen grote invloed op de internationale handel.

SPS-aspect

Nee, het ontwerp is geen sanitaire of fytosanitaire maatregel



**********
Europese Commissie

Contactpunt Richtlijn (EU) 2015/1535
Fax: +32 229 98043
email: grow-dir2015-1535-central@ec.europa.eu

Bijdragen van belanghebbenden

Op de website van TRIS kunt u of kan uw organisatie eenvoudig uw mening geven over om het even welke kennisgeving.


Aangezien de status-quoperiode is afgelopen, aanvaarden wij voor deze kennisgeving momenteel geen verdere bijdragen meer via de website.


Er zijn geen bijdragen gevonden voor deze kennisgeving