Criminaliteitsstatistieken

Gegevens van januari 2014. Meest recente gegevens: Meer informatie van Eurostat, Hoofdtabellen en Databank. Geplande update van het artikel: september 2016. De versie in het Engels is recenter.
Figuur 1: Geregistreerde misdrijven, EU-28, 2002–2012 (1)
(miljoenen) - Bron: Eurostat (crim_gen)
Figuur 2: Door de politie geregistreerde overtredingen, EU-28, 2007–2012 (1)
(2007 = 100) - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 1: Door de politie geregistreerde misdrijven, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 2: Door de politie geregistreerde geweldsmisdrijven, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 3: Door de politie geregistreerde gevallen van doodslag, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Figuur 3: Gevallen van doodslag, gemiddeld per jaar, 2007–2009 en 2010–2012
(per 100 000 inwoners) - Bron: Eurostat (crim_gen), (demo_pjan) en (demo_r_d2jan)
Tabel 4: Door de politie geregistreerde diefstallen, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 5: Door de politie geregistreerde woninginbraken, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 6: Door de politie geregistreerde diefstallen van motorvoertuigen, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 7: Door de politie geregistreerde drugshandel, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_gen)
Tabel 8: Politieagenten, 2002–2012 - Bron: Eurostat (crim_plce)
Figuur 4: Politieagenten, gemiddeld per jaar, 2007–2009 en 2010–2012
(per 100 000 inwoners) - Bron: Eurostat (crim_plce), (demo_pjan) en (demo_r_d2jan)
Tabel 9: Gevangenispopulatie, 2002–2012 – Bron: Eurostat (crim_pris)
Figuur 5: Gevangenispopulatie, gemiddeld per jaar, 2007–2009 en 2010–2012
(per 100 000 inwoners) - Bron: Eurostat (crim_pris), (demo_pjan) en (demo_r_d2jan)

Dit artikel presenteert recente statistieken over criminaliteit en strafrecht in de Europese Unie (EU). De momenteel beschikbare statistieken weerspiegelen de diversiteit van het politiewezen en de rechtsstelsels in de lidstaten van de EU. Bij vergelijkingen tussen de criminaliteitsstatistieken van de EU-lidstaten moet worden gekeken naar de ontwikkelingen op lange termijn in plaats van rechtstreeks de omvang van de criminaliteit in verschillende landen in een bepaald jaar te vergelijken. De gegevens kunnen immers worden beïnvloed door diverse factoren, zoals verschillende niveaus van strafbaarstelling, de doelmatigheid van het strafrechtelijke systeem en de registratiepraktijken van de politie. Bovendien worden niet alle misdrijven door de politie geregistreerd.

Belangrijkste statistische resultaten

Door de politie geregistreerde misdrijven

De in dit artikel gepresenteerde criminaliteitsstatistieken hebben betrekking op de door de politie geregistreerde overtredingen in de EU-lidstaten en in sommige andere Europese landen. Deze gegevens zijn niet bedoeld om alle criminaliteit in Europa te beschrijven: van sommige misdrijven wordt geen aangifte gedaan en veranderingen in de mate waarin bepaalde overtredingen voorkomen zijn mogelijk beïnvloed door nieuwe strategieën van de politie of door de methodologische wijzigingen.

Er kan meestal geen rechtstreekse overeenkomst worden aangewezen tussen de soorten en niveaus van criminaliteit tussen landen, omdat rechtstelsels en strafrechtelijke systemen verschillen ten aanzien van bijvoorbeeld de definities van misdrijven [1]. Methoden voor de rapportage, registratie en telling van misdrijven; en percentages misdrijven waarvan aangifte wordt gedaan in verhouding tot die waarvan geen aangifte wordt gedaan - zie het hoofdstuk gegevensbronnen en beschikbaarheid.

De nationale gegevens zijn bijeengevoegd om ramingen voor de EU als geheel mogelijk te maken, zodat kan worden nagegaan welke trends zich voordoen. Eventuele conclusies voor de EU of lidstaten moeten berusten op de trends op de langere termijn.

Totaal aantal geregistreerde misdrijven

De gegevens voor het totale aantal geregistreerde misdrijven tonen alleen strafbare feiten die vallen onder het strafrecht; gegevens over minder ernstige misdrijven (overtredingen) zijn hierin niet opgenomen. Het aantal geregistreerde misdrijven in de EU-28 is sinds 2003 gestaag gedaald (zie figuur  1); in 2012 is er, vergeleken met negen jaar eerder, 12 % minder criminaliteit geregistreerd in de EU-28. Opgemerkt wordt dat deze cijfers voor het totale aantal geregistreerde misdrijven betrekking hebben op een breder scala van strafbare feiten dan die in de erop volgende gedetailleerde analyses zijn opgenomen, waarin het gaat om de volgende geselecteerde strafbare feiten: geweldsmisdrijven, doodslag, overvallen, vermogensdelicten en drugsdelicten. De som van die geselecteerde strafbare feiten komt dus niet overeen met het totaal van alle geregistreerde misdrijven.

In de afgelopen jaren was er sprake van een algemeen dalende tendens van de geregistreerde misdrijven. In de EU-28 daalden tussen 2007 en 2012 de aantallen van de meeste door de politie geregistreerde vormen van criminaliteit, zoals blijkt uit figuur  2. Terwijl in de periode 2007 tot en met 2012 de cijfers voor drugscriminaliteit, overvallen en geweldsmisdrijven afnamen met een percentage tussen 4 % en 10 %, daalde in dezelfde periode het aantal diefstallen van motorvoertuigen aanzienlijk sneller (-37 %) en daarmee werd een trend op langere termijn bevestigd. In de EU-28 behoren woninginbraken daarentegen tot een criminaliteitscategorie waarin sprake is van een stijgende trend: in 2012 werden, in vergelijking met 2007, 14 % meer gevallen van woninginbraak gemeld.

Uit tabel  1 blijkt dat in 10 EU-lidstaten het aantal misdrijven tussen 2007 en 2012 is toegenomen (voor Ierland en Frankrijk was deze tijdreeks niet beschikbaar). In de overige 16 EU-lidstaten daarentegen daalde het totale aantal geregistreerde misdrijven, waarbij de meest opvallende wijzigingen veranderingen werden geregistreerd in Griekenland (-54 %), delen van het Verenigd Koninkrijk (-25 % in Engeland en Wales en-29 % in Schotland), Estland (-19 %) en Slowakije (-18 %). Opgemerkt wordt dat er voor Griekenland een onderbreking zit in de reeks, wat voor een deel de bijzonder grote daling zou kunnen verklaren.

Engeland en Wales hadden de grootste invloed op de neerwaartse trend in de EU-28 in deze periode, met de grootste daling van de geregistreerde gevallen van criminaliteit: meer dan 1,2 miljoen minder in 2012 dan in 2007. Van de in tabel  1 vermelde derde landen is in Turkije het totale aantal door de politie geregistreerde gevallen van criminaliteit tussen 2007 en 2012 met 96 % gestegen.

Geweldsmisdrijven

Gegevens voor geweldsmisdrijven omvatten geweld tegen personen (zoals fysiek geweld), overvallen (diefstal met geweld en/of bedreiging met geweld) en zedendelicten (met inbegrip van verkrachting en seksuele geweldpleging). Een gedetailleerde analyse van deze vorm van criminaliteit is moeilijk, omdat niet alle EU-lidstaten de standaarddefinitie gebruiken. Aangezien bovendien de gegevens voor geweldsmisdrijven in Frankrijk voor het jaar 2012 geen door de gendarmerie geregistreerde misdrijven omvatten (onderbreking in de reeks), zou een vergelijking met het totale aantal geregistreerde geweldsmisdrijven voor het referentiejaar 2011 misleidend zijn.

De algemene trend voor de EU-28 toont echter een daling van ongeveer 10 % in het aantal geregistreerde geweldsmisdrijven tussen 2007 en 2012. Deze algemene daling wordt sterk beïnvloed door de gegevens van Engeland en Wales, waar tussen 2007 en 2012 een daling van 166 000 geweldsmisdrijven werd geregistreerd (tabel  2). De andere EU-lidstaten leveren een heterogeen beeld op met tussen 2007 en 2012 aanzienlijke stijgingen in Luxemburg (38 %), Hongarije (26 %) en Denemarken (23 %) en grote dalingen in Litouwen (-42 %), Kroatië (-33 %), Schotland (-32 %), Letland en Slowakije (beide -30 %), en Malta (-27 %).

Doodslag

Doodslag wordt gedefinieerd als het opzettelijk doden van een persoon, waaronder moord, doodslag, euthanasie en kindermoord. Dood door gevaarlijk rijgedrag, abortus en hulp bij zelfdoding vallen niet onder de term doodslag. Gevallen van doodslag worden vrij consistent geregistreerd en de definities van doodslag verschillen van land tot land minder dan die voor andere vormen van criminaliteit. De gepresenteerde resultaten betreffen gevallen van voltrokken doodslag, behalve voor Letland waar de gegevens ook poging tot doodslag omvatten. In sommige landen registreert de politie alle overlijdensgevallen die niet direct aan andere oorzaken dan doodslag kunnen worden toegeschreven, waardoor er in deze categorie sprake van overrapportage kan zijn.

Het aantal geregistreerde gevallen van doodslag per land wordt weergegeven in tabel  3. Het percentage gevallen van doodslag per 100 000 inwoners (zie figuur  3) laat een dalende tendens zien wanneer de gemiddelde percentages voor de periodes 2007-2009 en 2010-2012 met elkaar vergeleken worden. Voor alle landen, behalve voor Griekenland, Malta en Oostenrijk, is het percentage gevallen van doodslag afgenomen. Ondanks dat de percentages voor gevallen van doodslag voor de drie Baltische lidstaten daalden, bleef het aantal gevallen van doodslag per 100 000 inwoners in deze landen hoger dan in alle andere lidstaten.

Overvallen

Een overval is een bepaald soort geweldmisdrijf, gedefinieerd als diefstal met geweld en/of bedreiging met geweld. Het omvat straatroof (tassendiefstal) en diefstal met geweld. Aangezien de gegevens voor overvallen in Frankrijk voor het jaar 2012 niet de door de gendarmerie geregistreerde misdrijven omvatten (onderbreking in de reeks), zouden vergelijkingen met het totaal aantal geregistreerde overvallen voor het referentiejaar 2011 misleidend zijn.

In de EU-28 als geheel bleef het aantal overvallen vrij stabiel; tussen 2007 en 2012 was een daling van 4 % te zien. Ondanks de aanzienlijke daling in het aantal overvallen gemeld in de Baltische lidstaten (gemiddeld -46 % voor de periode 2007-2012) en Schotland (-40 %), werd in enkele landen een zeer grote toename geregistreerd. In Cyprus, Denemarken en Griekenland is in de periode van 2007 tot en met 2012 het aantal overvallen meer dan verdubbeld (zie tabel  4).

Vermogensdelicten

Vermogensdelicten omvatten diefstal of vernietiging van eigendom. Gegevens over woninginbraak en diefstallen van motorvoertuigen worden gepresenteerd in tabellen  5 en 6. Deze tabellen laten verschillende trends zien. Aangezien de gegevens voor woninginbraken en diefstallen van motorvoertuigen in Frankrijk voor het jaar 2012 niet de door de gendarmerie geregistreerde misdrijven omvatten (onderbreking in de reeks), zouden vergelijkingen met het totaal aantal geregistreerde woninginbraken en diefstallen van motorvoertuigen voor het referentiejaar 2011 misleidend zijn.

Woninginbraak wordt gedefinieerd als het verkrijgen van toegang tot een woning door middel van geweld om goederen te stelen. Tussen 2007 en 2012 is in de EU-28 als geheel het aantal woninginbraken met 14 % gestegen (figuur  2). Van de EU-lidstaten die beschikken over een continue reeks gegevens over deze periode, vonden de grootste toenamen van het aantal geregistreerde woninginbraken plaats in Griekenland (76 %), Spanje (74 %), Italië (42 %), Roemenië (41 %) en Kroatië (40 %). Voor de periode van vijf jaar die onder de index in tabel  5 valt, werden daarentegen grote afnamen door Litouwen (-36 %) en Slowakije (-29 %) gemeld. Opgemerkt wordt dat er voor Spanje een onderbreking in de reeks zit, wat voor een deel de bijzonder grote toename zou kunnen verklaren.

De diefstal van een motorvoertuig omvat zowel de diefstal van auto's, motorrijwielen, autobussen en vrachtwagens, als die van bouw- en landbouwvoertuigen. In de afgelopen jaren is in de EU het aantal diefstallen van motorvoertuigen gestaag gedaald. Dit is voor een deel het gevolg van technische verbeteringen in antidiefstalsystemen voor voertuigen. Tussen 2007 en 2012 daalde in de EU-28 het aantal in deze categorie geregistreerde misdrijven met 37 %. Daarbij nam het aantal diefstallen van motorvoertuigen zowel in Engeland en Wales, als ook in Schotland, met meer dan de helft af (beide -53 %). Tussen 2007 en 2012 steeg in Griekenland het aantal diefstallen van motorvoertuigen met 38 % (tabel  6).

Drugsdelicten

Drugshandel is een subcategorie van de bredere categorie drugsdelicten. Het omvat het illegale bezit, de teelt, de productie, de levering, het vervoer, de in- en uitvoer en de financiering van drugsoperaties. Aangezien de gegevens voor gevallen van drugshandel in Frankrijk voor het jaar 2012 niet de door de gendarmerie geregistreerde misdrijven omvatten (onderbreking in de reeks), zouden vergelijkingen met het totaal aantal geregistreerde gevallen van drugshandel voor het referentiejaar 2011 misleidend zijn.

In vergelijking met de voor verschillende andere soorten criminaliteit geregistreerde trends, was er in de EU-28 tussen 2007 en 2012 een relatief kleine daling (-5 %) van het aantal aan drugshandel gerelateerde misdrijven (zie figuur  2). In Schotland en Estland werd een aanzienlijke daling van de drugshandel geregistreerd, namelijk (-48 %) en (-40 %): zie tabel  7. Geringere dalingen werden evenwel geregistreerd in een aantal van de grootste EU-lidstaten, met name in Duitsland (-26 %). Een bijzonder grote daling werd geregistreerd in Hongarije, maar deze werd voornamelijk toegeschreven aan een onderbreking in de reeks. Tussen 2007 en 2012 werden in de meeste lidstaten (in 18 lidstaten en Noord-Ierland, Engeland en Wales) echter toenamen van het totale aantal aan drugshandel gerelateerde misdrijven geregistreerd. De grootste toenamen werden geregistreerd in Litouwen en Zweden, waar tussen 2007 en 2012 het aantal aan drugshandel gerelateerde misdrijven zich meer dan verdubbelde. Verder is van de in tabel  7 opgenomen derde landen het aantal aan drugshandel gerelateerde misdrijven in Turkije tussen 2007 en 2012 meer dan verdrievoudigd.

Het aantal politieagenten is stabiel gebleven.

Onder politieagenten wordt verstaan: recherche, verkeerspolitie, grenspolitie, rijkswacht, politieagenten in uniform, stadswacht en gemeentepolitie; er wordt niet onder verstaan: civiel personeel, douanebeambten, belastingpolitie, militaire politie, ambtenaren van de geheime dienst, speciale politie-eenheden, cadetten en parketpolitie. Er wordt echter op gewezen dat onder de verschillende jurisdicties de definitie van politieagent nogal kan verschillen.

In de afgelopen jaren is het totale aantal politieagenten in de EU-28 stabiel gebleven. Met uitzondering van Noord-Ierland en Bulgarije is gedurende de periode 2007-2012 het aantal politieagenten in de EU met 2,3 % toegenomen (zie tabel  8). Van alle EU-lidstaten hadden in 2012 Italië, Spanje en Duitsland het grootste aantal politieagenten; tezamen namen ze 45 % van het EU-totaal voor hun rekening.

In de periode 2010-2012 had Cyprus in verhouding tot de omvang van de bevolking het hoogste aantal politieagenten (631 per 100 000 inwoners), terwijl Finland het laagste aantal had (151 per 100 000 inwoners) - zie figuur  4. Tussen 2007-2009 en 2010-2012 groeide het aantal politieagenten ten opzichte van de omvang van de bevolking aanzienlijk in Hongarije en Estland (hoewel er voor beide lidstaten tijdens deze periode ook onderbrekingen in de reeks zaten), evenals in België, Spanje en Griekenland. In dezelfde periode registreerden Frankrijk en Cyprus daarentegen de grootste daling in het aantal politieagenten ten opzichte van de omvang van de bevolking.

Een gestaag toenemende gevangenispopulatie

Gegevens over de gevangenispopulatie omvatten volwassenen en minderjarige personen in voorlopige hechtenis en veroordeelde gevangenen in alle soorten strafinrichtingen. Niet-criminele gevangenen die om administratieve redenen werden vastgehouden (zoals bij onderzoek naar de immigratiestatus), zijn niet in deze gegevens opgenomen.

In 2012 waren er in de EU-28 (exclusief Schotland) ongeveer 643 000 gevangenen; tussen 2007 en 2012 nam het totale aantal gevangenen in de EU-28 (opnieuw exclusief Schotland) toe met 7 % (zie tabel  9). In deze periode steeg de gevangenispopulatie van Malta met iets meer dan de helft (53 %) en die van Italië en Slowakije met iets meer dan een derde (respectievelijk 35 % en 34 %). Onder de in tabel   9 vermelde derde landen registreerden Liechtenstein (97 %), Montenegro (51 %) en Turkije (41 % tussen 2007 en 2011) naar verhouding een grote groei van de gevangenispopulatie. Opgemerkt wordt dat er onderbreking in de reeks zit, wat de grote groei in Montenegro gedeeltelijk zou kunnen verklaren.

Een analyse van het aantal gevangenen ten opzichte van de totale bevolkingsomvang is weergegeven in figuur  5 als een gemiddelde voor de perioden 2007-2009 en 2010-2012. Voor beide perioden registreerden de drie Baltische lidstaten het hoogste percentage gevangenen per inwoner: Over die twee periodes is het percentage van Letland stabiel gebleven, dat van Litouwen toegenomen, terwijl dat voor Estland is afgenomen. Voor de periode 2010-2012 bedroeg voor de EU-28 (exclusief Schotland) het gemiddelde 128 gevangenen per 100 000 inwoners, in tegenstelling tot 125 voor de periode 2007-2009. In de periode 2010-2012 werden de laagste percentages gemeten in de Noordse lidstaten en Slovenië (tussen 60 en 72 gevangenen per 100 000 inwoners).

Gegevensbronnen en -beschikbaarheid

Eurostat publiceert sinds 1950 statistieken over criminaliteit en strafrechtelijke systemen voor het totale aantal geregistreerde misdrijven, en sinds 1993 voor een aantal specifieke strafbare feiten; de databank bevat sinds 1987 ook statistieken over gevangenispopulaties en sinds 1993 over het aantal politieagenten.

Cijfers voor het Verenigd Koninkrijk worden geregistreerd voor Engeland en Wales samen, en Schotland en Noord-Ierland afzonderlijk.

In principe moeten vergelijkingen niet op niveaus maar op trends worden gebaseerd, waarbij ervan wordt uitgegaan dat de kenmerken van het registratiesysteem in een land redelijk constant blijven. Er zijn echter veelvuldige onderbrekingen in tijdreeksen en andere veranderingen in methodologie/definities.

Vergelijkingen tussen statistieken over criminaliteit van verschillende landen kunnen worden beïnvloed door een aantal factoren, waaronder:

  • verschillende rechtsstelsels en strafrechtelijke systemen;
  • het percentage misdrijven dat bij de politie wordt aangegeven en door de politie wordt geregistreerd;
  • verschillen in het tijdstip van registratie van misdrijven (bijvoorbeeld wanneer deze bij de politie worden aangegeven, wanneer iemand als verdachte wordt aangemerkt enz.);
  • verschillen in de regels voor het tellen van meervoudige strafbare feiten;
  • verschillen in de lijst van strafbare feiten die zijn opgenomen in de algemene criminaliteitscijfers.

Daarom moet zorgvuldig worden opgelet bij het analyseren van de gepresenteerde informatie.

Cijfers voor de gevangenispopulatie kunnen ook door verschillende factoren worden beïnvloed, waaronder:

  • het aantal zaken dat wordt behandeld door de rechtbanken;
  • het percentage veroordeelde criminelen aan wie een vrijheidsstraf wordt opgelegd;
  • de duur van de opgelegde straffen;
  • de omvang van de populatie in voorlopige hechtenis;
  • de datum waarop het onderzoek plaatsvond (met name indien amnestie of andere regelingen voor vervroegde vrijlating kunnen worden toegepast).

De gevangenispopulatie moet worden gemeten als het totale aantal volwassen en jeugdige gedetineerden (met inbegrip van gedetineerden in voorlopige hechtenis) per 1 september van elk jaar. De cijfers omvatten gedetineerden in penitentiaire inrichtingen, instellingen voor jeugdige delinquenten, instellingen voor drugsverslaafden en psychiatrische of andere ziekenhuizen.

Er wordt gewerkt aan verbetering van de vergelijkbaarheid van criminaliteitsstatistieken in de EU-lidstaten. De ontwikkeling van een beter vergelijkbaar systeem van statistieken betreffende criminaliteit en strafrecht werd uiteengezet in een mededeling van de Europese Commissie getiteld: „Het meten van criminaliteit in de EU: Actieplan voor statistiek 2011-2015”(COM/2011/0713 definitief).

Context

De geleidelijke afschaffing van de grenscontroles binnen de EU heeft het vrije verkeer van Europese burgers veel gemakkelijker gemaakt, maar heeft het criminelen wellicht ook nieuwe mogelijkheden geboden, vooral omdat de rechtshandhavingsinstanties en de strafrechtelijke systemen over het algemeen alleen binnen de landsgrenzen bevoegd zijn, respectievelijk van kracht zijn.

Sinds de goedkeuring van het Verdrag van Amsterdam heeft de Europese Unie zich ten doel gesteld een gemeenschappelijke ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid te creëren. Dit doel werd verder uitgewerkt in het Haags programma van 2004, waarin tien prioritaire actiegebieden werden beschreven: versterking van de grondrechten en het burgerschap; terrorismebestrijding; de ontwikkeling van een evenwichtige aanpak van het migratiebeleid; de ontwikkeling van een geïntegreerd beheer van de buitengrenzen van de EU; de totstandbrenging van een gemeenschappelijk asielbeleid; de maximalisatie van het positieve effect van immigratie; het zoeken naar een evenwicht tussen privacy en veiligheid bij de uitwisseling van informatie; de ontwikkeling van een strategisch concept inzake de bestrijding van georganiseerde criminaliteit; de waarborging van een echte Europese rechtsruimte; en gedeelde verantwoordelijkheid en solidariteit.

Bovendien zal de wederzijdse erkenning van beslissingen van nationale rechters de hoeksteen worden van de justitiële samenwerking in strafzaken, waarbij een aantal instrumenten is ontwikkeld om grensoverschrijdende praktische samenwerking te vergemakkelijken.

In het kader van de harmonisatie en de ontwikkeling van statistieken over criminaliteit en het strafrechtelijk systeem zijn de lidstaten van de EU overeengekomen de definities van strafbare feiten en de hoogte van de sancties voor bepaalde soorten strafbare feiten op elkaar af te stemmen

Zie ook

Meer informatie van Eurostat

Publicaties

Databank

Crimes recorded by the police (crim_gen) (in het Engels)
Crimes recorded by the police - NUTS 3 regions (crim_gen_reg) (in het Engels)
Crimes recorded by the police: homicide in cities (crim_hom_city) (in het Engels)
Crimes recorded by the police: historical data (total crime) 1950-2000 (crim_hist) (in het Engels)
Police officers (crim_plce) (in het Engels)
Prison population (crim_pris) (in het Engels)
Prison population: historical data 1987-2000 (crim_pris_hist) (in het Engels)

Speciale sectie

Methodologie / Metadata

Brongegevens voor de tabellen en figuren (MS Excel)

Andere informatie

Externe links


Voetnoten

  1. Zo maken bijvoorbeeld Griekenland, Cyprus, Luxemburg, IJsland en Liechtenstein geen onderscheid tussen „woninginbraak” en andere soorten inbraak (in winkels, garages enz.). De statistische gegevens van deze landen kunnen daarom niet rechtstreeks worden vergeleken met die van andere landen waar ze alleen betrekking hebben op woninginbraken.