Goed en beroepsgericht hoger onderwijs

Relevant en kwalitatief hoger onderwijs geeft studenten de kennis en overdraagbare kernvaardigheden die zij na hun afstuderen nodig hebben.

Waarom is relevant hoger onderwijs belangrijk?

In de EU ontstaan tekorten aan vaardigheden, vooral op STEM-terreinen (wetenschap, technologie, ingenieurswetenschappen en wiskunde), maar ook in sommige medische beroepen en in het onderwijs. 

De Europese Unie moet actie ondernemen, wil zij vaardigheden voortdurend ontwikkelen en economisch concurrerend blijven. Meer Europeanen moeten worden aangemoedigd studies te volgen op gebieden waar tekorten zijn. Ook moeten alle studenten geavanceerde transversale vaardigheden en de belangrijkste competenties opdoen die zij nodig hebben voor succes na hun studie. 

Dit zijn o.a. hoogwaardige digitale competenties, rekenvaardigheid, kritisch denken en probleemoplossend vermogen. Er is ook behoefte aan flexibele en innovatieve onderwijs- en leertechnieken die het onderwijs doeltreffender maken en meer capaciteit in het hoger onderwijs creëren. 

ICT en opkomende technologieën kunnen bijvoorbeeld het onderwijs verrijken en personaliseren, zoals beschreven in de mededeling van de Commissie Een andere kijk op onderwijs

Hoe zorgt de EU voor relevant hoger onderwijs?

Als onderdeel van het ET 2020-kader voor Europese beleidssamenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding zijn de EU-leiders overeengekomen dat tegen 2020 40% van de 30-34-jarigen moet beschikken over een tertiaire of een hieraan gelijkwaardige onderwijskwalificatie. 

Hoewel hoger onderwijs de kansen van afgestudeerden op de arbeidsmarkt vergroot, worden de lesprogramma’s vaak te traag aangepast aan de veranderende vraag van de arbeidsmarkt. In de studie van de Europese Commissie over het bevorderen van de relevantie van het hoger onderwijs wordt gesteld dat het hoger onderwijs relevant blijft als het inzet op:

  • duurzame werkgelegenheid
  • persoonlijke ontwikkeling
  • actief burgerschap

Om op nationaal en EU-niveau meer kennis te verwerven over de loopbaan of vervolgopleiding van afgestudeerden, heeft de Europese Commissie het initiatief genomen voor een Europees systeem om deze groep te volgen. De verzamelde gegevens kunnen nuttig zijn voor loopbaanbegeleiding, het opstellen van relevantere lesprogramma’s en meer gerichte institutionele strategieën en beleid. 

De aanbeveling van de Raad over het volgen van afgestudeerden heeft geleid tot grensoverschrijdende samenwerking om afgestudeerden beter te volgen. Ook heeft de Commissie een informele deskundigengroep rond dit onderwerp opgezet.

Daarnaast heeft de Commissie een proefenquête voor Europese afgestudeerden gelanceerd om vergelijkende gegevens uit voorlopig acht deelnemende landen te verzamelen over de relevantie van vaardigheden en kwalificaties die zijn opgedaan in het hoger onderwijs voor de veranderende arbeidsmarkt. Deze enquête zal later in alle EU-landen worden gehouden.

De Commissie is ook voorstander van de STEAM-benadering, waarbij interdisciplinaire en intersectorale aspecten deel uitmaken van STEM-vakken. Zo worden transversale vaardigheden, digitale competenties, kritisch denken en probleemoplossend vermogen en management- en ondernemersvaardigheden opgenomen in het onderwijs. 

De STEAM-benadering houdt ook in dat creativiteit en design deel gaan uitmaken van het lesprogramma, om innovatie aan te jagen, evenals hedendaagse sociaal-economische en milieuaspecten, om vooruitgang op die terreinen te bevorderen. 

Om dit te ondersteunen heeft de Commissie een STEAM-actie gelanceerd, waarbij diverse stakeholders uit het hoger onderwijs, bedrijfsleven en de publieke sector zich samen zich inzetten voor het aanpassen en moderniseren van niet alleen relevante STEM-vakken, maar ook bijv. studies in richtingen zoals ICT en kunstmatige intelligentie.