Europese beleidssamenwerking (ET 2020-kader)

Het strategisch kader voor Europese samenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding (ET 2020) is een forum waar de lidstaten beste praktijken kunnen uitwisselen en van elkaar kunnen leren.

Het strategisch kader voor Europese samenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding (ET 2020) is een forum waar de lidstaten kunnen samenwerken bij het opbouwen van beste praktijken. Ze kunnen zo kennis verzamelen en verspreiden, wat hervormingen van het onderwijsbeleid op nationaal niveau stimuleert. 

Het kader is gebaseerd op het beginsel van levenslang leren. Het omvat dus alle onderwijs, van voorschools leren tot volwassenenvorming en hoger onderwijs, en leren in iedere context: formeel, niet-formeel en informeel.

ET 2020 ondersteunt de volgende vier gemeenschappelijke doelstellingen van de EU:

ET 2020 streeft ook naar het bereiken van de volgende benchmarks op Europees niveau tegen 2020:

Het kader wordt uitgevoerd via een aantal instrumenten, waaronder:

  • Werkgroepen, bestaande uit door de lidstaten en belanghebbenden aangewezen deskundigen
  • Peer Learning Activities (PLA’s), georganiseerd door een lidstaat om aandacht te vestigen op bestaande goede praktijken op nationaal niveau of om een specifieke kwestie te verkennen met andere lidstaten
  • Collegiale toetsingen door een groep lidstaten die een andere lidstaat helpen bij de aanpak van een specifiek nationaal probleem
  • Collegiaal advies, waarbij ervaren ambtenaren van een klein aantal nationale overheden op verzoek van een lidstaat advies geven over het opstellen of uitvoeren van beleid om een specifiek nationaal probleem aan te pakken
  • De Onderwijs- en opleidingsmonitor geeft een jaarlijks overzicht van de vorderingen van de lidstaten in de richting van de doelstellingen en benchmarks van ET 2020. Deze analyse wordt meegenomen in de bredere sociaal-economische evaluatie van de vooruitgang van de lidstaten in het kader van het Europees semester.
  • Gemeenschappelijke referentie-instrumenten en benaderingen zijn onder meer voortgekomen uit het werk van de werkgroepen of de activiteiten inzake wederzijds leren.
  • Stakeholders, waaronder het maatschappelijk middenveld, het bedrijfsleven en de organisaties van de sociale partners, hebben overleg- en samenwerkingsactiviteiten gehouden, zoals de Europese onderwijstop en het Forum voor onderwijs, opleiding en jeugd.
  • Financiering voor beleidsondersteuning en innovatieve projecten via het programma Erasmus+.