BELANGRIJKE JURIDISCHE MEDEDELING - Voor de informatie op deze site gelden eenclausule van niet-aansprakelijkheiden een verklaring betreffende het auteursrecht
 


Newsroom Newsroom Commissioner Debate Issues Directorate General

Glossarium | Zoeken | Contact | Mailing lists 
 
 

Het Cohesiefonds in vogelvlucht

I Wat is het Cohesiefonds?

Het Cohesiefonds is een structureel instrument dat de lidstaten sinds 1994 helpt om hun economische en sociale verschillen te verkleinen en hun economieën te stabiliseren. Het Cohesiefonds financiert tot maximaal 85 % van de subsidiabele uitgaven voor grote projecten op het gebied van de milieu- en vervoersinfrastructuur. Daarmee versterkt het cohesie en solidariteit binnen de EU. In aanmerking komen de minst welvarende lidstaten van de Unie met een bruto nationaal product (BNP) per hoofd van de bevolking van minder dan 90 % van het EU-gemiddelde (sinds 1/5/2004: Griekenland, Portugal, Spanje, Cyprus, de Republiek Tsjechië, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slowakije en Slovenië).

Voor het Cohesiefonds is een bedrag uitgetrokken van 15,9 miljard euro (prijsniveau 2004) voor de jaren 2004-2006. Meer dan de helft van de middelen (EUR 8,49 miljard) is gereserveerd voor de nieuwe lidstaten.

Spain : Cerceda waste disposal train

II Welke landen komen in aanmerking?

Fonds de Cohésion, pays éligiblesKrachtens Verordening (EG) nr. 1164/94 van 16 mei 1994 komt een lidstaat voor bijstand uit het Cohesiefonds in aanmerking indien hij:

  • een bruto nationaal product (BNP) per hoofd van de bevolking heeft van minder dan 90 % van het gemiddelde voor de Gemeenschap, bepaald op basis van koopkracht­pariteit,
  • over een programma beschikt waardoor aan de voorwaarden inzake economische convergentie bedoeld in artikel 104 C van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (voorkomen van buitensporige overheidstekorten) wordt voldaan.

Vier lidstaten, te weten Spanje, Griekenland, Portugal en Ierland kwamen met ingang van 1 januari 2000 in aanmerking voor het Cohesiefonds. Uit de tussenbalans van de Commissie van 2003 kwam naar voren dat Ierland (met een gemiddeld BNP van 101  %) met ingang van 1 januari 2004 niet meer in aanmerking kwam voor het Cohesiefonds. Met ingang van de uitbreiding van de EU op 1 mei 2004 kwamen alle nieuwe lidstaten (Cyprus, de Republiek Tsjechië, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slowakije en Slovenië) in aanmerking voor een bijdrage uit het Cohesiefonds.

De steun uit het Cohesiefonds is aan voorwaarden gebonden. De aan een lidstaat toegekende subsidie kan worden opgeschort als dit land zijn convergentie­programma voor de economische en monetaire unie (stabiliteits- en groeipact) niet naleeft, bijvoorbeeld door een buitensporig overheidstekort (meer dan 3 % van het BNP voor Spanje, Portugal en Griekenland; over deze drempel wordt met elk van de tien nieuwe lidstaten afzonderlijk onderhandeld op basis van het eigen overheidstekort op het moment van toetreding). Totdat het tekort weer onder controle is gebracht, worden er mogelijk geen nieuwe projecten goedgekeurd.

Klik hier voor een kaart van de lidstaten die in aanmerking komen voor het Cohesiefond s in de EU-25 in de periode 2004-2006.

III Wat voor soort projecten komen er in aanmerking?

Om in aanmerking te komen voor een bijdrage moet een project in een van de volgende categorieën vallen:

a) Milieuprojecten die bijdragen tot het bereiken van de doelstellingen van het EG-Verdrag en met name projecten die vallen onder de prioriteiten van het communautaire milieubeleid zoals die zijn vastgesteld in de desbetreffende actieplannen inzake milieu en duurzame ontwikkeling.

Het fonds geeft voorrang aan projecten op het gebied van drinkwatervoorziening, afvalwater­behandeling en het verwijderen van vast afval. Maatregelen ten behoeve van herbebossing, erosiebeheersing en natuurbehoud komen eveneens in aanmerking.

b) Vervoersinfrastructuurprojecten voor de aanleg of ontwikkeling van een vervoers­infrastructuur als bedoeld in de richtsnoeren van het trans-Europese vervoersnetwerk (TEN).

Er moet sprake zijn van een juist evenwicht in de subsidies voor vervoersinfrastructuur­projecten en milieuprojecten.

Via de onderstaande links vindt u een Gids voor het Cohesiefonds 2000-2006 voor de lidstaten.

EN - English ES - Español FR - Français GR - ελληνικά PT - Português

Via de onderstaande links vindt u de beginselen voor uitgaven ten behoeve van financiering door het Cohesiefonds.

VERORDENING (EG) NR. 16/2003

IV Hoe worden projecten in het kader van het Cohesiefonds beheerd?

Lidstaten dienen aanvragen voor financiering in bij de Europese Commissie, die over het algemeen binnen drie maanden een besluit neemt over de subsidie. Een voorstel moet in elk geval een uitleg bevatten over de inhoud van het voorstel en de reden waarom het wordt ingediend, alsmede gegevens over de haalbaarheid, de benodigde financiering en de gevolgen die het project zal hebben op sociaal-economisch en milieugebied. Alle projecten moeten voldoen aan de geldende communautaire wetgeving, in het bijzonder de voorschriften inzake concurrentie, milieu en overheidsopdrachten.

De Commissie voert een analyse uit om vast te stellen of aan alle criteria voor financiering is voldaan, zoals:

  • de aan het project verbonden sociaal-economische voordelen op middellange termijn, waarbij wordt uitgegaan van een kosten/baten-analyse;
  • de bijdrage van het project tot het bereiken van de communautaire doelstellingen inzake het milieu en/of het trans-Europese vervoersnetwerk;
  • naleving van de door de lidstaat vastgestelde prioriteiten;
  • de verenigbaarheid van het project met het beleid van de Gemeenschap op andere terreinen en de coherentie ervan met andere maatregelen van de Structuurfondsen.

Het totale aandeel van de communautaire bijdrage in de uitgaven van de overheid of daarmee gelijk te stellen uitgaven mag niet meer bedragen dan 85 % en is afhankelijk van de aard van de maatregel die moet worden uitgevoerd. Bij projecten die inkomsten genereren wordt de bijstand onder meer berekend op basis van de verwachte inkomsten. Het principe “de vervuiler betaalt” (degene die de vervuiling veroorzaakt moet de kosten dragen) is van invloed op de hoogte van de toegekende subsidie. Voor projecten die minder dan twee jaar duren of projecten waarvoor de communautaire bijstand niet meer dan EUR 50 miljoen bedraagt, kan een eerste betalingsverplichting voor 80 % van het bedrag van de bijstand worden aangegaan wanneer de Commissie de beschikking tot toekenning van de communautaire bijstand vaststelt. Wanneer voor een project waarvoor uit het fonds bijstand wordt toegekend ook nog andere communautaire bijstand wordt toegekend, mag de totale bijstand niet meer dan 90 % van de totale uitgaven voor dat project belopen. Voorbereidende studies en technische ondersteuningsmaatregelen kunnen bij wijze van uitzondering voor 100 % door de Commissie worden gefinancierd; in verband met de geringe omvang van het budget dat voor dit soort ondersteuning beschikbaar is, blijft dit beperkt tot EU-brede technische bijstand.

De lidstaten zijn verantwoordelijk voor de tenuitvoerlegging van de projecten in overeenstemming met de beschikking van de Commissie, voor het beheer van de middelen, het aanhouden van het tijdschema, de naleving van het financieringsplan en, in eerste instantie, de financiële controle. De Commissie voert regelmatig controles uit en voor alle projecten vindt regelmatige follow-up plaats. Daarnaast zijn in Verordening (EG) nr. 621/2004 van de Commissie regels vastgelegd voor voorlichtings- en publiciteitsmaatregelen in verband met de activiteiten van het Cohesiefonds, waaraan de lidstaten zich moeten houden (voor meer informatie: Publiciteitsmaatregelen ).

Via de volgende link heeft u rechtstreeks toegang tot de volledige jaarverslagen: Verslagen

Voor voorbeelden van projecten kunt u de volgende link aanklikken: Succesverhalen

Madrid Metro

V Beschikbare fondsen per land

Voor de periode 2000-2006 beschikt de Europese Unie over een bedrag van EUR 28,212 miljoen (prijsniveau 2004) voor het Cohesiefonds. De volgende middelen zijn beschikbaar voor de verschillende betrokken landen:

Cohesiefonds voor de vier subsidiabele lidstaten, gemiddeld, 2000–2006 (1)

Elláda
España
Ireland
Portugal
3 388
12 357
584
3 388

(1) Ierland alleen tot eind 2003 (vastleggingen in miljoenen euro’s, prijsniveau 2004)

Cohesiefonds voor de tien nieuwe subsidiabele lidstaten, gemiddeld, 2004–2006

Česká Rep.
Eesti
Kypros
Latvija
Lietuva
Magyarország
Malta
Polska
Slovenija
Slovensko
936,05
309,03
53,94
515,43
608,17
1 112,67
21,94
4 178,60
188,71
570,50

(vastleggingen in miljoenen euro’s, prijsniveau 2004)

VI Wat verandert er na 2006?

In overeenstemming met het voorstel van de Europese Commissie zal het Cohesiefonds meer worden geïntegreerd met de Structuurfondsen (zie het Derde verslag over de economische en sociale cohesie ) en het voorstel voor een nieuw pakket verordeningen ).

Enerzijds handhaaft het voorstel voor een verordening tot oprichting van het Cohesiefonds de subsidiabiliteitscriteria (drempel van 90 % van het BNP) en het maximale subsidiepercentage (85 %). Daarnaast blijven ook de voorwaarden voor de bijstandsverlening uit het Cohesie­fonds van kracht.

Anderzijds stelt de Commissie voor om over te stappen van projectgebaseerde naar programma­gebaseerde ondersteuning. De goedkeuring van de Commissie zal dan alleen nog maar vereist zijn voor grote projecten (EUR 25 miljoen voor milieuprojecten en EUR 50 miljoen voor vervoersprojecten). De beheersautoriteiten voor het Cohesiefonds krijgen zo een grotere verantwoordelijkheid voor de selectie, de beoordeling, de toekenning van subsidies, het toezicht, het beheer en een snelle implementatie, zodat voorkomen wordt dat er bijstand verloren gaat door toepassing van de “n+2”‑regel in het kader van de begrotingsdiscipline voor de programmering.

De bijstand zal niet alleen worden toegekend voor grote vervoers- en milieubeschermings­infrastructuren, maar ook voor projecten op het gebied van energie-efficiëntie, hernieuwbare energie en intermodaal, stads- en openbaar vervoer.

In het voorstel van de Commissie is 26 % van de totale toewijzing voor structurele beleids­instrumenten bestemd voor het Cohesiefonds (EUR 63 miljard).

Zie voor verdere details het artikel “Het Cohesiefonds in beweging” in Inforegio Panorama 14 .

Portugal Alqueva dam , hydro powerplant

VII De verordeningen inzake het Cohesiefonds

Verordening (EG) nr. 1164/94 tot oprichting van het Cohesiefonds legt het kader vast voor de tenuitvoerlegging van het fonds. Deze verordening is later aangevuld met Verordening (EG) nr. 1264/99 ) en Verordening (EG) nr. 1265/99 .

Financieel beheer en correcties: Verordening (EG) nr. 1386/2002

Subsidiabiliteit: Verordening (EG) nr. 16/2003

Publiciteit: Verordening (EG) nr. 621/2004

 

Sinds de uitbreiding van de Unie op 1 mei 2004 zijn de verordeningen inzake het Cohesiefonds tot eind 2006 van toepassing op de 10 nieuwe lidstaten (zie Bijlage II van de toetredingsakte ).