Erasmus+

Allianties voor bedrijfstakspecifieke vaardigheden

Wat is het doel?

Allianties voor bedrijfstakspecifieke vaardigheden (SSA's) zijn erop gericht de vaardigheden van werknemers op peil te brengen door het beroepsonderwijs en de beroepsopleiding beter af te stemmen op de arbeidsmarkt. Dit gebeurt door:

  • modernisering van het beroepsonderwijs door beter in te spelen op de gevraagde vaardigheden en werkplekleren
  • uitwisseling van kennis en goede praktijken
  • verbetering van de mobiliteit op de arbeidsmarkt
  • wederzijdse erkenning van kwalificaties

Prioriteit wordt gegeven aan projecten die op een van de specifieke doelstellingen inspelen, zoals:

  • verbetering van vaardigheden en kwalificatieniveaus
  • bevordering van kwaliteit, innovatie en internationalisering
  • bevordering van de ontwikkeling en modernisering van het onderwijs
  • verruiming van de internationale dimensie van onderwijs en opleiding
  • verbetering van taalonderwijs en taalkennis

Meer informatie over deze specifieke doelstellingen vindt u in de Programmagids.

Wat zijn de mogelijkheden?

Allianties voor bedrijfstakspecifieke vaardigheden geven organisaties de kans een project te beheren dat inspeelt op bovenstaande doelstellingen. Concreet houdt dit in:

  • inventarisatie van de behoeften aan vaardigheden en opleiding in een bepaalde bedrijfstak
  • uitwerken van gezamenlijke studieprogramma's
  • uitvoeren van gezamenlijke studieprogramma's

De activiteiten moeten betrekking hebben op de volgende bedrijfstakken waarvoor een onbalans is geconstateerd:

  • maakindustrie en techniek
  • handel
  • informatie- en communicatietechnologie
  • milieutechnologie
  • culturele en creatieve sector
  • gezondheidszorg
  • toerisme

Er zijn ook mogelijkheden om activiteiten te organiseren om de mobiliteit van leerlingen en personeel te verbeteren, mits dat bijdraagt tot de projectdoelstellingen.

Hoe werkt het?

Allianties voor bedrijfstakspecifieke vaardigheden moeten bestaan uit een consortium van organisaties uit minstens drie programmalanden. Daarnaast moeten er minstens drie organisaties meedoen uit elk land dat bij de SSA betrokken is, en wel één uit elk van de volgende drie categorieën:

  • openbare of particuliere entiteiten die beroepsonderwijs en -opleiding verzorgen
  • openbare of particuliere entiteiten die over bedrijfstakspecifieke expertise beschikken en in een bepaalde bedrijfstak actief zijn of deze vertegenwoordigen.
  • openbare of particuliere entiteiten die optreden als toezichthouder voor onderwijs en opleiding

Dit geldt niet wanneer ook een koepelorganisatie lid is van het consortium. Er hoeven dan geen andere organisaties uit het land van de koepelorganisatie te zijn vertegenwoordigd, mits het minimumaantal deelnemende organisaties en landen wordt gehaald (afgezien van de koepelorganisatie).

Een consortium moet worden geleid door een organisatie uit een programmaland die het voorstel namens het consortium indient en die verantwoordelijk is voor het beheer van de SSA. Organisaties kunnen deelnemen als:

  • volwaardig partner, die actief deelneemt aan het project onder leiding van de aanvragende organisatie, of als
  • geassocieerd partner, die bijdraagt aan de programma-activiteiten maar geen contract met het consortium heeft.

Geassocieerde partners kunnen geen subsidie krijgen. Hun rol moet duidelijk omschreven worden in de aanvraag. Beide soorten partners kunnen zowel uit programmalanden als uit partnerlanden komen.

Wat moet ik nog meer weten?

Aanvragers en volwaardige partners kunnen maar aan één SSA tegelijk deelnemen, behalve als zij de enige toezichthouder in een bepaald land zijn en kunnen aantonen het monopolie te hebben.

SSA's moeten zich toespitsen op innovatie. Zij moeten ervoor zorgen dat de alliantie ook na het project nog impact heeft en dat die zich niet beperkt tot de organisaties die lid zijn van de SSA.

De rol en de toegevoegde waarde van alle SSA-leden moeten duidelijk zijn. De taken moeten worden afgestemd op de expertise van elke partner.

De inventarisatie van in de toekomst benodigde vaardigheden moet met feitenmateriaal worden onderbouwd. Dit onderzoek moet zich vertalen in resultaatgerichte studieprogramma's die op een robuust kwaliteitsbewakingssysteem steunen.

Ten slotte dient ervoor te worden gezorgd dat de betrokken landen en bedrijfstakken de vaardigheden ook erkennen.

Hoe dien ik een aanvraag in?

Aanvragen kunnen worden ingediend na de publicatie van de jaarlijkse oproep van het Uitvoerend Agentschap onderwijs, audiovisuele media en cultuur.

Meer informatie

De meeste informatie over allianties voor bedrijfstakspecifieke vaardigheden staat in de programmagids van Erasmus+. Voor inlichtingen over de aanvraagprocedure moet u bij het Uitvoerend Agentschap onderwijs, audiovisuele media en cultuur zijn.

Nog vragen? Neem dan contact op met het Uitvoerend Agentschap onderwijs, audiovisuele media en cultuur.

Website feedback

Please note that we can only respond to issues concerning the Erasmus+ website. 

For general questions about Erasmus+, please contact your National AgencyNational Erasmus+ Office, or our helpdesk, EuropeDirect.