Sinds 1 april heeft u meer inspraak in het Europees beleid. U kunt de Europese Commissie rechtstreeks oproepen om EU-wetsvoorstellen te doen via een 'Europees burgerinitiatief
'. Met voldoende handtekeningen kunt u namelijk vragen om een nieuw EU-wetsvoorstel over een onderwerp dat u belangrijk vindt.
De Commissie, die zulke voorstellen moet indienen, is dan wettelijk verplicht om uw verzoek in overweging te nemen, als het tenminste aan de eisen voldoet.
Die regels kunt u nu vinden op de nieuwe website over het Europees burgerinitiatief, waar u zo'n initiatief ook kunt registreren en bekendmaken.
Een burgerinitiatief is mogelijk op elk gebied waarvoor de Europese Commissie bevoegd is om een wetgevingsvoorstel te doen, zoals milieu, landbouw, vervoer, volksgezondheid enz.
Hoe kunt u een burgerinitiatief starten?
U moet een organisatiecomité oprichten van minstens 7 burgers uit minstens 7 verschillende EU-landen.
U moet het initiatief registreren op de nieuwe website voordat u steunbetuigingen van andere burgers begint te verzamelen.
De Commissie heeft twee maanden de tijd om na te gaan of het voorgestelde initiatief aan de regels voldoet. Het mag bijvoorbeeld niet indruisen tegen de waarden van de Unie.
Als het initiatief geldig wordt verklaard, krijgt u als organisator een jaar de tijd om minstens 1 miljoen handtekeningen uit minstens 7 EU-landen te verzamelen, met een minimumaantal per land.
U kunt steunbetuigingen op papier inzamelen, maar u mag daarvoor ook een onlinesysteem gebruiken (dat wel eerst moet worden gecertificeerd). De Commissie heeft daarvoor gratis software ontwikkeld.
De handtekeningen moeten vervolgens worden gecontroleerd door de overheid in het land waar ze zijn ingezameld, en daarna bij de Commissie worden ingediend.
En daarna?
De Commissie krijgt 3 maanden om het initiatief te bestuderen. Ze kan daarna besluiten om nieuwe wetgeving voor te stellen, maar ze kan ook een studie laten uitvoeren, en zelfs besluiten om geen verdere maatregelen te nemen. Wat ze ook beslist, ze moet zich openlijk verantwoorden.
Als het tot een wetsvoorstel komt, dan moet dat voor stemming naar de Raad van de Europese Unie (d.w.z. alle bevoegde nationale ministers samen) en, in de meeste gevallen, naar het Europees Parlement.
Keuren zij het voorstel goed, dan wordt het een Europese wet.