Kruimelpad

Promotional :: "Mariene kennis 2020: van zeebodemkaarten tot oceaanprognoses"

"Mariene kennis 2020: van zeebodemkaarten tot oceaanprognoses"

25 November 2013

Resultaten van de openbare raadpleging. Samenvatting.

Op 29 augustus 2012 is de Europese Commissie gestart met een raadpleging over een groenboek  in het kader van haar initiatief "Mariene kennis 2020". Het doel ervan was te achterhalen hoe de belanghebbenden aankijken tegen de diverse opties om een verdere invulling te geven aan het initiatief, en tegen een mogelijke betrokkenheid van de particuliere sector. De raadpleging is op 15 december 2012 afgesloten.

In totaal zijn 244 reacties (29 uit het maatschappelijk middenveld, 43 uit de particuliere sector, 95 uit de overheidssector en 77 uit de onderzoekswereld) ontvangen uit 30 landen, waaronder een aantal niet-EU-landen met wateren die grenzen aan de wateren van lidstaten. Omdat tal van bijdragen, met name die van nationale overheden, een breed intern raadplegingsproces hebben doorlopen, vormen deze een evenwichtige weergave van de opvattingen van een groot aantal uiteenlopende organisaties. Een en ander wordt geacht een representatief beeld te geven.

De raadpleging heeft veel informatie over juridische en technische detailzaken opgeleverd, die van groot nut zal zijn voor de volgende fase van "Mariene Kennis 2020". De hoofdboodschap kan evenwel als volgt worden samengevat.

(1) Alle gebruikersgroepen zijn het eens over de noodzaak van een vrije toegang tot mariene gegevens, zowel in ruwe als in geaggregeerde vorm. Volgens het maatschappelijk middenveld zijn de oceanen van ons allen en moeten mariene gegevens daarom onbeperkt beschikbaar worden gesteld, met name als deze zijn vergaard met publieke middelen. De particuliere sector spreekt zich ook grotendeels uit voor een vrije toegang, tenzij commerciële gevoeligheden in het geding zijn of de prikkel wordt weggenomen om überhaupt nog gegevens te vergaren. Overheidsinstanties denken dat de kosten om de ecologische situatie te monitoren, daardoor omlaag gaan. Bijna alle partijen zijn van mening dat het gemakkelijker zou moeten worden om aan gegevens van onderzoeksprojecten te komen.

(2) Wel worden enkele uitzonderingen gemaakt, die verband houden met de nationale veiligheid, met de schade aan het erfgoed en bedreigde ecosystemen, met de commerciële gevoeligheid van gegevens, met de noodzaak om wetenschappers genoeg tijd voor publicatie te gunnen, en met veiligheids- en aansprakelijkheidskwesties die voortvloeien uit een verkeerde interpretatie van gegevens.

(3) In het algemeen is men het erover eens dat er op lange termijn een gedeeld platform moet worden opgezet voor de verspreiding van visserijgegevens en andere mariene gegevens, waaronder die van het Copernicus-ruimteprogramma van de EU. Met de uiteindelijke integratie van deze systemen moet een naadloze kartering van overlappende themagebieden in uiteenlopende tijdsintervallen mogelijk worden. Daartoe is het van essentieel belang dat de gegevens interoperabel zijn en adequate kwaliteitscontrolemaatregelen worden getroffen.

(4) De architectuur van het huidige Europees marien observatie- en datanetwerk (EMODnet), en met name de onderverdeling in zeven thematische groepen, namelijk geologie, bathymetrie, fysica, chemie, biologie, fysieke habitats en menselijke activiteit, wordt deugdelijk geacht.

(5) Er wordt gewezen op het potentieel van EMODnet om een rol te spelen bij rapportages over het milieu of de visserij. Mettertijd zou het "push"-proces waarbij de overheidsinstanties rapporten over de visserij of het mariene milieu leveren om aan een juridische verplichting te voldoen, kunnen worden vervangen door een "pull"-proces waarbij gegevens via internet beschikbaar worden gesteld en de bevoegde instantie daar met gemeenschappelijke technologie uit kan putten. Hierdoor zou de administratieve last verminderen.

(6) Men is het er vrijwel unaniem over eens dat er een mechanisme nodig is voor de advisering van de lidstaten en de EU over het meest kosteneffectieve observatie-, monsternemings- en meetprogramma voor elk zeebekken. Voorgesteld wordt om wetenschappelijke organisaties, regionale zeeconventies, regionale hydrografische commissies en gegevensverzamelaars daarbij te betrekken. Periodiek moet worden gekeken naar de veranderende behoeften en de technologische ontwikkelingen en daarop worden ingespeeld.

(7) De particuliere sector wil graag nauwer worden betrokken bij gegevensuitwisselingsiniatieven als EMODnet. De verschillende industriële sectoren zijn over het algemeen bereid om hun offshore-installaties of vaartuigen in te zetten voor een bredere monitoring van de oceanen. Wel geven zij de voorkeur aan een niet-wetgevingsaanpak.

(8) Voorgesteld wordt om een aantal waarnemingstechnologieën aan een nader onderzoek te onderwerpen. In dit verband wordt een hoge prioriteit toegekend aan innovatieve sensoren die automatisch metingen van parameters kunnen verrichten zonder dat monsters terug naar het laboratorium hoeven te worden gebracht.

Alle reacties zijn te lezen op de website van DG MARE. Daar is ook een samenvatting te vinden. Alle respondenten is verzocht te controleren of hun mening correct is weergegeven in de ontwerpsamenvatting. Aan de hand van hun feedback is een aantal kleine correcties in deze samenvatting aangebracht. Het eindverslag vormt de primaire input voor een effectbeoordeling op basis waarvan wordt bepaald met welke vervolgstappen de doelen van "Mariene kennis 2020", namelijk een hogere productiviteit bij de overheidsinstanties, particuliere organisaties en in de onderzoekswereld, meer innovatie en minder onzekerheid in ons begrip van het gedrag van de zee, kunnen worden verwezenlijkt.

Zoeken

Zoeken in al het nieuws en