Visserij

INSEPARABLE - Eat, Buy and Sell Sustainable FishINSEPARABLE - Eat, Buy and Sell Sustainable FishINSEPARABLE - Eat, Buy and Sell Sustainable FishINSEPARABLE - Eat, Buy and Sell Sustainable Fish

Zoeken
Teken in op onze e-nieuwsbrief
European Market Observatory for Fisheries and Aquaculture Products
Links
Nieuws
A new publication is online; a statistical data summary describing the fisheries and aquaculture sector in figures.
The European Parliament has today endorsed the European Maritime and Fisheries Fund (EMFF) with an overwhelming majority. With a budget of €6.5 billion for 2014-2020, the fund will finance projects to implement the new reformed Common Fisheries Policy (CFP) and provide financial support to fishermen, fish farmers and coastal communities to adapt to the changed rules. The Fund will also finance projects to boost 'blue' growth and jobs under the EU's Integrated Maritime Policy (IMP).

Zeebaars

De zeebaars leeft in de buurt van de kust en in riviermondingen, waar veel micro-organismen zijn te vinden, en werd eeuwen geleden al op traditionele wijze gekweekt. Hierbij liet men de vissen lagunes of speciaal ingerichte bassins (meestal zoutbassins) inzwemmen, waarna de toegang werd afgesloten. Dat is bijvoorbeeld het principe van de Italiaanse kweek in lagunes en deesterosin het zuiden van Spanje, die ook nu nog actief zijn. De gevangen zeebaarzen voedden zich vervolgens zelf totdat ze werden opgevist, maar het nadeel van dit systeem was dat deze vraatzuchtige dieren vaak het hele ecosysteem van de lagune opaten. Op sommige plaatsen werden de bassins gevuld met jonge exemplaren die door lokale vissers waren gevangen. Maar in de jaren ’60 waren er steeds minder jonge exemplaren over en daarom besloten de mediterrane wetenschappers, naar het voorbeeld van de beginnende zalmteelt in het noorden van Europa, een intensief

Zeebaars © ScandFish
Latijnse naam:Dicentrarchus labrax
Productie (EU-27) – 57 893 t (2007); 92% van de wereldproductie.
Waarde (EU-27) – 304 miljoen € (2007).
Belangrijkste producenten EU – Griekenland, Spanje, Italië, Frankrijk.
Belangrijkste producenten wereld – Griekenland, Turkije, Spanje, Italië, Frankrijk, Kroatië.
Infoblad pdf - 515 KB [515 KB] български (bg) čeština (cs) dansk (da) Deutsch (de) eesti keel (et) ελληνικά (el) English (en) español (es) français (fr) Gaeilge (ga) italiano (it) latviešu valoda (lv) lietuvių kalba (lt) magyar (hu) Malti (mt) polski (pl) português (pt) română (ro) slovenčina (sk) slovenščina (sl) suomi (fi) svenska (sv)

Voortplanting

De voortplanting van de zeebaars wordt geheel beheerst in een broedbank, op basis van in de kwekerij geselecteerde paaivissen.

Om de voortplantingscyclus van de zeebaars te verlengen, maakt men gebruik van fotomanipulatie, een techniek die erin bestaat het seizoensgebonden seksuele gedrag van de soort te sturen door de duur van de kunstmatige „zonnestraling” te verlengen. De eitjes worden op natuurlijke wijze door de mannetjes bevrucht, waarna ze van het wateroppervlak worden geschept en in incubatiebassins worden geplaatst waar ze 48 uur later uitkomen. De larven worden overgebracht naar opfokbakken.

Om de voortplantingscyclus van de zeebaars te verlengen, maakt men gebruik van fotomanipulatie, een techniek die erin bestaat het seizoensgebonden seksuele gedrag van de soort te sturen door de duur van de kunstmatige „zonnestraling” te verlengen. De eitjes worden op natuurlijke wijze door de mannetjes bevrucht, waarna ze van het wateroppervlak worden geschept en in incubatiebassins worden geplaatst waar ze 48 uur later uitkomen. De larven worden overgebracht naar opfokbakken.

Kweek van pootvis

Het kweken van pootvissen voor de intensieve zeebaarsteelt geschiedt volgens een complex proces dat in de jaren ’60 en ’70 uitgebreid wetenschappelijk is onderzocht.

Het is aan dit proces te danken dat in de jaren ’80 in het Middellandse-Zeegebied een begin kon worden gemaakt met de zeebaarsteelt (én de goudbrasemteelt). De broedbank vertoont zeer technische aspecten die hoog opgeleid personeel nodig maken: er moet worden toegezien op de juiste groeiomstandigheden voor de larven, het recirculatiesysteem moet optimaal functioneren, er moet voeding worden geproduceerd enz. De eerste etappe van het kweekproces is hierdoor een echt specialisme geworden. Ofschoon er zeker ook gevallen zijn van verticale integratie, zijn de Europese broedbanken over het algemeen zelfstandige ondernemingen die jonge exemplaren aan de afmestingsbedrijven verkopen. De kweek van pootvis verloopt meestal in drie etappen

Larventeelt – 6 dagen nadat een eitje is uitgekomen, verliest de larve zijn dooierzak. Op dit moment ontvangt hij een heel specifieke voeding, eerst op basis van algen en rotiferen (microscopisch zoöplankton) en later, wanneer hij groot genoeg is, op basis van pekelkreeftjes (kleine schaaldiertjes die in delta’s, lagunes en riviermondingen leven). Dit levende voedsel wordt altijd in de broedbank zelf geproduceerd.

Vast voedsel – Na 40 tot 50 dagen wordt de larve overgebracht naar een kweekbassin, waar hij geleidelijk wordt gewend aan een zeer eiwitrijke voeding, voornamelijk op basis van visolie en vismeel. Deze voeding in de vorm van minuscule korrels lijkt al behoorlijk op de voeding die de zeebaars gedurende de rest van zijn kweekproces zal krijgen. Het is dit eiwitrijke dieet dat er, samen met de kwaliteit van het water, voor zorgt dat de larven gedurende die cruciale eerste maanden een maximaal groei- en overlevingspercentage bereiken.

Opkweken van juveniele exemplaren – 3 tot 4 weken later worden de pootvissen verplaatst naar het kweekbassin voor juveniele exemplaren. Daar worden ze gevoed met korrels zodat ze twee maanden later het gewicht van 2 tot 5 g hebben bereikt waarmee zij naar het afmestingsbedrijf kunnen.

Larventeelt – 6 dagen nadat een eitje is uitgekomen, verliest de larve zijn dooierzak. Op dit moment ontvangt hij een heel specifieke voeding, eerst op basis van algen en rotiferen (microscopisch zoöplankton) en later, wanneer hij groot genoeg is, op basis van pekelkreeftjes (kleine schaaldiertjes die in delta’s, lagunes en riviermondingen leven). Dit levende voedsel wordt altijd in de broedbank zelf geproduceerd.

Vast voedsel – Na 40 tot 50 dagen wordt de larve overgebracht naar een kweekbassin, waar hij geleidelijk wordt gewend aan een zeer eiwitrijke voeding, voornamelijk op basis van visolie en vismeel. Deze voeding in de vorm van minuscule korrels lijkt al behoorlijk op de voeding die de zeebaars gedurende de rest van zijn kweekproces zal krijgen. Het is dit eiwitrijke dieet dat er, samen met de kwaliteit van het water, voor zorgt dat de larven gedurende die cruciale eerste maanden een maximaal groei- en overlevingspercentage bereiken.

Opkweken van juveniele exemplaren – 3 tot 4 weken later worden de pootvissen verplaatst naar het kweekbassin voor juveniele exemplaren. Daar worden ze gevoed met korrels zodat ze twee maanden later het gewicht van 2 tot 5 g hebben bereikt waarmee zij naar het afmestingsbedrijf kunnen.

Afmesten

De aankoop van jonge exemplaren uit de broedbanken is een van de grootste terugkerende investeringen van de kwekerijen.

Het afmesten vindt plaats in drijvende kooien die op korte afstand van de kust worden geplaatst. Dit geldt in elk geval voor het merendeel van de Europese productie (dat wil zeggen in de Middellandse Zee en bij de Canarische Eilanden). Maar er zijn ook kwekerijen die de zeebaarzen in bassins aan land kweken. Dit gebeurt dan meestal binnen een recirculatiesysteem, zodat de watertemperatuur gecontroleerd wordt en de zeebaars ook in noordelijker oorden gekweekt kan worden. De zeebaarzen worden gevoed met korrels die voornamelijk bestaan uit vismeel en visolie, maar ook uit plantenextracten. In de vrije natuur kan een zeebaars wel 1 m lang en 12 kg zwaar worden, maar een gekweekte zeebaars wordt meestal gevangen en gedood wanneer hij 300 tot 500 g weegt. Dit duurt, afhankelijk van de watertemperatuur, anderhalf tot twee jaar. Om helemaal volledig te zijn, moeten we ook de volharding noemen waarmee enkele semi-intensieve kwekerijen, afgeleid van de traditionele extensieve aquacultuur, pootvissen uit broedbanken uitzetten in lagunes en vijvers, waarna zij worden afgemest met een industrieel voedingscomplement.

Het afmesten vindt plaats in drijvende kooien die op korte afstand van de kust worden geplaatst. Dit geldt in elk geval voor het merendeel van de Europese productie (dat wil zeggen in de Middellandse Zee en bij de Canarische Eilanden). Maar er zijn ook kwekerijen die de zeebaarzen in bassins aan land kweken. Dit gebeurt dan meestal binnen een recirculatiesysteem, zodat de watertemperatuur gecontroleerd wordt en de zeebaars ook in noordelijker oorden gekweekt kan worden. De zeebaarzen worden gevoed met korrels die voornamelijk bestaan uit vismeel en visolie, maar ook uit plantenextracten. In de vrije natuur kan een zeebaars wel 1 m lang en 12 kg zwaar worden, maar een gekweekte zeebaars wordt meestal gevangen en gedood wanneer hij 300 tot 500 g weegt. Dit duurt, afhankelijk van de watertemperatuur, anderhalf tot twee jaar. Om helemaal volledig te zijn, moeten we ook de volharding noemen waarmee enkele semi-intensieve kwekerijen, afgeleid van de traditionele extensieve aquacultuur, pootvissen uit broedbanken uitzetten in lagunes en vijvers, waarna zij worden afgemest met een industrieel voedingscomplement.

Consumptie

Na de slacht worden gekweekte zeebaarzen gewoonlijk vers en schoongemaakt verkocht, vooral in supermarkten en restaurants.