AA+A++Printbare versieSitemapRSSRSS

Wat is het verschil tussen Europa 2020 en haar voorganger, de Lissabonstrategie?

Groei en werkgelegenheid, samen werken aan de toekomst van Europa © EU

Europa 2020 bouwt voort op de vorige strategie (de doelstellingen voor groei en banen, met 18 miljoen nieuwe banen sinds 2000) maar corrigeert de zwakke punten ervan (gebrekkige uitvoering, met grote verschillen tussen de EU-landen qua snelheid en grondigheid van de hervormingen).

De nieuwe strategie houdt ook rekening met de veranderde situatie sinds 2000, vooral de dringende noodzaak van economisch herstel.

Wat is er nieuw aan de strategie Europa 2020?

1. Een nieuw soort groei (slim, duurzaam en inclusief), hoofdzakelijk via :

  • vaardigheden verbeteren en permanente educatie
  • onderzoek en innovatie stimuleren
  • slimme netwerken en de digitale economie bevorderen
  • het bedrijfsleven moderniseren
  • zuinig omspringen met energie en grondstoffen.

2. Beter bestuur via:

  • regelmatige en transparante controle
  • leiderschap op het hoogste politieke niveau: de Europese Raad.

De Commissie zal het proces sturen en gebruikmaken van de nieuwste instrumenten uit het Verdrag van Lissabon: aanbevelingen en zo nodig beleidswaarschuwingen en, bij grote vertraging, eventueel sancties.

3. Betere economische coördinatie

In het kader van het "Europees semester" voor coördinatie van het economisch beleid moeten de regeringen van de EU-landen tezelfdertijd verslagen over hervormingen en over stabiliteit en convergentie indienen. Ze moeten ook zorgen voor een gedegen financiering van hun hervormingsprogramma's.

Strikte controle in het kader van het Europees semester, duidelijke en meetbare doelstellingen op zowel EU- als nationaal niveau en gedegen toezicht bevorderen effectieve en tijdige uitvoering.

Naar boven

Wat is het "Europees semester"?

Dit houdt in dat alle EU-landen de eerste helft van elk jaar verslag uitbrengen aan de Commissie over de vorderingen op het gebied van

De Commissie kan dan beleidsadvies geven en aanbevelingen doen aan de EU-landen, en wel vóór de goedkeuring van de nationale begroting. Zo kunnen zij hun economisch beleid beter afstemmen op de gemeenschappelijke economische agenda en tegelijkertijd rekening houden met de nationale omstandigheden.

Op deze manier kan de EU ook tijdig lering trekken uit nationale ontwikkelingen met het oog op de toekomst. Het Europese semester begint met de publicatie van een Annual Growth Survey.

Naar boven

Wat is de Annual Growth Survey?

Een verslag van de Commissie over de belangrijkste economische uitdagingen voor de EU, met beleidsadvies voor de EU-landen.

Op hun voorjaarstop geven de EU-regeringsleiders op basis van dit verslag aan, hoe de EU op deze uitdagingen moet reageren.

Naar boven

Waarom hebben we een langetermijnplan nodig terwijl er zich nog dagelijks problemen voordoen?

Hand steekt euromunt in een portemonnee © EU

Herstel krijgt nog steeds de hoogste prioriteit. De EU heeft al maatregelen genomen om de banksector te stabiliseren en de economische activiteit te bevorderen. Maar daarnaast moeten we verder kijken dan de huidige crisis.

De EU staat onder druk door concurrentie en demografische verandering. Als we gewoon terugkeren naar de situatie van voor de crisis, zullen we verder achterop raken.

Daarom moeten we nu beginnen met het ontwikkelen van maatregelen die de EU in de toekomst sterker en concurrerender zullen maken.

Hervormingen kosten tijd, we moeten er nu al aan beginnen als we onze levenswijze, die ons zo na aan het hart ligt, willen beschermen.

Naar boven

Hoe bestrijdt de strategie de roep om meer protectionisme die we in crisistijd horen?

Veel hangsloten, waarvan er één open is © iStockphoto

Door het voor EU-landen aantrekkelijker te maken om samen te werken dan om elkaar te beconcurreren.

Daarvoor is meer transparantie nodig, zodat ieder land kan zien wat de anderen aan het doen zijn. Aan de hand van controle en benchmarking zal de Commissie in een jaarverslag de vooruitgang bij de verwezenlijking van de doelstellingen beschrijven en de aandacht vestigen op vertragingen en zwakke punten in de tenuitvoerlegging. De EU-landen worden ertoe aangemoedigd van elkaar te leren.

De EU zal de landen ook tot meer samenwerking aanzetten via beleidsaanbevelingen aan de regeringen van de EU-landen (via de Europese Raad). Als die niet gevolgd worden of als het nationaal beleid de verkeerde richting uitgaat, kan de Commissie de nieuwe bevoegdheden uit het Verdrag van Lissabon gebruiken en beleidswaarschuwingen geven en desnoods sancties opleggen.

Naar boven

Waarom is er geen apart budget voor deze strategie?

Stapeltjes nieuwe bankbiljetten © EU

Omdat geld dit soort problemen niet oplost. Om duurzame groei op lange termijn te verwezenlijken zijn bovenal hervormingen nodig, zowel structurele als budgettaire.

In een periode van beperkte budgetten is het belangrijker dan ooit om de schaarse middelen te reserveren voor het tot stand brengen van een slimme, duurzame en inclusieve economie. Dit zal op lange termijn ook voor meer inkomsten zorgen en de druk op de overheidsfinanciën verlichten.

De EU financiert al tal van programma's die tot deze doelstellingen kunnen bijdragen. Zo gaat er in de periode 2007-2013 meer dan 50 miljard euro naar onderzoeksprojecten, meer dan 3 miljard naar concurrentiekracht en innovatie en bijna 7 miljard naar een leven lang leren. Dit alles komt bovenop 277 miljard regionale steun die tijdens dezelfde periode via de Structuurfondsen wordt gegeven.

Ook de EU-landen moeten hun overheidsuitgaven herzien om de kwaliteit en efficiëntie te verbeteren en ondanks de belangrijke budgettaire beperkingen ruimte te vinden om in duurzame groei te investeren.

Tegelijk moeten nieuwe financieringsmodellen zoals publiek-private partnerschappen, die als hefboom voor EU- of EIB-financiering functioneren, worden onderzocht om de middelen van de publieke en de private sector te bundelen en de impact te maximaliseren.

Naar boven

Waarom geen bestaande instrumenten gebruiken in plaats van nieuwe?

Tandwielen © EU

Voor Europa 2020 wordt gebruikgemaakt van alle bestaande beleid, instrumenten en wetgeving van de EU, alsook van de financiële en coördinatieinstrumenten.

De EU wil vooral profiteren van het internemarktbeleid (grotere economische integratie bevorderen), het industriebeleid en de agenda voor buitenlandse economie en handel.

Naar boven

Zal het stabiliteits- en groeipact in Europa 2020 opgaan?

Schakels van een metalen ketting © EU

Nee, de Commissie heeft geen plannen in die richting.

Het pact is een belangrijk hulpmiddel voor de consolidatie van de overheidsfinanciën en het stimuleren van groei, maar het heeft zijn eigen mechanismen, die behouden moeten blijven.

Omdat begrotingsbeleid en structurele hervormingen gevolgen voor elkaar hebben, moeten het stabiliteits- en groeipact en Europa 2020 goed op elkaar worden afgestemd.

De regeringen moeten hun jaarlijkse nationale hervormingsprogramma's en stabiliteits- en convergentieprogramma's op hetzelfde ogenblik indienen (april).

Naar boven

Waarom stelt Europa 2020 maatregelen voor op terreinen die onder de bevoegdheid van de nationale regeringen vallen, zoals onderwijs en werkgelegenheid?

Europese vlaggen aan het Berlaymontgebouw © EU

Omdat de strijd om het concurrentievermogen van Europa op peil te houden baat heeft bij coördinatie op EU-niveau. De EU kan op die beleidsterreinen inderdaad geen maatregelen nemen, maar laat de landen via aanbevelingen profiteren van het overzicht dat zij vanuit haar unieke positie van de situatie heeft.

De EU probeert te helpen omdat er zoveel van afhangt: Europa heeft een hoge economische groei en werkgelegenheid nodig om de sociale zekerheid in stand te houden, vooral gezien de vergrijzing.

Dit betekent dat mensen de vaardigheden moeten worden bijgebracht die zij nodig hebben om succes te hebben in nieuwe economische omstandigheden. Vandaar ook dat de strategie hervormingsvoorstellen voor onderwijs en opleiding omvat.

Naar boven

Hoeveel invloed hebben burgers en andere betrokkenen op de ontwikkeling van deze strategie gehad?

Twee mensen met megafoons voor de mond © EU

Een groot aantal groepen uit en van buiten de EU heeft in 2009 meer dan 1400 bijdragen English ingezonden tijdens een openbare raadpleging over de strategie.

Deze bijdragen waren onder meer afkomstig van nationale en regionale regeringen, vakbonden, bedrijven, ngo's, academici, consumentenorganisaties en zo'n vijfhonderd burgers.

De Commissie heeft met hun mening rekening gehouden English bij de ontwikkelingen van de strategie.

Naar boven