Waar gaat het om?

In juni 2016 is er een nota van de Europese Commissie verschenen over de bestrijding van radicalisering. In deze nota noemt de Commissie zeven gebieden waarop samenwerking tussen de EU-landen een toegevoegde waarde heeft. Het gaat met name om onderwijs, opleiding en jeugd.

De nota sluit aan op de Verklaring van Parijs van 2015 van de Europese onderwijsministers en EU-commissaris Navracsics over de bevordering van burgerschap en de gemeenschappelijke waarden van vrijheid, tolerantie en non-discriminatie door middel van onderwijs.

Daarin riepen zij de onderwijssector op om inclusie en de fundamentele waarden te promoten. Ze noemden ook een aantal nationale en lokale doelstellingen en stelden vier overkoepelende prioriteiten vast voor samenwerking binnen de EU:

  • Jongeren sociale, interculturele en burgerlijke vaardigheden bijbrengen door democratische waarden, fundamentele rechten, maatschappelijke inclusie, non-discriminatie en actief burgerschap te bevorderen
  • Het kritisch denken en de mediageletterdheid verbeteren, vooral wat betreft internet en de sociale media, om de weerstand tegen discriminatie en indoctrinatie te vergroten
  • Onderwijs aan kansarme kinderen en jongeren stimuleren door ervoor te zorgen dat onderwijs en opleidingen aan hun behoeften tegemoetkomen
  • De interculturele dialoog in alle vormen van leren bevorderen in samenwerking met andere betrokken beleidsdomeinen en belanghebbenden

Hoe wordt dat bereikt?

Het vervolg op de Verklaring van Parijs is een van de prioriteiten van de door de Europese Commissie gesteunde samenwerking tussen de EU-landen op de gebieden onderwijs en opleiding (strategiekader ET2020) en jeugd, zoals geschetst in de gemeenschappelijke rapporten voor ET 2020 en Jeugd.

In mei 2016 was EU-commissaris Tibor Navracsics gastheer bij een Colloquium op hoog niveau over de bevordering van inclusie en fundamentele waarden via het onderwijs, als instrument tegen gewelddadige radicalisering.

Bovendien zijn op 17 februari 2017 de Conclusies van de Raad over inclusie in verscheidenheid met het oog op hoogwaardig onderwijs voor iedereen goedgekeurd.

Leren van elkaar en uitwisseling van goede praktijken zijn belangrijke elementen van ET 2020 en de samenwerking met de jongerensector. Het is ook een belangrijk aspect bij de uitvoering van de Verklaring van Parijs. Er zijn hiervoor twee speciale werkgroepen opgezet:

Het Erasmus+-programma biedt financieringsmogelijkheden voor internationale samenwerkingsprojecten die gericht zijn op de uitvoering van de Verklaring van Parijs.

  • In 2016 zal Erasmus+ meer dan 400 miljoen euro vrijmaken voor partnerschappen tussen verschillende landen voor de ontwikkeling van innovatief beleid en nieuwe werkmethoden aan de basis. Projecten waarvan de doelstellingen aansluiten bij die van de Verklaring van Parijs krijgen prioriteit.
  • Een bedrag van 13 miljoen euro is gereserveerd voor de verspreiding en schaalvergroting van goede praktijken aan de basis.
  • De Commissie is van plan om in 2017 de steun voor de uitvoering van de Verklaring van Parijs op te voeren via reguliere en speciale acties binnen het Erasmus+-programma.

In het kader van de follow-up van de Verklaring van Parijs is een empirisch onderbouwde beleidsontwikkeling eveneens een prioriteit. Deze wordt gebaseerd op:

Sinds 2013 werkt de Commissie samen met de Raad van Europa aan de uitvoering van een gemeenschappelijk programma "Mensenrechten en democratie in actie". Het programma is gericht op het verzamelen en verspreiden van informatie over burgerschapsvorming en de ontwikkeling van praktische instrumenten zoals leerplannen en didactisch materiaal om de deelnemende landen te helpen bij het onderwijs op het gebied van burgerschap en mensenrechten. Vanaf 2016 zal het programma worden geïntensiveerd ter ondersteuning van het referentiekader voor vaardigheden voor een democratische cultuur, een in april 2016 gelanceerd initiatief van de Raad van Europa.

De nadruk op maatschappelijke inclusie en burgerschap via formeel en niet-formeel leren houdt in dat de aandacht speciaal uitgaat naar lerenden uit kwetsbare groepen, bijvoorbeeld migranten, mensen uit sociaaleconomisch zwakke milieus, Roma, LGBTI en mensen met bijzondere behoeften.

Volgende stappen

De Werkgroep voor de bevordering van burgerschap en de gemeenschappelijke waarden van vrijheid, tolerantie en non-discriminatie door middel van onderwijs heeft een mandaat om vóór eind juni 2018 een beleidskader te ontwikkelen voor het bevorderen van maatschappelijke inclusie en fundamentele waarden door middel van onderwijs, en een online-compendium van goede praktijken op te stellen.

De Werkgroep Jongerenwerk zal nog in 2016 een toolkit voor jongerenwerkers en jongerenorganisaties ontwikkelen, die kan worden afgestemd op de specifieke behoeften van elk EU-land. De toolkit geeft voorbeelden van hoe radicaliseringstrends al in een pril stadium kunnen worden ontdekt en aangepakt, hoe de mediageletterdheid en het kritisch denkvermogen van jongeren kunnen worden verbeterd, en hoe conflicten zonder gebruik van geweld kunnen worden opgelost.

De Commissie steunt ook de volgende acties:

  • de uitbreiding van de Europese Toolkit voor scholen, een nieuw online-platform voor scholen en leerkrachten met voorbeelden van goede praktijken en materiaal om een op samenwerking gebaseerde aanpak op scholen te introduceren om inclusiviteit en maatschappelijk succes voor allen te stimuleren
  • de uitbreiding van het online eTwinning-platform, dat een brug slaat tussen leerkrachten en schoolklassen in heel Europa, en cursussen voor leerkrachten over burgerschapsvorming via Erasmus+
  • de vorming van een netwerk voor directe contacten met positieve rolmodellen in scholen, jeugdclubs, sportverenigingen en gevangenissen
  • de (experimentele) invoering van een nieuw initiatief, Erasmus+ Virtuele Uitwisseling, waarmee jongeren in webconferenties standpunten en ideeën kunnen uitwisselen om tot meer begrip en tolerantie voor elkaars cultuur te komen
  • het stimuleren van hogeronderwijsinstellingen om vrijwilligerswerk te erkennen en leerplannen te ontwikkelen waarbij academische inhoud met maatschappelijk engagement wordt gecombineerd
  • de versterking van het Europees vrijwilligerswerk, waarbij het accent ligt op ondersteuning van projecten die gemeenschappelijke waarden, mediageletterdheid en kritisch denken stimuleren
  • meer steun voor jongerenprojecten aan de basis in het kader van Erasmus+, waarbij nieuwe spelers, zoals gemeenten, lokale initiatieven kunnen opschalen via grotere, internationale partnerschappen
  • het promoten van geslaagde innoverende projecten via een Europese prijs voor maatschappelijke integratie in de sport