Kruimelpad

Onderwijs en opleiding voor groei en banen

Waar gaat het om?

Onderwijs en opleiding zijn onmisbaar voor economische en sociale vooruitgang. Daarom is het zo belangrijk dat de vaardigheden van de beroepsbevolking op de behoeften van de arbeidsmarkt worden afgestemd. Daarom ook streeft de EU er in het kader van de strategie Europa 2020 naar om het aantal voortijdige schoolverlaters terug te brengen tot onder de 10% en het aandeel afgestudeerden van het hoger onderwijs op te voeren tot 40% in 2020.

Waarom is dit nodig?

De economie steunt meer en meer op mondialisering en kennis. Daarom heeft Europa behoefte aan een goed opgeleide beroepsbevolking om mee te kunnen op het gebied van productiviteit, kwaliteit en innovatie.

Recentelijk is echter gebleken dat 20% van de bevolking in de werkzame leeftijd niet goed genoeg kan lezen, schrijven en rekenen. Daar komt nog bij dat de vaardigheden van de beroepsbevolking en de behoeften van de arbeidsmarkt uit elkaar groeien. Dit zorgt voor meer werkloosheid en minder groei.

Onderwijs en opleiding zijn ook goed voor de persoonlijke ontwikkeling en het actief burgerschap. Daarnaast bevorderen zij kansengelijkheid, sociale inclusie en cohesie.

Wat doet de EU?

Hoewel elk land verantwoordelijk is voor zijn eigen onderwijs- en opleidingsstelsel, speelt de EU een ondersteunende en aanvullende rol bij de verbetering en modernisering van het onderwijs.

De doelstellingen, instrumenten en afspraken voor de Europese samenwerking zijn beschreven in het strategisch kader voor onderwijs en opleiding, ET 2020 genaamd. Het loopt tot 2020.

Er zijn een aantal prioriteiten vastgesteld waarvoor driejarenplannen worden vastgesteld.

Aan de hand van een aantal indicatoren wordt de vooruitgang gemeten, een aanpak die moet bijdragen tot beleidsvorming op basis van feiten en werkelijke problemen.

In het kader van strategie Europa 2020 krijgen de EU-landen elk jaar advies over noodzakelijke hervormingen (landspecifieke aanbevelingen).

Wat houdt ET 2020 in?

ET 2020 wordt uitgevoerd via werkgroepen van deskundigen die door de EU-landen en de overige belanghebbenden worden benoemd. Dit gebeurt in het kader van een bredere samenwerking onder de naam open coördinatiemethode, die gericht is op wederzijds leren, uitwisseling van goede werkwijzen, bevordering van nationale hervormingen en ontwikkeling van hulpmiddelen in EU-verband.

De EU maakt ook analyses per land om de EU-landen te helpen hun onderwijs- en opleidingsbeleid uit te stippelen. De bedoeling is problemen op EU-, nationaal en regionaal niveau te ontdekken en aan te geven hoe we van elkaar kunnen leren, goede werkwijzen kunnen uitwisselen, de investeringsbehoeften kunnen bepalen en de vooruitgang kunnen meten.

De EU bevordert ook overleg en samenwerking met belanghebbenden zoals onderwijsinstellingen, maatschappelijk middenveld, bedrijfsleven en sociale partners. Het Europees Forum voor onderwijs, opleiding en jeugd is een jaarlijks evenement waarop de partijen die betrokken zijn bij onderwijs, opleiding en jeugd, met elkaar van gedachten wisselen.

Wat zijn de volgende stappen?

In de periode 2014-2020 kunnen de EU-landen profiteren van de mogelijkheden van het programma Erasmus+ en de Europese structuur en investeringsfondsen om hun onderwijs- en opleidingsstelsel te verbeteren.

 

How can we help?