Kruimelpad

Samenwerking met het bedrijfsleven

Erasmus+ helpt universiteiten en bedrijven om samen te werken op allerlei gebieden, waaronder onderwijs, opleidingen, stages en gezamenlijke projecten.

 
Wat houdt het in?

De Europese economie is afhankelijk van de verwerving en toepassing van kennis. Daarom zijn sterke banden tussen het bedrijfsleven en het hoger onderwijs van essentieel belang. Bedrijven worden steeds meer betrokken bij Europese onderwijs- en opleidingsprogramma’s. Dat heeft voordelen voor beide zijden, en het leidt tot duurzame partnerschappen.

Erasmus+-activiteiten in samenwerking met het bedrijfsleven:

Wat zijn kennisallianties?

Door onderwijs, onderzoek en innovatie, de drie zijden van de "kennisdriehoek", beter met elkaar te verbinden kan het hoger onderwijs meer doen voor werkgelegenheid en groei, en internationaal aantrekkelijker worden.

Het gaat erom creatieve, innovatieve en ondernemersvaardigheden in alle disciplines te stimuleren, en innovatie in het hoger onderwijs te bevorderen door meer interactieve leeromgevingen en meer uitwisseling van kennis.

Wat wordt beoogd met kennisallianties?

Het doel is het versterken van de innovatiecapaciteit van Europa door het bevorderen van innovatie in het hoger onderwijs via evenwichtige, wederzijdse kennisuitwisseling met bedrijven en binnen de bredere sociaaleconomische context. Dit gebeurt via een reeks onderling samenhangende activiteiten waarbij zes of meer organisaties uit ten minste drie deelnemende landen zijn betrokken, waaronder ten minste twee instellingen voor hoger onderwijs en twee ondernemingen.

Kennisallianties:

  • zorgen voor nieuwe, innovatieve en multidisciplinaire onderwijsmethoden
  • stimuleren het ondernemerschap en de ondernemingsgeest van studenten, academici en personeel van de betrokken bedrijven
  • vergemakkelijken de uitwisseling en de gezamenlijke verwerving van kennis
Wie kan deelnemen?

Publieke of private organisaties, gevestigd in een aan het programma deelnemend land. Organisaties uit andere landen kunnen deelnemen aan het project als partner (niet als coördinerende indiener), mits hun deelname een duidelijke toegevoegde waarde voor het project is.

Instellingen voor hoger onderwijs in een deelnemend land moeten het Erasmus-handvest voor het hoger onderwijs hebben onderschreven. Dit is niet vereist voor instellingen voor hoger onderwijs in partnerlanden, maar zij moeten de beginselen van het handvest wel aanvaarden.

Hoe lang lopen deze projecten?

De projecten hebben een looptijd van twee tot drie jaar.

Videobijdrage

Videogetuigenis van Wendy Broers, hoofddocent aan de Zuyd Hogeschool in Nederlands Limburg, over kennisallianties tussen bedrijfswereld en hoger onderwijs.

Hoe aanvragen?

U moet reageren op de jaarlijkse oproep tot het indienen van voorstellen. Aanvragen moeten worden ingediend bij het Uitvoerend Agentschap Onderwijs, audiovisuele media en cultuur (EACEA).

 

How can we help?