Talenkennis staat centraal in de ambitieuze visie om een Europese onderwijsruimte te creëren. Kennis van vreemde talen is niet alleen nodig om in het buitenland te kunnen studeren of om een baan te krijgen op de steeds internationalere arbeidsmarkt. Het opent ook nieuwe perspectieven en helpt om andere culturen te ontdekken. Uit studies blijkt dat over het algemeen de EU-landen niet genoeg vooruitgang boeken op weg naar de EU-brede doelstelling dat iedere Europeaan van jongs af aan twee vreemde talen moet kunnen leren. De talenkennis van leerlingen aan het eind van hun verplichte onderwijs is over het algemeen zelfs vrij laag, en er zijn grote verschillen tussen de lidstaten. Nu steeds meer mensen in een ander EU-land gaan werken en er vaker dan ooit schoolkinderen uit landen buiten de EU arriveren die een andere taal spreken, moeten we stilstaan bij de uitdagingen en kansen van meertaligheid, en van meertaligheid een echte troef maken in de EU. 

Wat houdt het voorstel voor een aanbeveling in?

  • De talenkennis voor het eind van het verplicht onderwijs bevorderen door te mikken op bepaalde competentieniveaus op basis van het gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen van de Raad van Europa. 
  • Invoering van het concept van taalbewustzijn in onderwijs en opleiding, met een inclusief kader voor talenonderwijs, rekening houdend met de uiteenlopende competenties van de betrokkenen. 
  • Meer taaldocenten de mogelijkheid bieden om in het buitenland te gaan leren en studeren. 
  • innovatieve, inclusieve en meertalige onderwijsmethoden ontwikkelen, met behulp van Europese tools en platforms zoals de School Education Gateway en eTwinning.