Inflatie beheren
Woordenlijst
- Bruto Binnenlands Product (BBP)
- Deflatie
- Economische en Monetaire Unie (EMU)
- Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB)
- Europese Centrale Bank (ECB)
- Eurosysteem
- Fiscaal beleid
- Het monetaire beleid
- Het stabiliteits- en groeipact
- Lidstaten van de eurozone
- Liquiditeit
- Overheidsschuld
- Overheidstekorten
- Verdrag

- Inflatie moet beheerd worden om hoge en volatiele inflatiecijfers te voorkomen.
- De inflatiecijfers kunnen worden beïnvloed door monetaire en fiscale beleidsmaatregelen.
- Monetair beleid is erop gericht de hoeveelheid geld in de economie te reguleren. Dit wordt gedaan door centrale banken.
- Fiscaal beleid verwijst naar de hoeveelheid geld die overheden besluiten te verzamelen en uit te geven (de begroting).
Hoge en volatiele inflatiecijfers verminderen de waarde van inkomens van particulieren en kunnen duurzame economische groei en het scheppen van werkgelegenheid benadelen (De gevolgen van inflatie). Lage en stabiele inflatiecijfers zijn in het voordeel van iedereen. Daarom moet inflatie worden beheerd. Hoe wordt dit gedaan?
De twee belangrijkste manieren om inflatie te beheren zijn via monetaire en via fiscale beleidsmaatregelen.
Beide beleidslijnen werken samen om de hoeveelheid geld te beïnvloeden die in de economie beschikbaar is. Als er meer geld in de economie beschikbaar komt, betekent dat dat mensen de neiging hebben meer uit te geven, waardoor de vraag naar goederen en diensten wordt opgevoerd. Een hogere vraag voert de inflatiecijfers doorgaans omhoog als het aanbod niet even hoog is (Wat is inflatie?). Een verlaging van de toevoer van geld heeft een tegenovergesteld effect.
Monetair beleid – de rol van centrale banken
Monetair beleid bestaat uit het reguleren van de hoeveelheid geld die in de economie beschikbaar is. De hoeveelheid geld moet in verhouding staan met de behoeften van de economie om voor een gezond niveau van werkgelegenheid en groei tegen lage inflatiecijfers te zorgen.
Centrale banken – zoals de Europese Centrale Bank (ECB) – voeren een monetair beleid. Dit doen ze door bijvoorbeeld de belangrijkste rentetarieven te verhogen of verlagen.
Waarom zijn de belangrijkste rentetarieven zo belangrijk?
De belangrijkste rentetarieven zijn, over het algemeen, de prijzen waartegen centrale banken geld uitlenen aan commerciële banken. Zij bepalen de hoeveelheid geld die commerciële banken lenen van centrale banken en bijgevolg de tarieven die commerciële banken hanteren bij leningen aan particulieren en bedrijven. Op deze manier regelt de centrale bank de geldhoeveelheid of ‘liquiditeit’ in de economie.
Als de banken hun rentetarieven verhogen, gebeurt het volgende:
- Leningen worden duurder.
- Mensen lenen minder geld om bijvoorbeeld een huis of een nieuwe auto te kopen.
- Mensen sparen liever dan dat ze uitgeven.
- Er is minder geld in circulatie en de vraag daalt.
- Minder vraag leidt doorgaans tot lagere prijzen, wat betekent dat ook de inflatiecijfers dalen.
Als de banken daarentegen de rentetarieven verlagen, wordt lenen minder duur, wordt er meer geld in de economie gepompt, stijgt de vraag en gaan de inflatiecijfers omhoog.
Als de inflatie laag en stabiel is, kunnen de rentetarieven ook laag gehouden worden.
Monetair beleid in de EU
In de EU als geheel valt het monetair beleid onder de verantwoordelijkheid van de centrale banken van alle 27 EU-lidstaten en van de Europese Centrale Bank (ECB). De centrale banken en de ECB vormen het Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB). Binnen het ESCB vormen de nationale banken van de lidstaten van de eurozone samen met de ECB het Eurosysteem.
De ECB en de centrale banken in het Eurosysteem beheren het monetaire beleid in de eurozone. De belangrijkste doelstelling is het ‘behouden van de prijsstabiliteit', gedefinieerd als een inflatiepercentage van consumentenprijzen net onder de 2 %. Sinds de introductie van de euro heeft het Eurosysteem dit doel meestal gerealiseerd. In het bijzonder in vergelijking met eerdere decennia.
Grafiek: Rentetarieven over geld uitgeleend door de Europese Centrale Bank
Waarom prijsstabiliteit belangrijk is
Met voorspelbare inflatiecijfers kunnen mensen gefundeerde keuzes maken over toekomstige aankopen en investeringen. Het behoud van de prijsstabiliteit voorkomt ook langere perioden van inflatie of deflatie – een aanhoudende en zichzelf versterkende afname in een erg breed scala aan prijzen. Een voorbeeld van een schadelijke deflatie is de Grote Depressie van de jaren dertig van de vorige eeuw, toen een restrictief monetair beleid bijdroeg aan een snelle, sterke afname in uitgaven, wat leidde tot een sterke daling van de prijzen en een afname van de economische activiteit.
Waarom is het doel net onder de 2 %?
Inflatiecijfers van net onder de 2 % zijn laag genoeg om de economie volledig te laten profiteren van de voordelen van prijsstabiliteit. Dit doel biedt een "adequate marge om de risico's van deflatie te voorkomen".
Inflatie en fiscaal beleid – de rol van overheden
Fiscaal beleid verwijst naar de hoeveelheid geld die overheden besluiten te verzamelen en uit te geven en de manier waarop zij dit doen, oftewel de begroting. Een overheid vergaart doorgaans inkomsten door belastingen of heffingen op goederen, diensten of inkomsten van bedrijven en particulieren. Daar staat tegenover dat overheden geld uitgeven aan bijvoorbeeld sociale bijstand of infrastructuurprojecten.
Belastingtarieven en de uitgaven van overheden van het geld dat deze vergaren en lenen, spelen in de meeste economieën een aanzienlijke rol. De inkomsten van een overheid verlagen de hoeveelheid geld die beschikbaar is voor mensen om uit te geven. Daar staat tegenover dat wanneer een overheid uitgeeft door te investeren in infrastructuur of diensten, het geld weer in de economie wordt teruggebracht, hetgeen de vraag omhoog drijft.
Dus een fiscaal beleid kan de stuwende factoren van inflatie – vraag en aanbod – veranderen en er dus voor zorgen dat inflatie stijgt of daalt.
Fiscaal beleid coördineren – het Stabiliteits- en groeipact en de rol van de Europese Commissie
In de EU valt fiscaal beleid onder de verantwoordelijkheid van de lidstaten, dus ook die in de eurozone. De 27 lidstaten zijn evenwel overeengekomen hun fiscale beleidslijnen te coördineren via de richtsnoeren die zijn vastgelegd in het Stabiliteits- en groeipact (SGP) en het Verdrag. De belangrijkste elementen van het pact zijn de eis om overheidstekorten onder 3 % van het Bruto Binnenlands Product (BBP) te houden en staatsschuld onder 60 % van het BBP.
Het SGP is bedoeld om gezonde en duurzame overheidsfinanciën te waarborgen. Samen met de eenheidsmunt en het gemeenschappelijke monetaire beleid van de eurozone, is het een integraal deel van de Economische en Monetaire Unie (EMU). De Europese Commissie is verantwoordelijk voor het bewaken van de naleving van de regels van het SGP, en doet dit in samenwerking met de lidstaten.
Grafiek: Overheidstekorten in de eurozone (1992-2008) als percentage van het BBP
Europese Commissie - Economische en financiële zaken: Stabiliteits- en groeipact