Wat doet de EU eraan?
Sinds het begin van de jaren 90 werden in verband met klimaat verschillende initiatieven genomen op EU- en op nationaal niveau.In 2000 lanceerde de Europese Commissie het Europees Programma inzake Klimaatverandering (het EPK), in het kader waarvan zij samenwerkt met het bedrijfsleven, milieuorganisaties en andere belanghebbenden teneinde kosteneffectieve maatregelen te ontwikkelen om de uitstoot te beperken.
Een van de hoekstenen van het EU-beleid op het vlak van klimaatverandering is het EU-systeem voor de handel in emissierechten (ETS), dat in 2005 in het leven werd geroepen. EU-regeringen hebben beperkingen ingesteld voor de hoeveelheid CO2 die jaarlijks door zo'n 10 500 elektriciteitscentrales en energie-intensieve fabrieken mag worden uitgestoten. Deze bedrijven zijn verantwoordelijk voor bijna de helft van de totale CO2-uitstoot in de EU.
Het systeem geeft financiële stimulansen om de uitstoot te beperken door de instelling van een op de markt gebaseerd handelssysteem. Fabrieken die minder CO2 uitstoten dan het hun toegekende quotum, kunnen het niet-gebruikte deel van hun quotum verkopen aan andere bedrijven die meer uitstoten dan hen is toegelaten.
Bedrijven die de emissielimieten overschrijden en deze niet afdekken door de aankoop van emissierechten van andere bedrijven, moeten fikse boetes betalen. Het systeem voor de handel in emissierechten zorgt ervoor dat de uitstoot wordt beperkt op plaatsen waar dat het goedkoopst kan gebeuren en verlaagt het globale prijskaartje van emissiebeperking.
Andere EPK-maatregelen beogen onder andere een verbetering van de brandstofefficiëntie van wagens en de energie-efficiëntie van gebouwen (betere isolatie kan verwarmingskosten met wel 90% doen dalen), een verhoogd gebruik van hernieuwbare energiebronnen zoals wind, zonlicht, getijdenenergie, biomassa (organisch materiaal zoals hout, zaagafval, planten of uitwerpselen van dieren) en geothermische energie (warmte van warmwaterbronnen of vulkanen) en een beperking van de methaanuitstoot van stortplaatsen.
In oktober 2005 werd een tweede fase van het EPK gelanceerd. Deze is er voornamelijk op gericht het systeem voor de handel in emissierechten te versterken door de uitstoot van het luchtverkeer en personenvervoer over de weg aan te pakken, technologieën te ontwikkelen voor het afvangen en opslaan van kooldioxide en maatregelen te financieren waarmee we ons kunnen aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. Er werd eensgezindheid bereikt over voorstellen om luchtvaartmaatschappijen in het Europese systeem voor de handel in emissierechten op te nemen en om de CO2-uitstoot van nieuwe auto’s te beperken.
Initiatief
De Europese staats- en regeringsleiders hebben in 2008 een pakket maatregelen inzake klimaat en energie goedgekeurd, met daarin een reeks voorstellen voor concrete initiatieven alsook diverse ambitieuze doelstellingen.
Europa heeft zich ertoe verbonden de algemene uitstoot van broeikasgassen tegen 2020 met minstens 20 % te verlagen ten opzichte van het uitstootniveau van 1990. Deze doelstelling wordt nog opgetrokken tot 30 % indien andere industrielanden zich ertoe verbinden hetzelfde te doen.
Om deze uitstootvermindering te realiseren, werden andere doelstellingen vastgesteld, namelijk de energie-efficiëntie tegen 2020 met 20 % te verbeteren, het aandeel hernieuwbare energie in het energieverbruik tegen 2020 tot gemiddeld 20 % op te drijven en er tegen 2020 voor te zorgen dat biobrandstoffen in de hele EU minstens 10 % van de brandstof voor vervoer uitmaken.
Het pakket breidt het systeem voor de handel in emissierechten uit naar alle grote industriële vervuilers en voorziet meer veilingen van rechten. In sectoren die niet onder de regeling vallen (zoals de bouw, de vervoersector, de landbouw en de afvalsector), moet de uitstoot tegen 2020 met 10 % worden verminderd ten opzichte van 2005.
Andere maatregelen bevorderen technologieën voor het afvangen en opslaan van koolstof, beperken de CO2-uitstoot van auto’s en voorzien in strengere kwaliteitsnormen voor brandstoffen.
Het voortouw nemen op internationaal niveau
De EU wil het voortouw nemen in internationale onderhandelingen om de klimaatverandering onder controle te krijgen voor het te laat is. Daarom pleit zij voor een nieuwe overeenkomst die voldoende ambitieus is en aangepast is aan de omvang van de klimaatuitdaging waar we voor staan, teneinde de uitstoot van broeikasgassen wereldwijd vóór 2020 te stabiliseren en deze tegen 2050 terug te dringen tot de helft van het uitstootniveau van 1990.
Het is de bedoeling een duurzaam, koolstofarm energiesysteem te ontwikkelen en dit zo snel mogelijk in gebruik te nemen. Hiervoor moet de energie-efficiëntie worden verbeterd, waardoor de wereldwijde uitstoot aanzienlijk kan worden verminderd zonder dat het ook maar iets kost en waarbij mogelijkerwijze zelfs geld wordt bespaard, moet de ontwikkeling en ingebruikneming van nieuwe technologieën voor schone energie worden versneld en moet ervoor worden gezorgd dat de nodige financieringsmechanismen beschikbaar zijn.
Meer dan de helft van de nodige investeringen moet in de ontwikkelingslanden gedaan worden. Daarom poogt de EU innovatieve internationale financieringsbronnen te creëren op basis van het uitstootniveau van de landen en hun vermogen om te betalen.
De rol van de Europese Commissie
De strijd tegen klimaatverandering is een kernprioriteit voor de Europese Commissie.
De Commissie werkt strategische en wetgevingsvoorstellen uit voor heel Europa. De wetgevende besluiten worden gezamenlijk goedgekeurd door het Europees Parlement, dat bestaat uit 785 rechtstreeks verkozen parlementsleden uit de 27 lidstaten van de EU, en de Raad van Ministers, waarin de regeringen van alle EU-lidstaten vertegenwoordigd zijn.
De Commissie ziet er ook op toe dat de aangenomen maatregelen daadwerkelijk door de lidstaten ten uitvoer worden gelegd en vertegenwoordigt de EU in internationale onderhandelingen, waarbij zij ervoor zorgt dat de EU het voortouw blijft nemen in de internationale inspanningen tegen klimaatverandering.
Ook communicatie is belangrijk. Daarom voert de Commissie pan-Europese bewustmakingscampagnes – Klimaatverandering heb je zelf in de hand! en Climate Action– teneinde de burgers erop te wijzen dat zij een essentiële bijdrage kunnen leveren aan de strijd tegen klimaatverandering.Andere initiatieven op communicatiegebied zijn onder andere de productie en verspreiding van videoclips, publicaties en een schoolagenda, de organisatie van conferenties en tentoonstellingen en de coördinatie van een netwerk van klimaatambassadeurs.
Lees meer over de wereldwijde campagnes van de EU.


