Europese Commissie > EJN > Procestermijnen > Zweden

Laatste aanpassing: 21-11-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Procestermijnen - Zweden

 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke termijnen worden gehanteerd? 1.
2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag krachtens Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971 2.
3. Waar zijn de algemene regels over termijnen in de verschillende procedures te vinden? 3.
4. Vanaf welk moment begint een termijn voor een formele handeling te lopen? 4.
5. Wanneer verstrijken dergelijke termijnen? 5.
6. Is verlenging van termijnen mogelijk in bepaalde gevallen? 6.
7. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken? 7.
8. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens een andere oorzaak, de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde, kan de dagvaardingstermijn worden verlengd? 8.
9. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn? 9.
10. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen? 10.
11. Als de termijn is verstreken, welke rechtsmiddelen hebben de niet-verschenen partijen? 11.

 

1. Welke termijnen worden gehanteerd?

Er zijn verschillende soorten termijnen in burgerlijke zaken, alsmede termijnen die in de grondwet zijn vastgelegd. Het gaat bijvoorbeeld om termijnen voor hoger beroep, voor de indiening van een klacht en voor de heropening van een zaak (de periode waarbinnen een zaak voor de rechter dient te worden gebracht). Daarnaast zijn er bepalingen die slechts voorschrijven dat er een maatregel dient te worden getroffen. Het is dan aan de rechter om de termijn te bepalen waarbinnen dit dient te geschieden. Zo zijn er termijnen voor het overleggen van aanvullende informatie en bewijsmateriaal of voor het indienen van een verweer.

2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag krachtens Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971

Zaterdagen, zondagen en officiële feestdagen worden beschouwd als niet-werkdagen.

Volgens wet 1989:253 gelden de volgende dagen als officiële Zweedse feestdagen:

  • nieuwjaarsdag (1 januari)
  • Driekoningen (6 januari)
  • Goede Vrijdag (de vrijdag vóór Pasen)
  • paaszondag (de eerste zondag volgend op volle maan op of na 21 maart)
  • paasmaandag (de dag na paaszondag)
  • 1 mei
  • Hemelvaartsdag (de zesde donderdag na paaszondag)
  • pinksterzondag (de zevende zondag na Pasen)
  • Zweedse nationale dag (6 juni)
  • midzomerdag (de zaterdag tussen 20 en 26 juni)
  • Allerheiligen (de zaterdag tussen 31 oktober en 6 november)
  • eerste kerstdag (25 december)
  • tweede kerstdag (26 december)

3. Waar zijn de algemene regels over termijnen in de verschillende procedures te vinden?

Het algemene uitgangspunt voor termijnen is dat een persoon die op last van de rechter een proceshandeling moet verrichten, daarvoor een redelijke tijd krijgt (hoofdstuk 32, § 1 van het Zweedse wetboek van rechtsvordering). In de meeste gevallen wordt de toegestane duur bepaald door de rechter die aan de partij een aanvaardbare hoeveelheid tijd geeft om na te komen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

In een klein aantal gevallen is een specifieke termijn vastgelegd in het Zweedse wetboek van rechtsvordering. Dit is vooral van toepassing op termijnen voor beroep tegen een rechterlijke uitspraak, voor een verzoek tot heropening van een gesloten zaak, of in een aantal gevallen voor wijziging van een termijn.

Een persoon die in een civielrechtelijke zaak in hoger beroep wenst te gaan tegen een uitspraak van een arrondissementsrechtbank dient dit hoger beroep binnen drie weken na de uitspraak in te stellen. Een persoon die in een civielrechtelijke zaak in hoger beroep wenst te gaan tegen een beslissing van een arrondissementsrechtbank dient dit hoger beroep eveneens binnen drie weken in te stellen. Indien een tijdens het proces genomen beslissing niet is uitgesproken tijdens een comparitie en er geen verklaring voor de rechter is uitgebracht over wanneer de beslissing zal worden bekendgemaakt, wordt de beroepstermijn berekend vanaf de dag dat de eiser de beslissing ontving. Voor hoger beroep tegen uitspraken of beslissingen van de beroepsinstantie is de termijn vier weken (hoofdstuk 50, § 1, hoofdstuk 52, § 1, hoofdstuk 55, § 1 en hoofdstuk 56, § 1 van het Zweedse wetboek van rechtsvordering).

Een partij kan binnen een maand na de betekeningsdatum van een tegen haar door een arrondissementsrechtbank gewezen verstekvonnis verzet aantekenen (hoofdstuk 44, § 9 van het Zweedse wetboek van rechtsvordering).

Indien een hoger beroep wordt gestaakt omdat de appellant de behandeling van de zaak in hoger beroep niet bijwoonde, kan de appellant binnen drie weken na de datum waarop de beslissing werd uitgebracht een verzoek doen aan het hof om de zaak opnieuw in behandeling te nemen (hoofdstuk 50, § 22 van het Zweedse wetboek van rechtsvordering).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien een partij de termijn voor het indienen van beroep of voor het opnieuw in behandeling nemen of het heropenen van een zaak niet heeft gehaald, kan zij verzoeken om een nieuwe termijn. Het verzoek dient te worden ingediend binnen drie weken na het einde van de verschonende omstandigheden en op zijn laatst binnen een jaar na het verstrijken van de termijn (hoofdstuk 58, § 12 van het Zweedse wetboek van rechtsvordering).

Een aantal termijnen is ook van toepassing in versnelde procedures van de Zweedse tenuitvoerleggingsinstantie. Een verweerder wordt verzocht binnen een bepaalde tijd na betekening of kennisgeving van het verzoekschrift zijn verweer in te dienen. Met uitzondering van bijzondere omstandigheden dient deze termijn niet langer dan twee weken te zijn (§ 25 van de wet (1990:746) inzake betalingsbevelen en ondersteuning. Indien de verweerder het verzoekschrift betwist, kan de eiser maximaal vier weken na de datum waarop de kennisgeving van betwisting naar hem was gezonden, verzoeken de zaak over te dragen aan een arrondissementsrechtbank ter verdere behandeling (§ 34). Indien de Zweedse tenuitvoerleggingsinstantie een beslissing neemt in een zaak met betrekking tot een betalingsbevel of algemene ondersteuning kan de verweerder binnen een maand na de beslissingsdatum verzoeken om heropening van de zaak (§ 53). Hoger beroep tegen andere soorten beslissingen van de instantie kan worden ingesteld binnen drie weken na de datum waarop de beslissing van de instantie was genomen. (§§ 55-57).

4. Vanaf welk moment begint een termijn voor een formele handeling te lopen?

Indien een handeling binnen een bepaalde periode dient te worden verricht, begint de termijn doorgaans te lopen op de dag waarop de beslissing of het bevel wordt uitgevaardigd. In gevallen waarin kennisgeving of betekening van een document aan de partij dient plaats te vinden, gaat de termijn pas lopen nadat de partij het document heeft ontvangen (datum van betekening of kennisgeving).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5. Wanneer verstrijken dergelijke termijnen?

Wanneer de aanvangsdatum de datum is waarop de beslissing of het bevel werd genomen, wordt de uiterste datum vaak uitgedrukt in de vorm van een specifieke datum waarop de handeling die het gevolg is van de beslissing of het bevel moet zijn verricht. Soms wordt een termijn echter ook vastgesteld door te bepalen dat een handeling binnen een bepaald aantal dagen, weken, maanden of jaren dient te worden verricht; deze termijn begint altijd met de aanvangsdatum. Als de aanvangsdatum de datum van betekening of kennisgeving is, wordt altijd aangegeven dat een handeling binnen een bepaald aantal dagen weken, maanden of jaren dient te worden verricht; deze termijn begint altijd met de datum waarop de partij het document ontvangt.

Indien de termijn wordt uitgedrukt in dagen, omvat het aantal aangegeven dagen niet slechts werkdagen, maar ook kalenderdagen. De wet (1930:173) inzake de berekening van wettelijke termijnen bepaalt dat wanneer termijnen worden uitgedrukt in weken, maanden of jaren, de uiterste datum die datum is waarop de naam of het nummer van de maand overeenkomt met de dag waarop de termijn een aanvang nam. Indien er geen overeenkomende dag in de laatste maand bestaat, wordt de laatste dag van de maand genomen als de laatste dag van de termijn.

Indien de uiterste dag waarop een handeling dient te worden verricht, valt op een zaterdag, zondag of andere officiële feestdag (zie het antwoord op vraag 2 hierboven), midzomeravond (de avond voor midzomerdag), kerstavond (24 december), of oudejaarsavond (31 december) wordt de uiterste termijn voor het verrichten van de handeling verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag. Dit is ook van toepassing indien de termijn begint te lopen op de datum van betekening of kennisgeving.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

In die gevallen waarin Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971 van toepassing is op perioden, data en termijnen geldt die verordening.

6. Is verlenging van termijnen mogelijk in bepaalde gevallen?

Er bestaan geen bijzondere regels voor de verlenging van termijnen in die gevallen waarin de partij buiten Zweden woonachtig of gevestigd is of zich om andere reden buiten Zweden of in een afgelegen gebied bevindt. Zoals eerder opgemerkt, zal de rechter echter in veel gevallen de lengte van de termijn bepalen en er daarbij voor zorgen dat de partij een redelijke hoeveelheid tijd krijgt om een handeling te verrichten.

7. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken?

Nee.

8. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens een andere oorzaak, de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde, kan de dagvaardingstermijn worden verlengd?

Indien een termijn bij wet is vastgesteld (bijvoorbeeld de termijn voor het instellen van beroep), kan deze termijn niet worden verkort en evenmin worden verlengd. Indien aan een partij is opgedragen ter zitting te verschijnen of enige andere handeling te verrichten, kan de rechter de termijn verlengen door een nieuwe uiterste datum te stellen. In geval van nood kan het gerecht een geplande zitting annuleren en een andere zitting op een eerdere datum organiseren. De partijen dienen echter een redelijke termijn te krijgen om zich voor te bereiden.

9. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn?

Nee, (zie het antwoord op vraag 6 hierboven).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

10. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen?

Termijnen om te voldoen aan bevelschriften, enz.

Indien de eiser niet voldoet aan een bevelschrift om aanvullende informatie over te leggen in verband met zijn verzoek tot dagvaarding of als er enig ander beletsel is om de zaak te behandelen, wordt de vordering niet-ontvankelijk verklaard. Indien de verweerder verzuimt een verweerschrift in te dienen, kan tegen hem een verstekvonnis worden gewezen. Verzuim om tijdig te voldoen aan een bevelschrift kan desondanks leiden tot een rechterlijke uitspraak over deze zaak.

Verzuim om ter zitting te verschijnen

In zaken die buiten rechte kunnen worden geschikt (bijvoorbeeld handelsgeschillen), kan verzuim van een van de partijen om voor de arrondissementsrechtbank te verschijnen leiden tot een verstekvonnis. In andere gevallen kunnen boetes worden opgelegd. In zaken die niet geschikt zijn om buiten rechte af te handelen (bijvoorbeeld geschillen in familiezaken), kan verzuim van de eiser om ter terechtzitting te verschijnen leiden tot een niet-ontvankelijkverklaring, terwijl een afwezige wederpartij een boete kan krijgen of voor de rechter kan worden gebracht. Indien de eiser verzuimt om ter terechtzitting te verschijnen voor de beroepsinstantie, kan het beroep niet-ontvankelijk worden verklaard. Indien de wederpartij verzuimt te verschijnen, kan hem een boete worden opgelegd.

Termijn voor hoger beroep

Indien een partij te laat hoger beroep instelt, wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

11. Als de termijn is verstreken, welke rechtsmiddelen hebben de niet-verschenen partijen?

Indien de termijn niet bij wet is bepaald, dient de partij voor het verstrijken van de termijn bij de rechter een verzoek tot uitstel in te dienen en te vragen om verlenging van de termijn. Indien de termijn is verstreken en de rechter vervolgens over de zaak heeft beslist, heeft een partij de keuze uit een aantal gewone en bijzondere maatregelen. Het doel van deze maatregelen is hetzij een gesloten zaak opnieuw voor de rechter te brengen of, in bepaalde omstandigheden, de termijn te wijzigen (zie het antwoord op vraag 3 hierboven).

« Procestermijnen - Algemene informatie | Zweden - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 21-11-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk