Europese Commissie > EJN > Procestermijnen > Slovenië

Laatste aanpassing: 15-01-2009
Printversie Voeg toe aan favorieten

Procestermijnen - Slovenië

 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke termijnen worden gehanteerd in het burgerlijk procesrecht (zoals procestermijnen, verval- of verjaringstermijnen, vooraf vastgestelde termijnen)? 1.
2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971. 2.
3. Waar zijn de algemene regels over termijnen in de verschillende civiele procedures te vinden? In welke wettelijke bronnen? 3.
4. Indien een handeling of formaliteit moet worden uitgevoerd binnen een bepaalde termijn, op welk moment begint de termijn voor deze handeling of formaliteit dan te lopen (terminus a quo) (bijvoorbeeld datum van handeling, gebeurtenis, uitspraak of datum van betekening of kennisgeving)? 4.
4.a) Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt betekend (persoonlijke betekening door een deurwaarder of per post)? 4.a)
5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen? 5.
5.a) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de gebeurtenis, de uitspraak, de betekening en/of de kennisgeving waarmee de termijn aanvangt? Is de aanvangstijd van enige termijn op wat voor manier dan ook afhankelijk van de bevestiging of de kennisgeving van de handeling of gebeurtenis aan de ontvanger? Zo ja, op welke manier? 5.a)
5.b) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, omvat het aantal aangegeven dagen dan kalenderdagen of slechts werkdagen? Als een gerechtelijk stuk bijvoorbeeld op maandag 4 april aan een persoon wordt betekend met de eis dat binnen 14 dagen na de betekening moet worden gereageerd, betekent dit dan dat de persoon moet antwoorden voor:

i)  maandag 18 april 2005 (kalenderdagen) of

ii)  vrijdag 22 april 2005 (werkdagen)? 5.b)

5.c) En als de termijn wordt uitgedrukt in maanden of in jaren? 5.c)
5.d) Wanneer verstrijken dergelijke termijnen? 5.d)
6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag of vrije dag, wordt deze dan verlengd tot de eerstvolgende werkdag? Geldt een dergelijke verlenging ook als de termijn in kwestie pas aanvangt na een toekomstige gebeurtenis? 6.
7. Als het verzoek wordt gedaan bij een rechtbank op het continentale grondgebied van de lidstaat (voor staten met entiteiten buiten het continentale grondgebied), worden de termijnen dan verlengd voor personen die in een entiteit buiten het continentale grondgebied woonachtig zijn of verblijven of voor personen die in het buitenland woonachtig zijn of verblijven? 7.
8. En omgekeerd: als het verzoek wordt gedaan bij een rechtbank in een geografisch van het continent gescheiden entiteit, worden de termijnen dan verlengd voor personen die niet in deze entiteit woonachtig zijn of verblijven of voor personen die in het buitenland woonachtig zijn of verblijven? 8.
9. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken? 9.
10. Kunnen gerechten in noodgevallen of om andere redenen de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde: kan de dagvaardingstermijn worden verlengd? 10.
11. Als de betekening aan een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn? 11.
12. Wat zijn de gevolgen van het niet-naleven van termijnen? 12.
13. Als de termijn is verstreken, welke rechtsmiddelen hebben de niet-verschenen partijen dan nog? 13.

 

1. Welke termijnen worden gehanteerd in het burgerlijk procesrecht (zoals procestermijnen, verval- of verjaringstermijnen, vooraf vastgestelde termijnen)?

In het Sloveense procesrecht wordt een termijn gedefinieerd als een tijdseenheid die wordt afgebakend door twee tijdstippen — de begintijd en de eindtijd — waarbinnen een bepaalde proceshandeling mag worden uitgevoerd of, in uitzonderingsgevallen, een tijdsperiode waarbinnen een bepaalde proceshandeling niet mag worden uitgevoerd.

In de Sloveense wetgeving worden diverse soorten termijnen (vervaltermijnen/tijdsperioden) gehanteerd:

  • vervaltermijnen in materieel recht en procesrecht: vervaltermijnen in materieel recht zijn in het materieel recht vastgelegd om de rechten van de betrokkenen te waarborgen; ze worden onderverdeeld in verjaringstermijnen voor materieel recht, waarbij een recht op basis van de wet zelf ophoudt te bestaan, verjaringstermijnen waarbij een recht niet meer mag worden uitgeoefend op basis van bezwaar van een partij, en procestermijnen voor het uitvoeren van proceshandelingen;
  • wettelijke en gerechtelijke termijnen: wettelijke termijnen en de duur ervan zijn bij de wet zelf bepaald, gerechtelijke termijnen zijn door een rechtbank vastgesteld en hierbij is rekening gehouden met de specifieke omstandigheden van een zaak;
  • verlengbare en niet-verlengbare termijnen: gerechtelijke termijnen kunnen worden verlengd, wettelijke termijnen kunnen niet worden verlengd;
  • subjectieve en objectieve termijnen: subjectieve termijnen vangen aan op het moment dat een rechthebbende over een bepaalde gebeurtenis is geïnformeerd of de mogelijkheid heeft gekregen een proceshandeling te verrichten, objectieve termijnen vangen aan op het moment dat een bepaalde objectieve omstandigheid aanvangt;
  • procedurele verjaringstermijnen en onderzoekstermijnen: aan het einde van een procedurele verjaringstermijn is het niet langer mogelijk een bepaalde proceshandeling effectief uit te voeren; een verlenging van de onderzoekstermijn heeft echter geen directe juridische gevolgen.

 

Bovenkant paginaBovenkant pagina

 

2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971.

Volgens Verordening nr. 1182/71 zijn werkdagen alle dagen die geen zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag zijn. De volgende dagen worden in de Sloveense wet aangemerkt als algemeen erkende feestdagen of vrije dagen:

  • 1 en 2 januari - Nieuwjaar;

  • 8 februari - Prešerendag, een Sloveense culturele feestdag;

  • 27 april - dag van verzet tegen de bezetting;

  • 1 en 2 mei - dagen van de arbeid;

  • 25 juni - nationale feestdag;

  • 1 november - Allerheiligen;

  • 26 december - onafhankelijkheidsdag.

Daarnaast kent de Republiek Slovenië nog de volgende algemeen erkende feestdagen:

  • Paaszondag en -maandag - Pasen;

  • Pinksterzondag - Pinksteren;

  • 15 augustus - Maria-Hemelvaart;

  • 31 oktober - Hervormingsdag;

  • 25 december - Kerstmis.

3. Waar zijn de algemene regels over termijnen in de verschillende civiele procedures te vinden? In welke wettelijke bronnen?

De algemene regels ten aanzien van procestermijnen in het Sloveense recht zijn vastgelegd in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, de ZPP ([2]). De bepalingen in artikel 110-112 en in artikel 116-121 van de ZPP zijn derhalve direct van toepassing op civiele procedures, en mutatis mutandis op voluntaire civiele procedures (artikel 37 van de Wet inzake voluntaire civiele procedures [3]), op procedures voor tenuitvoerlegging en zekerheidstelling (artikel 15 van de Wet inzake de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen in civiele zaken en zekerheidstelling van vorderingen [4]) en op procedures inzake verplichte geschillenregeling of faillissement door insolvabiliteit van een economische entiteit of de liquidatie daarvan (artikel 15 van de Wet inzake verplichte geschillenregeling, faillissement en liquidatie [5]).

Bovenkant paginaBovenkant pagina


[2] Officiële geconsolideerde versie gepubliceerd in de Staatscourant van de Republiek Slovenië, nr. 36/2004.

[3] Gepubliceerd in de Staatscourant van de Republiek Slovenië, nr. 30/1986.

[4] Officiële geconsolideerde versie gepubliceerd in de Staatscourant van de Republiek Slovenië, nr. 40/2004.

[5] Gepubliceerd in de Staatscourant van de Republiek Slovenië, nrs. 67/93, 39/97 en 52/99.

4. Indien een handeling of formaliteit moet worden uitgevoerd binnen een bepaalde termijn, op welk moment begint de termijn voor deze handeling of formaliteit dan te lopen (terminus a quo) (bijvoorbeeld datum van handeling, gebeurtenis, uitspraak of datum van betekening of kennisgeving)?

De gebeurtenis waarmee de termijn aanvangt, is in de meeste gevallen de betekening van een uitspraak, de handeling van een tegenpartij of een niet-procedurele gebeurtenis. Als de termijn wordt berekend in dagen, wordt de dag van betekening of kennisgeving of de dag waarop de gebeurtenis plaatsvindt waarmee de termijn aanvangt, niet meegeteld. De termijn begint dan op de eerstvolgende dag.

4.a) Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt betekend (persoonlijke betekening door een deurwaarder of per post)?

Volgens de Sloveense wet kunnen gerechtelijke stukken worden betekend via de post, via een functionaris van de rechtbank, bij de rechtbank of op een andere manier die in de wet is vastgelegd. Als een bepaalde termijn begint te lopen vanaf het moment van betekening, is de manier van betekening van de desbetreffende gerechtelijke stukken niet van invloed op de termijn. De termijn vangt, in overeenstemming met de wet, aan op het moment van betekening of op het moment dat de betekening geacht wordt te hebben plaatsgevonden.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen?

5.a) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de gebeurtenis, de uitspraak, de betekening en/of de kennisgeving waarmee de termijn aanvangt? Is de aanvangstijd van enige termijn op wat voor manier dan ook afhankelijk van de bevestiging of de kennisgeving van de handeling of gebeurtenis aan de ontvanger? Zo ja, op welke manier?

Als de termijn wordt berekend in dagen, wordt de dag van betekening of kennisgeving of de dag waarop de gebeurtenis plaatsvindt waarmee de termijn ingaat, niet meegeteld. De termijn vangt aan op de eerstvolgende dag (artikel 111, lid 2, van de ZPP). Een ontvangstbevestiging of kennisgeving van een gebeurtenis aan een ontvanger is nooit van invloed op de aanvang van een termijn.

5.b) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, omvat het aantal aangegeven dagen dan kalenderdagen of slechts werkdagen? Als een gerechtelijk stuk bijvoorbeeld op maandag 4 april aan een persoon wordt betekend met de eis dat binnen 14 dagen na de betekening moet worden gereageerd, betekent dit dan dat de persoon moet antwoorden voor:

i)  maandag 18 april 2005 (kalenderdagen) of

ii)  vrijdag 22 april 2005 (werkdagen)?

Een termijn die wordt uitgedrukt in dagen kent geen onderbrekingen en wordt berekend in kalenderdagen. De termijn wordt niet verlengd met het aantal niet-werkdagen die binnen deze termijn vallen (zaterdagen, zondagen, algemeen erkende feestdagen en andere vrije dagen), tenzij de laatste dag van een termijn een niet-werkdag is.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Hierbij moet worden opgemerkt dat er volgens artikel 83 van de Wet op de rechterlijke organisatie ([6]) geen procesrechttermijnen lopen tijdens de zomervakantie van de rechtbank die loopt van 15 juli tot 15 augustus, met uitzondering van dringende zaken (zoals zaken over schatkistpapieren, faillissementen, etc.).

In het voorbeeld loopt de termijn van 14 dagen om te reageren dus van de dag van betekening op 4 april tot en met maandag 18 april.


[6] Officiële geconsolideerde versie gepubliceerd in de Staatscourant van de Republiek Slovenië, nr. 23/2005.
5.c) En als de termijn wordt uitgedrukt in maanden of in jaren?

De aanvang en duur van een termijn die wordt uitgedrukt in maanden of in jaren wordt mutatis mutandis op dezelfde manier berekend.

5.d) Wanneer verstrijken dergelijke termijnen?

Een termijn in dagen verstrijkt aan het einde van de laatste dag van de termijn. Termijnen in maanden of in jaren verstrijken in de laatste maand of het laatste jaar aan het einde van de dag met hetzelfde getal als de dag waarop de termijn aanving. Als er in de laatste maand geen dag met hetzelfde getal voorkomt, eindigt de termijn op de laatste dag van die maand (artikel 111, lid 3, van de ZPP).

Gelden er voor bepaalde civiele procedures uitzonderingen of bijzonderheden ten aanzien van de aanvang van termijnen?

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Nee.

6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag of vrije dag, wordt deze dan verlengd tot de eerstvolgende werkdag? Geldt een dergelijke verlenging ook als de termijn in kwestie pas aanvangt na een toekomstige gebeurtenis?

Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag of vrije dag, verstrijkt de termijn volgens de wet aangaande vrije dagen op de eerstvolgende werkdag (artikel 111, lid 4, van de ZPP). Dit geldt ongeacht het moment of de reden van aanvang van de termijn.

7. Als het verzoek wordt gedaan bij een rechtbank op het continentale grondgebied van de lidstaat (voor staten met entiteiten buiten het continentale grondgebied), worden de termijnen dan verlengd voor personen die in een entiteit buiten het continentale grondgebied woonachtig zijn of verblijven of voor personen die in het buitenland woonachtig zijn of verblijven?

Slovenië bestaat uitsluitend uit een continentaal grondgebied en heeft geen entiteiten die hiervan geografisch gescheiden zijn. De jurisdictie is op het gehele continentale grondgebied gelijk. Er worden dus ook geen afwijkende termijnen gehanteerd.

8. En omgekeerd: als het verzoek wordt gedaan bij een rechtbank in een geografisch van het continent gescheiden entiteit, worden de termijnen dan verlengd voor personen die niet in deze entiteit woonachtig zijn of verblijven of voor personen die in het buitenland woonachtig zijn of verblijven?

Slovenië bestaat uitsluitend uit een continentaal grondgebied en heeft geen entiteiten die hiervan geografisch gescheiden zijn. De jurisdictie is op het gehele continentale grondgebied gelijk. Er worden dus ook geen afwijkende termijnen gehanteerd.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

9. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken?

In civielrechtelijke en handelszaken geldt voor hoger beroep tegen een gerechtelijke uitspraak in eerste aanleg een algemene termijn van vijftien dagen gerekend vanaf de datum van betekening van het afschrift van deze uitspraak, tenzij in de ZPP een andere termijn is bepaald. Er geldt een termijn van acht dagen voor hoger beroep bij zaken over schatkistpapieren of cheques, zaken aangaande inbreuk en zaken waarbij het gaat om kleine bedragen. De termijn van acht dagen geldt ook voor bezwaar tegen een betalingsbevel en voor de bekendmaking van hoger beroep tegen een uitspraak in handelszaken waarbij het gaat om kleine bedragen of het afgeven van een betalingsbevel. Verder gelden kortere termijnen voor de procedures aangaande tenuitvoerlegging en zekerheidstelling (artikel 9 van de Wet inzake de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen in civiele zaken en zekerheidstelling van vorderingen) en voor de procedure inzake insolvabiliteit en liquidatie van economische entiteiten (artikel 13 van de Wet inzake verplichte geschillenregeling, faillissement en liquidatie).

10. Kunnen gerechten in noodgevallen of om andere redenen de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde: kan de dagvaardingstermijn worden verlengd?

De Sloveense wet kent geen specifieke regels ten aanzien van het verkorten van procestermijnen. De regel is dat wettelijke termijnen niet door een rechtbank mogen worden verkort of verlengd. De duur van gerechtelijke termijnen wordt voor zover dit bij wet is vastgelegd of het proces dit vereist door de rechtbank vastgesteld op basis van de omstandigheden in de zaak. Een termijn die door een rechtbank is vastgesteld, kan in geval van gegronde redenen worden verlengd indien een van de partijen hierom voor het verstrijken van de termijn verzoekt (artikel 110 van de ZPP). Ook kan de vastgestelde termijn worden uitgesteld (artikel 115 van de ZPP).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

11. Als de betekening aan een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn?

De Sloveense wet voorziet niet in het recht op een verlengde termijn op basis van de woonplaats van een partij.

12. Wat zijn de gevolgen van het niet-naleven van termijnen?

Het meest ernstige gevolg van het niet-naleven van een termijn is 'uitsluiting'. Dit houdt in dat de partij het recht verliest een bepaalde proceshandeling uit te voeren (bijvoorbeeld in beroep te gaan). Dit gevolg treedt automatisch in werking op basis van de wettelijke regelgeving. Als een termijn is overschreden, kan ook worden aangenomen dat de partij de gegeven proceshandeling heeft uitgevoerd (bijvoorbeeld het rechtsgeding heeft gestaakt). Ook als het niet-naleven van een termijn volgens de wet geen directe gevolgen heeft, kan niet-naleving een beslissende invloed hebben op de uitkomst van het proces (bijvoorbeeld als een partij niet de benodigde middelen ter beschikking stelt om de te voorziene kosten voor het afnemen van een getuigenverhoor ten gunste van deze partij te dekken en de rechtbank het getuigenverhoor derhalve niet afneemt).

13. Als de termijn is verstreken, welke rechtsmiddelen hebben de niet-verschenen partijen dan nog?

Als een partij een termijn van een bepaalde proceshandeling heeft laten verstrijken en dit heeft geleid tot uitsluiting (waardoor de partij dus het recht verliest om de handeling uit te voeren), kan de rechtbank de partij op verzoek toestaan de handeling op een later tijdstip uit te voeren (terugkeer naar de eerdere toestand, artikelen 116-121 van de ZPP). De voorwaarden voor terugkeer naar de eerdere toestand zijn:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • dat de partij een gegronde reden had om niet binnen de termijn te handelen; deze reden wordt door de rechtbank beoordeeld en hierbij wordt rekening gehouden met alle bijzonderheden van de zaak;

  • dat het niet-naleven van de termijn heeft geleid tot uitsluiting;

  • dat de partij een verzoek om terugkeer naar de eerdere toestand indient bij de rechtbank waar deze de proceshandeling had moeten uitvoeren, binnen de daarvoor gestelde termijn van vijftien dagen vanaf de dag waarop de reden waarom de aanvankelijke termijn niet werd gehaald, is opgehouden te bestaan; of - indien de partij pas later op de hoogte was van het feit dat hij in gebreke is gebleven - vijftien dagen na de dag waarop hij hiervan op de hoogte was, doch niet later dan drie maanden na het verlopen van de aanvankelijke termijn en niet later dan dertig dagen in geval van handelszaken;

  • dat de partij de rechtshandeling waarvan de termijn is verstreken, uitvoert op hetzelfde moment als waarop hij het verzoek indient.

In de regel heeft een verzoek om terugkeer naar de eerdere toestand geen gevolgen voor de loop van het proces, maar de rechtbank kan besluiten het proces op te schorten totdat het besluit over het verzoek van kracht wordt. Nadat het verzoek om terugkeer naar de eerdere toestand binnen de gestelde termijn is ontvangen, stelt de rechtbank in de regel een datum vast waarop een beslissing over het verzoek zal worden genomen. Als terugkeer naar de eerdere toestand wordt toegewezen, vangt het proces weer aan op het punt waar het was gebleven voordat de termijn werd overschreden en worden alle beslissingen die de rechtbank heeft genomen ten gevolge van de overschreden termijn, nietig verklaard.

« Procestermijnen - Algemene informatie | Slovenië - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 15-01-2009

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk