Europese Commissie > EJN > Procestermijnen > Roemenië

Laatste aanpassing: 20-02-2008
Printversie Voeg toe aan favorieten

Procestermijnen - Roemenië

 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke termijnen worden gehanteerd? 1.
2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in de Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971. 2.
3. Waar zijn de algemene regels te vinden over termijnen in de verschillende civiele procedures? 3.
4. Vanaf welk moment begint een termijn voor een formele handeling te lopen? 4.
4.1. Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt bezorgd (zelf bezorgen, per deurwaarder of per post)? 4.1.
5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen? 5.
5.1. Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de bezorging of de gebeurtenis? 5.1.
5.2. Als de termijn is uitgedrukt in dagen, worden daar dan ook kalenderdagen mee bedoeld of alleen werkdagen? 5.2.
5.3. Als een termijn geldt van maanden of jaren? 5.3.
5.4. Wanneer verstrijken dergelijke termijnen? 5.4.
6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag, wordt deze dan verlengd tot de eerstvolgende werkdag? Geldt een dergelijke verlenging ook als de termijn in kwestie pas start na een toekomstige gebeurtenis? 6.
7. Als het verzoek wordt gedaan in het rechtsgebied van het moederland van de lidstaat (in lidstaten die gebieden hebben die buiten het moederland liggen of geografisch gescheiden gebieden 1), worden de termijnen dan verlengd voor personen die in een van deze gebieden wonen of verblijven of voor personen die in het buitenland wonen of verblijven? Zo ja, hoeveel tijd komt er dan bij? 7.
8. Omgekeerd, als het verzoek wordt gedaan in het rechtsgebied van een van die gebieden die geografisch gescheiden zijn van het moederland, worden de termijnen dan verlengd voor personen die niet in een van deze gebieden wonen of verblijven of voor personen die in het buitenland wonen of verblijven? 8.
9. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken? 9.
10. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens een andere oorzaak, de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde, kan de dagvaardingstermijn worden verlengd? 10.
11. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn? 11.
12. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen? 12.
13. Welke rechtsmiddelen hebben nalatige partijen als de termijn is verstreken? 13.

 

1. Welke termijnen worden gehanteerd?

Bijvoorbeeld: procestermijnen, verjaringstermijnen, vooraf vastgestelde termijnen enz.

In het burgerlijk recht zijn de termijnen een van de processuele aspecten van de rechtshandeling in brede zin.

In de rechtswetenschap wordt een termijn of tijdsbepaling omschreven als een toekomstige zekere gebeurtenis waarvan het intreden of vervallen van de werking van subjectieve rechten en de nakoming van verbintenissen afhankelijk is gesteld.

De relevante bepalingen zijn te vinden in de artikelen 1022 tot en met 1025 van de Codul civil (het Roemeense burgerlijk wetboek), of in de artikelen 101 tot en met 104 van de Codul de procedură civilă (het wetboek van burgerlijke rechtsvordering; hierna: “c.p.c.”).

Naar hun rechtsgevolgen kunnen termijnen in twee groepen worden verdeeld: door een opschortende termijn wordt het intreden van de werking van subjectieve rechten en de nakoming van de bijbehorende verplichtingen uitgesteld; door een ontbindende termijn wordt het tenietgaan van een subjectief recht en de nakoming van de bijbehorende verplichting uitgesteld.

Het voornaamste beginsel van de rechtsgevolgen van termijnen is dat de termijn enkel betrekking heeft op de uitvoering van een handeling, niet op het bestaan ervan.

Naar hun bron kunnen civielrechtelijke termijnen worden ingedeeld in wettelijke, gerechtelijke en contractuele termijnen, ongeacht of het gaat om procestermijnen, verjaringstermijnen of termijnen voor het verrichten van bepaalde handelingen. Wettelijke termijnen vloeien voort uit de wet. Ze zijn in het algemeen vast, wat wil zeggen dat ze niet kunnen worden verkort of verlengd door de rechter of de partijen in een geding. Gerechtelijke termijnen worden door de rechter in de loop van een geding opgelegd, bijvoorbeeld aan de partijen om te verschijnen, voor het horen van getuigen of voor het leveren van bewijs (bijvoorbeeld geschriften, deskundigenberichten en dergelijke). Contractuele termijnen kunnen tijdens een proces door de partijen zelf worden overeengekomen. Dat geldt bijvoorbeeld voor de termijn in artikel 341, lid 2, c.p.c. in verband met arbitrage.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Vanuit een zuiver processueel standpunt is de procestermijn in grote lijnen de periode waarbinnen bepaalde proceshandelingen moeten worden verricht, of omgekeerd, de periode waarin bepaalde proceshandelingen nog niet kunnen worden verricht.

Procestermijnen zijn maximumtermijnen of minimumtermijnen. Maximumtermijnen zijn termijnen waarvoor een bepaalde proceshandeling moet zijn verricht (bijvoorbeeld termijnen voor het indienen van een verzoek, zoals een beroepsschrift of cassatieschrift); minimumtermijnen zijn termijnen die voorkomen dat bepaalde proceshandelingen voor een bepaald tijdstip worden verricht.

Een ander criterium voor de indeling van termijnen houdt verband met de sancties voor het verzuim om de termijnen na te leven. Op grond daarvan kunnen de termijnen worden ingedeeld in absolute of relatieve termijnen. De niet-naleving van absolute termijnen heeft gevolgen voor de geldigheid van proceshandelingen; als relatieve termijnen (termijnen voor het wijzen van een vonnis, termijnen voor bepaalde geschriften en dergelijke) niet worden nageleefd, worden de proceshandelingen niet ongeldig, maar kunnen disciplinaire sancties of geldboetes worden opgelegd.

Afhankelijk van de duur kunnen termijnen worden uitgedrukt in uren, dagen, weken, maanden of jaren (zie artikel 101 c.p.c.). Daarnaast zijn er bepaalde omstandigheden waarvoor in de wet geen bepaald tijdstip (minuut, uur, dag enzovoort) is neergelegd. In plaats daarvan wordt verwezen naar een bepaald moment waarop de proceshandeling kan worden verricht (tenuitvoerlegging kan bijvoorbeeld worden betwist tot aan de laatste tenuitvoerleggingsbeslissing), of aangegeven dat de procesmaatregel 'neîntârziat' (onverwijld), 'de îndată' (terstond) of 'de urgenţă' (met de meeste spoed) moet worden genomen, zoals in de artikelen 383, 448 en 579 c.p.c.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in de Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971.

Volgens de Roemeense wet zijn alle zaterdagen en zondagen, nationale feestdagen (1 december, de Roemeense nationale feestdag, en 1 mei, de dag van de arbeid), de belangrijkste religieuze feesten (Kerstmis en de twee paasdagen van de Grieks-orthodoxe kalender) en de nieuwjaarsdagen 1 en 2 januari niet-werkdagen.

3. Waar zijn de algemene regels te vinden over termijnen in de verschillende civiele procedures?

Toepasselijke wetgeving in civiele zaken

De toepasselijke regelgeving inzake verjaringstermijnen is neergelegd in de artikelen 101 tot en met 104 c.p.c.:

Artikel 101

  1. Termijnen worden uitgedrukt in hele dagen. De dag waarop de termijn aanvangt en de dag waarop hij verstrijkt, worden niet meegerekend.
  2. In uren uitgedrukte termijnen beginnen te lopen vanaf middernacht van de daaropvolgende dag.
  3. In jaren, maanden of weken uitgedrukte termijnen verstrijken op de dag van het jaar, de maand of de week die overeenkomt met de aanvangsdag.
  4. Een termijn die begint te lopen op de 29e, 30e of 31e dag van een maand en verstrijkt in een kortere maand, wordt geacht te verstrijken op de laatste dag van de betreffende maand.
  5. Termijnen die verstrijken op erkende feestdagen of op dagen waarop niet wordt gewerkt, worden verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag.

Artikel 102

  1. Tenzij de wet anders bepaalt, beginnen termijnen te lopen op de dag dat proceshandelingen worden betekend.
  2. Voor de partij die betekening van de handeling heeft verzocht, beginnen de termijnen te lopen op de dag van het verzoek.

Artikel 103

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. Verzuim binnen de wettelijke termijn beroep in te stellen of enige proceshandeling te verrichten leidt tot verval van recht, tenzij de wet anders bepaalt of de betrokken partij aantoont dat het verzuim is veroorzaakt door omstandigheden die niet aan haar kunnen worden toegerekend.
  2. In dat laatste geval wordt de proceshandeling verricht binnen 15 dagen vanaf de dag van wegvallen van de belemmering. Binnen dezelfde termijn wordt met redenen omkleed de oorzaak van de belemmering aangegeven.

Artikel 104 - Voor processtukken die per post naar de rechtbank worden verstuurd, wordt de termijn geacht te zijn nageleefd als de stukken zijn geregistreerd voor postbezorging voordat de termijn is verstreken.

4. Vanaf welk moment begint een termijn voor een formele handeling te lopen?

(Bijvoorbeeld: de datum van de handeling, van de gebeurtenis of de beslissing, of de datum van betekening en/of sommatie)

Elke termijn heeft een aanvangspunt en een eindpunt, die worden gescheiden door de duur.

Voor het moment van aanvang bepaalt artikel 102, lid 1, c.p.c. dat een verjaringstermijn begint te lopen op de datum waarop de proceshandelingen worden betekend, tenzij de wet anders bepaalt.

In sommige gevallen kan de handeling waardoor het moment van aanvang wordt bepaald, door andere gelijkwaardige handelingen worden vervangen. Artikel 102, lid 2, bepaalt daarom dat de termijnen voor de partij die betekening heeft verzocht in het algemeen beginnen te lopen op de datum van het specifieke en uitdrukkelijke verzoek daartoe. Bovendien begint de termijn voor het instellen van beroep of cassatie uit hoofde van artikel 284, leden 2 en 3, en artikel 301 c.p.c. ook te lopen als de beslissing tegelijk met de sommatie tot nakoming wordt betekend. Als een partij hoger beroep of beroep in cassatie instelt voordat de beslissing is betekend, wordt de beslissing geacht te zijn betekend op de dag van instellen van het hoger beroep of beroep in cassatie. De dag van betekening als aanvangsmoment van de termijn wordt in deze gevallen dus vervangen door andere handelingen (bijvoorbeeld door het verzoek tot betekening van de handeling door de wederpartij, het instellen van hoger beroep of beroep in cassatie of de betekening van de sommatie tot nakoming).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Bij wijze van uitzondering op de algemene regel van artikel 102, lid 1, c.p.c. begint de termijn in sommige gevallen te lopen op andere momenten dan de datum van betekening, namelijk wanneer het vonnis wordt gewezen (artikel 22, laatste lid, artikel 252 en artikel 281 c.p.c.); wanneer bewijs wordt toegelaten (artikel 170 of artikel 186 c.p.c.); wanneer bepaalde handelingen worden bekendgemaakt (artikel 507 c.p.c.).

Het moment van verstrijken van een termijn is het moment waarop het rechtsgevolg van een termijn intreedt, in de zin dat de handeling waarvoor de termijn was gesteld, niet langer kan worden verricht (bij maximumtermijnen) of juist het moment vanaf waar bepaalde proceshandelingen kunnen worden verricht (bij minimumtermijnen).

4.1. Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt bezorgd (zelf bezorgen, per deurwaarder of per post)?

Als regel lopen termijnen ononderbroken vanaf het moment van aanvang tot het gestelde moment van verstrijken. Zij kunnen niet worden gestuit of geschorst. Het burgerlijk procesrecht bevat geen algemene bepalingen voor de schorsing van verjarings- en procestermijnen, maar in doctrine en jurisprudentie is voor alle maximumprocestermijnen aanvaard dat omstandigheden die niet aan de betrokken partij kunnen worden toegerekend – als bepaald in artikel 103 c.p.c. – een grond zijn om de termijn te schorsen. Andere bijzondere redenen voor schorsing kunnen zich bijvoorbeeld voordoen bij het instellen van beroep (artikelen 285 en 286 c.p.c.) of verjaringstermijnen (artikel 249 c.p.c.). De wet bepaalt ook dat procestermijnen en verjaringstermijnen kunnen worden gestuit. Voor verjaringstermijnen is dat neergelegd in artikel 250 c.p.c.. Na stuiting begint in alle gevallen een nieuwe termijn te lopen, ongeacht de periode die voor de stuiting was verstreken. Als de termijn is gestuit uit hoofde van artikel 103, lid 1, c.p.c., begint na opheffing van de belemmering een nieuwe termijn van 15 dagen te lopen, ongeacht de duur van de periode die voor stuiting is verstreken. In geval van schorsing loopt de termijn verder vanaf het moment waarop hij was onderbroken. De periode voorafgaand aan de schorsing wordt dus meegeteld.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Tot slot wordt de termijn van stukken die per post of door een deurwaarder worden bezorgd (zowel door als aan een rechtbank) uit hoofde van artikel 104 c.p.c. geacht te zijn nageleefd als de stukken zijn geregistreerd voor postbezorging voordat de termijn is verstreken. Als regel kan het moment van aanvang van een termijn dus niet worden beïnvloed of gewijzigd door de wijze waarop de stukken zijn verzonden of betekend (bezorgd door een deurwaarder of per post); in uitzonderlijke gevallen kan deze procedure echter worden beïnvloed door externe omstandigheden die niet aan de partij kunnen worden toegerekend. In dergelijke gevallen zijn de in de vorige vraag genoemde regels van toepassing.

5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen?

5.1. Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de bezorging of de gebeurtenis? 

Uit hoofde van artikel 101, lid 1, c.p.c. worden de in dagen uitgedrukte termijnen volgens een speciaal systeem berekend, namelijk op basis van volledige dagen, waarbij de eerste en de laatste dag van de periode (dies a quo en dies ad quem) niet meetellen. De regels in vraag 4 zijn van toepassing.

Is het moment van aanvang voor een termijn op een bepaalde manier afhankelijk van de ontvangst of het kennisnemen van de handeling door de ontvanger? Zo ja, hoe?

De in dagen uitgedrukte termijnen worden altijd berekend in volledige dagen, maar een stuk kan enkel worden ingediend wanneer de rechtbank geopend is voor het publiek. Om dit probleem te omzeilen, kan het processtuk ook per post worden verzonden. Op het postkantoor moeten datum en wijze waarop het stuk aan de geadresseerde is bezorgd, worden aangegeven.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5.2. Als de termijn is uitgedrukt in dagen, worden daar dan ook kalenderdagen mee bedoeld of alleen werkdagen?

Bijvoorbeeld als een persoon op maandag 4 april een document uitgereikt krijgt met de eis dat binnen 14 dagen vanaf uitreiking gereageerd moet worden, betekent dit dat de persoon moet antwoorden voor:

  1. maandag 18 april (kalenderdagen) of
  2. vrijdag 22 april (werkdagen)?

In Roemenië moet de betrokken persoon dan uiterlijk op 18 april reageren.

5.3. Als een termijn geldt van maanden of jaren?

Uit hoofde van artikel 101, leden 3 tot en met 5, c.p.c. verstrijken in jaren, maanden of weken uitgedrukte termijnen op de dag van het jaar, de maand of de week die overeenkomt met de aanvangsdag van de termijn.

Een termijn die begint te lopen op de 29e, 30e of 31e dag van een maand en verstrijkt in een kortere maand, wordt geacht te verstrijken op de laatste dag van de betreffende maand.

Een verjaringstermijn die verstrijkt op een erkende feestdag of op een dag waarop niet wordt gewerkt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag.

5.4. Wanneer verstrijken dergelijke termijnen?

In weken, maanden of jaren uitgedrukte termijnen verstrijken op de dag van de week, de maand of het jaar die overeenkomt met de aanvangsdag. Uit hoofde van artikel 101, lid 4, c.p.c. wordt een termijn die begint te lopen op de 29e, 30e of 31e dag van een maand en verstrijkt in een kortere maand, geacht te verstrijken op de laatste dag van de betreffende maand. Ongeacht de wijze waarop een termijn is gesteld, wordt een verjaringstermijn die verstrijkt op een erkende feestdag of op een dag waarop niet wordt gewerkt, verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag. In een dergelijk geval worden erkende feestdagen die binnen de termijn vallen, meegeteld.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Zijn er termijnen die een moment van aanvang kennen dat bij wijze van uitzondering of in het bijzonder van toepassing is in bepaalde civiele procedures?

Ja, zowel in het burgerlijk procesrecht als in het materieel burgerlijk recht zijn er bijzondere aanvangsmomenten die niet worden bepaald door de datum van betekening van het stuk, maar door voorafgaande identificeerbare momenten.

6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag, wordt deze dan verlengd tot de eerstvolgende werkdag? Geldt een dergelijke verlenging ook als de termijn in kwestie pas start na een toekomstige gebeurtenis? 

Ongeacht de wijze waarop een termijn is gesteld, wordt een verjaringstermijn die verstrijkt op een erkende feestdag of op een dag waarop niet wordt gewerkt, verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag. In een dergelijk geval worden erkende feestdagen die binnen de termijn vallen, meegeteld.

7. Als het verzoek wordt gedaan in het rechtsgebied van het moederland van de lidstaat (in lidstaten die gebieden hebben die buiten het moederland liggen of geografisch gescheiden gebieden 1), worden de termijnen dan verlengd voor personen die in een van deze gebieden wonen of verblijven of voor personen die in het buitenland wonen of verblijven? Zo ja, hoeveel tijd komt er dan bij? 

8. Omgekeerd, als het verzoek wordt gedaan in het rechtsgebied van een van die gebieden die geografisch gescheiden zijn van het moederland, worden de termijnen dan verlengd voor personen die niet in een van deze gebieden wonen of verblijven of voor personen die in het buitenland wonen of verblijven? 

9. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken? 

Ja, op sommige rechtsgebieden gelden bijzondere termijnen, bijvoorbeeld in arbeidsgeschillen; daarin zijn de termijnen voor de terechtzitting en voor het instellen van beroep verkort. Dat geldt ook voor de in wet nr. 248/2005 bedoelde gerechtelijke procedures inzake het vrij verkeer van personen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Er gelden ook verkorte termijnen in bepaalde zaken betreffende beschikkingen van de president van een gerecht krachtens de artikelen 581 en 582 c.p.c.

10. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens een andere oorzaak, de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde, kan de dagvaardingstermijn worden verlengd? 

Ja. Onder bepaalde uitzonderlijke omstandigheden kan de rechter de termijn verlengen (bijvoorbeeld krachtens artikel 303, lid 5, c.p.c. in geval van beroep in cassatie) of verkorten (bijvoorbeeld krachtens artikel 89, lid 1, c.p.c. in geval van oproeping van getuigen). Deze termijnen worden onvolmaakte wettelijke termijnen genoemd.

11. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn?

Deze kwestie wordt beheerst door de lex fori, dat wil zeggen het procesrecht van het rechtsgebied van de bevoegde rechtbank.

12. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen? 

Zoals eerder gezegd zijn proceshandelingen ongeldig als absolute termijnen niet worden nageleefd. Als relatieve termijnen (bijvoorbeeld termijnen voor het wijzen van vonnis of voor het opstellen van een beslissing) niet worden nageleefd, worden de proceshandelingen niet per definitie ongeldig, maar kunnen disciplinaire sancties of geldboetes worden opgelegd.

Mogelijke sancties in geval van niet-naleving van procestermijnen zijn:

  • vernietiging van de proceshandeling;
  • verval van het recht de handeling te verrichten;
  • verjaring van het verzoek aan de rechtbank;
  • verjaring van het recht op tenuitvoerlegging;
  • geldboetes;
  • disciplinaire sancties;
  • nogmaals verrichten of voltooien van de niet volgens de wettelijke regels verrichte handeling;
  • schadevergoeding aan de partij die door de schending van vormvereisten is benadeeld.

13. Welke rechtsmiddelen hebben nalatige partijen als de termijn is verstreken?

In zo’n geval vervalt het recht. Dat kan krachtens artikel 103 c.p.c. worden hersteld door de rechter. De betrokken partij moet dan een verzoek tot herstel in de vorige toestand indienen, onder vermelding van de omstandigheden waardoor zij verhinderd was de termijn na te leven. Dergelijke belemmeringen moeten onoverkomelijk zijn en niet aan de partij toerekenbaar.

Nadere inlichtingen

[1] Bijvoorbeeld de Azoren en Madeira voor Portugal, de overzeese departementen en gebiedsdelen voor Frankrijk, de Canarische Eilanden voor Spanje enzovoort.

« Procestermijnen - Algemene informatie | Roemenië - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 20-02-2008

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk