Europese Commissie > EJN > Procestermijnen > Nederland

Laatste aanpassing: 20-03-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Procestermijnen - Nederland

 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke termijnen worden gehanteerd? 1.
2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in de Verordening (EEG, Euratom) nr 1182/71 van 3 juni 1971 2.
3. Waar zijn te vinden de algemene regels over termijnen in de verschillende procedures? 3.
4. welk moment begint een termijn voor een formele handeling te lopen? 4.
4.a) Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt bezorgd (zelf bezorgen, per deurwaarder of per post)? 4.a)
5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen? 5.
5.a) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de bezorging of de gebeurtenis? 5.a)
5.b) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, omvat het aantal aangegeven dagen kalenderdagen of slechts werkdagen? 5.b)
5.c) Als een termijn geldt van maanden of jaren? 5.c)
5.d) Wanneer verstrijken dergelijke termijnen? 5.d)
6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag, wordt deze dan verlengd tot de eerst volgende werkdag? Geldt een dergelijke verlenging ook als de termijn in kwestie pas start na een toekomstige gebeurtenis? 6.
7. Als het verzoek wordt gedaan in het rechtsgebied van Nederland, worden de termijnen verlengd voor de personen die in de Nederlandse Antillen, Aruba of buiten Nederland wonen? 7.
8. En het tegenovergestelde van 7: als het verzoek gedaan wordt bij het Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, worden termijnen verlengd voor personen die daar niet hun woonplaats hebben of voor personen die hun woonplaats in het buitenland hebben? 8.
9. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken? 9.
10. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens een andere oorzaak, de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting. En het tegenovergestelde, kan de dagvaardingstermijn worden verlengd? 10.
11. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn? 11.
12. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen? 12.
13. Als de termijn is verstreken, welke rechtsmiddelen hebben de niet-verschenen partijen? 13.

 

1. Welke termijnen worden gehanteerd?

Het burgerlijk procesrecht kent in grote lijnen de volgende groepen termijnen:

  1. Minimumtermijnen, voor dagvaarding van de wederpartij en oproeping van eventuele derden en getuigen in het geding. De gewone termijn is ten minste 1 week. Ook voor oproeping van belanghebbenden in verzoekschriftprocedures geldt in beginsel een termijn van ten minste 1 week, echter tenzij de rechter anders bepaalt.

  2. Maximumtermijnen, voor het instellen van rechtsmiddelen. Voor het rechtsmiddel verzet geldt een gewone termijn van 4 weken. Voor hoger beroep en cassatie gelden in het algemeen termijnen van 3 maanden. Voor herroeping geldt eveneens een termijn van 3 maanden.

  3. Termijnen voor het verrichten van proceshandelingen door partijen en voor beslissingen van de rechter. Deze variëren in het algemeen van 2 tot 6 weken. Voor het verrichten van proceshandelingen kan onder bepaalde voorwaarden uitstel worden verleend door de rechter.

  4. Verjaringstermijnen, voor het instellen van rechtsvorderingen en voor het uitoefenen van de bevoegdheid tot executie. De algemene verjaringstermijn is 20 jaar. In zeer veel gevallen geldt echter een kortere verjaringstermijn van 5 jaar. Dwangsommen verjaren al 6 maanden na de dag van verbeuren. Door stuiting wordt een lopende verjaring afgebroken, waarna een nieuwe verjaringstermijn kan beginnen te lopen. Zo kan de verjaring van de bevoegdheid tot executie bij voorbeeld worden gestuit door betekening van de uitspraak of door enige daad van tenuitvoerlegging.

    Bovenkant paginaBovenkant pagina

2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in de Verordening (EEG, Euratom) nr 1182/71 van 3 juni 1971

Naast de vrije zaterdagen en zondagen geeft de Algemene Termijnenwet de volgende dagen als algemeen erkende feestdagen aan:

Nieuwjaarsdag1 januari
Goede Vrijdagvrijdag voor Pasen
Tweede Paasdagmaandag na Paaszondag
Hemelvaartsdagdonderdag 40 dagen na Pasen
Tweede Pinksterdagmaandag na Pinksterzondag
Eerste en Tweede Kerstdag25 en 26 december
Koninginnedag (viering verjaardag Koning)30 april
Bevrijdingsdag5 mei

3. Waar zijn te vinden de algemene regels over termijnen in de verschillende procedures?

De onder 1a. genoemde termijnen zijn vermeld in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Zie art. 114-119 en 276 (oproeping van partijen en derden) en art. 170 en 284 (oproeping van getuigen).

De onder 1b. genoemde termijnen vindt men daar eveneens. Zie art. 143 (verzet), art. 339 en 358 (hoger beroep), art. 402 en 426 (cassatie) en art. 383 en 391 (herroeping) .

De onder 1c. genoemde termijnen zijn ten dele verspreid in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering te vinden, maar deze zijn verder uitgewerkt in de rolreglementen van de gerechten. Zo kent het Landelijk reglement voor de civiele rol bij de rechtbanken termijnen van 6 weken voor het verrichten van proceshandelingen door partijen en het wijzen van vonnis, terwijl de kantonrechters ingevolge het Landelijk reglement voor de civiele rol van de kantonsectoren in beginsel werken met termijnen van 4 weken.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De verjaringstermijnen (1d.) zijn geregeld in het Burgerlijk Wetboek (art. 3:306-325 BW).

Voor wettelijke termijnen gelden voorts de regels van de Algemene termijnenwet.

4. welk moment begint een termijn voor een formele handeling te lopen?

Oproeping

Niet van toepassing

Rechtsmiddelen

De termijn voor het rechtsmiddel verzet (alleen mogelijk tegen verstekvonnissen) kent drie verschillende aanvangstijdstippen:

  1. betekening aan de veroordeelde in persoon

  2. bij een andere wijze van betekening: het verrichten door de veroordeelde van een daad van bekendheid met het vonnis of de aangevangen executie

  3. buiten deze gevallen: voltooiing van de executie van het vonnis.

De termijn voor hoger beroep en cassatie van vonnissen wordt berekend van de dag van de uitspraak.

De termijn voor hoger beroep en cassatie van beschikkingen wordt voor de verzoeker en de in de procedure verschenen belanghebbenden berekend van de dag van de uitspraak, maar voor andere belanghebbenden na de betekening of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

De termijn voor herroeping van vonnissen en beschikkingen vangt aan nadat de grond voor herroeping is ontstaan én de eiser of verzoeker daarmee bekend is geworden, maar in ieder geval niet voordat de beslissing in kracht van gewijsde is gegaan, dat wil zeggen niet meer vernietigd kan worden door verzet, hoger beroep of cassatie.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Steeds is de eerste dag na de beslissende gebeurtenis de eerste dag van de termijn.

Proceshandelingen

De vaste termijnen voor het verrichten van proceshandelingen lopen in het algemeen vanaf de vorige roldatum in hele weken. Na een rolzitting op woensdag komt de zaak bij voorbeeld 4 weken later weer op woensdag op de rol.

Als de zaak van de rol af is voor bij voorbeeld bewijslevering, bepaalt de rechter daarna de dag waarop de zaak weer op de rol zal komen.

Verjaring

De aanvang van verjaringstermijnen van rechtsvorderingen hangt af van de aard van de rechtsvordering. Zo verjaart een vordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst tot een geven of een doen door verloop van 5 jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden. Ander voorbeeld: de vordering tot opheffing van een onrechtmatige toestand verjaart 5 jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de onmiddellijke opheffing van die toestand gevorderd kan worden.

De bevoegdheid tot executie verjaart in beginsel door verloop van 20 jaren na de aanvang van de dag, volgende op die van de uitspraak.

Gemeenschappelijk is dat de eerste dag na de beslissende gebeurtenis de eerste dag van de termijn is.

4.a) Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt bezorgd (zelf bezorgen, per deurwaarder of per post)?

Nee. Wel is in sommige gevallen de wijze van bekend worden met de uitspraak van invloed op het aanvangstijdstip voor het instellen van een rechtsmiddel. Zie hierboven bij 4.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen?

5.a) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de bezorging of de gebeurtenis?

Nee. De termijn begint op de volgende dag.

5.b) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, omvat het aantal aangegeven dagen kalenderdagen of slechts werkdagen?

Bijvoorbeeld als een persoon op maandag 4 april een document uitgereikt krijgt met de eis dat binnen 14 dagen vanaf uitreiking gereageerd moet worden, betekent dit dat de persoon moet antwoorden voor

maandag 18 april (kalenderdagen) of

voor vrijdag 22 april (werkdagen)/

De Nederlandse wet werkt – tenzij anders aangegeven – met kalenderdagen. De Algemene termijnenwet bepaalt echter dat een termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is. In het voorbeeld zou geantwoord moeten worden vóór maandag 18 april, maar wordt de termijn dus verlengd tot en met maandag 18 april.

Verder wordt een in een wet gestelde termijn van ten minste 3 dagen zo nodig zoveel verlengd, dat daarin ten minste 2 dagen voorkomen die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag zijn.

5.c) Als een termijn geldt van maanden of jaren?

Ook hier geldt: kalendermaanden en kalenderjaren. Hoger beroep van een vonnis dat is uitgesproken op 26 februari moet worden ingesteld uiterlijk op 26 mei, tenzij dit een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag mocht zijn, in welk geval de termijn wordt verlengd (zie onder 5b.). Hoger beroep van een vonnis dat is uitgesproken op 31 maart moet worden ingesteld uiterlijk op 30 juni, tenzij dit een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag mocht zijn, in welk geval de termijn wordt verlengd.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5.d) Wanneer verstrijken dergelijke termijnen?

Oproeping

Niet van toepassing

Rechtsmiddelen

In dagvaardingsprocedures worden rechtsmiddelen ingesteld door het uitbrengen van een dagvaarding. De deurwaarder mag – behoudens verlof van de rechter voor wie wordt opgeroepen – het dagvaardingsexploot niet na 20.00 uur uitbrengen. De laatste dag van de termijn eindigt dus feitelijk om 20.00 uur.

N.B. In deze procedures dient er voorts rekening mee te worden gehouden dat bij de berekening van de dagvaardingstermijn niet alleen de dag van dagvaarding, maar ook de dag waartegen wordt opgeroepen (de eerste roldatum) niet meetelt. De minimale oproepingstermijn moet dus tussen die twee data worden gehaald.

In verzoekschriftprocedures worden rechtsmiddelen ingesteld door indiening van een verzoekschrift ter griffie. Dat kan per post of door afgifte tijdens de openingstijden en per fax tot 24.00 uur van de laatste dag.

N.B. Voor hoger beroep in familiezaken geldt een iets ander aanvangstijdstip dan voor hoger beroep in andere verzoekschriftprocedures (zie onder 4. Rechtsmiddelen). Hoger beroep kan in deze zaken worden ingesteld door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak en door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Proceshandelingen

Als een zaak op de rol staat voor het indienen van processtukken geldt het volgende. Bij de sector civiel van de rechtbank worden processtukken ingediend ter terechtzitting. Wordt geen terechtzitting gehouden omdat de rol schriftelijk wordt gehouden, dan worden de stukken ingediend ter griffie vóór of op de roldatum.

Bij de sector kanton is er altijd een zitting, omdat proceshandelingen hier ook mondeling mogen worden verricht. Processtukken worden ingediend ter zitting of vóór de roldatum ter griffie.

Het indienen ter griffie kan per post of door afgifte tijdens de openingstijden en per fax tot 24.00 uur.

Verjaring

Zie onder 4. Verjaring. Bij sommige rechtsvorderingen is het moment van bekend worden met een bepaald gegeven van belang. Voorbeeld: Een rechtsvordering uit onverschuldigde betaling verjaart door verloop van 5 jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de schuldeiser zowel met het bestaan van de vordering als met de persoon van de ontvanger is bekend geworden en in ieder geval 20 jaren nadat de vordering is ontstaan.

6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of erkende feestdag, wordt deze dan verlengd tot de eerst volgende werkdag? Geldt een dergelijke verlenging ook als de termijn in kwestie pas start na een toekomstige gebeurtenis?

Een termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is. Maar dit geldt niet voor termijnen, bepaald door terugrekening vanaf een tijdstip of een gebeurtenis, aldus de Algemene termijnenwet. Met andere woorden: de regel geldt voor maximumtermijnen en niet voor minimumtermijnen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

N.B. Voor termijnen uitgedrukt in meer dan 3 maanden of in 1 of meer jaren geldt de verlenging van de Algemene termijnenwet niet.

7. Als het verzoek wordt gedaan in het rechtsgebied van Nederland, worden de termijnen verlengd voor de personen die in de Nederlandse Antillen, Aruba of buiten Nederland wonen?

Er gelden afwijkende oproepingstermijnen als volgt.

Heeft de gedaagde in een dagvaardingsprocedure een bekende woonplaats of een bekend werkelijk verblijf buiten Nederland in een Staat waar de Betekeningsverordening van de Raad van de EU van 29 mei 2000 (PbEG L160/37) van toepassing is, of in een Staat die in Europa is gelegen en die partij is bij het Haags Betekeningsverdrag van 1965 (Trb. 1966, 91), dan is de termijn van dagvaarding ten minste 4 weken.

Heeft de gedaagde noch in Nederland, noch in een staat als hierboven vermeld een bekende woonplaats of een bekend werkelijk verblijf, dan is de termijn van dagvaarding ten minste 3 maanden. Dit laatste is ook van toepassing op inwoners van de Nederlandse Antillen en Aruba; deze zijn geen lid van de EU.

Voor het rechtsmiddel verzet geldt een termijn van 8 weken in plaats van de gewone termijn van 4 weken, als de bij verstek veroordeelde op het aanvangstijdstip van de termijn (zie onder 4. Rechtsmiddelen) geen bekende woonplaats of bekend werkelijk verblijf in Nederland heeft, maar zijn woonplaats of werkelijk verblijf buiten Nederland bekend is.

In verzoekschriftprocedures gaan de oproepingen van de griffier uit. Zij worden zo spoedig mogelijk en ten minste 1 week voor de zitting verzonden, tenzij de rechter anders bepaalt. In gevallen waarin de verzoeker of belanghebbenden in het buitenland wonen, zal de rechter bij het bepalen van de termijn daarmee rekening (kunnen) houden.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

8. En het tegenovergestelde van 7: als het verzoek gedaan wordt bij het Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, worden termijnen verlengd voor personen die daar niet hun woonplaats hebben of voor personen die hun woonplaats in het buitenland hebben?

Volgens het per 1 augustus 2005 in werking getreden vernieuwde Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering voor de Nederlandse Antillen en Aruba (Publicatieblad A° 2005 N° 59) stelt de eiser zijn vordering in door een verzoekschrift in te dienen bij het gerecht van eerste aanleg. Als de eiser niet kan schrijven, mag hij zijn vordering mondeling voordragen aan de rechter, die haar in geschrifte brengt of doet brengen. Vervolgens schrijft de griffier de zaak in in het algemeen register. De zaak is aanhangig vanaf deze dag van inschrijving. Daarna bepaalt de rechter dag en uur waarop de zaak zal dienen. De gedaagde wordt vervolgens op last van de rechter opgeroepen bij deurwaardersexploot. Er is geen minimumtermijn voor oproeping bepaald. De rechter kan in voorkomende gevallen rekening houden met gedaagden die in het buitenland wonen.

In verzoekschriftprocedures lijkt de gang van zaken meer op die in Nederland. De oproepingen gaan van de griffier uit. Zij worden zo spoedig mogelijk en ten minste 2 weken voor de zitting verzonden, tenzij de rechter anders bepaalt. Ook hier is het dus aan de rechter rekening te houden met verzoekers en belanghebbenden die in het buitenland wonen.

9. Gelden afwijkende termijnen voor bepaalde civielrechtelijke zaken?

In kort geding (spoedprocedure) gelden kortere termijnen voor hoger beroep en cassatie dan de gebruikelijke 3 maanden, namelijk respectievelijk 4 en 8 weken.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

10. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens een andere oorzaak, de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting. En het tegenovergestelde, kan de dagvaardingstermijn worden verlengd?

Oproeping

Dagvaardingstermijnen kunnen op verzoek van de eiser door de rechter, zo nodig onder het stellen van voorwaarden, worden verkort. In kort geding wordt pas gedagvaard nadat de voorzieningenrechter dag en uur van de behandeling heeft bepaald; dit kan eventueel zelfs op zondag zijn. Zo nodig kan op zeer korte termijn worden opgeroepen. Ook in verzoekschriftprocedures kan de rechter een kortere oproepingstermijn bepalen.

Dagvaardingstermijnen kunnen door de rechter niet worden verlengd. In verzoekschriftprocedures kan de rechter wel een langere oproepingstermijn bepalen (zie onder 7. en 8.).

Proceshandelingen

Termijnen voor het verrichten van proceshandelingen door partijen kunnen door de rechter worden verlengd wanneer daarom door partijen gezamenlijk wordt gevraagd. Bij een eenzijdig verzoek wordt uitstel slechts verleend op grond van klemmende redenen of overmacht. Klemmende redenen zijn bij voorbeeld feitelijke of juridische ingewikkeldheid van de zaak, het wachten op de uitspraak in een andere relevante procedure, ziekte of vakantie van de partij zelf of van diens advocaat.

11. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn?

Indien de gedaagde in Nederland geen bekende woonplaats of bekend werkelijk verblijf heeft, gelden de verlengde dagvaardingstermijnen voor buitenlanders (zie onder 7.) niet als de dagvaarding in Nederland wordt uitgebracht aan de gedaagde in persoon, of aan een door de gedaagde voor deze zaak gekozen woonplaats. De termijn is dan ten minste 1 week.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

12. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen?

Oproeping

Wanneer op een te korte termijn is gedagvaard, is de dagvaarding bij niet verschijnen van gedaagde nietig. Verschijnt gedaagde wel en beroept hij zich op het gebrek, dan kan de rechter eventueel herstel van het gebrek op kosten van de eisende partij bevelen. Verschijnt gedaagde en beroept hij zich niet op het gebrek, dan is het gebrek gedekt.

Verschijnt de gedaagde niet op de eerste roldatum, dan wordt de dagvaarding op nietigheden gecontroleerd. Als de dagvaarding in orde is, wordt tegen de gedaagde verstek verleend en wordt in het algemeen de vordering bij verstek toegewezen.

Rechtsmiddelen

Wordt de termijn voor het instellen van een rechtsmiddel overschreden, dan is de sanctie niet-ontvankelijkheid. De onderliggende rechterlijke beslissing krijgt kracht van gewijsde.

Proceshandelingen

Wanneer een proceshandeling niet binnen de daarvoor gestelde termijn wordt verricht, kan onder bepaalde voorwaarden uitstel daarvoor worden verkregen (zie onder 10.). Als geen uitstel kan worden verkregen, vervalt het recht om de proceshandeling te verrichten.

Verjaring

Heeft de belanghebbende partij de termijn voor het instellen van een rechtsvordering laten verlopen, dan is het door de rechtsvordering beschermde vorderingsrecht op zichzelf blijven bestaan. Het kan echter niet meer in rechte worden geëffectueerd. Er blijft slechts een zogenaamde natuurlijke verbintenis over.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

13. Als de termijn is verstreken, welke rechtsmiddelen hebben de niet-verschenen partijen?

Oproeping

De gedaagde die niet op de eerste roldatum is verschenen, wordt doorgaans bij verstek veroordeeld. Totdat het eindvonnis is gewezen kan deze gedaagde zijn verstek zuiveren door zich alsnog als partij in het geding te stellen. Nadat het eindvonnis is gewezen kan de bij verstek veroordeelde het rechtsmiddel verzet instellen.

In verzoekschriftprocedures bestaan verstek, zuivering en verzet niet. De niet verschenen belanghebbende kan hoger beroep instellen.

Rechtsmiddelen

Termijnen voor het instellen van rechtsmiddelen worden ambtshalve gehandhaafd. De rechter is hier zeer streng in het belang van de rechtszekerheid. De Hoge Raad heeft echter enige versoepeling aangebracht ten behoeve van het hoger beroep in verzoekschriftprocedures. Het beroepschrift moet de gronden van het beroep inhouden, maar in gevallen waarin de beschikking wel is uitgesproken maar nog niet is toegezonden en de appellant dus niet beschikt over de motivering, is het toegestaan de gronden van het beroep in een later, aanvullend beroepschrift voor te dragen. Het beroep zelf moet echter binnen de termijn zijn ingesteld. Slechts in een enkel geval van een dubbele fout van het gerecht is de termijn verlengd met 14 dagen na ontvangst van de beschikking, namelijk als degene die het beroep instelt niet wist en niet had kunnen weten wanneer de beschikking zou worden gegeven ten gevolge van een fout van (de griffier van) het gerecht én de beschikking pas is toegezonden of verstrekt na afloop van de beroepstermijn, ten gevolge van een hem niet aan te rekenen fout.

In dagvaardingsprocedures hoeft de appeldagvaarding de gronden van het beroep niet te bevatten; deze worden pas later in het geding voorgedragen.

Proceshandelingen

Voor het verrichten van proceshandelingen kan onder bepaalde omstandigheden uitstel worden gevraagd (zie onder 10.). Wordt geen uitstel verkregen, dan vervalt het recht om de proceshandeling te verrichten.

Verjaring

Voor het laten verlopen van verjaringstermijnen bestaat – behoudens tijdige stuiting (zie onder 1. d.) – geen remedie.

« Procestermijnen - Algemene informatie | Nederland - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 20-03-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk