Europese Commissie > EJN > Procestermijnen > Frankrijk

Laatste aanpassing: 19-12-2008
Printversie Voeg toe aan favorieten

Procestermijnen - Frankrijk

 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke termijnen worden gehanteerd in het burgerlijk procesrecht? 1.
2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971 2.
3. Welke algemene regels zijn van toepassing bij het bepalen van de termijnen in privaatrecht en handelsrecht? 3.
4. Indien een handeling of formaliteit binnen een bepaalde termijn moet worden uitgevoerd, op welk moment begint de termijn hiervoor dan te lopen ('dies a quo') (bijvoorbeeld de datum van een handeling, een gebeurtenis, een beslissing of een kennisgeving)? 4.
a) Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt bezorgd (persoonlijke kennisgeving door een deurwaarder of kennisgeving per post)? a)
5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen? 5.
a) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de gebeurtenis, de beschikking, of vanaf de datum van de betekening en/of aankondiging? a)
b) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, omvat de aangegeven termijn dan kalenderdagen of slechts werkdagen? b)
c) Welke regels gelden als een termijn wordt uitgedrukt in maanden of in jaren? c)
d) Wanneer verstrijken dergelijke termijnen? d)
6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag of vrije dag, wordt deze dan verlengd tot de eerstvolgende werkdag? 6.
7. Als het verzoek wordt gedaan in het continentale rechtsgebied van een van de lidstaten (voor staten met entiteiten die geografisch gescheiden zijn van het moederland), worden de termijnen dan verlengd voor personen die in een dergelijke entiteit of in het buitenland wonen? Zo ja, in welke mate? 7.
8. En het tegenovergestelde: als het verzoek gedaan wordt bij een gerecht in een geografisch van het continent gescheiden entiteit, worden de termijnen dan verlengd voor personen die niet in deze entiteit wonen/verblijven of voor entiteiten of personen die woonachtig zijn in het buitenland of daar verblijven? 8.
9. Gelden er afwijkende beroepstermijnen voor bepaalde burgerlijke of handelszaken? 9.
10. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens andere redenen de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde: kan de dagvaardingstermijn worden verlengd? 10.
11. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn? 11.
12. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen? 12.
13. Welke rechtsmiddelen hebben de partijen als de termijn is verstreken? 13.

 

1. Welke termijnen worden gehanteerd in het burgerlijk procesrecht?

Naast de proceduretermijnen bestaan er in het Franse recht verjaringstermijnen en vervaltermijnen.

De verjaringstermijn is de termijn aan het einde waarvan een persoon een zakelijk recht kan verkrijgen (dit wordt een 'acquisitieve verjaringstermijn' genoemd) ofwel dit recht, zonder het te hebben uitgeoefend, verliest (men spreekt hier van een 'extinctieve verjaringstermijn'). De verjaringstermijn kan worden opgeschort of gestuit.

De vervaltermijn beperkt de duur van de uitoefening van een recht. Deze termijn komt overeen met het Angelsaksische begrip 'limitation of action'. De vervaltermijn kan niet worden opgeschort. In principe kan deze termijn ook niet worden gestuit. Volgens artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek wordt de termijn echter wel gestuit door bepaalde handelingen, zoals de dagvaarding voor het gerecht, een bevel of een beslag.

De proceduretermijnen zijn van toepassing op de handelingen van de rechterlijke instantie waar de zaak voorligt. Deze zijn bij wet vastgelegd of vastgesteld door de rechter. In tegenstelling tot de vervaltermijnen, betekent het einde van een proceduretermijn niet het einde van de uitoefening van een recht. Proceduretermijnen kunnen niet worden gestuit of opgeschort.

2. Lijst van feestdagen die worden aangemerkt als niet-werkdag zoals voorgeschreven in Verordening (EEG, Euratom) nr. 1182/71 van 3 juni 1971

Algemeen erkende feestdagen volgens de huidige voorschriften zijn:

  • zondagen
  • 1 januari
  • Tweede Paasdag
  • 1 mei
  • 8 mei
  • Hemelvaartsdag
  • Tweede Pinksterdag
  • 14 juli
  • Maria-Hemelvaart (15 augustus)
  • Allerheiligen (1 november)
  • 11 november
  • Eerste Kerstdag (25 december)

In bepaalde departementen en territoriale gemeenschappen gelden nog andere feestdagen. De afschaffing van de slavernij wordt gevierd op: 27 mei in Guadeloupe, 10 juni in Guyana, 22 mei in Martinique, 20 december in Réunion en 27 april in Mayotte.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

In de departementen van Alsace en Moselle gelden Tweede Kerstdag en Goede Vrijdag ook als feestdag.

3. Welke algemene regels zijn van toepassing bij het bepalen van de termijnen in privaatrecht en handelsrecht?

In het gemene recht geldt volgens artikel 2262 van het Burgerlijk Wetboek een verjaringstermijn van 30 jaar. Hierop zijn echter diverse uitzonderingen, met name op het gebied van niet-contractuele, wettelijke aansprakelijkheid, waarvoor de verjaringstermijn is vastgesteld op 10 jaar gerekend vanaf het moment dat de schade wordt toegebracht of verergerd.

Er wordt momenteel echter gewerkt aan een wetswijziging betreffende de verjaringstermijn in burgerlijke zaken. Er ligt een wetsvoorstel dat door de Senaat is aangenomen (maar nog niet door de Assemblée Nationale) om de extinctieve verjaringstermijn in het gemene recht te verlagen tot vijf jaar.

De duur van de vervaltermijnen en de proceduretermijnen is afhankelijk van de aard van de zaak en van de procedure.

4. Indien een handeling of formaliteit binnen een bepaalde termijn moet worden uitgevoerd, op welk moment begint de termijn hiervoor dan te lopen ('dies a quo') (bijvoorbeeld de datum van een handeling, een gebeurtenis, een beslissing of een kennisgeving)?

Artikel 640 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat de proceduretermijnen waarbij voor het einde van de termijn een handeling of formaliteit moet worden uitgevoerd, aanvangen op de datum van de handeling, de gebeurtenis, de beslissing of de kennisgeving die deze termijn doet ingaan.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Deze regel geldt behoudens enkele uitzonderingen ook voor de verjarings- en vervaltermijnen. Zo geldt volgens artikel 2270-1 van het Burgerlijk Wetboek voor niet-contractuele, wettelijke aansprakelijkheid een termijn van 10 jaar gerekend vanaf het moment dat de schade wordt toegebracht of verergerd.

a) Is het moment waarop een termijn begint te lopen afhankelijk van de manier waarop het document wordt bezorgd (persoonlijke kennisgeving door een deurwaarder of kennisgeving per post)?

Volgens artikel 653 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is de datum van de kennisgeving de dag waarop deze door een gerechtsdeurwaarder wordt gedaan in persoon, aan de woonplaats of de verblijfplaats, of waarop de gerechtsdeurwaarder het proces-verbaal opstelt waarin wordt aangegeven welke stappen zijn ondernomen om de geadresseerde te vinden.

Volgens artikel 668 en 669 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is de datum van kennisgeving per post, de datum van verzending voor de afzender en de datum van ontvangst voor de geadresseerde. Als verzenddatum van een kennisgeving per post geldt de datum van het stempel van de uitgevende instantie. De datum van afgifte is de datum van het ontvangstbewijs of van de kanttekening. De datum van ontvangst van een kennisgeving per aangetekend schrijven met bewijs van ontvangst is de datum van het poststempel dat door de post wordt aangebracht bij overhandiging van de brief aan de geadresseerde.

In afwijking hiervan stelt artikel 647-1 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering dat de datum van kennisgeving van een akte in een overzeese gemeenschap, in Nieuw-Caledonië of in het buitenland, voor de afzender de datum is waarop de gerechtsdeurwaarder of de griffie de akte heeft verzonden, of bij ontstentenis daarvan, de datum van ontvangst door het bevoegde parket.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5. Vanaf wanneer begint een termijn te lopen?

a) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, begint de termijn dan te lopen vanaf de datum van de handeling, de gebeurtenis, de beschikking, of vanaf de datum van de betekening en/of aankondiging?

Volgens artikel 641 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering begint een termijn die in dagen is uitgedrukt, te lopen op de dag volgend op de dag van de handeling, de gebeurtenis, de beschikking of de kennisgeving.

De wijze van kennisgeving is niet van invloed op het begin van de termijn. Indien de akte niet in persoon is overhandigd, kan de datum van de betekening in persoon of van de op de akte gebaseerde executiemaatregelen worden aangehouden als begindatum van de termijn.

b) Als de termijn is uitgedrukt in dagen, omvat de aangegeven termijn dan kalenderdagen of slechts werkdagen?

Als een persoon bijvoorbeeld op maandag 4 april een document uitgereikt krijgt met de eis dat binnen 14 dagen na uitreiking moet worden gereageerd, betekent dit dan dat de persoon moet antwoorden:

  1. voor maandag 18 april (kalenderdagen) of
  2. voor vrijdag 22 april (werkdagen)?

Artikel 642 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat een termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag of vrije dag verstrijkt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag.

Dit betekent dat de termijn doorloopt op zon- en feestdagen, maar dat deze wordt verlengd indien de laatste dag van de termijn een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag of vrije dag is.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

c) Welke regels gelden als een termijn wordt uitgedrukt in maanden of in jaren?

Artikel 641 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat een termijn die wordt uitgedrukt in maanden of jaren, verstrijkt op de dag van de laatste maand of van het laatste jaar die hetzelfde getal heeft als de datum van de handeling, de gebeurtenis, de beschikking of de kennisgeving waarmee de termijn aanvangt. Als er in die maand of in dat jaar geen dag voorkomt met hetzelfde getal, verstrijkt de termijn op de laatste dag van de maand.

Indien een termijn wordt uitgedrukt in maanden en in dagen, worden eerst de maanden afgeteld en vervolgens de dagen.

De verlenging die is vastgelegd in artikel 642 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (zie de vorige vraag) geldt voor elke termijn, ongeacht of deze wordt uitgedrukt in dagen, maanden of jaren.

d) Wanneer verstrijken dergelijke termijnen?

Volgens artikel 642 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering verstrijkt elke termijn op de laatste dag om 24.00 uur, behalve wanneer de termijn wordt verlengd omdat deze verstrijkt op een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag of vrije dag.

Zoals eerder aangegeven begint elke termijn op de dag na de datum van de handeling, de gebeurtenis, de beschikking of de kennisgeving waarmee deze aanvangt.

6. Als de termijn verstrijkt op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag of vrije dag, wordt deze dan verlengd tot de eerstvolgende werkdag?

Zoals reeds aangegeven wordt een termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag of vrije dag verstrijkt, verlengd tot en met de eerstvolgende werkdag.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Het begin van de termijn moet noodzakelijkerwijs bepaald of bepaalpaar zijn. In voorkomende gevallen kan deze door de rechter worden vastgesteld. De verlenging van de termijn tot en met de eerstvolgende werkdag is van toepassing op elke zaak en elke procedure.

7. Als het verzoek wordt gedaan in het continentale rechtsgebied van een van de lidstaten (voor staten met entiteiten die geografisch gescheiden zijn van het moederland), worden de termijnen dan verlengd voor personen die in een dergelijke entiteit of in het buitenland wonen? Zo ja, in welke mate?

Artikel 643 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat bij een verzoek dat wordt gedaan bij een gerecht in het moederland Frankrijk, de dagvaardingstermijn en de termijnen voor beroep, verzet, herziening en beroep in cassatie worden verlengd met:

  • een maand voor personen die in een overzees departement of een overzees gebiedsdeel wonen;
  • twee maanden voor personen die in het buitenland wonen.

8. En het tegenovergestelde: als het verzoek gedaan wordt bij een gerecht in een geografisch van het continent gescheiden entiteit, worden de termijnen dan verlengd voor personen die niet in deze entiteit wonen/verblijven of voor entiteiten of personen die woonachtig zijn in het buitenland of daar verblijven?

Artikel 644 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat indien een verzoek gedaan wordt bij een gerecht in een overzees departement, de dagvaardingstermijn, de beroepstermijn en de termijnen voor het instellen van verzet, van herziening en van beroep in cassatie worden verlengd met:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • een maand voor personen die niet in dat departement woonachtig zijn, alsmede voor personen die wonen in plaatsen van dat departement die hiertoe bij beschikking van de eerste president zijn aangewezen;
  • twee maanden voor personen die in het buitenland wonen.

9. Gelden er afwijkende beroepstermijnen voor bepaalde burgerlijke of handelszaken?

In principe geldt volgens artikel 538 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering een beroepstermijn van één maand bij eigenlijke rechtspraak (geschillen) en van 14 dagen bij oneigenlijke (vrijwillige) rechtspraak. Er zijn echter diverse uitzonderingen op deze regel. Zo is de beroepstermijn veertien dagen in geval van uitspraken in kort geding, beslissingen van de uitvoerende rechter, beschikkingen in familierechtelijke zaken en beslissingen van de kinderrechter over opvoedingsbijstand.

10. Kunnen gerechten in noodgevallen of wegens andere redenen de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting? En het tegenovergestelde: kan de dagvaardingstermijn worden verlengd?

In noodgevallen kan de rechter de dagvaardingstermijn verkorten of een bepaalde dag stellen voor de zitting. De rechter is eveneens bevoegd het onderzoek naar de zaak naar een latere datum te verschuiven om alle partijen de gelegenheid te geven voor de rechtbank te verschijnen.

11. Als een betekening bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, geschiedt op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, verliest deze partij dan het voordeel van de verlenging van de termijn?

Artikel 647 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt dat indien een dagvaarding bestemd voor een partij met een vaste woonplaats waarvoor een verlengde termijn geldt, aan de gedaagde in persoon wordt uitgebracht op een plaats waar voor de bewoners geen verlengde termijn geldt, dezelfde termijn wordt gehanteerd als voor laatstgenoemden.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

12. Wat zijn de gevolgen van niet-naleven van termijnen?

Met het verstrijken van de verjaringstermijn of van een vervaltermijn vervalt het recht om een rechtsvordering in te stellen en ontstaat een grond van niet-ontvankelijkheid. Dit betekent dat de vordering zonder verder onderzoek niet-ontvankelijk wordt verklaard.

De gevolgen van het niet-naleven van een bij wet of door de rechter vastgestelde proceduretermijn, zijn afhankelijk van de soort termijn en van de rechtshandeling die moet worden uitgevoerd. Bij het niet-naleven van een oproepingstermijn wordt een uitspraak die voor het verlopen van de termijn is gedaan, nietig verklaard indien de gedaagde niet is verschenen. Opzettelijke vertraging door de partijen wordt doorgaans bestraft met het van de rol schrappen van de zaak. Indien procedurehandelingen niet worden voltooid, wordt de zaak vervallen verklaard.

13. Welke rechtsmiddelen hebben de partijen als de termijn is verstreken?

Er bestaat geen enkele mogelijkheid het vervallen van het vorderingsrecht ongedaan te maken. Dit is een rechtsgevolg van het verstrijken van de verjarings- of vervaltermijn.

Indien de wet hierin voorziet, kan de rechter het vervallen van de vorderingsrechten van een partij voortvloeiend uit het verstrijken van een termijn echter nietig verklaren. Zo voorziet artikel 540 van het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in de mogelijkheid, het vervallen van de rechten van een partij als gevolg van het verstrijken van de termijn voor het instellen van beroep tegen een verstekvonnis of een vonnis dat geacht wordt op tegenspraak gewezen te zijn, nietig te verklaren indien de partij, zonder daaraan zelf schuld te hebben, niet op tijd kennis van het vonnis heeft kunnen nemen om beroep aan te tekenen of indien hij niet in staat was om dit te doen.

Tegen de beslissing van de rechter een procedurehandeling nietig te verklaren kan beroep worden aangetekend of een verzoek tot herroeping worden gedaan. Door de nietigverklaring komt het geding ten einde maar blijft het vorderingsrecht bestaan. Er kan een nieuw verzoek worden ingesteld zolang er geen andere redenen zijn voor het vervallen van de rechtsvordering, met name verjaring.

Tegen de beslissing tot het van de rol schrappen van een zaak is geen beroep mogelijk. Door het van de rol schrappen, wordt het geding echter niet beëindigd. Dit betekent dat de stuiting van de verjaring of van de vervaltermijn door de dagvaarding overeind blijft. De onderbreking door het van de rol schrappen van het geding kan ongedaan worden gemaakt via een formeel verzoek de zaak weer op de rol te plaatsen.

« Procestermijnen - Algemene informatie | Frankrijk - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 19-12-2008

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk