Europese Commissie > EJN > Ouderlijke verantwoordelijkheid > Roemenië

Laatste aanpassing: 19-02-2008
Printversie Voeg toe aan favorieten

Ouderlijke verantwoordelijkheid - Roemenië

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

1. Wat betekent het begrip “ouderlijke verantwoordelijkheid” in de praktijk? Wat zijn de rechten en plichten van degene die ouderlijke verantwoordelijkheid draagt? 1.
2. Wie heeft normaal gesproken de ouderlijke verantwoordelijkheid voor een kind? 2.
3. Kan een andere persoon in plaats van de ouders worden aangewezen, als de ouders de verantwoordelijkheid voor hun kinderen niet kunnen of willen uitoefenen? 3.
4. Hoe wordt de ouderlijke verantwoordelijkheid geregeld als de ouders van echt scheiden of uit elkaar gaan? 4.
5. Welke formaliteiten moeten in acht worden genomen om onderlinge overeenstemming van de ouders betreffende de ouderlijke verantwoordelijkheid juridisch bindend te maken? 5.
6. Als de ouders het niet eens worden over de ouderlijke verantwoordelijkheid, wat voor mogelijkheden zijn er dan om het conflict buiten het gerecht om op te lossen? 6.
7. Over welke zaken betreffende het kind kan de rechter beslissen als de ouders de zaak aan de rechter voorleggen? 7.
8. Als het gerecht de voogdij over een kind toewijst aan een van de ouders, betekent dit dan dat deze ouder over alle zaken betreffende het kind kan beslissen zonder eerst de andere ouder te raadplegen? 8.
9. Wat betekent het in de praktijk als het gerecht beslist dat de ouders gezamenlijk ouderlijke verantwoordelijkheid dragen? 9.
10. Tot welk gerecht of welke instantie moet ik mij wenden om een verzoek betreffende ouderlijke verantwoordelijkheid te doen? Aan welke formaliteiten moet ik voldoen en welke documenten moet ik bij mijn verzoek voegen? 10.
11. Welke procedure geldt in deze zaken? Is er een spoedprocedure? 11.
12. Kan ik een vergoeding krijgen van de kosten van rechtshulp en de procedure? 12.
13. Is het mogelijk in beroep te gaan tegen een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid? 13.
14. Als het nodig is zich te wenden tot een gerecht of een andere instantie om een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid ten uitvoer te leggen, welke procedure moet ik dan toepassen? 14.
15. Wat moet ik doen om een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid die in een andere lidstaat van de EU is gegeven, in Roemenië te laten erkennen en ten uitvoer te laten leggen? Welke procedure is in deze gevallen van toepassing? 15.
16. Tot welk gerecht in Roemenië moet ik mij wenden om mij te verzetten tegen de erkenning van een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid die genomen is door een gerecht in een andere lidstaat? Welke procedure is in deze gevallen van toepassing? 16.
17. Welk recht is van toepassing in een procedure over ouderlijke verantwoordelijkheid als het kind of de partijen niet in Roemenië wonen of verschillende nationaliteiten hebben? 17.

 

1. Wat betekent het begrip “ouderlijke verantwoordelijkheid” in de praktijk? Wat zijn de rechten en plichten van degene die ouderlijke verantwoordelijkheid draagt?

"Ouderlijke verantwoordelijkheid" betreft de rechten en plichten van ouders tegenover hun minderjarige kinderen. Volgens artikel 97 van het Familiewetboek hebben de ouders dezelfde rechten en plichten tegenover hun minderjarige kinderen, ongeacht de vraag of de kinderen binnen of buiten het huwelijk zijn geboren en of ze zijn geadopteerd, en maken ze uitsluitend in het belang van de kinderen gebruik van hun ouderlijke rechten.

Ouderlijke verantwoordelijkheid veronderstelt het bestaan van een minderjarige die niet volledig handelingsbekwaam is.

Ouderlijke verantwoordelijkheid is er ter wille van de minderjarige en is voor de ouders derhalve meer een kwestie van plichten dan van rechten. De ouderlijke rechten en plichten zijn:

  • het recht en de plicht van de ouders het kind op te voeden (artikel 101, lid 1 en lid 2, van het Familiewetboek): de plicht te zorgen voor de lichamelijke gezondheid van het kind, de plicht het kind op te voeden, de plicht toe te zien op het onderwijs en de beroepsopleiding van het kind;
  • het recht te eisen dat het kind wordt teruggegeven door eenieder die het onrechtmatig in zijn macht heeft (artikel 103, lid 1, van het Familiewetboek), hetzij een vreemde hetzij de ouder die geen voogdij over het kind heeft in het geval van echtscheiding of nietigverklaring of in het geval van een buiten het huwelijk geboren kind; het recht van de ouder teruggave van het kind te eisen, is onvervreemdbaar;
  • het recht in te stemmen met de adoptie van het kind of te verzoeken om nietigverklaring van de adoptie (zie Wet 273/2004 inzake de wettelijke regeling van adoptie);
  • het recht persoonlijke banden met het kind te onderhouden: dit is een praktisch probleem als de minderjarige niet bij een van zijn ouders woont. "Persoonlijke banden" met het kind kunnen de volgende vormen aannemen: het kind thuis bezoeken, het kind op school bezoeken of het kind een vakantie bij elk van de ouders laten doorbrengen;
  • het recht toe te zien op de opvoeding, het onderwijs en de beroepsopleiding van het kind;
  • het recht te bepalen waar het kind komt te wonen. Indien de ouders niet samenwonen, beslissen zij in onderling overleg bij wie het kind komt te wonen; als de ouders hierover geen overeenstemming bereiken, beslist de rechter na de voogdijinstelling te hebben gehoord, evenals het kind zelf als het tien jaar of ouder is, waarbij hij rekening houdt met de belangen van het kind;
  • het recht en de plicht het vermogen van het kind te beheren (handelingen voor beheer, bewaring of vervreemding);
  • het recht en de plicht de minderjarige te vertegenwoordigen in civiele documenten of dit soort document namens de minderjarige te bekrachtigen. Tot zijn veertiende jaar is het kind niet handelingsbekwaam en wordt het vertegenwoordigd door zijn ouders in civiele documenten; tussen 14 en 18 jaar is het kind beperkt handelingsbekwaam en is het zelfstandig in de uitoefening van zijn rechten en uitvoering van zijn plichten, maar alleen met voorafgaande goedkeuring van zijn ouders.

2. Wie heeft normaal gesproken de ouderlijke verantwoordelijkheid voor een kind?

(Als algemene regel geldt dat de ouders gezamenlijk verantwoordelijk zijn zolang zij niet gescheiden leven. De verantwoordelijkheid kan evenwel aan de moeder worden toegekend als de ouders niet gehuwd zijn).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De ouders zijn beiden verantwoordelijk, ongeacht of het minderjarige kind binnen of buiten het huwelijk is geboren of is geadopteerd (artikel 97 van het Familiewetboek). Krachtens artikel 42, lid 1, van het Familiewetboek beslist de rechter nadat de echtscheiding is uitgesproken aan wie van de ouders de voogdij over de eventuele minderjarige kinderen wordt toegewezen. Een gescheiden ouder aan wie de voogdij over een kind is toegewezen, heeft ouderlijke rechten tegenover dat kind. Een gescheiden ouder die niet de voogdij over het kind heeft gekregen, behoudt het recht op persoonlijke banden met het kind en op toezicht op de opvoeding, het onderwijs en de beroepsopleiding van het kind.

In het geval van een buiten het huwelijk geboren kind wiens afstamming van beide ouders is vastgesteld, wijst de rechter de voogdij toe middels rechterlijke beslissing (artikel 65 van het Familiewetboek).

3. Kan een andere persoon in plaats van de ouders worden aangewezen, als de ouders de verantwoordelijkheid voor hun kinderen niet kunnen of willen uitoefenen?

(Of kan een voogd worden aangesteld als de ouders zijn overleden of niet voor hun kind kunnen zorgen?)

Volgens artikel 113 van het Familiewetboek wordt een voogd aangesteld indien beide ouders overleden of niet bekend zijn, verdwenen zijn of overleden zijn verklaard, of indien zij uit de ouderlijke macht zijn ontzet of deze macht is beperkt.

4. Hoe wordt de ouderlijke verantwoordelijkheid geregeld als de ouders van echt scheiden of uit elkaar gaan?

(middels overeenkomst of via rechterlijke beslissing)

Bovenkant paginaBovenkant pagina

In het geval van echtscheiding wordt de overeenkomst tussen de partijen bij rechterlijke beslissing bekrachtigd. Bij gebreke daarvan doet de rechter zelf uitspraak.

Tijdens het huwelijk beslist de voogdijinstelling over elk conflict tussen de ouders over de uitoefening van de ouderlijke rechten, na de ouders te hebben gehoord en rekening houdend met de belangen van het minderjarige kind (artikel 99 van het Familiewetboek).

5. Welke formaliteiten moeten in acht worden genomen om onderlinge overeenstemming van de ouders betreffende de ouderlijke verantwoordelijkheid juridisch bindend te maken?

(bijvoorbeeld bekrachtiging door een instantie of een rechter)

Als de overeenkomst een binnen het huwelijk geboren kind betreft, zijn geen formaliteiten met betrekking tot een overeenkomst tussen de ouders nodig, aangezien het Familiewetboek zelf in artikel 98, lid 1, bepaalt dat maatregelen inzake de persoon en het vermogen van de kinderen de wederzijdse instemming van de ouders behoeven.

Indien het huwelijk wordt ontbonden of indien het kind buiten het huwelijk is geboren en zijn afstamming is vastgesteld met betrekking tot beide ouders, beslist de rechter over de overeenkomst tussen de ouders.

6. Als de ouders het niet eens worden over de ouderlijke verantwoordelijkheid, wat voor mogelijkheden zijn er dan om het conflict buiten het gerecht om op te lossen?

(bijvoorbeeld: bemiddeling)

Verzoek om een beslissing van de voogdijinstelling (tijdens het huwelijk).

Bemiddeling - Wet 192/2006 betreffende bemiddeling en de organisatie van het beroep van bemiddelaar.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

7. Over welke zaken betreffende het kind kan de rechter beslissen als de ouders de zaak aan de rechter voorleggen?

(Voorbeelden: woonadres van het kind; gezamenlijke voogdij voor beide ouders of voogdij voor één ouder; bezoek- en omgangsrecht van de ouders; verplichting te voorzien in het levensonderhoud van het kind; school; naam van het kind)

De rechter kan beslissen over de volgende kwesties:

  • voogdij over een minderjarige (bij echtscheiding of als het kind buiten het huwelijk is geboren);
  • bijdrage van elke ouder in de kosten van de opvoeding, het onderwijs en de beroepsopleiding van de minderjarige;
  • bezoekrecht voor de ouder die geen voogdij krijgt;
  • conflicten over de reikwijdte van de verplichting tot onderhoud van de minderjarige, over de vervulling van deze verplichting of over de bijdrage van elke ouder in het onderhoud van het kind indien het huwelijk niet is ontbonden (artikel 107, lid 3, van het Familiewetboek).

8. Als het gerecht de voogdij over een kind toewijst aan een van de ouders, betekent dit dan dat deze ouder over alle zaken betreffende het kind kan beslissen zonder eerst de andere ouder te raadplegen?

(voorbeelden: verhuizing met het kind in hetzelfde land; verhuizing met het kind naar een ander land; schoolkeuze; enz.)

De beslissing tot toewijzing van de voogdij aan een van de ouders wordt gegeven samen met de uitspraak tot echtscheiding (voor een binnen het huwelijk geboren kind) of na uitspraak over een verzoek om voogdij over de minderjarige (voor een buiten het huwelijk geboren kind wiens afstamming is vastgesteld met betrekking tot beide ouders).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De ouder die de voogdij over het kind krijgt, oefent zijn ouderlijke rechten tegenover het kind en diens vermogen uit en vervult zijn ouderlijke plichten.

De ouder die geen voogdij krijgt, is niet verantwoordelijk voor de zorg voor en het toezicht op het kind en behoudt alleen het recht op toezicht op de opvoeding, het onderwijs en de beroepsopleiding van het kind. Die ouder heeft het recht op persoonlijke banden met het kind maar niet het recht te bepalen waar het kind woont of te eisen dat het kind aan hem wordt teruggeven, onder de voorwaarden genoemd in artikel 103 van het Familiewetboek, door iemand die het kind onrechtmatig in zijn macht heeft.

9. Wat betekent het in de praktijk als het gerecht beslist dat de ouders gezamenlijk ouderlijke verantwoordelijkheid dragen?

De wet kent de ouders tijdens het huwelijk dezelfde rechten en plichten toe.

De rechter treedt alleen op om een van de ouders de voogdij over een kind toe te wijzen op het moment van een beslissing tot echtscheiding (binnen het huwelijk geboren minderjarige) of een uitspraak over een verzoek om de voogdij (buiten het huwelijk geboren minderjarige).

10. Tot welk gerecht of welke instantie moet ik mij wenden om een verzoek betreffende ouderlijke verantwoordelijkheid te doen? Aan welke formaliteiten moet ik voldoen en welke documenten moet ik bij mijn verzoek voegen?

Tijdens het huwelijk worden conflicten tussen de ouders over de uitoefening van hun ouderlijke rechten opgelost door de voogdijinstelling of door de uitvoerende instanties van de gemeentelijke autoriteiten of, in het geval van de gemeente Boekarest, van de districtsautoriteiten. In bepaalde, bij wet bepaalde situaties worden conflicten tussen de ouders over in verband met het kind te nemen maatregelen opgelost door het gerecht volgens gewoon recht. Voorbeelden zijn conflicten over de reikwijdte van de onderhoudsverplichting, de hoogte van de onderhoudsbetalingen, voogdij, bezoekrecht en de vraag waar het kind komt te wonen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

11. Welke procedure geldt in deze zaken? Is er een spoedprocedure?

In beginsel is de procedure volgens gewoon recht van toepassing.

Uitzondering: Tijdens de echtscheidingsprocedure kan de rechter te allen tijde middels een gerechtelijke beslissing tijdelijke maatregelen opleggen met betrekking tot de voogdij over minderjarige kinderen, onderhoudsverplichtingen, levensonderhoud van het kind en gebruik van een woning (artikel 613 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

12. Kan ik een vergoeding krijgen van de kosten van rechtshulp en de procedure?

Rechtsbijstand kan worden verkregen overeenkomstig de artikelen 74 tot en met 81 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering. Volledige of gedeeltelijke rechtsbijstand kan op ieder moment tijdens de procedure worden verleend.

13. Is het mogelijk in beroep te gaan tegen een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid?

Tegen beslissingen van de voogdijinstelling kan bezwaar worden gemaakt bij de in de hiërarchie hogere instantie. Beroep tegen gerechtelijke beslissingen is mogelijk via de in het wetboek van burgerlijke rechtsvordering vastgelegde kanalen (eerste aanleg, hogere rechtbank). Indien de beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid de hoofdzaak van de procedure betrof, is de termijn voor het aantekenen van beroep in eerste aanleg of bij een hogere rechtbank vijftien dagen vanaf de betekening; indien de beslissing een bijzaak betrof, bijvoorbeeld in het kader van een echtscheidingsprocedure, is de termijn dertig dagen na betekening.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

14. Als het nodig is zich te wenden tot een gerecht of een andere instantie om een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid ten uitvoer te leggen, welke procedure moet ik dan toepassen?

Als de beslissing niet te goeder trouw ten uitvoer wordt gelegd, kan worden verzocht om tussenkomst van de met de tenuitvoerlegging belaste ambtenaar overeenkomstig de procedure die is vastgelegd in het wetboek van burgerlijke rechtsvordering (boek V, artikel 371 e.v.).

15. Wat moet ik doen om een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid die in een andere lidstaat van de EU is gegeven, in Roemenië te laten erkennen en ten uitvoer te laten leggen? Welke procedure is in deze gevallen van toepassing?

Voor de erkenning en tenuitvoerlegging van een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid kunnen de bepalingen van Verordening (EG) nr. 2201/2003 (“Brussel II” Verordening) worden toegepast.

Het verzoek dient te worden gericht aan de rechter van de woon- of verblijfplaats van de verweerder in Roemenië. Indien de woon- of verblijfplaats van de verweerder niet bekend is, dient het verzoek te worden gericht aan de rechter van de woon- of verblijfplaats van de eiser.

16. Tot welk gerecht in Roemenië moet ik mij wenden om mij te verzetten tegen de erkenning van een beslissing over ouderlijke verantwoordelijkheid die genomen is door een gerecht in een andere lidstaat? Welke procedure is in deze gevallen van toepassing?

Om zich te verzetten tegen de erkenning van een beslissing dient de belanghebbende zich te wenden tot het gerecht waar het verzoek om erkenning aanhangig is. De gewone bepalingen van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering zijn van toepassing.

17. Welk recht is van toepassing in een procedure over ouderlijke verantwoordelijkheid als het kind of de partijen niet in Roemenië wonen of verschillende nationaliteiten hebben?

(Uitleg van de regels om te bepalen welk recht in elke lidstaat toepasselijk is).

De vraag welk recht van toepassing is op internationale privaatrechtelijke betrekkingen dient te worden beantwoord aan de hand van de bepalingen van Wet 105/1992 op de regeling van internationale privaatrechtelijke betrekkingen. Betrekkingen tussen de ouders en het kind, waaronder de ouderlijke verplichtingen tot onderhoud en opvoeding en tot beheer van diens vermogen, worden beheerst door gewoon nationaal recht. In zaken waarbij buitenlandse staatsburgers zijn betrokken, zijn de betrekkingen echter onderworpen aan het recht van de gemeenschappelijke woonplaats.

Gewoon nationaal recht of het recht van de gemeenschappelijke woonplaats blijft de betrekkingen tussen de ouders en het kind beheersen indien een van hen van burgerschap of woonplaats verandert.

Bij gebreke van een gemeenschappelijk burgerschap of gemeenschappelijke woonplaats worden de betrekkingen tussen de ouders en het kind beheerst door het recht van het land van hun (voormalige) gemeenschappelijke woonplaats of waarmee zij beiden hun nauwste gemeenschappelijke banden hebben.

Nadere inlichtingen

Zie voor meer informatie

www.just.ro română

internationale justitiële samenwerking

« Ouderlijke verantwoordelijkheid - Algemene informatie | Roemenië - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 19-02-2008

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk