Rechtsorde
Organisatie van de rechtspraak
Juridische beroepen
Rechtsbijstand
Bevoegdheid van de rechtbanken
Aanhangigmaking van zaken bij de rechter
Procestermijnen
Toepasselijk recht
Betekening en kennisgeving van stukken
Verkrijging van bewijs en bewijsvoering
Voorlopige en bewarende maatregelen
Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen
Vereenvoudigde procedures en spoedprocedures
Echtscheiding
Ouderlijke verantwoordelijkheid
Alimentatie-
Faillissement
Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting
Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven
Geautomatiseerde verwerking
Wat zijn de rechten en plichten van de persoon die de ouderlijke verantwoordelijkheid draagt?
De “ouderlijke verantwoordelijkheid” houdt in dat de beslissingen over de persoon of het vermogen van het kind in principe door zijn ouders worden genomen. De ouders hebben meer bepaald het recht en de plicht om voor het kind te zorgen, zijn vermogen te beheren en het in alle zaken, rechtshandelingen of rechtszaken in verband met zijn persoon of zijn vermogen te vertegenwoordigen.
De ouders dragen in principe de ouderlijke verantwoordelijkheid, als ze tenminste als echtgenoten samenleven; indien één van de ouders overlijdt, afwezig verklaard wordt of het ouderlijk gezag ontnomen wordt heeft de andere ouder alleen de ouderlijke verantwoordelijkheid. De andere ouder draagt de ouderlijke verantwoordelijkheid eveneens alleen als de ander niet in staat is ze te dragen, onbekwaam is of een beperkte handelingsbevoegdheid heeft. Voor geadopteerde kinderen wordt de ouderlijke verantwoordelijkheid door de adoptieouders uitgeoefend. De ouderlijke verantwoordelijkheid over het buiten het huwelijk geboren kind waarvan de ouders niet gehuwd zijn berust bij de moeder.
Ja. Als de ouders onbekwaam zijn of de ouderlijke verantwoordelijkheid niet willen uitoefenen of om een of andere reden niet langer verantwoordelijk zijn, vertrouwt de rechtbank de ouderlijke verantwoordelijkheid aan een voogd toe.
Bij echtscheiding door onderlinge toestemming sluiten de ouders een overeenkomst over de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid of de hoede van de kinderen, die ze bij het verzoekschrift voegen waarmee ze aan de territoriaal bevoegde rechtbank met alleensprekend rechter volgens de procedure van de vrijwillige rechtspraak de ontbinding van hun huwelijk vragen. Als ze bij de territoriaal bevoegde rechtbank van eerste aanleg met meerdere rechters volgens de procedure voor gezinszaken de echtscheiding vorderen op basis van de ernstige ontwrichting van het huwelijk, kunnen ze ofwel bij de akte waarmee ze die vordering instellen een verzoek voegen tot toewijzing van de ouderlijke verantwoordelijkheid aan één van hen of aan hen beiden, ofwel een afzonderlijke vordering instellen bij de territoriaal bevoegde rechtbank van eerste aanleg met alleensprekend rechter, die na te hebben gevonnist volgens de procedure van artikel 681B van het burgerlijk wetboek in het belang van het minderjarige kind een regeling zal vaststellen. In geval van echtscheiding of scheiding kan de territoriaal bevoegde rechtbank van eerste aanleg met alleensprekend rechter bij onmiddellijk dreigend gevaar of hoogdringendheid op verzoek van één van de ouders in kortgeding een voorlopige regeling van de ouderlijke verantwoordelijkheid vaststellen.
Als de ouders het eens zijn over de wijze van uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid, leggen ze bij de territoriaal en inhoudelijk bevoegde rechtbank een geschreven overeenkomst neer waarin de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid geregeld wordt en waarnaar ze ook verwijzen in hun geschreven conclusies of, bij behandeling in kortgeding, in hun verklaring. De rechtbank doet uitspraak, na te hebben gecontroleerd dat de overeenkomst in het belang van het minderjarige kind is, en stelt de wijze van uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid vast zoals de ouders die overeengekomen zijn.
De wet voorziet geen andere manier dan een beroep op de rechtbank om de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid te regelen.
Als de ouders naar de rechtbank stappen kan de rechter de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid aan één van hen, aan beiden of aan een derde toevertrouwen, of ze tussen de ouders verdelen. In geval van echtscheiding, scheiding of nietigverklaring van het huwelijk wordt de hoede over het kind aan een ouder toegekend, bij wie het zal wonen; hierbij zijn inbegrepen: de opvoeding, het toezicht, de opleiding en de woonplaats van het kind. Verder beslist de rechter over het bedrag van het onderhoudsgeld dat de andere ouder moet betalen en het omgangsrecht van het kind met hem.
De ouders moeten in principe samen beslissen over al wat verband houdt met de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid. Indien de rechtbank echter beslist dat één van de ouders alleen de hoede over het minderjarige kind heeft kan die ouder alleen de gewone handelingen met betrekking tot de hoede stellen, het normale beheer van zijn eigendommen uitoefenen, dringende handelingen stellen of juridische stukken in ontvangst nemen die aan het kind gericht zijn. Verder kan de ouder die de hoede heeft namens het kind van de andere ouder onderhoudsgeld eisen. Als de andere ouder bezwaren heeft tegen een daad van de andere ouder omdat hij meent dat die noch onder de gewone hoede valt, noch onder het normale beheer van zijn eigendommen en dat er geen hoogdringendheid was, kan hij zich tot de rechtbank richten en stellen dat hij met de handeling zijn plicht heeft geschonden of van de ouderlijke verantwoordelijkheid misbruik heeft gemaakt. Zelfs als een ouder alleen mag handelen, kan het nalaten om de andere ouder in te lichten als misbruik van de ouderlijke verantwoordelijkheid beschouwd worden.
Als de rechtbank beslist dat de hoede over het minderjarige kind door beide ouders samen wordt uitgeoefend, dan betekent dit dat ze samen, in het belang van het kind, over de uitoefening ervan beslissen.
In principe is voor zaken in verband met de uitoefening van de ouderlijke verantwoordelijkheid de rechtbank van eerste aanleg met alleensprekend rechter bevoegd. Indien het verzoek samenhangt met een vordering tot echtscheiding wegens ernstige ontwrichting van het huwelijk of met een vordering tot nietigverklaring van het huwelijk, dan is de rechtbank van eerste aanleg met meerdere rechters bevoegd.
Voor onderdanen van lidstaten van de Europese Unie bepalen de artikelen 2 en 3 van Verordening (EG) nr. 1347/2000 van de Raad van welke staat de rechtbank territoriaal bevoegd is. Verder zijn de rechtbank van de laatste gemeenschappelijke woonplaats van de echtgenoten en van de laatste woonplaats van de verweerder territoriaal bevoegd. Het verzoekschrift wordt op de griffie van de bevoegde rechtbank neergelegd, er wordt een rechtsdag vastgesteld en de advocaat van de verzoeker zorgt ervoor dat er een afschrift aan de verweerder wordt bezorgd. In Griekenland gebeurt de afgifte van het afschrift aan de verweerder door een gerechtsdeurwaarder; als het afschrift in het buitenland moet worden bezorgd gebeurt dit volgens Verordening (EG) nr. 1348/2000 die van toepassing is als het een persoon betreft die in een lidstaat van de Europese Unie verblijft, of volgens het verdrag van Den Haag van 15 november 1965 inzake de betekening en de kennisgeving in het buitenland van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en handelszaken als het een persoon betreft uit een staat waarop dat verdrag van toepassing is. Als de woonplaats van de verweerder onbekend is wordt een afschrift van het verzoekschrift overgemaakt aan de procureur overgemaakt en wordt er een samenvatting van gepubliceerd in twee kranten waarvan één in Athene verschijnt en de andere in het rechtsgebied van de rechtbank waarbij de zaak aanhangig is. Bij de behandeling van de zaak worden geschreven conclusies neergelegd, met de argumenten van de partijen en hun bewijsstukken, en worden de getuigen gehoord zodat de beweringen van de partijen aan hun verklaring kunnen getoetst worden. Als de verweerder tijdig en volgens de regels is opgeroepen maar niet verschijnt, behandelt de rechtbank de zaak alsof hij aanwezig is. Tegeneisen worden bij dezelfde rechtbank door middel van een verzoekschrift aanhangig gemaakt en er wordt vijf dagen vóór de zitting aan de oorspronkelijke verzoeker kennis van gegeven. Voor de zitting wordt door de sociale dienst een sociaal onderzoek ingesteld en wordt een gedetailleerd verslag aan de rechtbank meegedeeld; indien de rechtbank dat nodig acht wordt de mening van de minderjarige gehoord. Na de zitting hebben de partijen het recht om binnen de drie werkdagen aanvullende conclusies ter weerlegging in te dienen. Enige tijd nadien spreekt de rechtbank een vonnis uit waarbij de wijze waarop de ouderlijke verantwoordelijkheid wordt uitgeoefend wordt vastgesteld.
Artikel 681B van het wetboek voor burgerlijke rechtspleging voorziet in een vrij snelle procedure waarbij de rechtsdag eerder wordt vastgesteld dan bij andere rechtsvorderingen en er waarbij doorgaans het doorgaans sneller tot een vonnis komt. Er bestaat ook een procedure in kortgeding bij de territoriaal bevoegde rechtbank van eerste aanleg met alleensprekend rechter voor gevallen van hoogdringendheid of onmiddellijk dreigend gevaar: eenmaal een verzoekschrift bij de griffie van de rechtbank is neergelegd wordt snel een rechtsdag vastgesteld, voor de kennisgeving aan de verweerder wordt een korte termijn voorzien en ze kan eveneens per telefoon of telegram gebeuren; bij de behandeling van de zaak of binnen een door de rechtbank bepaalde termijn worden door de partijen geschriften met hun argumenten neergelegd, de getuigen worden op de zitting gehoord en de rechtbank neemt binnen een zeer korte termijn een beslissing op basis van een afweging van probabiliteiten. De tegeneis wordt mondeling ter zitting ingesteld.
Ja, de rechtbank kan rechtsbijstand toekennen indien bewezen is dat de persoon die erom verzoekt de proceskosten niet kan betalen zonder te raken aan de voor zijn onderhoud en dat van zijn familie noodzakelijk middelen, en indien het proces niet manifest onterecht of zinloos is.
Ja, beroep kan worden ingesteld bij het bevoegde hof van beroep.
Vonnissen die iemand de ouderlijke verantwoordelijkheid of de hoede toevertrouwen, bevelen eveneens de overdracht van het kind aan die persoon. Indien degene die daartoe verplicht is het kind niet overdraagt spreekt de rechtbank ambtshalve een geldstraf, een vrijheidsstraf of beide tegen hem uit. Indien deze persoon zich niet naar de gerechtelijke beslissing schikt kan de rechtbank een onrechtstreekse tenuitvoerlegging en de afname van verklaringen onder ede bevelen.
Volgens Verordening nr. 1347/2000 van de Raad worden vonnissen uit een lidstaat van de Europese Unie in principe in de andere lidstaten erkend, zonder dat daar een bijzondere procedure voor moet worden gevolgd. Om in Griekenland een vonnis over de ouderlijke verantwoordelijkheid te laten erkennen moet men zich tot de rechtbank van eerste aanleg met alleensprekend rechter richten van de gewoonlijke verblijfplaats van de persoon tegen wie de tenuitvoerlegging wordt gevraagd, die van de gewoonlijke verblijfplaats van het kind of die van de plaats van de tenuitvoerlegging. Het verzoekschrift moet vergezeld zijn van:
Wanneer de rechtsdag is vastgesteld, moet een afschrift van het verzoekschrift met het document dat de datum vaststelt en een dagvaarding om op die datum te verschijnen aan de tegenpartij worden bezorgd. De rechtbank mag de bevoegdheid van de rechtbank uit de lidstaat waar het vonnis van afkomstig is niet natrekken en erkent het vonnis na te hebben vastgesteld dat de erkenning niet in strijd is met de eigen openbare orde, dat het stuk dat de zaak heeft ingeleid tijdig aan de niet-verschenen partij werd betekend of meegedeeld zodat hij zich kon verdedigen tenzij wordt aangetoond dat de verweerder ondubbelzinnig met de beslissing instemt, en dat de beslissing niet onverenigbaar is met een eerder uitgesproken vonnis in een geding tussen dezelfde partijen in de lidstaat waarin de erkenning wordt gevraagd of in een derde land in een geding tussen dezelfde partijen, indien dit eerdere vonnis de voorwaarden voor erkenning in de lidstaat waarin de erkenning wordt gevraagd vervult.
Het materiële recht dat voor de ouderlijke verantwoordelijkheid van toepassing is, is in deze volgorde:
Volgens het principe van de lex fori is het Griekse gerechtelijk recht op de procedure van toepassing.
« Ouderlijke verantwoordelijkheid - Algemene informatie | Griekenland - Algemene informatie »
Laatste aanpassing: 03-08-2007

