Rechtsorde
Organisatie van de rechtspraak
Juridische beroepen
Rechtsbijstand
Bevoegdheid van de rechtbanken
Aanhangigmaking van zaken bij de rechter
Procestermijnen
Toepasselijk recht
Betekening en kennisgeving van stukken
Verkrijging van bewijs en bewijsvoering
Voorlopige en bewarende maatregelen
Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen
Vereenvoudigde procedures en spoedprocedures
Echtscheiding
Ouderlijke verantwoordelijkheid
Alimentatie-
Faillissement
Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting
Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven
Geautomatiseerde verwerking
Het begrip “ouderlijke verantwoordelijkheid” omvat alle rechten en plichten van de ouders in de verhouding tot hun kind. Een belangrijk onderdeel van de ouderlijke verantwoordelijkheid is de ouderlijke zorgplicht. De ouders hebben de plicht en het recht om voor hun minderjarige kind te zorgen. De ouderlijke zorgplicht omvat zowel de zorg voor de persoon en het vermogen van het kind, alsook de vertegenwoordiging van het kind. Bovendien vallen onder de ouderlijke verantwoordelijkheid ook het omgangsrecht en de onderhoudsplicht jegens de kinderen.
De ouders hebben een gemeenschappelijk zorgrecht:
De zorgverklaringen moeten in een openbare akte worden vastgelegd, hetgeen bij de Raad voor kinderbescherming of bij een notaris kan plaatsvinden. Indien de ouders geen zorgverklaringen afgeven en niet met elkaar zijn getrouwd, dan berust de ouderlijke zorgplicht op de moeder alleen.
Het Duitse recht gaat ervan uit, dat de omgang van het kind met de beide ouders doorgaans in het belang van het kind is en biedt het kind derhalve een recht op omgang met zijn ouders. Tegelijkertijd is elke ouder gerechtigd en verplicht tot omgang met het kind.
Het omgangsrecht geeft de ouders in eerste instantie de bevoegdheid, het kind regelmatig te zien en te spreken. Naast persoonlijke ontmoetingen omvat de toegang echter ook een brief- en telefooncontact.
De onder het zorgrecht vallende verplichting tot het verstrekken van onderhoud berust op beide ouders. De ouders kunnen jegens ongehuwde kinderen de aard en wijze van het verstrekken van onderhoud zelf bepalen. Zij kunnen bijvoorbeeld beslissen, dat het onderhoud grotendeels in natura wordt verstrekt in het ouderlijk huis (onderdak, verzorging, kleding etc.).
Indien de ouders gescheiden leven, dan vervult de ouder bij wie het kind opgroeit, zijn onderhoudsbijdrage doorgaans door de verzorging en opvoeding van het kind. Betaling van geldbedragen wordt van deze ouder dan niet verwacht. De andere ouder moet daarentegen een financiële bijdrage in het onderhoud verstrekken.
Indien de ouders de ouderlijke zorgplicht niet kunnen uitoefenen, of indien de ouders niet gerechtigd zijn om het kind te vertegenwoordigen in aangelegenheden die betrekking hebben op de persoon of het vermogen, dan krijgt de minderjarige een voogd toegewezen. Deze toewijzing gebeurt door het Vormundschaftsgericht (het gerecht dat belast is met voogdijzaken).
Indien de zorgplicht op de ouders gemeenschappelijk rust en zij uit elkaar gaan, blijft de gemeenschappelijke zorgplicht voortbestaan, ongeacht of ze gehuwd zijn of niet.
Op verzoek van één der ouders kan het Familiengericht (het gerecht dat belast is met familierechtelijke zaken) echter de beslissing nemen, dat de ouderlijke zorgplicht voortaan slechts aan één van de ouders toekomt. Een dergelijk verzoek kan worden ingewilligd, indien en voor zover te verwachten is, dat de opheffing van de gemeenschappelijke zorgplicht en de overgang van het zorgrecht naar één der ouders het meest tegemoetkomt aan de belangen van het kind.
Ook bij een echtscheiding wordt een dergelijke beslissing alleen genomen op verzoek van één der ouders. Indien een dergelijk verzoek niet heeft plaatsgevonden, dan duurt de gemeenschappelijke ouderlijke zorgplicht voort.
In principe is de concrete vormgeving van de gemeenschappelijke zorgplicht een zaak van de ouders, die vormvrij plaatsvindt. Indien de ouders gescheiden leven, kunnen zij bij de vormgeving van een eensgezind concept met betrekking tot de ouderlijke zorgplicht gebruik maken van de hulp van de Raad voor Kinderbescherming. Een dergelijk concept kan dienen als de basis voor een rechterlijke beslissing over de ouderlijke zorgplicht. Indien de ouders het erover eens zijn, dat de ouderlijke zorgplicht in de toekomst slechts op één der ouders moet rusten, dan kunnen zij daartoe een verzoek indienen bij het Familiengericht.
De vormgeving van het omgangsrecht kunnen de ouders eveneens vormvrij overeenkomen. Indien een dergelijke afspraak voor het gerecht wordt gemaakt, is de afspraak verbindend net als een gerechtelijke beslissing en de naleving kan - zo nodig - met dwang worden gevorderd, indien de afspraak door het gerecht is bekrachtigd.
Indien de ouders hun conflicten niet zelfstandig kunnen oplossen, kunnen zij zich wenden tot de Raad voor kinderbescherming of een bureau voor jeugdzorg. Daar kunnen de ouders advies inwinnen en hulp krijgen bij het oplossen van hun problemen. Een databank van alle adviesbureaus treft u aan op www.dajeb.de
. Bovendien is er de mogelijkheid om met behulp van mediatie tot een minnelijke schikking te komen. Meer informatie omtrent mediatie met betrekking tot familieaangelegenheden is te vinden op www.bafm-mediation.de
.
De rechter kan een beslissing treffen over de ouderlijke zorg voor een kind, over regelingen ten behoeve van de omgang, over de teruggave van een kind en over de onderhoudsplichten. Bovendien kan het gerecht alle maatregelen voorschrijven, die vereist zijn opdat de belangen van het kind niet worden geschaad.-
Ja. De niet met de zorgplicht belaste ouder heeft geen recht van inspraak. Hij/zij heeft echter een recht op omgang met het kind en kan indien hij/zij een gerechtvaardigd belang aantoont van de andere ouder verlangen, dat die informatie verstrekt over de persoonlijke omstandigheden van het kind.
Indien de ouders de gemeenschappelijke zorg voor hun kind dragen en niet gescheiden leven, dan moeten zij bij alle op de ouderlijke zorg betrekking hebbende kwesties in goed overleg tot een oplossing komen.
Indien de ouders gescheiden leven, dan moeten zij dat alleen bij aangelegenheden die van aanmerkelijk belang voor het kind zijn. Bij de aangelegenheden van het dagelijkse leven heeft de ouder bij wie het kind woont een alleenbeslissingsrecht.
Voor procedures die betrekking hebben op de ouderlijke zorgplicht (verantwoordelijkheid) is doorgaans het Familiengericht - een afdeling van het Amtsgericht (het gerecht in eerste aanleg) - bevoegd. Het verzoek kan bij de griffie van het bevoegde gerecht of de griffie van een Amtsgericht worden geprotocolleerd. Vertegenwoordiging door een advocaat is alleen in uitzonderingsgevallen, zoals bijvoorbeeld bij verzoeken tijdens een echtscheidingsprocedure, verplicht. Op de vraag of er bij het verzoek stukken moeten worden gevoegd, kan geen algemeen antwoord worden gegeven; zo nodig zal het gerecht verzoeken dat er stukken worden verstrekt.
Indien de ouders bij de geboorte van het kind niet met elkaar zijn gehuwd, dan kan degene die de geboorteakte opmaakt bij de Raad voor kinderbescherming een officiële akte opmaken van de zorgverklaringen (in de zin van een gemeenschappelijke aanvaarding van de ouderlijke zorgplicht).
In procedures met betrekking tot de ouderlijke verantwoordelijkheid geldt het zogenaamde beginsel van het ambtshalve onderzoek, d.w.z. dat het gerecht gerechtigd en verplicht is om de feiten waarop het zijn beslissing wil baseren zelf vast te stellen en te onderbouwen zonder gebonden te zijn aan verzoeken tot bewijsaanbiedingen van de partijen.
In deze aanhangige (hoofd)procedure kunnen voorlopige beslissingen worden genomen; en dit zowel bij een zelfstandig aanhangig gemaakte procedure als in het kader van een echtscheidingsprocedure.
Een burger die op grond van zijn persoonlijke en economische situatie de kosten van procesvoering niet, slechts gedeeltelijk of slechts in termijnen kan betalen, kan o.a. ten behoeve van procedures voor de burgerlijke rechtbank in aanmerking komen voor een tegemoetkoming in de proceskosten. Voorwaarde hiervoor is, dat de voorgenomen rechtsvordering of rechtsverdediging voldoende uitzicht op succes biedt en niet lichtvaardig lijkt. Op deze manier wordt gegarandeerd, dat ook de economisch zwakkeren toegang hebben tot het gerecht. De tegemoetkoming in de proceskosten komt – op basis van het beschikbare inkomen – volledig of gedeeltelijk in de plaats van de eigen bijdrage aan de gerechtskosten en de kosten van een eigen advocaat.
Er is voorzien in een rechtsmiddel dat kan worden ingesteld tegen beslissingen over de ouderlijke zorgplicht/verantwoordelijkheid in de hoofdprocedure. Daarbij is het niet belangrijk of de procedure zelfstandig (in dit geval is een termijngebonden verzet mogelijk) of als zogenaamde samenhangende zaak in het kader van een echtscheidingsprocedure (dan beroep) aanhangig is gemaakt.
Zowel verzet als beroep moet echter binnen de dwingende termijn van één maand – na de betekening van de echtscheiding – worden ingesteld.
Voorlopige beslissingen die na een mondelinge behandeling worden gegeven, kunnen worden aangevochten door daartegen direct verzet aan te tekenen. Dit moet echter binnen twee weken worden ingesteld. Voor het overige verliezen voorlopige beslissingen hun werking bij het in werking treden van andere regelingen die op dezelfde aangelegenheid betrekking hebben.
De teruggave van een kind – in het kader van de uitoefening van het omgangsrecht - kan niet met gebruikmaking van geweld jegens een kind worden doorgezet. Het is anders indien de terugkeer naar de ouder moet worden afgedwongen. In dat geval is de gebruikmaking van geweld door de gerechtsdeurwaarder toegestaan.
Regelmatig moet het gerecht bij de teruggaveplicht van een persoon echter eerst dreigen met een dwangmiddel, waaronder de (mogelijke) gijzeling.
De in een lidstaat gegeven beslissingen in het kader van de ouderlijke verantwoordelijkheid worden in Duitsland erkend ingevolge verordening (EG) nr. 1347/2000, zonder dat daartoe een bijzondere procedure nodig is.
Voordat een beslissing in het kader van de ouderlijke verantwoordelijkheid uit een andere lidstaat in Duitsland kan worden uitgevoerd, moet deze krachtens de bovengenoemde verordening in een afzonderlijke procedure uitvoerbaar worden verklaard, d.w.z. in Duitsland vatbaar voor tenuitvoerlegging worden verklaard. Hiertoe is een verzoek tot tenuitvoerlegging vereist, dat moet worden gericht aan het ingevolge de EG-verordening plaatselijk bevoegde Familiengericht, dat valt onder het Oberlandesgericht. Bij het verzoek moeten een afschrift van de beslissing en een schriftelijke bevestiging van het gerecht van de oorspronkelijke lidstaat worden gevoegd. Vertegenwoordiging door een advocaat is niet vereist. De beslissing van het Familiengericht wordt gegeven na een eenzijdige procedure zonder mondelinge behandeling. Tegen de beslissing van het Familiengericht kan verzet worden aangetekend bij het Oberlandesgericht. Tegen de beslissing van het Oberlandesgericht kan Rechtsbeschwerde worden ingesteld bij het Bundesgerichtshof (hoogste federaal gerechtshof).
Verordening (EG) nr. 1347/2000 wordt met ingang van 1 maart 2005 vervangen door een nieuwe verordening inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid. De nieuwe verordening biedt de mogelijkheid, bepaalde beslissingen over het omgangsrecht en bepaalde beslissingen, waarmee de teruggave wordt gelast, uit te voeren zonder voorafgaande verklaring tot tenuitvoerlegging.
In het algemeen is voor een procedure gericht op de niet erkenning van een beslissing in het kader van de ouderlijke verantwoordelijkheid het Familiengericht bevoegd, dat valt onder het Oberlandesgericht, in wiens rechtsgebied de verweerder of het door de beslissing getroffen kind zich bevinden.
De ouderlijke verantwoordelijkheid wordt beoordeeld op basis van het geldende recht van de plaats waar het kind gewoonlijk verblijft (artikel 21 EGBGB, Einführungsgesetz zum Bürgerlichen Gesetzbuche – de invoeringswet betreffende het Burgerlijk Wetboek), voor zover dat niet in strijd is met het Kinderbeschermingsverdrag van 1961.
« Ouderlijke verantwoordelijkheid - Algemene informatie | Duitsland - Algemene informatie »
Laatste aanpassing: 28-12-2006

