Europese Commissie > EJN > Organisatie van de rechtspraak > Roemenië

Laatste aanpassing: 17-03-2008
Printversie Voeg toe aan favorieten

Organisatie van de rechtspraak - Roemenië

Krachtens Wet 304/2004 inzake de organisatie van de rechtspraak, opnieuw gepubliceerd, zoals gewijzigd en aangevuld, wordt de rechterlijke macht uitgeoefend door het Hoge hof van cassatie en justitie en de andere bij wet ingestelde rechtbanken:

org_justice_rom_nl1

Voornoemde wet voorziet tevens in een aantal militaire rechtbanken:

org_justice_rom_nl2

De rechterlijke bevoegdheid om van het bodemgeschil kennis te nemen is als volgt vastgelegd in het wetboek van burgerlijke rechtsvordering:

“Artikel 1

De districtsrechtbanken behandelen:

  1. in eerste aanleg, alle zaken en verzoeken, behoudens die welke bij wet moeten worden voorgelegd aan andere rechtbanken;
  2. klachten tegen beslissingen van overheids- en andere instanties met rechterlijke bevoegdheid, in gevallen waarin de wet voorziet;
  3. alle overige kwesties die bij wet onder hun jurisdictie vallen.

Artikel 2

De rechtbanken behandelen:

  1. in eerste aanleg:
    1. zaken en verzoeken op het gebied van het handelsrecht betreffende kwesties met een waarde van meer dan of 100 000 Roemeense lei, evenals zaken en verzoeken op het gebied van het handelsrecht betreffende kwesties waarvan de waarde niet in geld kan worden uitgedrukt;
    2. zaken en verzoeken op het gebied van het burgerlijk recht betreffende kwesties met een waarde van meer dan 500 000 Roemeense lei, behoudens verzoeken om scheiding van tafel en bed, verzoeken betreffende erfopvolging, verzoeken die niet in geld kunnen worden uitgedrukt en verzoeken betreffende het landfonds, met inbegrip van onder het gemene recht vallende aanvragen, verzoeken en, indien van toepassing, bezitsrechtelijke vorderingen ingesteld door derde partijen wier rechten zijn geschonden als gevolg van de toepassing van de landfondswetgeving;
    3. arbeidsgeschillen, behoudens die welke bij wet moeten worden voorgelegd aan andere rechtbanken;
    4. zaken en verzoeken betreffende bestuurlijke geschillen, behoudens die welke moeten worden voorgelegd aan een hof van beroep;
    5. zaken en verzoeken betreffende kwesties van intellectuele en industriële eigendom;
    6. zaken en verzoeken betreffende onteigeningskwesties;
    7. verzoeken betreffende de bekrachtiging, nietigverklaring of aanvechting van adopties;
    8. verzoeken betreffende vergoeding van schade wegens gerechtelijke dwaling in strafzaken;
    9. verzoeken om erkenning of bekrachtiging voor de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen die zijn genomen in het buitenland.
  2. als hof van beroep, beroepen ingesteld tegen beslissingen in eerste aanleg van districtsrechtbanken;
  3. als het hogere hof van beroep, beroepen tegen rechterlijke beslissingen waartegen bij wet geen beroep kan worden ingesteld;
  4. alle overige kwesties die bij wet onder hun jurisdictie vallen.

Artikel 3

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De hoven van beroep behandelen:

  1. in eerste aanleg, zaken en verzoeken betreffende bestuurlijke geschillen naar aanleiding van handelingen van overheidsorganen en centrale instellingen;
  2. als hof van beroep, beroepen tegen beslissingen in eerste aanleg van rechtbanken;
  3. als het hogere hof van beroep, beroepen tegen beslissingen in beroep of in eerste aanleg gegeven door rechtbanken, waartegen bij wet geen beroep kan worden ingesteld, en andere uitdrukkelijk in de wet bepaalde kwesties;
  4. alle overige kwesties die bij wet onder hun jurisdictie vallen.

Artikel 4

Het Hoge hof van cassatie en justitie behandelt:

  1. beroepen tegen beslissingen van de hoven van beroep en andere beslissingen in de bij wet bepaalde gevallen;
  2. beroepen in het belang van de wet;
  3. alle overige kwesties die bij wet onder hun jurisdictie vallen.

Artikel 4 bis

In arbitragezaken die worden beheerst door Hoofdstuk IV ligt de jurisdictie bij de rechtbank die bevoegd zou zijn geweest in het bodemgeschil, bij gebreke van een arbitrageovereenkomst.”

De organisatie en absolute bevoegdheid van het Hoge hof van cassatie en justitie is vastgelegd in de artikelen 21 tot en met 25 van Wet 304/2004 inzake de organisatie van de rechtspraak, opnieuw gepubliceerd, zoals gewijzigd en aangevuld:

“Artikel 21

De afdeling civiel en intellectuele eigendom, de afdeling strafrecht, de afdeling handel en de afdeling bestuurlijke en fiscale geschillen van het Hoge hof van cassatie en justitie behandelen beroepen tegen beslissingen van de hoven van beroep en andere beslissingen in de bij wet bepaalde gevallen.

Artikel 22

De afdeling strafrecht van het Hoge hof van cassatie en justitie behandelt:

  1. in eerste aanleg, gevallen en verzoeken waarin het Hoge hof van cassatie en justitie bevoegd is als gerecht van eerste aanleg;
  2. beroepen onder de bij wet bepaalde voorwaarden.

Artikel 23

  1. De afdelingen van het Hoge hof van cassatie en justitie doen binnen hun respectieve rechtsbevoegdheid uitspraak in de volgende zaken:
    1. verzoeken om verwijzing van een zaak op in de wetgeving betreffende rechtsvordering vastgelegde gronden;
    2. bevoegdheidsgeschillen in de bij wet bepaalde gevallen;
    3. alle overige in de wet bedoelde verzoeken.
  2. De afdelingen van het Hoge hof van cassatie en justitie doen tevens uitspraak over beroepen tegen niet-definitieve beslissingen of juridische handelingen van enigerlei aard die niet langs andere weg kunnen worden betwist, in zaken waarin de procedure is onderbroken in de fase van het hof van beroep.

Artikel 24

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. Het college van negen rechters doet uitspraak over beroepen en verzoeken in zaken die in eerste aanleg zijn behandeld door de afdeling strafrecht van het Hoge hof van cassatie en justitie.
  2. Het college van negen rechters behandelt tevens andere zaken waarin het bevoegd is, evenals tuchtrechtelijke procedures.

Artikel 25

De afdelingen van het Hoge hof van cassatie en justitie komen in gezamenlijke zitting bijeen voor:

  1. de behandeling van beroepen in het belang van de wet;
  2. uitspraak, overeenkomstig de voorschriften van onderhavige wet, over verwijzingen in verband met veranderingen in de jurisprudentie van het Hoge hof van cassatie en justitie;
  3. verwijzing van wetsontwerpen naar het grondwettelijk hof zodat het voorafgaand aan de uitvaardiging ervan kan beoordelen of zij grondwettelijk zijn.”

De organisatie van de hoven van beroep, de rechtbanken, de gespecialiseerde rechtbanken en de districtsrechtbanken is vastgelegd in Wet 304/2004 inzake de organisatie van de rechtspraak, opnieuw gepubliceerd, zoals gewijzigd en aangevuld:

“Artikel 35

  1. De hoven van beroep zijn rechtbanken met rechtspersoonlijkheid waaronder diverse rechtbanken en gespecialiseerde rechtbanken ressorteren.
  2. Binnen de hoven van beroep zijn afdelingen of, waar van toepassing, gespecialiseerde colleges werkzaam voor de behandeling van civiele zaken, strafzaken, handelszaken, zaken over minderjarigen en gezinnen, bestuurlijke en fiscale geschillen en arbeids- of socialezekerheidszaken, alsmede, afhankelijk van de aard en het aantal van de zaken, afdelingen voor onder meer kwesties betreffende de zee- en binnenscheepvaart.”

“Artikel 36

  1. De rechtbanken hebben rechtspersoonlijkheid, zijn op provinciaal niveau en in de gemeente van Boekarest werkzaam en bevinden zich in de regel in elke provinciehoofdstad.
  2. De jurisdictie van elke rechtbank strekt zich uit tot alle districtsrechtbanken in de provincie of, waar van toepassing, van de gemeente Boekarest.
  3. Binnen de rechtbanken zijn afdelingen of, waar van toepassing, gespecialiseerde colleges werkzaam voor de behandeling van civiele zaken, strafzaken, handelszaken, zaken over minderjarigen en gezinnen, bestuurlijke en fiscale geschillen en arbeids- of socialezekerheidszaken, alsmede, afhankelijk van de aard en het aantal van de zaken, afdelingen voor onder meer kwesties betreffende de zee- en binnenscheepvaart.”

“Artikel 39

  1. Binnen de districtsrechtbanken kunnen gespecialiseerde afdelingen of colleges worden opgezet, afhankelijk van de aard en het aantal van de zaken.
  2. Binnen de districtsrechtbanken worden gespecialiseerde afdelingen of colleges opgezet voor zaken over minderjarigen en gezinnen.”

“Artikel 40

  1. De gespecialiseerde colleges en afdelingen voor zaken over minderjarigen of gezinnen en de gespecialiseerde rechtbanken voor minderjarigen en gezinnen behandelen zaken betreffende strafbare feiten begaan door en tegen minderjarigen.”

Nuttige links:

  • http://www.just.ro română
  • http://www.csm1909.ro English - română
  • http://www.scj.ro English - română

« Organisatie van de rechtspraak - Algemene informatie | Roemenië - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 17-03-2008

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk