Europese Commissie > EJN > Organisatie van de rechtspraak > Cyprus

Laatste aanpassing: 09-02-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Organisatie van de rechtspraak - Cyprus

JURISDICTIE EN BEVOEGDHEDEN IN DE ORGANISATIE VAN DE RECHTSPRAAK IN CYPRUS



 

INHOUDSOPGAVE

1. De rechtsprekende bevoegdheid wordt uitgeoefend door het hooggerechtshof en door de bij wet opgerichte lagere rechtbanken. 1.
2. Het hooggerechtshof is opgericht in 1964. Het nam de rechtsprekende en andere bevoegdheden over van het grondwettelijk hooggerechtshof en van het hof dat vroeger in het Engels als het "High Court" bekend was (terwijl het in het Grieks dezelfde naam droeg als het huidige hooggerechtshof) .* 2.
3. De Grondwet van Cyprus stelt de strikte scheiding van de machten vast. 3.
4. DE ORGANISATIE VAN DE RECHTSPRAAK IN CYPRUS 4.
5. Het hooggerechtshof is de hoogste rechterlijke autoriteit. 5.
6. DE RECHTSPREKENDE BEVOEGDHEID VAN HET HOOGGERECHTSHOF 6.
7. UITOEFENING VAN DE BEVOEGDHEID VAN HET HOOGGERECHTSHOF 7.
8. DISTRICTSRECHTBANKEN 8.
9. RECHTERS IN DE DISTRICTSRECHTBANKEN 9.
10. LAGERE RECHTBANKEN MET RECHTERLIJKE BEVOEGDHEID OP BIJZONDERE GEBIEDEN 10.
11. DE BEVOEGDHEDEN VAN DE RECHTBANKEN 11.
12. BEVOEGDHEID VAN HET HOOGGERECHTSHOF BETREFFENDE DE BENOEMING, BEVORDERING, OVERPLAATSING, DIENSTBEËINDIGING EN ONTSLAG VAN LEDEN VAN DE RECHTERLIJKE MACHT 12.
13. DE GRIFFIES VAN HET HOOGGERECHTSHOF, DE DISTRICTSRECHTBANKEN, DE FAMILIERECHTBANKEN, DE RECHTBANKEN VOOR INDUSTRIELE GESCHILLEN, DE RECHTBANKEN VOOR HUURGESCHILLEN EN DE MILITAIRE RECHTBANK 13.

 

1. De rechtsprekende bevoegdheid wordt uitgeoefend door het hooggerechtshof en door de bij wet opgerichte lagere rechtbanken.

De Grondwet voorziet in de oprichting van burgerlijke en strafrechtbanken “voldoende in aantal om goed en tijdig recht te spreken en om binnen de grenzen van hun respectieve bevoegdheden de efficiënte toepassing van de bepalingen van deze Grondwet te verzekeren en waarbij de fundamentele rechten en vrijheden worden gewaarborgd” (Artikel 158.2.).

2. Het hooggerechtshof is opgericht in 1964. Het nam de rechtsprekende en andere bevoegdheden over van het grondwettelijk hooggerechtshof en van het hof dat vroeger in het Engels als het "High Court" bekend was (terwijl het in het Grieks dezelfde naam droeg als het huidige hooggerechtshof) .*

Het hooggerechtshof oefent zijn bevoegheden uit overeenkomstig de Grondwet en binnen het daarin uiteengezette kader voor de uitoefening van de respectieve bevoegdheden van het grondwettelijk hooggerechtshof en van de High Court.

3. De Grondwet van Cyprus stelt de strikte scheiding van de machten vast.

Institutionele en functionele scheiding der machten is een wezenlijk kenmerk van de Grondwet. Uitgezonderd wanneer de Grondwet anders bepaald, wordt de macht uitgeoefend door de tak (wetgevend, uitvoerend, rechterlijk) waaraan die als een normaal gevolg toebehoort overeenkomstig de aard van de specifieke functie. Het criterium om de aard en de classificatie van de functies van de staat te bepalen, is doorslaggevend. In het geval van onenigheid of twijfel, is de rechterlijke macht, als de macht die van nature is uitgerust om de grondwet en de wetten te interpreteren, de scheidsrechter. Elk van de drie machten is onafhankelijk en autonoom op zijn gebied en handelt op zichzelf om zijn gezag te waarborgen. Elke macht heeft de uitsluitende bevoegdheid om regels inzake zijn functioneren vast te stellen. In het geval van de rechterlijke macht, worden de procedureregels en de institutionele bepalingen die de uitoefening van de rechterlijke macht in het algemeen beheersen, uitsluitend door het hooggerechtshof bepaald.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

4. DE ORGANISATIE VAN DE RECHTSPRAAK IN CYPRUS

  1. In Cyprus wordt recht gesproken door het hooggerechtshof en de lagere rechtbanken waarin de wet voorziet.
  2. Het oprichten van rechtsprekende organen of van ad hoc-rechtbanken onder welke naam ook, is niet toegestaan. Geen rechtbank mag worden opgericht of functioneren buiten de bij de Grondwet vastgestelde rechterlijke orde. Al de lagere rechtbanken zijn geïntegreerd in de gerechtelijke hiërarchie. Alle rechters van het hooggerechtshof en van de lagere rechtbanken zijn permanente rechters van de Republiek Cyprus en zij genieten allen dezelfde waarborgen van vastheid en onafhankelijkheid.
  3. De oprichting, samenstelling en werking van elke rechtbank moet in overeenstemming zijn met de waarborgen van een eerlijk proces en de waarborgen garanderen die als een individueel recht in de Grondwet zijn opgenomen (artikel 30.2 van de Grondwet).
  4. De effectieve bescherming van de mensenrechten is een verplichting voor elke macht binnen de perken van zijn bevoegdheid (artikel 35 van de Grondwet).
Recht moet worden gesproken
  1. door rechtbanken die onpartijdig zijn en krachtens de wet bevoegdheid hebben om recht te spreken;
  2. in het kader van een onbevooroordeelde openbare hoorzittng en
  3. binnen een redelijke termijn;

het proces eindigt met een gemotiveerd oordeel van de rechtbank.

5. Het hooggerechtshof is de hoogste rechterlijke autoriteit.

Het is samengesteld uit een voorzitter en 12 andere leden. De rechters van het hooggerechtshof zijn gelijken op alle gebied. De voorzitter is de primus inter pares.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

6. DE RECHTSPREKENDE BEVOEGDHEID VAN HET HOOGGERECHTSHOF

Het hooggerechtshof is het hoogste hof van beroep van de Republiek. De Grondwet zelf voorziet niet in een recht op hoger beroep. Het recht op hoger beroep tegen de vonnissen van elke rechtbank wordt bij wet vastgesteld. Er zijn twee niveaus van rechtspraak: eerste aanleg en tweede aanleg. Naast het hoger beroep heeft het hooggerechtshof rechtsprekende bevoegdheid op de volgende gebieden.

  1. bevoegdheid als grondwettelijk hof: a priori en a posteriori controle van de grondwettigheid van de wetten (en van besluiten), uitlegging van de grondwetsbepalingen die onduidelijk zijn en oplossing van conflicten tussen autoriteiten en instellingen van de Republiek.
  2. rechterlijke toestsing: toetsing van de wettigheid van handelingen, besluiten en nalaten van elk orgaan, overheid of persoon die uitvoerend of administratief gezag uitoefent. De toetsing wordt uitgevoerd op verzoek van een persoon die een klacht heeft over het feit dat hij een bestaand wettig belang heeft dat nadelig en rechtstreeks wordt geraakt; het verzoek moet worden ingediend binnen de 75 dagen na de dag waarop de indiener van het verzoek kennis nam van de aangelegenheid.
  3. bevoegdheid om prerogative writs uit te vaardigen (prerogatieve bevelschriften): deze bevoegdheid stemt overeen met die van de High Court of England om writs of habeas corpus, mandamus, prohibition, quo warranto en certoriari, uit te vaardigen die ‘prerogative’ worden genoemd om historische redenen. De writ of habeas corpus is bedoeld om de wettigheid van de hechtenis van een individu te controleren. Het belangrijkste doel van de writs of certiorari and prohibition is te garanderen dat lagere rechtbanken kunnen werken binnen de perken van hun bevoegdheid en in overeenstemming met de fundamentele regels van de rechtspraak. De writ of mandamus is een bevel; het staat toe een lagere rechtbank of overheid te bevelen een bij wet vastgestelde taak uit te oefenen (buiten het gebied van administratieve handelingen). De writ of quo warranto biedt de overheid de mogelijkheid de grondslag te controleren voor het opnemen van overheidsgezag om misbruik van gezag te voorkomen en te verhinderen.
  4. bevoegdheid als een electoraal hof.
  5. bevoegheid als een rechtbank van eerste aanleg in de bij wet vastgestelde aangelegenheden.

7. UITOEFENING VAN DE BEVOEGDHEID VAN HET HOOGGERECHTSHOF

  1. Over het algemeen wordt in eerste aanleg recht gesproken door een alleenzetelend rechter.
  2. Tegen een door het hooggerechtshof in eerste aanleg uitgesproken arrest kan hoger beroep worden aangetekend voor een kamer van vijf leden van het hof.
  3. Rechterlijke toetsing kan, wanneer het hooggerechtshof het nodig vindt, direct door het volledige hof, bestaande uit ten minste zeven rechters, plaatsvinden, waarbij er geen hoger beroep kan worden aangetekend.
  4. Bij hoger beroep tegen vonnissen van lagere rechtbanken wordt de bevoegdheid van het hooggerechtshof uitgeoefend door een kamer van drie leden. Het hof kan echter beslissen de beroepskamer uit te breiden wanneer zich bijzondere juridische problemen voordoen.
  5. De bevoegdheden van het hooggerechtshof als grondwettelijk hof en electoraal hof worden uitgeoefend door het volledige hof.

8. DISTRICTSRECHTBANKEN

De districtsrechtbanken en assisenrechtbanken, die zijn samengesteld uit leden van de districtsrechtbanken, zijn bevoegd in burgerlijke en strafzaken. Burgerlijke geschillen worden niet aan de districtsrechtbank voorgelegd als de bevoegdheid door de wet is toegewezen aan:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. het hooggerechtshof;
  2. lagere rechtbanken met bevoegdheden op specifieke gebieden (beperkte rechterlijke bevoegdheid).

Er is een districtsrechtbank in elk administratief district van Cyprus*.

De rechterlijke bevoegdheid – in burgerlijke of strafzaken – van de districtsrechtbank is lokaal. De rechtbank spreekt zich uit over vorderingen in kwesties die zich voordoen in het district, or wanneer de verweerder daar woont**.

9. RECHTERS IN DE DISTRICTSRECHTBANKEN

Districtsrechtbanken zijn samengesteld uit voorzitters, hogere districtsrechters en districtsrechters. De materiële bevoegdheid van een rechter in burgerlijke zaken hangt af van de aard van het geschil wat de financiële waarde betreft en van de plaats van de rechter in de hiërarchie. Een districtsrechter is bevoegd in de gevallen waarin de waarde van het geschil minder dan 50 000 CYP bedraagt. Een hogere districtsrechter is bevoegd voor zaken tot 250 000 CYP. De voorzitter van de districtsrechtbank heeft onbeperkte bevoegdheid in eerste aanleg.

Alle rechters van de districtsrechtbank hebben dezelfde bevoegdheid in strafzaken. Zij kunnen oordelen over alle misdrijven die strafbaar zijn met een gevangenisstraf tot vijf jaar en, met de instemming van de proceur-generaal, ook over misdrijven die zwaarder worden bestraft, wanneer zij ervan overtuigd zijn dat dit gerechtvaardigd is door alle feiten van de zaak, eveneens rekening houdend met de straffen die door de districtsrechtbank zouden kunnen worden opgelegd.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De bevoegdheid van de districtsrechtbank is territoriaal. Zij is bevoegd voor klachten over misdrijven die gepleegd zijn binnen de grenzen van het district waarin zij actief is.

De bevoegheid van een assisenrechtbank is niet gebonden aan territoriale of materiële beperkingen. De rechtbank kan oordelen over elk misdrijf, ongeacht de ernst ervan en de plaats waar het is gepleegd.

De assisenrechtbank heeft drie leden. Zij is samengesteld uit een voorzitter van een districtsrechtbank, een hogere districtsrechter en een districtsrechter.

Nu zijn er vier permanente assisenrechtbanken.

10. LAGERE RECHTBANKEN MET RECHTERLIJKE BEVOEGDHEID OP BIJZONDERE GEBIEDEN

  1. Familierechtbanken
    Een familierechtbank heeft rechterlijke bevoegdheid voor het beslechten van geschillen tussen leden van de Grieks-orthodoxe kerk betreffende echtscheiding, scheiding van tafel en bed, het samenwonen van echtgenoten, of familieverhoudingen.
    Onder het begrip "familieverhoudingen" vallen ook vermogensrechtelijke verhoudingen. In echtscheidingsprocedures is de familierechtbank samengesteld uit drie leden, met name een voorzitter en twee rechters van de rechtbank.
    Elk ander geschil wordt behandeld door een alleenzetelend lid van de rechtbank.
    Er zijn nu twee familierechtbanken in Cyprus.
  2. Rechtbanken voor huurgeschillen
    Een rechtbank voor huurgeschillen is bevoegd voor geschillen inzake gereguleerde huur van gronden en woningen. De rechtbank is samengesteld uit een voorzitter, die advocaat is, en uit twee leden die geen advocaat zijn, die worden aangeduid door de hoge raad voor de magistratuur, één uit de vertegenwoordigers van verhuurders en één uit die van de huurders.
    Het vonnis wordt uitgesproken door de voorzitter van de rechtbank, nadat hij de standpunten van de bijzitters in beschouwing heeft genomen. De rol van de bijzitters is louter raadgevend.
    Er zijn momenteel drie rechtbanken voor huurgeschillen in Cyprus.
  3. Rechtbanken voor industriële geschillen
    Een rechtbank voor industriële geschillen is bevoegd om recht te spreken in zaken van beëindiging van tewerkstelling en voor het vaststellen van de vergoeding die aan de werknemer wordt betaald.
    De rechtbank is samengesteld uit een voorzitter, die advocaat is, en uit twee leden die geen advocaat zijn, één van de werkgeverszijde en één van de werknemerszijde. De leden van de rechtbank worden aangeduid door de hoge raad voor de magistratuur uit een door de bevoegde minister voorgelegde lijst. Het standpunt van de voorzitter met betrekking tot juridische punten die in om het even welke fase van de procedure worden opgeworpen, is bindend voor de leden.
    Er zijn momenteel drie rechtbanken voor industriële geschillen in Cyprus.
  4. De militaire rechtbank
    De militaire rechtbank is bevoegd voor misdrijven gepleegd door de leden van de krijgsmacht. De rechtbank is samengesteld uit een voorzitter, die advocaat is, en uit twee leden van de krijgsmacht die door de hoge raad voor de magistratuur worden aangeduid uit een door de bevoegde minister voorgelegde lijst.
    De voorzitter en leden van de familierechtbanken en de voorzitters van rechtbanken voor huurgeschillen, de rechtbanken voor industriële geschillen en de militaire rechtbank zijn rechters in vaste dienst.

11. DE BEVOEGDHEDEN VAN DE RECHTBANKEN

DE RECHTSPREKENDE BEVOEGDHEDEN VAN DE RECHTBANKEN

HET HOOGGERECHTSHOF

De rechtsprekende bevoegdheden van het hooggerechtshof zijn in de Grondwet vastgesteld en aanvullend in de wet betreffende de rechterlijke organisatie. De bevoegdheden moeten steeds in overeenstemming zijn met het beginsel van de scheiding der machten en met de onafhankelijkheid en de autonomie van de rechterlijke macht.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

LAGERE RECHTBANKEN

De rechtsprekende bevoegdheden van de lagere rechtbanken zijn vastgesteld in de wet betreffende de oprichting en de werking ervan. In dit geval moet ook de wetgeving in overeenstemming zijn met de bepalingen van de Grondwet. De voorwaarden van de rechtsbedeling zijn dezelfde voor alle rechtbanken.

DE INTRINSIEKE BEVOEGDHEDEN VAN DE RECHTBANKEN

Het hooggerechtshof en alle lagere rechtbanken beschikken over de intrinsieke bevoegdheid de dienstvoorschriften uit te vaardigen die nodig zijn om hun oprichting en werking als rechtsprekende organen te garanderen.

12. BEVOEGDHEID VAN HET HOOGGERECHTSHOF BETREFFENDE DE BENOEMING, BEVORDERING, OVERPLAATSING, DIENSTBEËINDIGING EN ONTSLAG VAN LEDEN VAN DE RECHTERLIJKE MACHT

  1. Het hooggerechtshof is de hoge raad voor de magistratuur van het land
  2. Volgens de Grondwet heeft de hoge raad voor de magistratuur exclusieve bevoegdheid over de aanstelling, bevordering, overplaatsing van en tuchttoezicht over de leden van de lagere rechtbanken.
  3. Een rechter treedt uit dienst wanneer hij mentaal, fysiek of door zwakte niet bekwaam is om zijn taken te vervullen.
  4. Een rechter kan worden ontslagen op grond van wangedrag.

Het hooggerechtshof heeft de bevoegdheid om de aanstelling van een rechter, ongeacht zijn rang, wegens mentale of fysieke onbekwaamheid te beëindigen, of om een rechter te ontslaan op grond van wangedrag, via een gerechtelijke procedure waarin de rechter moet worden gehoord en zijn zaak voor de rechtbank kan bepleiten.

----------

(De tekst hierboven komt uit het verslag van de voorzitter van het hooggerechtshof van Cyprus, mr. G. M. Pikis, aan de European Conference on Contemporary European Concerns in the Internal Administration of Justice in 2000 (Athene, 4–6 juni 1999.)).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

----------

13. DE GRIFFIES VAN HET HOOGGERECHTSHOF, DE DISTRICTSRECHTBANKEN, DE FAMILIERECHTBANKEN, DE RECHTBANKEN VOOR INDUSTRIELE GESCHILLEN, DE RECHTBANKEN VOOR HUURGESCHILLEN EN DE MILITAIRE RECHTBANK

De griffies van het hooggerechtshof en van de lagere rechtbanken zijn bemand door ondervermelde ambtenaren en bedienden, die hun taken van hun posten uitoefenen in overeenstemming met de instructies van het hooggerechtshof en met de bepalingen van de relevante wetgeving of procedureregels.

  1. De hoofdgriffier staat aan het hoofd van de administratieve diensten van de rechterlijke organisatie.
  2. De adjunct-hoofdgriffier verleent bijstand bij de organisatie, supervisie, beheer en controle van de werking van de administratieve diensten van de rechterlijke organisatie.
  3. Hogere griffiers: zij staan aan het hoofd van het administratief personeel van de districtsrechtbanken.
  4. Griffiers van graad I. Griffiers van graad I staan aan het hoofd van administratieve diensten van de rechtbanken (verzoekschriften, hoger beroep in burgerlijke en strafzaken, verzoeken om rechterlijke toetsing en verslagen, juridische publicaties, admiraliteit, burgerlijke zaken voor de districtsrechtbank, strafzaken voor de districtsrechtbank, eigendomsbeheer, uitvoering van vonnissen en bevelschriften).
  5. Gerechtelijke ambtenaren: zij verrichten juridische werkzaamheden bij het hooggerechtshof.
  6. Eerstaanwezende steno-typisten bij de rechtbanken. Steno-typisten bij de rechtbank stellen de notulen op van de procedures voor de rechtbank en maken er een volledige transcriptie van.
  7. Eerstaanwezende deurwaarders: zij verrichten werkzaamheden betreffende de uitvoering van gerechtelijke beslissingen.
  8. Boekhoudkundige ambtenaren.
  9. Secretariaatspersoneel: secretarissen, kantoorpersoneel/typisten, kantoorassistenten en boden.

De griffier van elke rechtbank verzendt alle dagvaardingen en dwangbevelen, registreert elk bevel en vonnis, houdt een archief bij van procedures voor de rechtbank, verschaft eensluidend verklaarde afschriften van processen en houdt een register bij van alle telasteleggingen en van de voor de rechtbank betaalde en te betalen boeten. In districtsrechtbanken houdt de griffier toezicht op het beheer van de onroerende goederen overeenkomstig de bepalingen van artikel 189 van de wet inzake het beheer van de onroerende goederen en garandeert dat de rekeningen van de executeurs en administrateurs correct worden voorgelegd. Hij is de door de rechtbank aangeduide persoon voor de goedkeuring van uitgaven en de uitvoering van de gerechtelijke beslissingen.

* Wet 33/64; Procureur-Generaal van de Republiek / Mustafa Ibrahim en anderen (1964) C.L.R. 195.

* Aanvulling bij de originele tekst: zie ook arrest nr. 1383 van het hooggerechtshof overeenkomstig artikel 3, lid 4, van de wet betreffende de rechterlijke organisatie van 1960 (14/60) – Publicatieblad van de Republiek Cyprus, nr. 1130 van 13 september 1974.

** Aanvulling van de originele tekst: zie ook wet 43/74.

« Organisatie van de rechtspraak - Algemene informatie | Cyprus - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 09-02-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk