Europese Commissie > EJN > Alimentatievorderingen > Gemeinscheftsrecht

Laatste aanpassing: 09-02-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Alimentatievorderingen - Gemeinscheftsrecht

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


Voor de laatst bijgewerkte tekst: zie English

"Ik heb recht op alimentatie vanuit een andere lidstaat, maar deze wordt niet betaald."

Om betaling af te dwingen van uw "onderhoudsplichtige" die in een andere lidstaat woont, zult u een beroep moeten doen op de rechter van de staat waar u om tenuitvoerlegging van de beslissing verzoekt. Er bestaan reeds communautaire bepalingen die u kunnen helpen uw alimentatie te innen in een andere lidstaat dan die waar u woont. Deze regels worden binnenkort verbeterd.

  • Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (de zogenaamde verordening "Brussel I") bevat regels inzake de bijzondere bevoegdheid van de gerechten ten aanzien van alimentatievorderingen. De bepalingen van de verordening zijn rechtstreeks toepasselijk sinds 1 maart 2002. Dit betekent dat iedereen zich er voor een gerecht op kan beroepen. Zij zijn niet van toepassing in Denemarken, waarvoor het Verdrag van Brussel van 27 september 1968 over hetzelfde onderwerp van toepassing blijft.

Overeenkomstig deze verordening heeft de onderhoudsgerechtigde de keuze zich te richten tot ofwel de bevoegde rechtbank van de lidstaat waar de onderhoudsplichtige woonachtig is, ofwel de rechtbank van de lidstaat waar hij zelf zijn woonplaats of zijn gewone verblijfplaats heeft. De onderhoudsgerechtigde bevindt zich dus in een gunstige positie. Wanneer daarentegen de onderhoudsplichtige de zaak aanhangig maakt, geldt de algemene regel en heeft hij slechts één enkele mogelijkheid, namelijk de inleiding van een procedure bij de bevoegde rechtbank van de lidstaat waar zijn tegenpartij (de onderhoudsgerechtigde) woonachtig is.

Bovendien wordt indien de alimentatievordering een bijkomende eis is die verbonden is met een vordering betreffende de 'staat van personen' (bv. echtscheiding) de zaak gebracht voor het gerecht dat bevoegd is van de vordering betreffende de staat kennis te nemen, behalve in het geval dat deze bevoegdheid uitsluitend berust op de nationaliteit van een der partijen.

De in een lidstaat gegeven beslissingen inzake onderhoudsverplichtingen worden in de overige lidstaten erkend (artikel 33 van de verordening) en ten uitvoer gelegd nadat zij aldaar, ten verzoeke van iedere belanghebbende persoon, uitvoerbaar zijn verklaard (artikel 38 van de verordening).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Anders dan in het Verdrag van Brussel van 1968, waarvoor de verordening in de plaats komt, is het op basis van de verordening (artikel 34) niet mogelijk de erkenning van een beslissing die strijdig is met het internationaal privaatrecht van de aangezochte staat te weigeren, wanneer de beslissing van het gerecht van oorsprong een kwestie over de staat of bevoegdheid van personen betreft. Thans kan een buitenlandse beslissing alleen dan niet worden erkend wanneer de erkenning strijdig is met de openbare orde of onverenigbaar met een eerdere beslissing of wanneer het stuk dat het geding inleidt, niet tijdig is betekend of meegedeeld.

Tot slot worden ingevolge artikel 57 overeenkomsten inzake de onderhoudsverplichtingen die voor een administratieve overheid zijn gesloten of door haar zijn bekrachtigd, aangemerkt als authentieke akten waarvoor een vereenvoudigd systeem van tenuitvoerlegging geldt.

Hoewel deze procedure relatief eenvoudig lijkt, ruimt de verordening niet alle belemmeringen voor het vrije verkeer van justitiële beslissingen in de Europese Unie uit de weg en blijven intermediaire maatregelen gehandhaafd die nog te restrictief zijn.

  • De Europese Raad heeft in oktober 1999 in Tampere opgeroepen tot verdere vermindering van de intermediaire maatregelen die vereist zijn voor de tenuitvoerlegging van buitenlandse beslissingen. In november 2000 heeft de Raad een programma van wederzijdse erkenning van justitiële beslissingen aangenomen. Het uiteindelijke doel is afschaffing van het exequatur voor alle beslissingen in burgerlijke en handelszaken. In dit verband zijn alimentatievorderingen duidelijk een prioriteit.
  • Vervolgens hebben het Europees Parlement en de Raad op 21 april 2004 Verordening (EG) nr. 805/2004 tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet-betwiste schuldvorderingen aangenomen. Alimentatievorderingen vallen slechts onder deze verordening wanneer zij kunnen worden aangemerkt als niet‑betwiste schuldvorderingen.
  • Met het oog op de aanpak van alle problemen in verband met de inning van alimentatievorderingen heeft de Commissie in april 2004 een groenboek over onderhoudsverplichtingen gepresenteerd.
  • Op 15 december 2005 heeft de Commissie bij de Raad een voorstel voor een verordening betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen, en de samenwerking op het gebied van onderhoudsverplichtingen ingediend. Dit voorstel heeft ten doel alle nog bestaande hinderpalen voor de inning van alimentatievorderingen binnen de Europese Unie uit de weg te ruimen.

Dit voorstel zal het mogelijk maken een rechtskader te creëren dat aangepast is aan de rechtmatige aspiraties van de onderhoudsgerechtigden, die gemakkelijk, snel en in de regel zonder kosten, een executoriale titel moeten kunnen verkrijgen, die zonder belemmering binnen de Europese justitiële ruimte kan circuleren en concreet kan uitmonden in de regelmatige betaling van de verschuldigde bedragen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Deze nieuwe Europese rechtsorde vereist maatregelen die zich niet mogen beperken tot het bijwerken van de bestaande mechanismen. Er worden dus ambitieuze maatregelen voorgesteld op alle relevante gebieden van de justitiële samenwerking in burgerlijke zaken: internationale bevoegdheid, toepasselijk recht, erkenning en tenuitvoerlegging, samenwerking en afschaffing van hinderpalen voor de goede werking van procedures. Deze alomvattende antwoorden worden in één enkel instrument verenigd.

  • Het voorstel voor een verordening heeft dus drie hoofddoelstellingen:
  1. het leven van de burgers vereenvoudigen door de formaliteiten voor de verkrijging en tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen in om het even welke lidstaat te beperken en door de onderhoudsgerechtigden praktische hulp en bijstand te verlenen. Er moet met name worden gewezen op de mogelijkheid om in het land van de gewone verblijfplaats alle stappen te ondernemen om, ook in de fase van de eigenlijke tenuitvoerlegging, met name loonbeslag of bankbeslag te verkrijgen, om samenwerkingsmechanismen te starten of om toegang te krijgen tot informatie aan de hand waarvan de onderhoudsplichtige kan worden opgespoord en de waarde van zijn vermogen kan worden vastgesteld;
  2. de rechtszekerheid versterken door de harmonisatie van de collisieregels;
  3. zorgen voor een doeltreffende en duurzame inning door aan de onderhoudsgerechtigde de mogelijkheid te bieden om een beslissing te verkrijgen die in de hele Europese Unie uitvoerbaar is en die vervolgens ten uitvoer kan worden gelegd volgens een eenvoudige en geharmoniseerde regeling.
  • Het voorstel voor een verordening is bij de Raad ingediend volgens de procedure van artikel 67, lid 2, eerste streepje, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, dat bepaalt dat de Raad beslist met eenparigheid van stemmen en na raadpleging van het Europees Parlement. Dit voorstel heeft betrekking op het familierecht en kan overeenkomstig het verdrag dus niet worden vastgesteld volgens de medebeslissingsprocedure.

Deze interpretatie, die gelet op de zeer nauwe banden tussen de onderhoudsverplichtingen en het familierecht vanuit juridisch oogpunt geboden is, heeft echter drie nadelen:

    • zij houdt niet voldoende rekening met de hybride aard van het concept van de onderhoudsverplichting - familiaal van oorsprong, maar pecuniair in de tenuitvoerlegging, zoals elke vordering
    • zij gaat voorbij aan het feit dat de Gemeenschapswetgever er tot nu toe altijd vanuit is gegaan dat onderhoudsverplichtingen aan de gemeenrechtelijke regeling konden worden onderworpen (cf. de verordening Brussel I, die het familierecht uitsluit van haar werkingssfeer, maar niet de onderhoudsverplichtingen; evenzo omvat de verordening tot invoering van een Europese executoriale titel de alimentatievorderingen en werd zij aangenomen volgens de medebeslissingsprocedure
    • zij verhindert dat het Europees Parlement ten volle zijn rol speelt.

Daarom heeft de Commissie de Raad in een mededeling verzocht om het gebied van de onderhoudsverplichtingen van de eenparigheid naar de medebeslissing over te hevelen, overeenkomstig artikel 67, lid 2, tweede streepje, van het EG-Verdrag.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Samen met deze maatregelen zullen doeltreffende mechanismen voor samenwerking tussen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten worden ingevoerd.

In dit verband moet worden beklemtoond dat alle lidstaten (met uitzondering van Letland, Litouwen en Malta) partij zijn bij het Verdrag van New York français van 20 juni 1956 inzake de inning in het buitenland van uitkeringen tot onderhoud, dat onder auspiciën van de Verenigde Naties English - español - français is gesloten. Dit verdrag voert een mechanisme in voor administratieve samenwerking tussen de door de lidstaten ingestelde autoriteiten.

Tot slot moet eraan worden herinnerd dat enkele lidstaten tevens partij zijn bij vier verdragen van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht die van toepassing zijn op het gebied van onderhoudsverplichtingen (zie "Internationaal recht").

Referentiedocumenten

  • Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (Rome I) (COM/2005/650)
  • Mededeling van de Commissie aan de Raad waarin de Raad wordt verzocht artikel 251 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap toepasselijk te maken op de krachtens artikel 65 van het Verdrag op het gebied van onderhoudsverplichtingen genomen maatregelen (COM/2005/648)
  • Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet-betwiste schuldvorderingen
  • Groenboek over onderhoudsverplichtingen - Reacties English - français DOC File (DOC File 94 KB) op dit groenboek
  • Programma van maatregelen voor de uitvoering van het beginsel van wederzijdse erkenning van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
  • Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
  • Conclusies van het voorzitterschap - Europese Raad van Tampere (15 en 16 oktober 1999)
  • Verdrag English - français van 2 oktober 1973 betreffende de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen over onderhoudsverplichtingen (Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht)
  • Verdrag English - français van 2 oktober 1973 inzake de wet die van toepassing is op onderhoudsverplichtingen (Haagse Conferentie voor Internationaal privaatrecht)
  • Verdrag van Brussel van 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (geconsolideerde versie)
  • Verdrag van New York français van 20 juni 1956 inzake de inning in het buitenland van uitkeringen tot onderhoud (Verenigde Naties)

« Alimentatievorderingen - Algemene informatie | Gemeinscheftsrecht - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 09-02-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk