Europese Commissie > EJN > Rechtsorde > Litouwen

Laatste aanpassing: 12-03-2008
Printversie Voeg toe aan favorieten

Rechtsorde - Litouwen

 

INHOUDSOPGAVE

1. Juridische instrumenten of rechtsbronnen 1.
2. Aanvullende rechtsbronnen 2.
3. De hiërarchie in rechtsbronnen 3.
4. De inwerkingtreding van internationale regels 4.
5. De autoriteiten belast met de vaststelling van regelgeving 5.
6. Het proces van wetgeving 6.
7. De wijze van inwerkingtreding van nationale regels 7.
8. Middelen om eventuele conflicten tussen rechtsregels te regelen 8.

 

1. Juridische instrumenten of rechtsbronnen

Rechtsbronnen zijn de officiële middelen waarmee uitdrukking wordt gegeven aan rechtsregels en waarin deze worden samengebracht.

Juridisch instrument - een officieel schriftelijk document dat is goedgekeurd door een bevoegde staatsinstelling waarin rechtsregels worden samengebracht en uitgelegd of waarin de basis wordt vastgesteld waarop rechtsregels van toepassing zijn in individuele zaken. Aan de hand van de aard van de juridische informatie die erin is neergelegd, worden de volgende typen juridische instrumenten onderscheiden:

  1. Wetgevingsinstrumenten - schriftelijke besluiten van staatsinstellingen inzake de vaststelling, wijziging of intrekking van regels van algemene aard, die van toepassing zijn op een niet nader gedefinieerde reeks onderwerpen en door de Staat zijn goedgekeurd. De wetgevingsinstrumenten worden onderverdeeld in twee groepen:
    • Wetten - juridische instrumenten die door het parlement (Seimas) van de Republiek Litouwen of bij nationaal referendum zijn aangenomen, waarin de algemene rechtsregels zijn neergelegd die tot doel hebben de belangrijkste menselijke betrekkingen te regelen en die het hoogste niveau van rechtskracht vertegenwoordigen. Een wet wordt beschouwd als een fundamentele rechtsbron.
    • Secundaire wetten - wetgevingsinstrumenten die zijn vastgesteld op basis van wetten, waardoor die wetten in werking treden en ten uitvoer worden gelegd. Secundaire wetten mogen niet in strijd zijn met een wet. Een secundaire wet kan de volgende vormen aannemen:
      • resoluties van de Seimas (het Litouwse parlement)
      • resoluties van de regering
      • instructies en bevelen van ministeries
      • resoluties en besluiten van lokale autoriteiten en bestuursorganen
      • overige
  2. Interpretatieve instrumenten worden vastgesteld om de betekenis en inhoud van geldende rechtsregels te verduidelijken. Zij worden vastgesteld door de instellingen die verantwoordelijk zijn voor de interpretatie van de betreffende rechtsregels.
  3. Individuele uitvoeringsinstrumenten zijn een middel om bepalingen die in wetgeving zijn neergelegd ten uitvoer te leggen. Individuele instrumenten hebben rechtsgevolgen die vergelijkbaar zijn met die van wetgevingsinstrumenten, maar zij hebben niet de status van rechtsbron omdat er geen algemeen toepasbare regels van algemene strekking tot stand worden gebracht en de bepalingen die erin zijn opgenomen gericht zijn op specifieke personen in specifieke gevallen en slechts eenmaal van toepassing zijn. Met andere woorden, zij zijn slechts geldig totdat de maatschappelijke omstandigheden waarmee zij verband houden ophouden te bestaan (benoeming in een functie, waarschuwing, toekenning van een pensioen enzovoorts).

2. Aanvullende rechtsbronnen

Naast wetgevingsinstrumenten worden in Litouwen ook de volgende primaire rechtsbronnen onderscheiden:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Algemene rechtsbeginselen (beginselen van goede trouw, rechtvaardigheid, individuele verantwoordelijkheid, evenredigheid) worden beschouwd als integraal onderdeel van het Litouwse rechtsstelsel. Zij worden zowel gebruikt als basis voor het interpreteren van wetgevingsinstrumenten als voor het dichten van hiaten in de wetgeving. Bovendien maken, krachtens artikel 135, lid 1 van de Litouwse grondwet, ook algemeen aanvaarde beginselen van internationaal recht deel uit van het Litouwse rechtsstelsel, en de Litouwse rechtbanken zijn derhalve verplicht deze beginselen toe te passen en in acht te nemen.
  • Gewoonterecht - dit zijn door de Staat goedgekeurde gedragsregels die in het publieke domein zijn ontstaan door hun herhaalde en voortdurende toepassing. Het Litouwse burgerlijk wetboek bepaalt dat dergelijk gewoonterecht een rechtstreekse rechtsbron is. Gewoonterecht kan worden toegepast als in een wet of een verdrag uitdrukkelijk is bepaald dat het moet worden toegepast of als er sprake is van een hiaat in de wetgeving. Gewoonterecht dat in strijd is met een algemeen rechtsbeginsel of met een dwingende rechtsregel is niet van toepassing.

Daarnaast worden de volgende afgeleide rechtsbronnen onderscheiden:

  • Juridisch precedent - een gerechtelijke uitspraak die een gerecht in dezelfde of eerdere instantie in een vergelijkbare zaak heeft gedaan. In het Litouwse rechtsstelsel worden precedenten hoofdzakelijk gebruikt ten behoeve van raadpleging.
  • Juridische doctrine.

3. De hiërarchie in rechtsbronnen

De hiërarchie in rechtsbronnen is een getrapt systeem dat bestaat uit een keten van aan elkaar ondergeschikte bronnen. In deze keten wordt de positie, het belang en de voorrang van een juridisch instrument bepaald aan de hand van de rol, het belang, de constitutionele autoriteit en de bevoegdheid van de instelling die het juridische instrument vaststelt. Deze hiërarchie is gebaseerd op differentiatie naar rechtskracht: een juridisch instrument dat een lagere positie inneemt in de hiërarchie mag niet in strijd zijn met een juridisch instrument dat een hogere positie heeft in het hiërarchische systeem. In het Litouwse rechtsstelsel is de hiërarchie in rechtsbronnen als volgt bepaald:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • De grondwet - dit juridische instrument heeft de grootste rechtskracht en vormt het fundament voor het vaststellen en toepassen van het recht. De grondwet legt overheidsprocedures vast, regelt de betrekkingen tussen overheidsautoriteiten en de burgers, en bevat de organisatorische beginselen van het politieke bestuur. Geen enkele wet noch enig ander juridisch instrument mag in strijd zijn met de grondwet.
  • Constitutionele wetten - dergelijke wetten regelen bijzonder belangrijke rechtsbetrekkingen, worden via bijzondere procedures aangenomen, en maken een integrerend deel uit van de Grondwet.
  • Door de Seimas geratificeerde internationale verdragen - dit zijn internationale verdragen die namens de Republiek Litouwen zijn gesloten, die niet in strijd zijn met de Litouwse grondwet, en zijn geratificeerd door de Seimas.
  • Gecodificeerde wetten (wetboeken) - dit zijn samenhangende, juridisch geïntegreerde wetten, die intern op elkaar zijn afgestemd op basis van een algemeen concept. Zij worden gekenmerkt door een hoge mate van bondigheid, en beogen de maatschappelijke betrekkingen op een bepaald gebied volledig te reguleren (voorbeelden zijn het burgerlijk wetboek, het wetboek van burgerlijke rechtsvordering, het wetboek van strafrecht, het arbeidswetboek enzovoorts).
  • Gewone wetten - deze wetten worden vastgesteld op basis van de grondwet, constitutionele wetten en geratificeerde internationale verdragen, waarbij rekening wordt gehouden met de vereisten waaraan de regels op het niveau van de burgers moeten voldoen.
  • Secundaire wetten (zie vraag nr 1).

4. De inwerkingtreding van internationale regels

Overeenkomstig de Litouwse grondwet zijn alleen bekendgemaakte wetten geldig. Litouwse verdragen die in werking zijn getreden moeten derhalve in Litouwen ten uitvoer worden gelegd. Het verzuim om een internationaal verdrag dat in werking is getreden in acht te nemen en/of ten uitvoer te leggen, kan niet worden gerechtvaardigd door een beroep te doen op binnenlandse (nationale) wettelijke bepalingen. Volgens de Litouwse grondwet maken internationale verdragen die door de Litouwse Seimas zijn geratificeerd deel uit van het Litouwse rechtstelsel, en daarom kunnen bepalingen van door Litouwen geratificeerde internationale verdragen, net als in veel andere continentaal Europese landen, rechtstreekse werking hebben.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Ingevolge de wet betreffende internationale verdragen van de Republiek Litouwen en bepaalde andere nationale wetten wordt in geval van een conflict tussen Litouwse nationale wetten en een geratificeerd internationaal verdrag, voorrang toegekend aan het geratificeerde internationale verdrag. Daarom moeten, als bepaalde kwesties op vergelijkbare wijze zijn geregeld in een internationaal, multilateraal of bilateraal verdrag, de bepalingen van het verdrag worden toegepast en niet die van de binnenlandse (nationale) wet. Als een bepaalde kwestie echter zowel in een bilateraal als in een multilateraal verdrag is geregeld, wordt voorrang toegekend aan het bilaterale verdrag. Hierbij moet worden opgemerkt dat wanneer een bepaalde kwestie zowel is geregeld in een bilateraal verdrag tussen de Republiek Litouwen en een EU-lidstaat als in wetgeving van de Europese Unie, voorrang wordt toegekend aan de EU-wetgeving.

Internationale overeenkomsten waarbij Litouwen partij is, moeten door de Litouwse rechtbanken worden uitgelegd en toegepast aan de hand van buitenlandse jurisprudentie.

Wetgeving van de Europese Unie

Aangezien verordeningen van de EU rechtstreekse werking hebben en direct van toepassing zijn, hoeven er geen speciale wetten of andere instrumenten aangenomen te worden om de tenuitvoerlegging ervan te bewerkstellingen.

EU-richtlijnen hebben geen rechtstreekse werking in de lidstaten, bijgevolg scheppen zij slechts verplichtingen voor zover het noodzakelijk is de resultaten die in een bepaalde richtlijn zijn neergelegd te verwezenlijken, waarbij het de nationale organen vrij staat zelf de middelen en maatregelen te kiezen om de richtlijnen ten uitvoer te leggen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5. De autoriteiten belast met de vaststelling van regelgeving

De Seimas is de enige instelling die bevoegd is om wetten vast te stellen. Alle andere juridische instrumenten die door overheidsautoriteiten worden vastgesteld moeten in overeenstemming zijn met de Litouwse grondwet en andere wetten.

Andere wetgevingsinstrumenten kunnen worden vastgesteld door:

  1. de Seimas (resoluties)
  2. de president (verordeningen)
  3. de regering (resoluties)
  4. ministeriële en andere regeringsorganen (besluiten)
  5. regionale bestuurders (besluiten)
  6. lokale autoriteiten (beschikkingen, besluiten).

6. Het proces van wetgeving

Internationale verdragen

De Seimas ratificeert de internationale verdragen waarbij Litouwen partij is door middel van wetten. De president van Litouwen legt internationale verdragen ter ratificatie voor aan de Seimas op zijn of haar eigen initiatief of op voorstel van de regering.

Internationale verdragen waarbij Litouwen partij is, maar waarvoor de Litouwse grondwet geen ratificatieprocedure voorziet, de wet betreffende internationale verdragen van de Republiek Litouwen en het verdrag zelf, worden goedgekeurd door middel van een besluit van de Litouwse regering. Het ministerie dat verantwoordelijk is voor de tenuitvoerlegging van een bepaald internationaal verdrag werkt samen met het ministerie van Buitenlandse Zaken om het verdrag ter goedkeuring voor te leggen aan de Litouwse regering.

Wetten

De procedure voor de vaststelling van wetten omvat de volgende fasen:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. tenuitvoerlegging van een initiatief tot vaststelling van wetgeving;
  2. registratie en herziening van het wetsontwerp door parlementaire commissies;
  3. herziening van het wetsontwerp in een parlementaire vergadering;
  4. aanneming van de wet;
  5. ondertekening en bekendmaking van de wet.

Leden van de Seimas, de president en de regering hebben het recht van initiatief. De Seimas is gehouden ieder wetsvoorstel te bespreken dat aan de Seimas wordt voorgelegd door 50 000 kiesgerechtigden. Voorstellen tot wijziging of aanvulling van de Litouwse grondwet moeten aan de Seimas worden voorgelegd door ten minste een kwart van de leden van de Seimas of ten minste 300 000 kiesgerechtigden. Wetsvoorstellen worden aangekondigd in de volgende publicaties: Seimo kronika en Valstybės žinios.

Tijdens vergaderingen van de Seimas wordt gesproken over het nut, de totstandkoming, en de fundamentele bepalingen en beginselen van een bepaald wetsvoorstel. Verder worden aan de Seimas alle amendementen en aanvullingen voorgelegd die de ten principale bevoegde commissie heeft ontvangen van personen met het recht van initiatief, evenals eventuele door de commissie aangenomen amendementen op wetsvoorstellen, die waren voorgesteld door de president, de regering of een lid van de Seimas.

Een wet wordt geacht te zijn aangenomen wanneer de meerderheid van de aan een vergadering deelnemende leden van de Seimas vóór de wet heeft gestemd. Constitutionele wetten van de Republiek Litouwen zijn aangenomen wanneer meer dan de helft van alle leden van de Seimas vóór de betreffende wet heeft gestemd, en kunnen slechts gewijzigd worden wanneer ten minste drie vijfde van alle leden van de Seimas vóór wijziging stemt.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Binnen tien dagen na de ontvangst van een door de Seimas aangenomen wet wordt deze door de president ondertekend en officieel bekendgemaakt of geretourneerd aan de Seimas voorzien van een met redenen omkleed advies voor een tweede lezing. Indien de president verzuimt een door de Seimas aangenomen wet binnen de gestelde termijn te ondertekenen of te retourneren, treedt de wet in werking zodra deze door de voorzitter van de Seimas is ondertekend en officieel bekendgemaakt. Een wet die in tweede lezing is behandeld door de Seimas wordt geacht te zijn aangenomen wanneer eventuele door de president voorgelegde amendementen en aanvullingen zijn goedgekeurd of wanneer, in het geval van een wet, meer dan de helft van alle leden van de Seimas voorstemt, of, in het geval van een constitutionele wet, ten minste drie vijfde van alle leden van de Seimas voorstemt.

Over wijzigingen van de grondwet die voortvloeien uit ander clausules in de grondwet moet worden gedebatteerd en hierover moet in twee stemrondes in de Seimas worden gestemd. Tussen de eerste en de tweede stemronde moet ten minste een periode van drie maanden verstrijken. Een wetsontwerp tot wijziging van de grondwet wordt geacht te zijn aangenomen wanneer ten minste twee derde van alle leden van de Seimas in elke stemronde heeft voorgestemd. Er moet ten minste een periode van een jaar verstrijken voordat een wijziging van de grondwet die niet is aangenomen aan de Seimas ter heroverweging kan worden voorgelegd.

7. De wijze van inwerkingtreding van nationale regels

Artikel 7 van de grondwet bepaalt dat uitsluitend wetten die zijn bekendgemaakt, geldig zijn. Wetten en andere juridische instrumenten worden officieel bekendgemaakt in de publicatie Valstybės žinios.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Wetten van de Republiek Litouwen treden in werking na ondertekening en bekendmaking door de president in Valstybės žinios, tenzij in de betreffende wet een latere datum van inwerkingtreding is bepaald.

Een bij referendum vastgestelde wet tot wijziging van de grondwet treedt niet eerder in werking dan een maand na de datum waarop het referendum waarbij de wet werd vastgesteld heeft plaatsgevonden.

Door de Seimas aangenomen juridische instrumenten, met uitzondering van wetten, presidentiële verordeningen, regeringsresoluties, besluiten van ministers of andere regeringsorganen, en andere wetgevingsinstrumenten die worden vastgesteld door de hoofden van overheidsautoriteiten en colleges, treden in werking op de dag nadat zij zijn gepubliceerd in Valstybės žinios, behalve als het betreffende juridische instrument andere procedures omvat voor de inwerkingtreding ervan.

Wetgevingsinstrumenten die worden vastgesteld door vertegenwoordigende en uitvoerende organen van lokale autoriteiten treden in werking op de dag nadat zij zijn gepubliceerd in de lokale pers of op de dag nadat in de lokale pers officieel is bekendgemaakt dat zij zijn vastgesteld en de gehele tekst op de daarvoor bestemde website van de lokale autoriteit is gepubliceerd, tenzij in het betreffende juridische instrument een latere datum van inwerkingtreding is bepaald.

8. Middelen om eventuele conflicten tussen rechtsregels te regelen

Indien een geratificeerd en in werking getreden internationaal verdrag waarbij Litouwen partij is bepalingen bevat die in strijd zijn met bepalingen van Litouwse wetten of andere juridische instrumenten die geldig waren op het moment dat het verdrag werd gesloten of die in werking zijn getreden na de inwerkingtreding van het verdrag, zijn de bepalingen van het internationale verdrag waarbij Litouwen partij is van toepassing.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Elke wet of enig ander juridisch instrument dat in strijd is met de grondwet is ongeldig.

Het constitutioneel hof beoordeelt of door de Seimas aangenomen wetten of andere juridische instrumenten in strijd zijn met de grondwet, en of juridische instrumenten van de president of de regering in strijd zijn met de grondwet of met wetten. Litouwse wetten of andere juridische instrumenten van de Seimas, de president of de regering zijn niet meer van toepassing vanaf de dag waarop officieel een beslissing van het constitutioneel hof wordt bekendgemaakt waarin wordt verklaard dat het betreffende instrument in strijd is met de Litouwse grondwet. Beslissingen van het constitutioneel hof over kwesties waarvoor het krachtens de grondwet bevoegd is zijn definitief en hiertegen staat geen hoger beroep open.

Het constitutioneel hof stelt ook een advies op over de vraag of een bepaald internationaal verdrag waarbij Litouwen partij is in strijd is met de grondwet. De definitieve beslissing hierover wordt genomen door de Seimas op basis van het advies van het constitutioneel hof over het internationale verdrag.

Indien het constitutioneel hof niet bevoegd is de verenigbaarheid van een wetgevingsinstrument te toetsen aan de grondwet of aan wetten en een rechtbank vaststelt dat dit wetgevingsinstrument of een deel daarvan in strijd is met een wet of een juridisch instrument van de regering, is de rechtbank niet verplicht dit juridische instrument in aanmerking te nemen bij het nemen van een beslissing. Rechtbanken met algemene bevoegdheid hebben het recht om procedures te schorsen en te besluiten zaken naar de bestuursrechter te verwijzen met het verzoek om na te gaan of een bepaald juridisch instrument of een deel daarvan onverenigbaar is met een wet of een juridisch instrument van de regering. Een wetgevingsinstrument (of een deel daarvan) wordt geacht te zijn ingetrokken en is doorgaans niet meer van toepassing vanaf de dag waarop een geldige beslissing van een bestuursrechter waarin dit instrument (of een deel ervan) onwettig wordt verklaard, officieel is bekendgemaakt.

« Rechtsorde - Algemene informatie | Litouwen - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 12-03-2008

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk