Europese Commissie > EJN > Rechtsorde > Finland

Laatste aanpassing: 09-11-2006
Printversie Voeg toe aan favorieten

Rechtsorde - Finland

 

INHOUDSOPGAVE

1. Rechtsbronnen 1.
1.1. Nationale rechtsbronnen 1.1.
1.2. Internationale rechtsbronnen en EU-recht 1.2.
2. Hiërarchie van rechtsbronnen 2.
3. Omzetting van internationale voorschriften in nationaal recht 3.
4. Wetgevende macht 4.
5. Goedkeuring en inwerkingtreding van wetten 5.
6. Collisieregels 6.
7. Aanvullende informatie en links 7.

 

1. Rechtsbronnen

Onder "rechtsbronnen" worden de bronnen verstaan waar de rechtsvoorschriften te vinden zijn. Er zijn zowel nationale als internationale rechtsbronnen. Er is geschreven en ongeschreven recht. Hieronder volgt een overzicht van de verschillende rechtsbronnen.

1.1. Nationale rechtsbronnen

Bij de belangrijkste nationale rechtsbronnen gaat het om geschreven recht: de grondwet, gewone wetten, verordeningen van de president, de raad van ministers of een ministerie en voorschriften van lagere autoriteiten. Verordeningen en voorschriften van lagere autoriteiten mogen alleen worden vastgesteld op basis van een grondwettelijke of wettelijke machtiging, waarin ook is aangegeven welk orgaan of welke instantie bevoegd is.

Wanneer er geen geschreven recht is, geldt volgens hoofdstuk 1, artikel 11, van het Wetboek van Rechtsvordering het gewoonterecht als rechtsbron. Dit mag evenwel alleen worden toegepast wanneer het niet onredelijk is. Het gewoonterecht is een zeer oude rechtsbron en het staat niet helemaal vast wat thans de reikwijdte ervan is. Het gaat vooral om een aantal praktijken die bijvoorbeeld nog in de handel voorkomen. Naargelang het geschreven recht meer gebieden omvat, wordt het gewoonterecht als rechtsbron minder belangrijk. Op sommige gebieden, zoals het verbintenissenrecht, heeft het gewoonterecht echter ook nu nog een sterke positie.

Tot de rechtsbronnen behoren ook de voorbereidende wetgevende werkzaamheden en de jurisprudentie. Omdat de voorbereidende werkzaamheden inzicht verschaffen in de bedoelingen van de wetgever, wordt er bij de wetsuitlegging op grote schaal gebruik van gemaakt. Bij de jurisprudentie zijn vooral de uitspraken van het hooggerechtshof en de hoogste administratieve rechter, hoewel zij niet wettelijk bindend zijn, van groot belang; zij hebben precedentwerking Ook uitspraken van andere gerechten kunnen belangrijke rechtsbronnen vormen. Wanneer de uitspraak van een lagere rechtbank in kracht van de gewijsde is gegaan, kan dit uitspraak grote betekenis krijgen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Tot de nationale rechtsbronnen behoren ook de rechtswetenschap, algemene rechtsbeginselen en feitelijke argumenten. Het is de uitdrukkelijke taak van de rechtswetenschap de inhoud van de rechtsorde te onderzoeken (uitlegging en classificatie van de wetgeving), zodat de rechtswetenschap ook een rechtsbron van betekenis geworden is. Hieronder zal evenwel duidelijk worden dat deze bronnen in de hiërarchie van rechtsbronnen een lagere positie innemen dan de eerder genoemde.

1.2. Internationale rechtsbronnen en EU-recht

Volkenrechtelijke verdragen en andere internationale verplichtingen die Finland is aangegaan, zijn juridisch bindende rechtsbronnen. Ook vormt de praktijk van de internationale instanties die deze verdragen toepassen een belangrijke rechtsbron. Tot de rechtsbronnen in deze categorie behoort bijvoorbeeld het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden van de Raad van Europa; voor de uitlegging van dit verdrag is de praktijk van het Europees Hof voor de rechten van de mens van groot belang.

Als lid van de Europese Unie is Finland natuurlijk ook gebonden aan het EU-recht. De belangrijkste Europese besluiten zijn de verordeningen en richtlijnen. Verordeningen gelden rechtstreeks in alle lidstaten, terwijl richtlijnen eerst in nationaal recht moeten worden omgezet. De voorbereidende werkzaamheden voor richtlijnen kunnen dus ook, maar in geringere mate dan bij nationale wetgeving, van belang zijn voor de uitlegging van die richtlijnen. Andere in de EU toegepaste regelgevingsinstrumenten zijn bindend voor alle lidstaten, dus ook voor Finland. Als onderdeel van het Europese recht vormen ook de beslissingen van het Europees Hof van Justitie een belangrijke rechtsbron.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2. Hiërarchie van rechtsbronnen

Van oudsher worden de nationale rechtsbronnen in Finland ingedeeld in rechtsbronnen met een sterk bindend karakter, rechtsbronnen met een zwak bindend karakter en rechtsbronnen zonder bindend karakter. Tot de eerste categorie behoren de wetten en het gewoonterecht. Deze rechtsbronnen staan bovenaan in de hiërarchie. Instanties die deel uitmaken van de uitvoerende macht, zijn verplicht deze rechtsbronnen ten uitvoer te leggen; anders is er sprake van een ambtsmisdrijf. De hiërarchie binnen de wetgeving is als volgt:

  1. grondwet,
  2. wetten,
  3. verordeningen van de president, de raad van ministers of een ministerie,
  4. voorschriften van lagere instanties.

Rechtsbronnen met een zwak bindend karakter, die in de hiërarchie een trede lager staan, zijn de voorbereidende werkzaamheden en de jurisprudentie. Een ambtenaar die ze niet toepast, begaat geen ambtsmisdrijf, maar de kans dat zijn besluit op een hoger niveau wordt gewijzigd, neemt toe. Geen bindend karakter hebben de rechtsleer, de algemene rechtsbeginselen en de feitelijke argumenten. Hoewel deze rechtsbronnen niet bindend zijn, mogen zij wel worden gebruikt. Zij kunnen de argumentatie en de motivering van een besluit kracht bijzetten.

Internationale verdragen hebben in Finland evenveel gewicht als het besluit waarmee zij in werking zijn gesteld. Wanneer een verdrag bij wet wordt omgezet, staan de verdragsbepalingen op gelijke voet met andere wetten, en wanneer dit bij verordening gebeurt, staan ze op gelijke voet met andere verordeningen.

EU-recht heeft altijd voorrang op nationaal recht. Wanneer een nationaal besluit in strijd is met bindend EU-recht, heeft het EU-recht dus altijd voorrang, ook al gaat het om de grondwet.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

3. Omzetting van internationale voorschriften in nationaal recht

Finland behoort tot de landen met een zogeheten duaal systeem. Dit betekent dat verdragen er niet automatisch in werking treden, maar eerst in nationaal recht moeten worden omgezet. Internationale verplichtingen op gebieden die volgens de grondwet bij wet geregeld moeten worden, moeten ook bij wet worden omgezet, en andere bij verordening. In die wet of verordening wordt aangegeven wanneer de verplichtingen in werking treden. Verdragen waartoe Finland is toegetreden, worden evenals de omzettingsbesluiten in de reeks "Verdragen" van het staatsblad opgenomen.

4. Wetgevende macht

De wetgevende macht is volgens de Finse grondwet het parlement. Dit keurt de wetten goed en beslist ook over wijzigingen van de grondwet. In de wetten, en ook in de grondwet, kan aan andere instanties de bevoegdheid worden verleend in bepaalde gevallen verordeningen of andere voorschriften uit te vaardigen. Op grond van een dergelijke machtiging kunnen de president, de raad van ministers of een ministerie verordeningen vaststellen. Wanneer niet wordt aangegeven wie gemachtigd wordt een verordening uit te vaardigen, is het de raad van ministers. Onder bepaalde voorwaarden kan een lagere instantie worden gemachtigd om voor specifieke kwesties wettelijke voorschriften vast te stellen. In dat geval moeten er echter wel bijzondere redenen in verband met het onderwerp van de regeling zijn en mag de betekenis van de regeling niet zodanig zijn dat een wet of verordening vereist is. Het toepassingsgebied van de machtiging moet ook duidelijk afgebakend zijn. Alleen bovengenoemde instanties kunnen algemeen verbindende voorschriften uitvaardigen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

5. Goedkeuring en inwerkingtreding van wetten

Het wetgevingsproces in het parlement begint met de indiening van een wetsvoorstel door de regering of met een initiatief van een lid van het parlement. Een wetsvoorstel van de regering wordt uitgewerkt door de ministeries, waarna het voorstel in de raad van ministers wordt behandeld. Of het voorstel aan het parlement wordt voorgelegd, wordt besloten tijdens een vergadering met de president.

In het parlement vindt eerst een algemeen debat over het voorstel van de regering plaats, waarna dit in een parlementaire commissie wordt behandeld. Daar worden deskundigen gehoord en wordt een rapport over het voorstel opgesteld. Vervolgens wordt het voorstel van de regering aan de voltallige vergadering voorgelegd, waarbij het rapport van de commissie als basis van de discussie dient. Daarna volgt nog een tweede lezing, waarbij het parlement een wet ongewijzigd kan goedkeuren, wijzigen of verwerpen. De uiteindelijke beslissingsbevoegdheid ligt dus bij het parlement. Wetten geworden in het parlement met een eenvoudige meerderheid van stemmen goedgekeurd, maar voor een wijziging van de grondwet is een gekwalificeerde meerderheid noodzakelijk. Na de goedkeuring door het parlement wordt de wet ter bekrachtiging aan de president voorgelegd. De wet treedt in werking op de datum die in de bepaling over de inwerkingtreding wordt genoemd, maar niet vóór de bekendmaking in het Finse staatsblad.

Verordeningen van de president, de raad van ministers of een ministerie worden uitgewerkt door het ministerie dat voor de aangelegenheid bevoegd is. Verordeningen van de president worden door deze op voordracht van de regering vastgesteld. Over verordeningen van de regering wordt besloten in een kabinetszitting, terwijl de bevoegde minister over een ministeriële verordening. Alle verordeningen worden in het Finse staatsblad bekendgemaakt. Zij worden van kracht op de datum die erin wordt genoemd, maar niet vóór de bekendmaking in het staatsblad.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De voorschriften van lagere instanties, die in de praktijk ook als besluiten worden aangeduid, worden door de bevoegde autoriteiten uitgewerkt en vastgesteld. Zij treden in werking op de datum die erin wordt genoemd en worden gepubliceerd in het publicatieblad van de betreffende instantie.

6. Collisieregels

Wanneer verschillende rechtsvoorschriften onverenigbaar zijn, zijn drie regels van toepassing:

  1. in de wetgevingshiërarchie gaat wetgeving van een hoger niveau voor dat van een lager niveau,
  2. bijzonder recht gaat voor algemeen recht,
  3. jonger recht gaat voor ouder recht.

De grondwettigheid van wetten wordt in Finland meestal preventief gecontroleerd. Daarom is er ook geen constitutioneel hof. Het behoort tot de taak van de grondwetscommissie van het parlement om tijdens het wetgevingsproces advies te geven over de grondwettigheid van wetsvoorstellen en andere aan haar voorgelegde aangelegenheden, alsmede over de compatibiliteit met internationale overeenkomsten inzake de rechten van de mens. De grondgedachte is derhalve dat door het parlement goedgekeurde wetten verenigbaar moeten zijn met de grondwet en de internationale overeenkomsten inzake de rechten van de mens.

Wanneer er toch sprake is van collisie tussen de grondwet en andere rechtsvoorschriften, probeert men deze eerst via uitlegging op te lossen. De wetten en andere rechtsvoorschriften worden dan zodanig uitgelegd dat het conflict met de grondwet kan worden opgelost. Wanneer het gaat om internationale mensenrechtenverplichtingen, heeft de grondwetscommissie van het parlement als uitgangspunt genomen dat als er verschillende interpretatiemogelijkheden zijn, die interpretatie wordt gekozen die de realisering van mensenrechtenbepalingen bevordert, met andere woorden die het meest aan de mensenrechten bijdraagt.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Kan de collisie niet door uitlegging worden opgelost, dan beschikt de grondwet ook nog over instrumenten om de grondwettigheid achteraf te controleren. Volgens artikel 106 van de grondwet moet een gerecht in gevallen waarin toepassing van een bepaling in een bij dat gerecht aanhangige zaak duidelijk collisie met de grondwet oplevert, voorrang geven aan de grondwet. Verder bepaalt artikel 107 van de grondwet dat in geval van collisie van een verordening of een lager rechtsvoorschrift met de grondwet of met een andere wet deze verordening of dat voorschrift niet door het gerecht of door een andere instantie mag worden toegepast.

7. Aanvullende informatie en links

Nadere informatie is te vinden op de internetsites van het ministerie van Justitie (wetgeving en maatschappij English - suomi - svenska). Alle Finse wetten en verordeningen en een groot deel van de voorschriften van lagere organen zijn op internet toegankelijk via de wettenbank FINLEX English - suomi - svenska. Op die sites zijn ook alle voorstellen van de regering sedert 1992 en de jurisprudentie van de hoogste gerechtshoven opgenomen. Informatie over voorstellen van de regering en vergaderstukken van het parlement zijn ook te vinden op de internetsite van het parlement English - français - suomi - svenska.

« Rechtsorde - Algemene informatie | Finland - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 09-11-2006

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk