Rechtsorde
Organisatie van de rechtspraak
Juridische beroepen
Rechtsbijstand
Bevoegdheid van de rechtbanken
Aanhangigmaking van zaken bij de rechter
Procestermijnen
Toepasselijk recht
Betekening en kennisgeving van stukken
Verkrijging van bewijs en bewijsvoering
Voorlopige en bewarende maatregelen
Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen
Vereenvoudigde procedures en spoedprocedures
Echtscheiding
Ouderlijke verantwoordelijkheid
Alimentatie-
Faillissement
Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting
Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven
Geautomatiseerde verwerking
Civielrechtelijke zaken worden doorgaans voorgelegd aan een gewone rechtbank. De zaak moet worden voorgelegd aan een rechtbank die hiertoe bevoegd is, zie hieronder bij B.
Gewone gerechten zijn de plaatselijke rechtbanken (kantongerechten en arrondissementsrechtbanken), de gerechtshoven en het hooggerechtshof. Hiernaast zijn er drie gespecialiseerde rechtbanken die civielrechtelijke zaken behandelen: de rechtbank van koophandel en maritieme zaken, de arbeidsrechtbank en de huur- en pachtkamer. De bevoegdheden van deze rechtbanken wordt nader uitgelegd onder punt C.
De gewone gerechten zijn ingedeeld in drie niveaus. Het laagste niveau bestaat uit de plaatselijke rechtbanken, het middelste uit de gerechtshoven en het hoogste niveau uit het hooggerechtshof.
Alle civielrechtelijke zaken moeten eerst aan een plaatselijke rechtbank worden voorgelegd. Bepaalde zaken met een zakelijk karakter kunnen echter aan de rechtbank van koophandel en maritieme zaken worden voorgelegd.
De basisregel is dat een zaak moeten worden voorgelegd aan de bevoegde rechtbank van de verweerder. De bevoegde rechtbank voor natuurlijke personen is de plaatselijke rechtbank waaronder de woonplaats van de desbetreffende persoon valt. De bevoegde rechtbank voor rechtspersonen, zoals bedrijven en verenigingen, is de plaatselijke rechtbank van de plaats waar het hoofdkantoor is gevestigd.
In een aantal situaties kan een zaak voor een Deense rechtbank worden gebracht, ook al is de verweerder niet woonachtig in Denemarken. Bepaalde civiele zaken kunnen voor een Deense rechtbank worden gebracht, ook al bevindt de bevoegde rechtbank van de verweerder zich in het buitenland. Voorbeelden hiervan zijn zaken die betrekking hebben op onroerend goed in Denemarken of op contracten die in Denemarken moeten worden nagekomen. Als de verweerder niet in Denemarken woonachtig is, kan de zaak worden voorgelegd aan de rechtbank van de plaats waar de betrokken partij zich op dat moment bevindt, of indien van toepassing, waar deze partij het laatst woonachtig was of verbleef.
Voor internationale zaken gelden de regels van het Verdrag van Brussel en het Verdrag van Lugano, waarbij Denemarken partij is. Bovendien hebben de Europese Gemeenschap en Denemarken een nevenovereenkomst waarin de regels uit Verordening Brussel I die vanaf 1 juli 2007 van kracht zijn, gelden voor zaken tussen Denemarken en de andere lidstaten.
Er zijn een aantal regels over bevoegdheden op basis waarvan zaken ook aan een andere dan aan de bevoegde rechtbank van de verweerder kunnen worden voorgelegd. Verder zijn er in een aantal internationale verdragen en overeenkomsten die door Denemarken zijn ondertekend, te weten het Verdrag van Brussel, het Verdrag van Lugano en de Verordening Brussel I (en de nevenovereenkomst hiervan), regels vastgelegd over alternatieve fora.
Hieronder volgen de belangrijkste regels over alternatieve fora die in Denemarken van toepassing zijn:
De Deense wet kent een aantal bepalingen over exclusieve jurisdictie waarin is vastgelegd dat bepaalde civiele zaken moeten worden voorgelegd aan een bijzondere rechtbank. Ook zijn er in een aantal internationale verdragen en overeenkomsten die door Denemarken zijn ondertekend, te weten het Verdrag van Brussel, het Verdrag van Lugano en de Verordening Brussel I (en de nevenovereenkomst hiervan), regels vastgelegd over exclusieve rechterlijke bevoegdheden. Als een zaak wordt voorgelegd aan een andere rechtbank dan de rechtbank die volgens bovengenoemde regels de exclusieve rechterlijke bevoegdheid heeft, kan die andere rechtbank de zaak niet in behandeling nemen. De rechtbank zal de zaak ofwel doorverwijzen naar de juiste rechtbank of, indien doorverwijzing niet mogelijk is, de zaak niet-ontvankelijk verklaren.
Hieronder volgen de belangrijkste regels over exclusieve rechterlijke bevoegdheden in Denemarken:
De partijen kunnen een overeenkomst aangaan (een overeenkomst over het forum) waarin wordt geregeld dat een zaak kan of moet worden voorgelegd aan een andere rechtbank (arrondissementsrechtbank) dan de rechtbank die volgens de normale regelgeving bevoegd zou zijn. Er worden aan dergelijke overeenkomsten over fora geen formele eisen gesteld, zoals de eis dat deze schriftelijk moeten worden vastgelegd. Eerdere overeenkomsten over fora – dat wil zeggen overeenkomsten die zijn aangegaan voordat het conflict ontstond – zijn in geval van consumentenovereenkomsten niet bindend voor de consument. Het is mogelijk dat een stilzwijgende overeenkomst over het forum wordt aangegaan, bijvoorbeeld als de verweerder de bevoegdheid van de rechtbank in zijn verweerschrift niet aanvecht.
De rechtbank controleert op eigen initiatief dat voorlegging van de zaak niet strijdig is met nationale of internationale regelgeving inzake exclusieve rechterlijke bevoegdheden. De rechtbank controleert echter niet op eigen initiatief of voorlegging van de zaak strijdig is met de algemene regel inzake de bevoegde rechtbank van de verweerder, de regels over een alternatief forum of een overeenkomst over het forum. Bezwaren tegen de bevoegdheid van de rechtbank moeten worden opgenomen in het verweerschrift van de verweerder.
Er zijn drie gespecialiseerde rechtbanken die civielrechtelijke zaken behandelen:
« Bevoegdheid van de rechtbanken - Algemene informatie | Denemarken - Algemene informatie »
Laatste aanpassing: 16-12-2008

