Europese Commissie > EJN > Verkrijging van bewijs en bewijsvoering > Estland

Laatste aanpassing: 10-01-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Verkrijging van bewijs en bewijsvoering - Estland

 

INHOUDSOPGAVE

I. De bewijslast I.
1.
a) Wat zijn de rechtsregels betreffende de bewijslast? a)
b) Zijn er rechtsregels die bepalen dat voor bepaalde feiten geen bewijslast geldt? In welke gevallen? Kan men het tegenbewijs leveren van vermoedens? b)
2. Tot op welke hoogte moet de rechter overtuigd zijn van een feit om zijn oordeel op het bestaan van dat feit te baseren? 2.
II. Het leveren van bewijs II.
3. Moet het leveren van bewijs altijd door een partij worden gedaan, of kan de rechter in bepaalde gevallen eigener beweging bewijs verkrijgen? 3.
4.
a) Als een verzoek tot leveren van bewijs is toegewezen, welke stappen volgen dan? a)
b) In welke gevallen kan de rechter een bewijsaanbod afwijzen? b)
5.
a) Welke bewijsmiddelen bestaan er? a)
b) Zijn er verschillen tussen het verkrijgen van bewijs van een getuige en van een deskundige? Welke regels gelden voor het overleggen van schriftelijk bewijs en deskundigenrapporten? b)
c) Zijn bepaalde bewijsmiddelen sterker dan andere? c)
d) Zijn voor het bewijzen van bepaalde feiten bepaalde bewijsmiddelen verplicht? d)
6.
a) Zijn getuigen wettelijk verplicht te getuigen? a)
b) In welke gevallen kan een getuige weigeren bewijs te leveren? b)
c) Kan een persoon die weigert te getuigen gestraft worden of gedwongen worden te getuigen? c)
d) Zijn er personen van wie geen bewijs kan worden verkregen? d)
7. Wat is de rol van de rechter en van de partijen bij het horen van een getuige? Onder welke voorwaarden kan een getuige worden gehoord via nieuwe technologie zoals tele- of videoconferencing? 7.
III. De toepasbaarheid van bewijs III.
8. Gelden voor de rechter beperkingen om tot zijn oordeel te komen op basis van onrechtmatig verkregen bewijs? 8.
9. Als ik partij ben in de zaak, kan mijn verklaring dan gelden als bewijs? 9.

 

I. De bewijslast

1.

a) Wat zijn de rechtsregels betreffende de bewijslast?

Iedere partij zal de feiten waarop de eisen en bezwaren van die partij gebaseerd zijn bewijzen (bijvoorbeeld indien de aanklager zijn eis niet kan bewijzen, zal de rechtshandeling niet ontvankelijk worden verklaard). Bewijs dient te worden geleverd door de partijen en andere deelnemers aan een proces. Een rechter kan aan de partijen en andere deelnemers aan een proces voorstellen dat ze aanvullend bewijs leveren. Een rechter kan eigener beweging bewijs verkrijgen, ter bescherming van het algemeen belang.

b) Zijn er rechtsregels die bepalen dat voor bepaalde feiten geen bewijslast geldt? In welke gevallen? Kan men het tegenbewijs leveren van vermoedens?

Een feit dat naar het oordeel van de rechter een feit van algemene bekendheid is, hoeft niet te worden bewezen. Een feit dat is vastgesteld door een vonnis dat van kracht is geworden in een civiele zaak dient niet te worden betwist in een andere civiele zaak waaraan dezelfde partijen deelnemen. Een dergelijk feit dient ook niet te worden betwist door een derde die aan de zaak heeft deelgenomen. Een vonnis dat van kracht is geworden in een strafzaak of in een bestuursrechtelijke zaak is bindend voor de rechter die een zaak behandelt met betrekking tot de civielrechtelijke gevolgen van een daad, echter uitsluitend wat betreft de vraag of die daad heeft plaatsgevonden en of de persoon in kwestie deze daad heeft gepleegd.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien een partij een feit bekent waarop de eis of verdediging van de andere partij is gebaseerd, dient de rechter het bekende feit als bewezen te beschouwen, tenzij dit de rechten of wettige belangen van andere deelnemers aan het proces schendt, of tenzij de bekentenis werd beïnvloed door bedrog of dwang of op een fout gebaseerd was.

Daarnaast is er een aantal wettelijke bepalingen in rechtshandelingen met betrekking tot het materieel recht, waaraan veronderstellingen onderworpen zijn (zo wordt bijvoorbeeld aangenomen dat de bezitter de eigenaar van een voorwerp is). Deze veronderstellingen kunnen in de loop van het proces worden weerlegd, d.w.z. dat het tegendeel bewezen wordt. Tegelijkertijd geldt dat wanneer iets bepaald is in de ene zaak, het niet door dezelfde partijen in een andere zaak kan worden betwist, d.w.z. de andere situatie kan niet worden gesubstantieerd.

2. Tot op welke hoogte moet de rechter overtuigd zijn van een feit om zijn oordeel op het bestaan van dat feit te baseren?

Een rechter mag alleen bewijs accepteren dat relevant is voor de zaak.

Een rechter dient een weigering om bewijs dat aan de rechter is voorgelegd te accepteren, te rechtvaardigen.

 De rechter zal al het bewijs grondig en objectief, in overeenstemming met de wet, en vanuit alle gezichtspunten beoordelen. Voor een rechter zal geen enkel bewijs een vooraf bepaald gewicht hebben. De wet kan bepalen dat bepaalde certificaten verondersteld worden juist te zijn.

II. Het leveren van bewijs

3. Moet het leveren van bewijs altijd door een partij worden gedaan, of kan de rechter in bepaalde gevallen eigener beweging bewijs verkrijgen?

Bewijs dient te worden geleverd door de partijen en andere deelnemers aan een proces. Een rechter kan aan de partijen en andere deelnemers aan een proces voorstellen dat ze aanvullend bewijs leveren. Een rechter kan eigener beweging bewijs verkrijgen, ter bescherming van het algemeen belang.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien het nodig is bewijs te verkrijgen buiten de jurisdictie van de rechter die een zaak behandelt en het voor een deelnemer aan het proces niet mogelijk is om dergelijk bewijs te verkrijgen, kan de rechter die de zaak behandelt een uitspraak doen over het uitvoeren van een procedurele handeling bij de rechtbank in de jurisdictie waar het bewijs kan worden verkregen.

4.

a) Als een verzoek tot leveren van bewijs is toegewezen, welke stappen volgen dan?

Deze stappen worden niet afzonderlijk geregeld door het geldende recht. Zodra de rechter een document op de papieren drager als documentair bewijs accepteert, zal het aan het dossier worden toegevoegd en tijdens de terechtzitting worden onderzocht. Indien de rechter een inspectiebezoek ter plaatse verordent, gaat de rechtbank naar de plaats en inspecteert deze etc.

b) In welke gevallen kan de rechter een bewijsaanbod afwijzen?

Een rechter mag alleen bewijs accepteren dat relevant is voor de zaak. Dienovereenkomstig kan een rechter bewijs dat geen relevantie heeft voor de zaak afwijzen, maar in dat geval moet de rechter de weigering om bewijs dat aan de rechtbank is voorgelegd te accepteren, rechtvaardigen.

Indien overeenkomstig de wet een feit moet worden aangetoond door middel van bewijs van een bepaald type of een bepaalde vorm, dan dient dit feit niet te worden aangetoond met behulp van bewijs van een ander type of een andere vorm.

Zie ook het antwoord op vraag I 1 b).

5.

a) Welke bewijsmiddelen bestaan er?

Bewijs in een civiele zaak is alle informatie die een door de wet bepaalde procedurele vorm heeft en op basis waarvan de rechter, in overeenstemming met de door de wet bepaalde procedure, het bestaan of ontbreken van feiten waarop de eisen en bezwaren van de partijen en andere deelnemers aan het proces gebaseerd zijn en andere feiten die van belang zijn voor een juiste beoordeling van de zaak verifieert. Bewijs kan bestaan uit de verklaring van een getuige, verklaringen van een partij of derde, documentair bewijs, materieel bewijs, een inspectiebezoek ter plaatse of een deskundigenrapport.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

b) Zijn er verschillen tussen het verkrijgen van bewijs van een getuige en van een deskundige? Welke regels gelden voor het overleggen van schriftelijk bewijs en deskundigenrapporten?

Verklaring van een getuige: iedere persoon die zich bewust kan zijn van feiten die van belang zijn voor een zaak kan als getuige worden gehoord, tenzij de persoon deelnemer is aan het proces.

Verklaringen van partijen en derden: de verklaringen van partijen en derden met betrekking tot de feiten die hen bekend zijn en die van belang zijn voor de beoordeling van de zaak.

Documentair bewijs: documentair bewijs is een schriftelijk document of andere documenten die zijn vastgelegd door middel van fotografie, video, audio of andere gegevensregistratie, informatie bevatten over feiten die van belang zijn voor de beoordeling van een zaak en die tijdens een terechtzitting in een waarneembare vorm kunnen worden voorgelegd. Officiële en persoonlijke brieven zijn eveneens schriftelijke documenten. Een schriftelijk document dient te worden voorgelegd als een origineel document, een kopie of een uittreksel. Als een document als een kopie of een uittreksel wordt voorgelegd, heeft de rechter het recht om eigener beweging of op verzoek van een andere deelnemer aan het proces voorlegging van het originele document te eisen.

Materieel bewijs: materieel bewijs is een voorwerp waarvan het bestaan of de kenmerken kunnen bijdragen aan het verifiëren van de feiten die van belang zijn voor de beoordeling van een zaak.

Inspectiebezoek ter plaatse: in de loop van een inspectiebezoek ter plaatse, dient een onroerend goed, gebied of plaats van handeling van een gebeurtenis in detail te worden beschreven en – indien nodig en mogelijk – dienen de relevante kenmerken ervan te worden gefotografeerd of op een andere wijze te worden vastgelegd. Er dienen aantekeningen te worden gemaakt van een inspectiebezoek ter plaatse.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Deskundigenrapport: de rechter heeft het recht opdracht te geven tot een deskundigenrapport in gevallen waarin niet-juridische deskundigheid vereist is om feiten die van belang zijn voor de zaak te verifiëren. Een deskundigenrapport dient te worden uitgevoerd door een forensisch deskundige van een forensisch instituut, een officieel erkende deskundige of een andere gekwalificeerde persoon die door de rechter is aangewezen. Een rechter zal de meningen van de partijen in overweging nemen bij het benoemen van een deskundige.

c) Zijn bepaalde bewijsmiddelen sterker dan andere?

Nee. De wet kan bepalen dat bepaalde certificaten verondersteld worden juist te zijn. Bijvoorbeeld conform artikel 1, lid 5, van de wet op het notarisambt wordt verondersteld dat de notariële akten en notariële verklaringen die zijn opgesteld binnen de bevoegdheid en voldoen aan de eisen voor formele geldigheid, juist zijn.

d) Zijn voor het bewijzen van bepaalde feiten bepaalde bewijsmiddelen verplicht?

Indien overeenkomstig de wet een feit moet worden aangetoond door middel van bewijs van een bepaald type of een bepaalde vorm, dan dient dit feit niet te worden aangetoond met behulp van bewijs van een ander type of een andere vorm.

6.

a) Zijn getuigen wettelijk verplicht te getuigen?

Een persoon die als getuige wordt gedagvaard is verplicht voor de rechter te verschijnen en een waarheidsgetrouwe verklaring af te leggen voor de rechter met betrekking tot de feiten die hem of haar bekend zijn.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

b) In welke gevallen kan een getuige weigeren bewijs te leveren?

Een getuige heeft het recht te weigeren een verklaring af te geven indien:

  1. hij of zij gehuwd is of is geweest met de eiser of de gedaagde;
  2. hij of zij een voorouder of nakomeling is van de eiser of de gedaagde, of gehuwd is of is geweest met een voorouder of nakomeling;
  3. hij of zij een broer of zuster is van de eiser of de gedaagde, of gehuwd is of is geweest met een broer of zuster;
  4. een dergelijk recht ontstaat op basis van een andere wettelijke bepaling.

Een getuige heeft het recht op basis van argumenten te weigeren een verklaring af te leggen, indien hijzelf of zijzelf of zijn of haar echtgeno(o)t(e), voormalige echtgeno(o)t(e), ouder, kind, broer, zuster, grootouder of kleinkind door zijn of haar verklaring betrokken raakt bij een misdrijf of een andere ontoelaatbare handeling.

c) Kan een persoon die weigert te getuigen gestraft worden of gedwongen worden te getuigen?

Indien een getuige na dagvaarding, zonder een wettig beletsel, niet voor de rechtbank verschijnt, kan de rechter een boete opleggen of gedwongen aanwezigheid van de getuige opleggen. Indien een getuige zonder geldige reden weigert de eed af te leggen, een verklaring af te geven of vragen te beantwoorden, kan de rechter een boete opleggen of inhechtenisneming van de getuige verordenen. Een getuige kan maximaal drie maanden in hechtenis worden gehouden; echter, de hechtenis zal niet voortduren na het einde van de behandeling van de zaak voor de desbetreffende rechtbank of nadat de getuige een verklaring heeft afgelegd of de eed heeft afgelegd of de behoefte aan het horen van de getuige niet langer bestaat.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien een deelnemer aan een proces die verzoekt om het horen van een getuige dit verzoek intrekt, of indien de behoefte aan het horen van een getuige om een andere reden niet langer bestaat, zal een getuige die niet verschenen is, niet worden beboet; een betaalde boete zal echter niet worden gerestitueerd. Een rechter mag, eigener beweging of op verzoek van een partij, verordenen dat een getuige een vergoeding betaalt voor gerechtskosten die ontstaan zijn door de weigering van de getuige om de eed af te leggen of een verklaring af te geven of verzuim van de getuige om te verschijnen bij een gerechtelijk vooronderzoek of een terechtzitting.

d) Zijn er personen van wie geen bewijs kan worden verkregen?

Rijksambtenaren en ambtenaren van lokale overheden aan wie het bij wet verboden is staats- of bedrijfsgeheimen of andere vertrouwelijke informatie die hen ter ore is gekomen uit hoofde van hun positie openbaar te maken, dienen niet voor de rechtbank als getuigen te worden gehoord met betrekking tot dergelijke informatie.

De volgende personen zullen niet als getuigen worden gehoord zonder toestemming van de persoon in wiens belang de plicht om geheimhouding te betrachten is opgelegd:

  1. gemachtigden in civiele zaken of strafrechtadvocaten in strafzaken, met betrekking tot feiten die hen ter ore zijn gekomen tijdens de uitoefening van hun taken;
  2. artsen of andere medewerkers van medische instellingen, met betrekking tot feiten welke een patiënt hen in vertrouwen heeft meegedeeld, tenzij anders bepaald in de wetgeving.

Een geestelijke zal niet als getuige gehoord worden met betrekking tot zaken die hem of haar in vertrouwen zijn meegedeeld. Een persoon zal niet als getuige gehoord worden, indien de wet het horen van een dergelijke persoon in een civiele zaak verbiedt. Een rechter kan weigeren een persoon tot 15 jaar oud of een persoon die vanwege een lichamelijke of geestelijke handicap niet in staat is de feiten die van belang zijn voor de zaak goed te begrijpen of een waarheidsgetrouwe getuigenverklaring met betrekking daartoe af te geven als getuige te horen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien nodig dient een getuige tot 15 jaar oud te worden gehoord in aanwezigheid van een docent, psycholoog, ouder of voogd die, met toestemming van de rechter, eveneens de getuige mag ondervragen. Een rechter kan een deelnemer aan een proces uit de rechtszaal verwijderen gedurende de tijd dat een minderjarige getuige wordt verhoord, indien dit nodig is voor de waarheidsvinding. Na terugkeer van de deelnemer aan het proces, zal de verklaring van de minderjarige getuige worden voorgelezen aan de deelnemer, welke het recht heeft de getuige te ondervragen. Zo nodig kan de rechter een getuige tot 15 jaar oud uit de rechtszaal verwijderen nadat hij of zij gehoord is.

7. Wat is de rol van de rechter en van de partijen bij het horen van een getuige? Onder welke voorwaarden kan een getuige worden gehoord via nieuwe technologie zoals tele- of videoconferencing?

Iedere getuige zal individueel gehoord worden. Getuigen die niet gehoord zijn, zullen niet aanwezig zijn in de rechtszaal tijdens de behandeling van de zaak. Een getuige die gehoord is zal in de rechtszaal blijven tot het einde van de behandeling van de zaak, tenzij de rechter de getuige toestemming geeft eerder te vertrekken. Een rechter zal de identiteit van een getuige verifiëren evenals zijn of haar werkterrein, opleiding, woonplaats, connectie met de zaak en relatie met de partijen en derden. Een rechter dient de getuige dringend te verzoeken alleen de waarheid te spreken met betrekking tot de zaak. Een deelnemer in een proces die verzoekt om het dagvaarden van een getuige zal de eerste zijn die de getuige mag ondervragen; daarna zal de getuige worden ondervraagd door de overige deelnemers aan het proces. Een getuige die op initiatief van de rechtbank is gedagvaard, zal het eerst door de eiser worden ondervraagd. Een rechter heeft gedurende de gehele periode dat een getuige gehoord wordt het recht de getuige te ondervragen. Een rechter heeft het recht suggestieve vragen te stellen en vragen die niet van belang zijn voor de zaak.

In het geldend recht of de geldende praktijk zijn geen voorwaarden voor het gebruik van tele-/videoconferencing neergelegd.

III. De toepasbaarheid van bewijs

8. Gelden voor de rechter beperkingen om tot zijn oordeel te komen op basis van onrechtmatig verkregen bewijs?

Deze aangelegenheid is niet bij wet geregeld – vandaar dat vrije beoordeling van bewijs van kracht blijft.

9. Als ik partij ben in de zaak, kan mijn verklaring dan gelden als bewijs?

De verklaringen van partijen en derden met betrekking tot de feiten die hen bekend zijn en die van belang zijn voor de beoordeling van de zaak zullen beoordeeld worden samen met het overige bewijs dat in de zaak verkregen is. Een verklaring van een wettige vertegenwoordiger wordt geacht de verklaring te zijn van de partij of derde wiens wettige vertegenwoordiger hij of zij is. De partijen, derden en hun wettige vertegenwoordigers mogen onder ede verklaringen afleggen met betrekking tot feiten welke van bijzonder belang zijn voor de zaak. Een verhoor kan onder ede worden afgenomen van een persoon die schriftelijk zijn of haar toestemming hiervoor heeft gegeven. Een partij heeft het recht erom te verzoeken dat de verklaringen van de partij, de tegenpartij of een derde en hun wettige vertegenwoordigers onder ede worden afgelegd. Indien een partij verklaringen onder ede wenst af te leggen op initiatief van de partij, dient het verzoek hiertoe schriftelijk te worden ingediend.

Nadere inlichtingen

  • Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering eesti keel - English

« Verkrijging van bewijs en bewijsvoering - Algemene informatie | Estland - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 10-01-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk