Europese Commissie > EJN > Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen > Schotland

Laatste aanpassing: 16-04-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen - Schotland

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De originele taalversie is bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

1. Wat betekent tenuitvoerlegging in burgerlijke en handelszaken? 1.
2. Onder welke voorwaarden mag een executoriale titel of beslissing worden uitgevaardigd? 2.
2.1. De procedure 2.1.
2.2. De materiële voorwaarden 2.2.
3. Doel en aard van tenuitvoerleggingsmaatregelen 3.
3.1. Welke soorten activa kunnen voorwerp van tenuitvoerlegging zijn? 3.1.
3.2. Welke effecten hebben tenuitvoerleggingsmaatregelen? 3.2.
3.3. Wat is de geldigheid van dergelijke maatregelen? 3.3.
4. Is er een mogelijkheid tot beroep tegen de beslissing om een dergelijke maatregel toe te staan? 4.

 

1. Wat betekent tenuitvoerlegging in burgerlijke en handelszaken?

In de Schotse wetgeving is het begrip diligence (tenuitvoerlegging) niet precies omschreven. Dit begrip wordt gewoonlijk gebruikt ter aanduiding van de gerechtelijke procedure voor de tenuitvoerlegging van gerechtelijke beslissingen tot betaling van een geldsom, of ruimer, voor de tenuitvoerlegging van beslissingen van burgerlijke gerechten in het algemeen, waaronder beslissingen waarbij een bepaalde handeling wordt gelast of verboden.

Er kan beslag worden gelegd op het loon van een schuldenaar. Wanneer aan de werkgever van een schuldenaar een arrestment schedule (beslagplan) wordt betekend, moet hij op elke betaaldag een bepaald bedrag, dat wordt berekend aan de hand van wettelijke tabellen, in mindering brengen van het loon van de schuldenaar en dat bedrag betalen aan de schuldeiser totdat de betrokken schuld is voldaan of de schuldenaar zijn baan opzegt.

Wanneer een alimentatieplichtige krachtens een alimentatiebeslissing alimentatie is verschuldigd aan een kind en hij in gebreke blijft, kan de alimentatiebeslissing worden betekend aan diens werkgever, die overeenkomstig het bepaalde in de Debtors (Scotland) Act 1987 (Schotse wet betreffende schuldenaars) de nodige inhoudingen moet verrichten.

Middels arrestment (bevel tot bevriezing bij derden) kunnen gelden en roerende goederen van de verweerder bij derden worden geblokkeerd. De geblokkeerde goederen mogen echter niet berusten onder een werknemer van de verweerder of onder een andere persoon die deze goederen niet zonder de toestemming van de verweerder mag houden.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Behoudens de in een lijst opgenomen uitzonderingen, kunnen de lichamelijke roerende goederen van de schuldenaar in beslag worden genomen en openbaar worden verkocht.

Inhibition (beschikkingsverbod) wordt omschreven als een persoonlijk verbod, dat tot gevolg heeft dat inhibited party (schuldenaar) geen schulden mag aangaan of geen overeenkomsten mag sluiten die ertoe zouden leiden dat hij ten nadele van de creditor inhibiting (schuldeiser) een deel van zijn onroerende goederen vervreemdt of wegmaakt. Met andere woorden verhindert inhibition dat de schuldenaar met zijn onroerend erfbezit (heritable property) op een wijze handelt die de voldoening van de schuld van de schuldeiser in gevaar zou kunnen brengen. Dit wordt bereikt door de inhibition te laten registreren in het Register of Inhibitions and Adjudications (register inzake beschikkingsverboden en adjudicaties). In de regel kan inhibition alleen worden gebruikt voor geldschulden. Inhibition heeft louter een persoonlijk en verbodskarakter en verleent de schuldeiser geen reële rechten op de goederen van de schuldenaar.

Adjudication (adjudicatie) is tenuitvoerlegging op onroerende goederen. Het effect van adjudication is een rechterlijke zekerheidsstelling ten behoeve van de schuldeiser. Na de uitspraak wordt een uittreksel geregistreerd in het General Register of Sasines of het Land Register of Scotland (de Schotse kadasters), afhankelijk van het register waarin het betrokken goed is geregistreerd.

Ejection (gedwongen ontruiming) kan plaatsvinden krachtens beslissingen tot teruggave van een onroerend goed, tot uithuiszetting (removing) of tot ontruiming (ejection). Removing (uithuiszetting) is de term die wordt gebruikt wanneer de eigenaar weer in het bezit wenst te komen van een verhuurd onroerend goed. Ejection (ontruiming) is het middel om een persoon die zonder titel een onroerend goed gebruikt, zoals een kraker, te verwijderen.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

In het geval van een specifieke verplichting, bv. de levering van een goed, wordt een beslissing ad factum praestandum (tot het verrichten van een handeling) gegeven, terwijl in het geval van een verplichting om iets niet te doen, bv. het niet bebouwen van andermans grond, een verbod wordt uitgevaardigd.

2. Onder welke voorwaarden mag een executoriale titel of beslissing worden uitgevaardigd?

2.1. De procedure

Rechterlijke beslissingen en soortgelijke titels (bv. een met het oog op tenuitvoerlegging geregistreerde schuldtitel) die zijn uitgevaardigd door de sheriff court van een sheriffdom in Schotland zijn uitvoerbaar.

Een beslissing gegeven op een specifieke vordering en dus niet op een vordering tot betaling, is uitvoerbaar zonder verdere gerechtelijke stappen. In de regel geldt dit ook voor vorderingen tot betaling. Op basis van een uittreksel van de beslissing kan tot rechtmatige tenuitvoerlegging worden overgegaan ('formulier van tenuitvoerlegging'). Hierop bestaan er echter enkele uitzonderingen.

Attachment orders (beslagleggingsbevelen) worden gebruikt om met het oog op een openbare verkoop beslag te leggen op lichamelijke roerende goederen van de schuldenaar. Indien de schuldeiser echter beslag wenst te leggen op goederen in de woning van de schuldenaar, moet hij zich opnieuw wenden tot de sheriff court om een exceptional attachment order (bijzonder beslagleggingsbevel) te verkrijgen.

Wanneer een schuldeiser is overgegaan tot arrestment, leidt dit tot de bevriezing van goederen of gelden die onder derden berusten. Om deze goederen of gelden te deblokkeren moet de schuldeiser een action of furthcoming (vordering tot vrijgave) instellen.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Adjudication wordt gelast door de Court of Session (het hoogste civiele gerecht in Schotland), dat aangeeft op welke goederen de adjudication betrekking heeft (d.w.z. de goederen die het voorwerp van de vordering zijn), en voor adjudication is vereist dat de adjudger (degene aan wie de goederen wordt toegewezen) reeds een beslissing tot betaling heeft verkregen. Een adjudication‑beslissing verleent de adjudger niet onmiddellijk het recht om het betrokken goed te verkopen, maar alleen het recht om het te verhuren en de huurgelden te innen. In het kader van vorderingen tot adjudication wordt in de regel geen verweer meer gevoerd, omdat de schuldenaar normaal gezien reeds verweer heeft kunnen voeren in het kader van de voorafgaande vordering tot betaling.

De eigenlijke tenuitvoerlegging wordt verricht door sheriff officers en messengers‑at‑arms. Dit zijn onafhankelijke functionarissen aan wie een honorarium wordt betaald en die over een machtiging beschikken die werd verleend door de sheriff principal van het desbetreffende Sheriffdom. Deze functionarissen staan onder controle en toezicht van het gerecht hoewel zij niet rechtstreeks in dienst zijn van het gerecht. De Debtors (Scotland) Act 1987 bevat de wettelijke regeling voor het toezicht op hun aanwerving, opleiding en gedrag bij de uitoefening van hun officiële taken.

Alleen wanneer verdere gerechtelijke stappen vereist zijn, moet een advocaat worden ingeschakeld.

Nadere bijzonderheden over de honoraria die de sheriff officers en de Messengers‑at‑Arms momenteel in rekening kunnen brengen voor de tenuitvoerlegging, zijn opgenomen in de Act of Sederunt Fees of Sheriff Officers 2004 (SSI 2004/513) en de Act of Sederunt (Fees of Messenger-at-Arms) 2004 (SSI 2004/515), die kunnen worden geraadpleegd op www.opsi.gov.uk/legislation/scotland/s-stat.htm English.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2.2. De materiële voorwaarden

Zoals reeds gezegd, is het voor de tenuitvoerlegging in de regel voldoende dat de verzoeker (d.w.z. de persoon die de vordering instelt) te zijnen gunste een beslissing heeft verkregen. In het geval van een exceptional attachment order (bijzonder beslagleggingsbevel) moet de schuldeiser zich echter opnieuw tot de rechter wenden ter verkrijging van een specifieke machtiging tot beslaglegging op goederen die zich in de woning van de schuldenaar bevinden.

Bij zijn beslissing of er al dan niet een dergelijke machtiging moet worden verleend, moet de sheriff rekening houden met meerdere aspecten. Hij moet met name nagaan:

  • wat de aard is van de betrokken schuld (en met name of de schuld betrekking heeft op een belasting of een retributie of op commerciële of industriële activiteiten van de schuldenaar);
  • of de schuldenaar in de betrokken woning verblijft en of hij er een commerciële of industriële activiteit uitoefent;
  • of de schuldenaar advies over geldzaken is verleend en of de eventueel verlengde betalingstermijn is verstreken;
  • of er een overeenkomst is tussen de schuldenaar en de schuldeiser over de betaling van de schuld en of er door de schuldenaar of namens hem een verklaring is afgelegd, een mededeling is verstrekt of een document is overgelegd betreffende het bestaan en de eventuele waarde van niet‑essentiële goederen van de schuldenaar of betreffende de financiële toestand van de schuldenaar.

De sheriff moet er met name van overtuigd zijn dat de schuldeiser alle redelijke maatregelen heeft genomen om te komen tot een schikking over de betaling van de schuld; dat de schuldeiser met het oog op de betaling van de schuld een arrestment (bevel tot bevriezing bij derden) heeft verkregen en een action of furthcoming (vordering tot vrijgave van 'arrested' gelden of goederen) of een vordering tot verkoop heeft ingesteld en loonbeslag heeft laten leggen dan wel dat de schuldeiser, voorzover dat redelijkerwijs verantwoord was, heeft getracht dergelijke gerechtelijke stappen te zetten, en dat er redelijkerwijs te verwachten valt dat de opbrengst van een openbare verkoop van de niet-essentiële goederen van de schuldenaar ten minste gelijk zal zijn aan de som van de geraamde kosten plus 100 GBP.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Via arrestment kunnen goederen in beslag worden genomen en kan in zekere mate voorrang worden verleend aan de arresting schuldeiser. Arrestment op zich leidt er echter niet toe dat de betrokken goederen worden toegewezen aan de schuldeiser. Daartoe moet een aanvullende maatregel worden genomen. In de praktijk zal de schuldenaar in de regel een schriftelijke machtiging geven om goederen of gelden die zich onder de derde bevinden te overhandigen of over te maken aan de arresting schuldeiser. Wanneer dit niet gebeurt, moet de schuldeiser een action of furthcoming (vordering tot vrijgave) instellen.

Met een action of furthcoming wordt beoogd dat het gerecht de derde verzoekt het arrested bedrag dat hij aan de common debtor (gemeenschappelijke schuldenaar) verschuldigd is aan de verzoeker (schuldeiser) betaalt, of althans het bedrag dat nodig is om de schuld en de kosten van de verzoeker te betalen.

Bij adjudication (adjudicatie) kan de adjudger (schuldeiser), wanneer de schuld na tien jaar nog niet is betaald, zijn recht laten omzetten in een vol eigendomsrecht. Daartoe moet hij een vordering instellen bij de Court of Session, de zogeheten action of declarator of expiry of the legal. Ter betwisting van deze vordering kan een schuldenaar aanvoeren dat de schuld is betaald (in voorkomend geval moet hij een betalingsbewijs overleggen). Zelfs wanneer de adjudger geen action of declarator instelt, zal hij als gevolg van verjaring volle eigenaar worden van het betrokken goed.

3. Doel en aard van tenuitvoerleggingsmaatregelen

3.1. Welke soorten activa kunnen voorwerp van tenuitvoerlegging zijn?

Alle soorten activa kunnen voorwerp zijn van tenuitvoerlegging, met uitzondering van contanten in het bezit van de schuldenaar.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

3.2. Welke effecten hebben tenuitvoerleggingsmaatregelen?

Slechts bij twee soorten tenuitvoerleggingsmaatregelen kan de schuldenaar de ter zake geldende wettelijke voorschriften schenden: bij attachment (beslag) en in mindere mate bij inhibition (beschikkingsverbod). Indien een schuldenaar een in beslag genomen goed verwijdert van de plaats waar het in beslag werd genomen of indien hij het goed in strijd met het beslagleggingsbevel vervreemdt, kan de sheriff toestaan dat er beslag wordt gelegd op andere goederen van de schuldenaar die zich op de plaats van de oorspronkelijke inbeslagneming bevinden. Dergelijke schendingen van het beslagleggingsbevel kunnen leiden tot vervolging wegens contempt of court (minachting voor de rechter). Bij een exceptional attachment order (bijzonder beslagleggingsbevel) is er sprake van een schending van het bevel, wanneer de schuldenaar weet dat er een dergelijk bevel is uitgevaardigd en hij vóór de uitvoering van het beslag niet-essentiële goederen verwijdert of vervreemdt. In dergelijke gevallen kan de sheriff de schuldenaar bevelen bij het gerecht een bepaalde som in consignatie te geven.

Een vervreemdingsakte, een klassieke zekerheidsstelling of een andere soortgelijke akte van de schuldenaar die in strijd is met de inhibition, kan op verzoek van de inhibitor (gedeeltelijk) worden vernietigd.

Wanneer een werkgever aan wie een loonbeslagplan of een alimentatiebeslissing is betekend, niet voldoet aan de daarin vastgestelde voorwaarden, is hij verplicht aan de schuldeiser het geldbedrag te betalen dat hij had moeten overmaken.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien een arrestee (derde) het arrested goed vervreemdt, dan is hij ten aanzien van de arrestor (schuldeiser) aansprakelijk ten belope van de waarde ervan. Derden zijn niet wettelijk verplicht om de schuldeiser mee te delen of er al dan niet goederen onder het arrestment vallen en wat de waarde ervan is.

Wat het beslag op lichamelijke roerende goederen betreft, gelden voor derden die bovenvermelde inbreuken plegen dezelfde sancties als voor de schuldenaar.

Indien niet vrijwillig gevolg wordt gegeven aan een bevel tot uithuiszetting of tot ontruiming, kunnen de sheriff officers bijstand van de politie vragen teneinde te voorkomen dat zij bij de uitvoering van het bevel slachtoffer worden van een misdrijf.

Het niet-naleven van een bevel ad factum praestandum is strafbaar met een gevangenisstraf. Daartoe kan de persoon ten gunste van wie het bevel is gegeven een verzoek indienen bij het gerecht dat het bevel heeft gegeven. De verzoeker moet het gerecht ervan overtuigen dat de verweerder opzettelijk weigert het bevel na te leven. Indien de verzoeker daarin slaagt, kan het gerecht een bevel tot arrestatie van de verweerder uitvaardigen (maximaal 6 maanden hechtenis). De bij het bevel opgelegde verplichting vervalt niet als gevolg van de gevangenisstraf.

Wanneer een persoon een verbod schendt, kan de verzoeker tegen hem op die grond een procedure instellen. Er wordt dan een afzonderlijke vordering ingesteld via een initial writ (d.i. een akte die een geding bij de sheriff court inleidt). De straf is een gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden en/of een geldboete van niveau 4 van de standaardtabel.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

3.3. Wat is de geldigheid van dergelijke maatregelen?

De betekening van een loonbeslagplan of een alimentatiebeslissing kan al dan niet tot het gewenste resultaat leiden. Indien de schuldenaar niet in dienst is van de persoon aan wie het plan wordt betekend, vervalt het plan. Indien hij wel in dienst is van de geadresseerde van het plan, blijft het plan geldig totdat de schuld is voldaan of totdat de schuldenaar zijn baan bij de geadresseerde opzegt.

De geldigheidsduur van een arrestment (bevel tot bevriezing bij derden) bedraagt drie jaar na de betekening ervan.

De geldigheid van een beslag verstrijkt op de vroegste van de volgende twee datums: zes maanden na de datum waarop een goed in beslag is genomen of 28 dagen na de datum waarop het in beslag genomen goed is verwijderd van de plaats waar het in beslag werd genomen. In een bijzonder beslagleggingsbevel wordt de geldigheidsduur ervan vastgesteld. De geldigheidsduur van een inhibition bedraagt vijf jaar.

Een bevel tot uithuiszetting of ontruiming moet zonder onnodige vertraging worden uitgevoerd. Er is geen definitie van het begrip onnodige vertraging. De concrete beoordeling hangt af van de specifieke omstandigheden van het betrokken geval.

In een bevel ad factum praestandum moet precies worden omschreven wat moet worden gedaan en binnen welke termijn dit moet worden gedaan.

4. Is er een mogelijkheid tot beroep tegen de beslissing om een dergelijke maatregel toe te staan?

Een werkgever of de schuldenaar kan de sheriff verzoeken de ongeldigheid of vervallenverklaring van een alimentatiebeslissing uit te spreken. Ook kan de sheriff, wanneer de schuldenaar hem ervan kan overtuigen dat het onwaarschijnlijk is dat hij opnieuw niet zal betalen, een bevel tot herroeping van een alimentatiebeslissing geven.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Als verweer tegen een action of furthcoming (vordering tot vrijgave), kan een arrestee (derde) de schuld van de common debtor aan de schuldeiser niet betwisten. De derde kan echter wel aanvoeren dat het arrestment (bevel tot bevriezing bij derden) ongeldig was; dat er in het kader van de action of furthcoming procedurefouten zijn gemaakt; dat hij niet in het bezit is van de goederen waarop het arrestment betrekking heeft; of dat hij verweer kan voeren tegen de common debtor met betrekking tot de arrested gelden of goederen. De common debtor kan de geldigheid van het arrestment aanvechten of aanvoeren dat er in het kader van de action of furthcoming procedurefouten zijn gemaakt. Voor furthcoming is zowel de sheriff court als de Court of Session bevoegd.

Beroep kan worden ingesteld tegen elke beslissing van een sheriff die wordt gegeven overeenkomstig of met het oog op de toepassing van de delen 2 en 3 van de Debt Arrangement and Attachment (Scotland) Act 2002. Beroep kan, mits de sheriff daarin toestemt, worden ingesteld bij de sheriff principal en kan alleen betrekking hebben op een rechtsvraag. De beslissing van de sheriff principal op beroep is definitief.

Een inhibition (beschikkingsverbod) kan nietig worden verklaard of worden herroepen wanneer er procedurefouten zijn gemaakt of wanneer het bevel tot betaling is gereduceerd of definitief is opgeschort. Voor de gerechtelijke nietigverklaring van een inhibition is alleen de Court of Session bevoegd. Tegen een definitief bevel tot uithuiszetting of ontruiming kan geen beroep worden ingesteld.

« Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen - Algemene informatie | Verenigd Koninkrijk - Algemene informatie »

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 16-04-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk