Europese Commissie > EJN > Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven > België

Laatste aanpassing: 19-10-2006
Printversie Voeg toe aan favorieten

Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven - België

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


Voor de laatst bijgewerkte tekst: zie français

O

P

M

E

R

K

I

N

G

 

Deze bijdrage bevat de stand van de wetgeving die op 1 januari 2004 in werking is getreden, maar die vanaf deze datum ook geldt voor verzoeken die reeds vóór deze datum zijn ingediend (en aanhangig zijn bij de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden).

Voor een overzicht van de huidige wetgeving: zie de website van de Federale Overheidsdienst JUSTITIE:

a) kies Frans of Nederlands;

b) kies de rubriek "Geconsolideerde wetgeving";

c) vul de vakken als volgt in:

Juridische aard: WET

Afkondigingsdatum: 1985-08-01

Publicatiedatum: 1985-08-06

Departement: EERSTE MINISTER.

Zie ook de rubriek "Informatie", "Justitie van A tot Z" (zie met name "Slachtoffers van een misdaad" français PDF File (PDF File 141 KB) en "Financiële hulp aan slachtoffers" français) 

Zie ook “Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden" français.



 

INHOUDSOPGAVE

1. Verkrijgen van schadevergoeding van de dader 1.
1.1. Onder welke voorwaarden kan ik een schadeclaim indienen in de strafzaak tegen de dader? 1.1.
1.2. Op welk moment van de strafrechtelijke procedure moet ik mijn claim indienen? 1.2.
1.3. Hoe moet ik het verzoek doen en bij wie? 1.3.
1.4. Hoe moet ik mijn claim duidelijk maken? 1.4.
1.5. Kan ik rechtsbijstand krijgen voor of gedurende het proces? 1.5.
1.6. Wat voor bewijs is vereist om mijn claim te onderbouwen? 1.6.
1.7. Als het gerecht mij schadevergoeding heeft toegekend, is er dan speciale hulp beschikbaar voor mij als slachtoffer om die rechterlijke beslissing bij de dader af te dwingen? 1.7.
2. Verkrijgen van schadevergoeding van de Staat of een overheidsinstelling 2.
2.1. Is het mogelijk schadevergoeding te krijgen van de Staat of een overheidsinstelling? 2.1.
2.2. Is de mogelijkheid beperkt tot slachtoffers van bepaalde soorten misdrijven? 2.2.
2.3. Is de mogelijkheid beperkt tot slachtoffers die bepaalde soorten letstel hebben opgelopen? 2.3.
2.4. Kunnen familieleden of naasten van slachtoffers die zijn overleden door het misdrijf schadevergoeding krijgen? 2.4.
2.5. Is de mogelijkheid schadevergoeding te krijgen beperkt tot personen met een bepaalde nationaliteit of personen die in een bepaald land wonen? 2.5.
2.6. Kan ik schadevergoeding in België vragen als het misdrijf in een ander land is begaan? Zo ja, onder welke voorwaarden? 2.6.
2.7. Is het nodig van het delict aangifte te hebben gedaan bij de politie? 2.7.
2.8. Is het nodig de uitkomst van een politieonderzoek of strafproces af te wachten voordat ik een verzoek kan indienen? 2.8.
2.9. Als de dader bekend is, is het dan nodig te trachten eerst schadevergoeding bij de dader te eisen? 2.9.
2.10. Als de dader niet bekend of veroordeeld is, is het dan toch mogelijk in aanmerking te komen voor schadevergoeding? Wat voor bewijs moet ik in dat geval overleggen om mijn verzoek te onderbouwen? 2.10.
2.11. Moet het verzoek om schadevergoeding binnen een bepaalde termijn worden ingediend? 2.11.
2.12. Voor welk soort schade kan ik een vergoeding krijgen? 2.12.
2.13. Hoe wordt de schadevergoeding berekend? 2.13.
2.14. Is er een minimum en/of maximumbedrag dat kan worden toegekend? 2.14.
2.15. Wordt schadevergoeding die ik heb ontvangen of kan ontvangen van andere bronnen (zoals van een verzekering) afgetrokken van de compensatie van de Staat? 2.15.
2.16. Zijn er andere omstandigheden die mijn kans op het krijgen van schadevergoeding beïnvloeden of hoe het bedrag van mijn schade wordt berekend, zoals mijn eigen gedrag in het voorval dat het letsel veroorzaakte? 2.16.
2.17. Kan ik een voorschot krijgen? Zo ja, onder welke voorwaarden? 2.17.
2.18. Waar kan ik de noodzakelijke formulieren en verdere informatie verkrijgen over hoe een aanvraag in te dienen? Is er een speciale telefoonlijn of website die ik kan gebruiken? 2.18.
2.19. Kan ik juridische hulp krijgen bij het opstellen van het verzoek? 2.19.
2.20. Bij wie moet ik mijn verzoek indienen? 2.20.
2.21. Zijn er organisaties voor slachtofferhulp die verdere ondersteuning kunnen geven? 2.21.

 

Algemene opmerking: Overeenkomstig het Belgische recht moet de dader schadevergoeding betalen. Indien hij deze verplichting niet nakomt, kan een schadevordering worden ingesteld bij de rechter (rechterlijke macht). Het in deze bijdrage beschreven stelsel betreft de schadeloosstelling door de overheid (uitvoerende macht).

1. Verkrijgen van schadevergoeding van de dader

1.1. Onder welke voorwaarden kan ik een schadeclaim indienen in de strafzaak tegen de dader?

Het slachtoffer van een misdrijf dat in de strafzaak schadevergoeding wil krijgen, moet zich formeel burgerlijke partij stellen (d.i. de zogeheten burgerlijke partijstelling). Het is niet voldoende klacht in te dienen bij de politie of het gerecht.

Er zijn twee mogelijkheden voor het slachtoffer: burgerlijke partijstelling door vordering of burgerlijke partijstelling door zich bij de procedure te voegen (‘burgerlijke partijstelling door tussenkomst’).

De burgerlijke partijstelling door vordering, die de strafvordering op gang brengt, kan op twee manieren geschieden: klacht met burgerlijke partijstelling voor de onderzoeksrechter (de artikelen 66 tot en met 70 van het Wetboek van strafvordering) en rechtstreekse dagvaarding voor het gerecht (artikel 64, tweede alinea, en de artikelen 145, 182 en 183 van het Wetboek van strafvordering).

De burgerlijke partijstelling door tussenkomst is de meest gebruikte en de goedkoopste procedure. Het slachtoffer voegt zich dan bij de reeds door het openbaar ministerie ingestelde strafvordering.

1.2. Op welk moment van de strafrechtelijke procedure moet ik mijn claim indienen?

De burgerlijke partijstelling door vordering geschiedt op het ogenblik dat de strafvordering nog niet aanhangig is voor de strafrechter. Overeenkomstig de wet kan het slachtoffer de strafvordering zelf op gang brengen en de zaak voor de strafrechter brengen zonder daarvoor afhankelijk te zijn van het openbaar ministerie.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De burgerlijke partijstelling door tussenkomst geschiedt op het ogenblik dat de strafvordering reeds aanhangig is bij de strafrechter. Dit soort burgerlijke partijstelling is mogelijk in elke stand van het geding tot de sluiting van de debatten voor de strafrechter in eerste aanleg (artikel 67 van het Wetboek van strafvordering).

1.3. Hoe moet ik het verzoek doen en bij wie?

Zoals al blijkt uit de naam, geschiedt de burgerlijke partijstelling voor de onderzoeksrechter bij de onderzoeksrechter, ongeacht of deze al dan niet reeds belast is met het gerechtelijk onderzoek. De klacht met het oog op de burgerlijke partijstelling is aan geen enkel vormvereiste onderworpen. De onderzoekstrechter legt de burgerlijke partijstelling vast in een proces-verbaal. De burgerlijke partij moet echter duidelijk aangeven op welke feiten de burgerlijke partijstelling betrekking heeft. Wanneer de strafvordering op gang wordt gebracht door burgerlijke partijstelling, moet de burgerlijke partij de som die voor de gerechtskosten vermoedelijk nodig is ter griffie deponeren (consignatie).

Wat de rechtstreekse dagvaarding betreft, laat het slachtoffer door een gerechtsdeurwaarder een dagvaarding betekenen om te verschijnen voor de correctionele rechtbank of de politierechtbank, waarbij de bevoegdheidsregels en de voorschriften inzake de termijnen voor verschijning in acht moeten worden genomen. De dagvaarding doet opgave van de feiten. In sommige gevallen is rechtstreekse dagvaarding niet mogelijk (voor misdaden en politieke en drukpersmisdrijven, en voor hoven van beroep en jeugdrechtbanken).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De burgerlijke partijstelling door tussenkomst geschiedt voor het vonnisgerecht. Zij is kosteloos en kan mondeling geschieden.

Wat de burgerlijke partijstelling door tussenkomst betreft, kan het slachtoffer wanneer de strafvordering bij de politierechtbank of de correctionele rechtbank is ingesteld door oproeping per proces-verbaal (artikel 216quater en artikel 216quinquies van het Wetboek van strafvordering), zich burgerlijke partij stellen door middel van een ter griffie ingediend verzoekschrift (artikel 4 van de voorafgaande titel van het Wetboek van strafvordering).

1.4. Hoe moet ik mijn claim duidelijk maken?

In de claim moet de specifieke schade worden omschreven. De claim kan in de loop van de procedure worden aangevuld.

1.5. Kan ik rechtsbijstand krijgen voor of gedurende het proces?

Zie "Rechtsbijstand - België".

1.6. Wat voor bewijs is vereist om mijn claim te onderbouwen?

De omvang van de schade en het causaal verband tussen de fout (het delict) en deze schade kan met alle middelen worden bewezen.

1.7. Als het gerecht mij schadevergoeding heeft toegekend, is er dan speciale hulp beschikbaar voor mij als slachtoffer om die rechterlijke beslissing bij de dader af te dwingen?

Neen, er is geen speciale hulp beschikbaar. Er kan echter wel rechtsbijstand worden verleend aan slachtoffers die de kosten voor handelingen betreffende de tenuitvoerlegging van vonnissen en arresten niet kunnen betalen (artikel 665 van het Gerechtelijk Wetboek) (zie "Rechtsbijstand – België"). 

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2. Verkrijgen van schadevergoeding van de Staat of een overheidsinstelling

2.1. Is het mogelijk schadevergoeding te krijgen van de Staat of een overheidsinstelling?

Er kan schadevergoeding worden verkregen van de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden.

De toepasselijke wetsbepalingen zijn opgenomen in hoofdstuk III, afdeling II ("Hulp van de Staat aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden"), van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen (hierna ‘de wet’ te noemen).

2.2. Is de mogelijkheid beperkt tot slachtoffers van bepaalde soorten misdrijven?

De mogelijkheid tot schadeloosstelling is beperkt tot slachtoffers van opzettelijke gewelddaden. Het gaat in beginsel om opzettelijke delicten. Het begrip opzettelijke gewelddaad kan echter vrij worden ingevuld door de Commissie (artikel 31, 1°, van de wet).

2.3. Is de mogelijkheid beperkt tot slachtoffers die bepaalde soorten letstel hebben opgelopen?

De mogelijkheid is beperkt tot slachtoffers die ernstige lichamelijke of psychische schade hebben geleden (artikel 31, 1°, van de wet).

Er kan eveneens hulp worden aangevraagd door:

  1. ouders of personen die voorzien in het onderhoud van een minderjarig slachtoffer dat als gevolg van een opzettelijke gewelddaad een langdurige medische of therapeutische behandeling behoeft (artikel 31, 3°, van de wet) en
  2. verwanten tot en met de tweede graad van of verwanten die in duurzaam gezinsverband samenleefden met een slachtoffer dat sinds meer dan een jaar vermist is indien deze vermissing naar alle waarschijnlijkheid te wijten is aan een opzettelijke gewelddaad (artikel 31, 4°, van de wet).

De Commissie kan een aanvullende hulp toekennen wanneer na de toekenning van de hulp, het nadeel kennelijk is toegenomen (artikel 37 van de wet).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2.4. Kunnen familieleden of naasten van slachtoffers die zijn overleden door het misdrijf schadevergoeding krijgen?

Nabestaanden van of personen die in duurzaam gezinsverband samenleefden met een persoon die overleden is als rechtstreeks gevolg van een opzettelijke gewelddaad kunnen hulp krijgen (artikel 31, 2°, van de wet).

2.5. Is de mogelijkheid schadevergoeding te krijgen beperkt tot personen met een bepaalde nationaliteit of personen die in een bepaald land wonen?

De mogelijkheid schadevergoeding te krijgen is niet beperkt tot personen met een bepaalde nationaliteit of personen die in een bepaald land wonen. Wel moet het slachtoffer op het moment van de gewelddaad de Belgische nationaliteit bezitten of gerechtigd zijn het Rijk binnen te komen, er te verblijven of er zich te vestigen (artikel 31bis, 2°, van de wet).

Uitzondering: er kan hulp worden verleend aan slachtoffers die op het moment van de gewelddaad illegaal in het Rijk verblijven maar die naderhand van de Dienst Vreemdelingenzaken een verblijfsvergunning van onbepaalde duur hebben verkregen in het kader van een onderzoek wegens mensenhandel (artikel 31bis, 2°, van de wet).

2.6. Kan ik schadevergoeding in België vragen als het misdrijf in een ander land is begaan? Zo ja, onder welke voorwaarden?

Om hulp te kunnen krijgen moet de gewelddaad in België zijn gepleegd (artikel 31bis, 1°, van de wet).

Uitzondering: wanneer bepaalde personen in bevolen dienst slachtoffer zijn van een in het buitenland gepleegde gewelddaad, kunnen zij steun krijgen (artikel 31bis, 1°, van de wet). Het gaat daarbij om:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. de personeelsleden van de politiediensten;
  2. de leden van de buitendiensten van de afdeling "Veiligheid van de Staat";
  3. de personeelsleden van de Krijgsmacht en de burgerlijke personeelsleden van de Federale Overheidsdienst Defensie;
  4. de leden van de diensten van de civiele bescherming;
  5. de leden van de openbare brandweerdiensten;
  6. de leden van de buitendiensten van het bestuur der Strafinrichtingen.
2.7. Is het nodig van het delict aangifte te hebben gedaan bij de politie?

Het is niet nodig van het delict aangifte te hebben gedaan om hulp te krijgen (uitzonderingen: zie de punten 2.10 en 2.17).

2.8. Is het nodig de uitkomst van een politieonderzoek of strafproces af te wachten voordat ik een verzoek kan indienen?

Er kunnen twee hypothesen worden onderscheiden (artikel 31bis, 3°, van de wet):

  1. indien de dader bekend is, kan er slechts hulp worden toegekend nadat er een definitieve rechterlijke beslissing over de strafvordering is;
  2. indien de dader onbekend blijft, kan slechts hulp worden toegekend nadat het strafdossier is geseponeerd. Uitzondering: indien er meer dan een jaar is verstreken sinds de datum van de burgerlijke partijstelling kan er hulp worden toegekend zelfs indien het strafdossier nog niet is geseponeerd.
2.9. Als de dader bekend is, is het dan nodig te trachten eerst schadevergoeding bij de dader te eisen?

Indien de dader bekend is, is het nodig te trachten eerst schadevergoeding bij de dader te eisen. Door middel van een burgerlijke partijstelling, een rechtstreekse dagvaarding of een vordering voor een burgerlijke rechtbank moet worden bewezen dat de verzoeker schadevergoeding heeft nagestreefd (artikel 31bis, 3°, van de wet).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2.10. Als de dader niet bekend of veroordeeld is, is het dan toch mogelijk in aanmerking te komen voor schadevergoeding? Wat voor bewijs moet ik in dat geval overleggen om mijn verzoek te onderbouwen?

Indien de dader niet bekend is, kan er toch hulp worden toegekend (artikel 31bis, 3°, tweede alinea, van de wet). Er moet wel worden bewezen dat de verzoeker zich burgerlijke partij heeft gesteld (artikel 31bis, 3°, eerste alinea, van de wet).

De Commissie kan echter oordelen dat het voldoende is dat de verzoeker klacht heeft ingediend of de hoedanigheid van benadeelde persoon heeft aangenomen (artikel 31bis, 3°, tweede alinea, van de wet).

2.11. Moet het verzoek om schadevergoeding binnen een bepaalde termijn worden ingediend?

Het verzoek moet binnen drie jaar worden ingediend. De termijn loopt, naargelang het geval, vanaf de eerste beslissing tot seponering, de beslissing van het onderzoeksgerecht, de dag waarop definitief uitspraak is gedaan over de strafvordering of de dag, indien deze van latere datum is, waarop uitspraak is gedaan over de burgerlijke belangen (artikel 31bis, 4°, van de wet).

Het verzoek tot toekenning van een aanvullende hulp moet, op straffe van verval, binnen tien jaar te rekenen van de dag waarop de hulp is uitbetaald, worden ingediend.

2.12. Voor welk soort schade kan ik een vergoeding krijgen?

De Commissie steunt uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade (artikel 32, lid 1, van de wet):

  1. de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;
  2. de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;
  3. de tijdelijke of blijvende invaliditeit;
  4. een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;
  5. de esthetische schade;
  6. de procedurekosten ten belope van 4 000 EUR;
  7. de materiële kosten ten belope van 1 250 EUR;
  8. de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren.

Voor de toekenning van een hulp aan de nabestaanden van overleden slachtoffers, steunt de Commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade (artikel 32, lid 2, van de wet):

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. de morele schade;
  2. de medische kosten en de ziekenhuiskosten;
  3. het verlies aan levensonderhoud voor personen die op het ogenblik van de gewelddaad ten laste waren van het slachtoffer;
  4. de begrafeniskosten ten belope van 2 000 EUR;
  5. de procedurekosten ten belope van 4 000 EUR;
  6. de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren.

Voor de toekenning van een hulp aan de personen die voorzien in het onderhoud van een kind dat als gevolg van een opzettelijke gewelddaad een langdurige medische of therapeutische behandeling behoeft en aan de ouders van een slachtoffer dat vermist is, steunt de Commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade:

  1. de morele schade;
  2. de medische kosten en de ziekenhuiskosten;
  3. de procedurekosten ten belope van 4 000 EUR.
2.13. Hoe wordt de schadevergoeding berekend?

Het bedrag van de hulp wordt naar billijkheid bepaald door een kamer van de Commissie die is samengesteld uit drie leden en waarvan de voorzitter een magistraat is (artikel 33, lid 1, eerste alinea, van de wet).

2.14. Is er een minimum en/of maximumbedrag dat kan worden toegekend?

Het minimumbedrag dat kan worden toegekend is 500 EUR. Het maximumbedrag is 62 000 EUR (artikel 33, lid 2, van de wet).

De aanvullende hulp is beperkt tot een bedrag van 62 000 EUR verminderd met de reeds toegekende hulp (artikel 37 van de wet).

2.15. Wordt schadevergoeding die ik heb ontvangen of kan ontvangen van andere bronnen (zoals van een verzekering) afgetrokken van de compensatie van de Staat?

De schadevergoeding die het slachtoffer uit andere bronnen heeft ontvangen of kan ontvangen voor dezelfde schade wordt afgetrokken van de toegekende hulp (artikel 31bis, 5°, van de wet).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

2.16. Zijn er andere omstandigheden die mijn kans op het krijgen van schadevergoeding beïnvloeden of hoe het bedrag van mijn schade wordt berekend, zoals mijn eigen gedrag in het voorval dat het letsel veroorzaakte?

De Commissie kan onder meer rekening houden met (artikel 33, lid 1, tweede alinea, van de wet):

  • het gedrag van de verzoeker indien deze direct of indirect heeft bijgedragen tot het ontstaan van de schade of de toename ervan;
  • de relatie tussen de verzoeker en de dader.
2.17. Kan ik een voorschot krijgen? Zo ja, onder welke voorwaarden?

De Commissie kan noodhulp toekennen wanneer elke vertraging bij de toekenning van de hulp de verzoeker een ernstig nadeel kan berokkenen, gelet op zijn financiële situatie (artikel 36, eerste alinea, van de wet).

De noodhulp kan worden aangevraagd vanaf de burgerlijke partijstelling of de indiening van een klacht door de verzoeker (artikel 36, derde alinea, van de wet).

De noodhulp wordt per schadegeval en per verzoeker toegekend voor schade boven 500 EUR en is beperk tot een bedrag van 15 000 EUR (artikel 36, tweede alinea, van de wet).

2.18. Waar kan ik de noodzakelijke formulieren en verdere informatie verkrijgen over hoe een aanvraag in te dienen? Is er een speciale telefoonlijn of website die ik kan gebruiken?

De noodzakelijke formulieren en verdere informatie over hoe een aanvraag kan worden ingediend, is te verkrijgen bij:

De Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden;

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Postadres: Waterloolaan 115, 1000 Brussel;

Lokalen: Hallepoortlaan 5‑8, 1060 Brussel;

Telefoon (Frans): +32 (0)2 542 08 of +32 (0)2 542 72 44;

Telefoon (Nederlands): +32 (0)2 542 72 18, +32 (0)2 542 72 24 of +32 (0)2 542 72 29;

Fax: +32 (0)2 542 72 40.

Kantooruren: elke werkdag van 9 uur tot 11.45 uur en van 14 uur tot 16.30 uur.

2.19. Kan ik juridische hulp krijgen bij het opstellen van het verzoek?

U kunt rechtsbijstand krijgen bij het opstellen van het verzoek (zie “Rechtsbijstand – België”).

De procedure voor de Commissie is kosteloos.

De aanwezigheid van het slachtoffer ter zitting is niet verplicht. Vertegenwoordiging door een advocaat is evenmin verplicht.

Het slachtoffer kan zich ook laten bijstaan door de gemachtigde van een overheidsinstelling of een door de Koning hiertoe erkende vereniging (zie punt 2.21).

2.20. Bij wie moet ik mijn verzoek indienen?

De vraag om financiële hulp, noodhulp of aanvullende hulp geschiedt bij verzoekschrift dat in twee exemplaren wordt neergelegd bij het secretariaat van de Commissie of haar wordt toegezonden bij een ter post aangetekende brief.

Postadres: Waterloolaan 115, 1000 Brussel;

Lokalen: Hallepoortlaan 5-8, 1060 Brussel;

Kantooruren: elke werkdag van 9 uur tot 11.45 uur en van 14 uur tot 16.30 uur.

2.21. Zijn er organisaties voor slachtofferhulp die verdere ondersteuning kunnen geven?

In België zijn er meerdere instanties betrokken bij slachtofferhulp.

De politie staat slachtoffers bij in het kader van de zogeheten politiële slachtofferbejegening, in het bijzonder door hen de nodige informatie te verstrekken.

Justitie-assistenten (personeelsleden van de Dienst Justitiehuizen) staan de bevoegde magistraten bij bij de begeleiding van personen die betrokken zijn bij gerechtelijke procedures.

De verenigingen voor slachtofferhulp verstrekken slachtoffers en hun verwanten individuele psychologische en sociale hulp. Deze verenigingen kunnen slachtoffers ook bijstaan in procedures voor de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden. U kunt de adressen van deze verenigingen verkrijgen bij:

  1. de Federale Overheidsdienst Justitie (Waterloolaan 115, 1000 Brussel, +32 (0)2 542 65 11);
  2. de Justitiehuizen;
  3. de politiediensten;
  4. de service d'aide aux victimes van HUY (Rue Rioul 22-24, 4500 HUY, +32 (0)85 21 65 65) voor Wallonië;
  5. Steunpunt Algemeen Welzijnswerk, Afdeling slachtofferhulp (Diksmuidelaan 50, 2600 BERCHEM, +32 (0)3 366 15 40) voor Vlaanderen;
  6. of door raadpleging van de brochure "Uw rechten als slachtoffer van een misdrijf".

Nadere inlichtingen

  • Zijn er andere mogelijkheden om schadevergoeding van de dader te krijgen?

De procureur des Konings kan beslissen de verdachte niet te vervolgen indien deze aan een aantal voorwaarden voldoet. De eerste voorwaarde is van direct belang voor het slachtoffer en betreft de vergoeding of het herstel van de door het misdrijf veroorzaakte schade. Deze bijzondere procedure heet bemiddeling in strafzaken en is slechts mogelijk voorzover het delict volgens de procureur des Konings niet van die aard schijnt te zijn dat het gestraft moet worden met een hoofdstraf van meer dan twee jaar correctionele gevangenisstraf of een zwaardere straf (artikel 216ter van het Wetboek van strafvordering). De procedure vindt plaats voor de parketmagistraat die belast is met de bemiddeling in strafzaken. De dader en het slachtoffer moeten overeenstemming bereiken over de schadevergoeding. Deze overeenkomst wordt vastgelegd in een proces‑verbaal. Indien de dader de opgelegde voorwaarden niet volledig naleeft, kan het slachtoffer bij de burgerlijke rechter een schadevordering instellen of zich burgerlijke partij stellen.

  • Is het mogelijk de beslissingen te raadplegen van de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden?

De beslissingen van de Commissie voor financiële hulp français zijn beschikbaar op de website van de Federale Overheidsdienst Justitie.

  • Kan de wetgeving betreffende de financiële hulp aan slachtoffers worden geraadpleegd?

De toepasselijke wetsbepalingen zijn opgenomen in hoofdstuk III, afdeling II, van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen. Deze wet is beschikbaar op de website van de Federale Overheidsdienst Justitie:

- kies Frans of Nederlands;

- kies de rubriek "Geconsolideerde wetgeving";

- vul de vakken als volgt in:

    • juridische aard: WET
    • afkondigingsdatum: 1985-08-01
    • publicatiedatum: 1985-08-06
    • departement: EERSTE MINISTER.

- Zie de artikelen 28 tot en met 41 van de wet.

« Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven - Algemene informatie | België - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 19-10-2006

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk