Europese Commissie > EJN > Aanhangigmaking van zaken bij de rechter > Slowakije

Laatste aanpassing: 18-09-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Aanhangigmaking van zaken bij de rechter - Slowakije

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De originele taalversie is bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


U hebt een geschil met een onderneming, een vakman, uw werkgever, een familielid, of enige andere persoon, in eigen land of in het buitenland. Om dit geschil op te lossen, dient u zich een aantal vragen te stellen, zoals:



 

INHOUDSOPGAVE

1. Is het nodig mij tot een rechtbank te wenden? 1.
2. Is het nog niet te laat om mij tot de rechtbank te wenden? 2.
3. Moet ik mij tot een rechtbank in Slowakije wenden? 3.
4. Tot welke rechter of rechtscollege in Slowakije moet ik mij wenden, gelet op mijn woonplaats en die van de andere partij, of gelet op andere factoren die mijn zaak aan een bepaalde plaats binden? 4.
5. Tot welke rechter of rechtscollege in Slowakije moet ik mij wenden, gelet op de aard van mijn zaak en het bedrag waar het om gaat? Zie het thema ‘Bevoegdheid van de rechtbanken - Slowakije’. 5.
6. Kan ik zelf een zaak aanhangig maken of heb ik een tussenpersoon nodig, zoals een advocaat? 6.
7. Tot wie moet ik mij wenden: tot de receptie van het gerecht of tot de griffie van het gerecht of tot enige andere dienst? 7.
8. In welke taal kan ik mijn vordering stellen? Kan het mondeling of moet het schriftelijk? Kan het per fax of e-mail? 8.
9. Bestaan er standaardformulieren om een zaak aanhangig te maken en, zoniet, wat moet een dagvaarding zeker bevatten? 9.
10. Moeten er aan het gerecht kosten worden betaald? Zo ja, wanneer moeten die worden betaald? Moet de advocaat meteen bij aanvang worden betaald? 10.
11. Kom ik in aanmerking voor rechtsbijstand? (zie het thema “Rechtsbijstand”) 11.
12. Vanaf wanneer wordt de vordering formeel als ingesteld beschouwd? Krijg ik van de autoriteiten een bevestiging dat de zaak op geldige wijze aanhangig is gemaakt? 12.
13. Kan ik nauwkeurige inlichtingen krijgen over het tijdsschema voor de stappen die op de aanhangigmaking volgen (bijvoorbeeld de termijn waarbinnen de zaak voorkomt)? 13.

 

VOORAF TE STELLEN VRAGEN:

1. Is het nodig mij tot een rechtbank te wenden?

Wellicht is het beter om gebruik te maken van alternatieve wijzen van geschillenbeslechting. Zie het betreffende thema.

Geschillen hoeven niet altijd bij een rechtbank aanhangig worden gemaakt. De partijen kunnen beter eerst proberen om onderling tot een minnelijke schikking te komen en een compromis te sluiten waarin beide zich kunnen vinden. Geschillen kunnen ook worden beslecht door gebruik te maken van mediation overeenkomstig Wet nr. 420/2004 (Mediationwet). Mediation is de buitengerechtelijke beslechting van een geschil met behulp van een deskundige, die mediator wordt genoemd. Het aanhangig maken van een zaak bij de rechter wordt pas aanbevolen wanneer alle alternatieve wijzen van geschillenbeslechting zijn uitgeput of als het doel ervan is de exacte rechtspositie van de twee partijen, oftewel hun rechten en plichten ten opzichte van elkaar, vast te stellen.

2. Is het nog niet te laat om mij tot de rechtbank te wenden?

De termijnen voor aanhangigmaking van een zaak bij de rechter verschillen naargelang het geval. Vragen over termijnen kunnen worden beantwoord door een raadsman of door een bureau dat informatie over de toegang tot justitie verschaft.

Termijnen voor de aanhangigmaking zijn uitsluitend van toepassing op vorderingen waarvoor een verjaringstermijn geldt. Krachtens Wet nr. 40/1964 (Burgerlijk wetboek) vervalt een recht wanneer het niet is uitgeoefend binnen de wettelijk vastgestelde termijn. Wanneer een recht is vervallen, kan een partij zich niet op dit recht beroepen voor de rechter, ook al wordt het niet door de wederpartij betwist. Alle zakelijke rechten vervallen, met uitzondering van het eigendomsrecht en rechten met betrekking tot spaarbankboekjes of andere vormen van spaar- en betaalrekeningen voor de duur van de beleggingsovereenkomst. Er zijn verjaringstermijnen met verschillende wettelijk vastgestelde looptijden (§§ 101-110 van Wet nr. 40/1964), maar de algemene regel is: drie jaar vanaf de datum waarop het recht voor het eerst kon worden uitgeoefend.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

3. Moet ik mij tot een rechtbank in Slowakije wenden?

Zie het thema ‘Bevoegdheid van de rechtbanken’.

In § 37 e.v. van Wet nr. 97/1963 betreffende internationaal privaat- en procedurerecht is bepaald wanneer een zaak aanhangig moet worden gemaakt bij een rechtbank in Slowakije. In deze wet zijn de regels vastgesteld die van toepassing zijn op de formele bevoegdheid van Slowaakse rechterlijke instanties. De basisregel is dat de Slowaakse rechtbanken bevoegd zijn indien de persoon tegen wie een vordering wordt ingesteld zijn verblijfplaats of statutaire zetel heeft op Slowaaks grondgebied of, in gevallen betreffende zakelijke rechten, als zij zaken hebben die zich in Slowakije bevinden. In andere regels zijn de voorwaarden vastgelegd voor de bepaling van de bevoegdheid van de Slowaakse rechtbank. Partijen bij een overeenkomst kunnen de bevoegdheid rechtstreeks in de overeenkomst vastleggen. Een Slowaakse rechtbank kan ook exclusieve bevoegdheid hebben, bijvoorbeeld in procedures betreffende het vruchtgebruik van onroerende zaken waarbij de betreffende zaken zich op Slowaaks grondgebied bevinden.

4. Tot welke rechter of rechtscollege in Slowakije moet ik mij wenden, gelet op mijn woonplaats en die van de andere partij, of gelet op andere factoren die mijn zaak aan een bepaalde plaats binden?

Zie het thema ‘Bevoegdheid van de rechtbanken- Slowakije’.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De territoriale bevoegdheid van rechtbanken is vastgelegd in Wet nr. 99/1963 (Wetboek van burgerlijke rechtsvordering). In § 84 van deze wet is bepaald dat de bevoegde rechtbank de algemene rechtbank is in de verblijfplaats van de partij tegen wie een vordering wordt ingesteld (de verweerder). Voor natuurlijke personen is de algemene rechtbank de rechtbank in het rechtsgebied waar zij hun woonplaats hebben of, bij ontbreken daarvan, hun verblijfplaats. Voor rechtspersonen is de algemene rechtbank de rechtbank in het rechtsgebied waar zij hun statutaire zetel hebben. Voor een staat is de algemene rechtbank de rechtbank in het rechtsgebied waar de gebeurtenissen hebben plaatsgevonden die de aanleiding vormen voor het inroepen van een bepaald recht. In handelszaken is de algemene rechtbank de rechtbank in het rechtsgebied waar de verweerder zijn statutaire zetel heeft of, bij ontbreken daarvan, de rechtbank in het rechtsgebied waar de verweerder zijn bedrijf uitoefent. Uitzonderingen op de basisregel voor de bepaling van de territoriale bevoegdheid van een rechtbank zijn opgenomen in §§ 87 en 88 van Wet nr. 99/1963.

5. Tot welke rechter of rechtscollege in Slowakije moet ik mij wenden, gelet op de aard van mijn zaak en het bedrag waar het om gaat? Zie het thema ‘Bevoegdheid van de rechtbanken - Slowakije’.

Zie het thema ‘Bevoegdheid van de rechtbanken - Slowakije’.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De basisregel voor de materiële bevoegdheid van rechtbanken in Slowakije, die is neergelegd in § 9, eerste alinea van Wet nr. 99/1963 (Wetboek van burgerlijke rechtsvordering), is dat de districtsrechtbanken zaken in eerste aanleg behandelen. Regionale rechtbanken treden alleen op als rechtbanken van eerste aanleg in specifiek omschreven gevallen, zoals in geschillen waarbij een andere staat of personen met diplomatieke voorrechten en immuniteiten betrokken zijn, indien dergelijke geschillen tot de bevoegdheid van de Slowaakse rechtbanken behoren. Slowakije heeft verder rechtbanken die belast zijn met de behandeling van zaken op specifieke gebieden (zoals vastgelegd in Wet nr. 371/2004 betreffende de rechtszetels en territoriale bevoegdheid van de rechtbanken van de Slowaakse Republiek), zoals wissels en cheques, asiel, registratie enz. Het gevorderde bedrag is niet van belang bij de beantwoording van de vraag welke rechtbank in de betreffende zaak bevoegd is.

WIJZE WAAROP EEN ZAAK BIJ EEN RECHTBANK AANHANGIG WORDT GEMAAKT

6. Kan ik zelf een zaak aanhangig maken of heb ik een tussenpersoon nodig, zoals een advocaat?

Ja, in burgerlijke zaken kunt u zichzelf vertegenwoordigen. Het is niet noodzakelijk u te laten vertegenwoordigen door een advocaat.

7. Tot wie moet ik mij wenden: tot de receptie van het gerecht of tot de griffie van het gerecht of tot enige andere dienst?

Overeenkomstig § 42, eerste alinea van Wet nr. 99/1963 (Wetboek van burgerlijke rechtsvordering) kan een zaak op de volgende wijzen aanhangig worden gemaakt: schriftelijk, mondeling bij de griffie van de rechtbank, elektronisch ondertekend met een beveiligde elektronische handtekening, per telegram of per fax. Per telegram ingestelde vorderingen betreffende de zaak ten gronde moeten binnen drie dagen worden gevolgd door een schriftelijke of mondelinge bevestiging aan de griffie van de rechtbank; indien de vordering per fax wordt ingesteld, moet het origineel binnen drie dagen worden overgelegd. Vorderingen die niet binnen drie dagen op deze wijze worden bevestigd, worden niet in behandeling genomen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

8. In welke taal kan ik mijn vordering stellen? Kan het mondeling of moet het schriftelijk? Kan het per fax of e-mail?

Omdat de partijen in een burgerlijk geschil gelijke status hebben, hoeft de vordering niet in het Slowaaks te zijn gesteld. De partijen hebben het recht om voor de rechtbank hun moedertaal te spreken of een officiële landstaal die zij begrijpen. Het is de taak van de rechtbank ervoor te waken dat zij in gelijke mate hun rechten kunnen uitoefenen, hetgeen inhoudt dat er moet worden gezorgd voor vertaling en vertolking (§ 18 van Wet nr. 99/1963 – Wetboek van burgerlijke rechtsvordering). Vorderingen kunnen mondeling, schriftelijk, elektronisch ondertekend met een beveiligde elektronische handtekening, per telegram of per fax worden ingesteld.

9. Bestaan er standaardformulieren om een zaak aanhangig te maken en, zoniet, wat moet een dagvaarding zeker bevatten?

Een zaak kan ook aanhangig worden gemaakt met behulp van het standaardformulier dat is neergelegd in een algemeen verbindende rechtsbepaling van het Slowaakse ministerie van Justitie (§ 76, derde alinea van Wet nr. 99/1963 - Wetboek van burgerlijke rechtsvordering). De algemene informatie die in de vordering moet worden vermeld is vastgelegd in § 42, derde alinea van Wet nr. 1999/1963 (Wetboek van burgerlijke rechtsvordering): het moet duidelijk zijn aan welke rechtbank de vordering gericht is, door wie deze wordt ingesteld, waarop deze betrekking heeft en welk verzoek erin is vervat. Bovendien moet de vordering zijn ondertekend en gedateerd. De vordering moet worden ingediend met het juiste aantal bijgevoegde afschriften en bijlagen, zodat de rechtbank één afschrift kan houden en elke partij de benodigde afschriften kan ontvangen. Indien de eiser verzuimt het juiste aantal afschriften en bijlagen bij te voegen, maakt de rechtbank zelf de benodigde afschriften op kosten van de eiser. Verdere bijzonderheden staan vermeld in § 79, eerste alinea van de wet: op de vordering moeten de voornamen, achternamen en verblijfplaatsen van de partijen (en van hun eventuele vertegenwoordiger) worden vermeld, alsmede hun nationaliteit, een waarheidsgetrouwe weergave van de belangrijkste feiten en een lijst met bewijsmiddelen waarop de eiser voornemens is zijn zaak te baseren; in de vordering moet verder duidelijk worden gemaakt waar de eiser om verzoekt. In het geval van een rechtspersoon moet in de vordering ook de naam of handelsnaam van de rechtspersoon worden vermeld, alsmede zijn statutaire zetel en identificatienummer, indien toegewezen. Wanneer het een zaak betreft waarbij een persoon met een buitenlandse nationaliteit betrokken is, moet de vordering vergezeld gaan van een uittreksel uit een register of een andere registratie waarin de buitenlandse persoon staat ingeschreven. In het geval het een persoon met een handelsvergunning betreft, moet in de vordering ook zijn handelsnaam worden vermeld, alsmede zijn statutaire zetel en zijn identificatienummer, indien toegewezen. In het geval van een staat moet de vordering de naam van het betreffende land bevatten alsmede die van het bevoegde overheidsorgaan dat namens hem zal optreden.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

10. Moeten er aan het gerecht kosten worden betaald? Zo ja, wanneer moeten die worden betaald? Moet de advocaat meteen bij aanvang worden betaald?

Voor de aanhangigmaking van zaken zijn griffierechten verschuldigd. De rechten moeten worden betaald door de partij die de vordering instelt (de verzoeker/eiser), tenzij de rechtbank de eiser op zijn verzoek van de betaling van de griffierechten heeft vrijgesteld of de eiser wettelijk van die betaling is vrijgesteld. De hoogte van de griffierechten is bepaald in de tabel van griffierechten (gehecht aan Wet nr. 71/1992 - Wet griffierechten). De rechten moeten worden betaald bij het instellen van de vordering. De rechtbank moet controleren of de eiser het betreffende recht betaald heeft of van betaling is vrijgesteld. Wanneer een vordering is ingesteld zonder dat het griffierecht is betaald en de eiser niet voldoet aan een van de voorwaarden voor vrijstelling van de betaling van griffierechten noch om vrijstelling heeft verzocht, verzoekt de rechtbank de eiser het verschuldigde bedrag binnen een bepaalde termijn te voldoen. Tegelijkertijd stelt de rechtbank de eiser in kennis van het feit dat als hij verzuimt de rechten te betalen, de vordering niet in behandeling zal worden genomen.

Het is in burgerlijke zaken niet verplicht om gebruik te maken van de diensten van een advocaat.

11. Kom ik in aanmerking voor rechtsbijstand? (zie het thema “Rechtsbijstand”)

Krachtens § 138, eerste alinea van Wet nr. 99/1963 (Wetboek van burgerlijke rechtsvordering) kan de rechtbank de eiser op diens verzoek volledige of gedeeltelijke vrijstelling verlenen van de betaling van griffierechten. Er moet aan twee voorwaarden worden voldaan: de omstandigheden van de eiser moeten de vrijstelling rechtvaardigen, en er mag geen sprake zijn van een recht dat op arbitraire of kennelijk onhoudbare gronden wordt uitgeoefend of beschermd. Indien een eiser voldoet aan de criteria voor vrijstelling van griffierechten, voegt de rechter of – op verzoek van de rechter – een daartoe gemachtigde medewerker van de rechtbank, een advocaat toe aan de eiser om hem te vertegenwoordigen, indien dit noodzakelijk is om de belangen van die persoon te behartigen (§ 30 van Wet nr. 99/1963).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Bepaalde procedures zijn bij wet vrijgesteld van griffierechten, bijvoorbeeld zaken in verband met voogdij, de zorg voor kinderen, adoptie, de mogelijkheid om te huwen, handelingsbekwaamheid enz. Deze zaken worden opgesomd in § 4 van Wet nr. 71/1992 (Wet griffierechten). De uitzondering geldt ook voor procedures inzake hoger beroep, cassatie, herziening en tenuitvoerlegging.

GEVOLGEN VAN DE AANHANGIGMAKING

12. Vanaf wanneer wordt de vordering formeel als ingesteld beschouwd? Krijg ik van de autoriteiten een bevestiging dat de zaak op geldige wijze aanhangig is gemaakt?

De vordering wordt geacht te zijn ingesteld op de datum waarop de rechtbank de vordering ontvangt. De rechtbank bevestigt aan de eiser dat de vordering is ontvangen en door de griffie naar behoren is ingeschreven op de rol.

13. Kan ik nauwkeurige inlichtingen krijgen over het tijdsschema voor de stappen die op de aanhangigmaking volgen (bijvoorbeeld de termijn waarbinnen de zaak voorkomt)?

De rechtbank doet de vordering toekomen aan de overige betrokken partijen en stelt hen op de hoogte van hun rechten en plichten. Ter voorbereiding op het proces doet de rechtbank de vordering toekomen aan de verweerder (de gedaagde) en, indien de aard van de zaak of de omstandigheden dat vereisen, kan de rechtbank de verweerder opdragen hierop schriftelijk te antwoorden, waarbij hij de belangrijkste feiten voor zijn verdediging dient te vermelden, relevante documenten moet bijvoegen en bewijs moet aanvoeren ter onderbouwing van zijn argumenten. De rechtbank bepaalt een termijn waarbinnen de verweerder moet antwoorden.

« Aanhangigmaking van zaken bij de rechter - Algemene informatie | Slowakije - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 18-09-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk