Europese Commissie > EJN > Aanhangigmaking van zaken bij de rechter > Polen

Laatste aanpassing: 12-05-2009
Printversie Voeg toe aan favorieten

Aanhangigmaking van zaken bij de rechter - Polen

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De originele taalversie is bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

1. Kan ik zelf een zaak aanhangig maken of heb ik een tussenpersoon nodig, zoals een advocaat? 1.
2. Tot wie moet ik mij wenden: tot de receptie van het gerecht of tot de griffie van het gerecht of enige andere dienst? 2.
3. In welke taal kan ik mijn vordering stellen? Kan het mondeling of moet het schriftelijk? Kan het per fax of per e-mail? 3.
4. Bestaan er standaardformulieren om een zaak aanhangig te maken en, zo niet, hoe moet een vordering worden ingediend? Zijn er elementen die een dossier noodzakelijk moet bevatten? 4.
5. Moeten er aan het gerecht kosten worden betaald? Zo ja, wanneer? Moet de advocaat meteen bij aanvang worden betaald? 5.
6. Kom ik in aanmerking voor rechtsbijstand? (Thema 'Rechtsbijstand') 6.

 

1. Kan ik zelf een zaak aanhangig maken of heb ik een tussenpersoon nodig, zoals een advocaat?

In principe stelt het Poolse wetboek van burgerlijke rechtsvordering (hierna te noemen WvBR) vertegenwoordiging door een advocaat niet verplicht. De partijen en hun autoriteiten of wettelijke vertegenwoordigers mogen in persoon of via een feitelijke gevolmachtigde voor de rechtbank optreden. Krachtens artikel 871 WvBR is vertegenwoordiging door een advocaat wel verplicht bij zaken die worden behandeld door het hooggerechtshof. Bij dergelijke procedures mag een partij alleen via een advocaat of juridisch adviseur handelen. De enige uitzondering op deze verplichting betreft het indienen van een verzoek om vrijstelling van de gerechtskosten en ambtshalve toewijzing van een advocaat of juridisch adviseur.

Een zaak kan bij de rechtbank aanhangig worden gemaakt door elke persoon die volledig rechtsbevoegd is, of door elke rechtspersoon of maatschappelijke organisatie die bevoegd is rechtshandelingen te verrichten, ook als deze geen rechtspersoonlijkheid heeft. Een persoon wordt rechtsbevoegd bij het bereiken van de 18-jarige leeftijd. Een persoon die geen rechtsbevoegdheid heeft, kan alleen proceshandelingen verrichten via een wettelijke vertegenwoordiger. Bij rechtspersonen en andere organisaties die voor de rechtbank handelingsbevoegd zijn, worden de proceshandelingen verricht door de organen die bevoegd zijn in hun naam op te treden. Dergelijke organen zijn verplicht bij het verrichten van de eerste proceshandeling een bewijs van hun handelingsbevoegdheid over te leggen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De rechtbank kan een persoon die niet bevoegd is rechtbank- of proceshandelingen te verrichten of een persoon die hiervoor niet de juiste wettelijke bevoegdheid heeft, tijdelijk toestaan rechtshandelingen te verrichten, mits eventuele gebreken voor het verstrijken van de aangegeven termijn worden gedekt en de handelingen worden goedgekeurd door de hiervoor aangewezen persoon. Voor een partij die niet bevoegd is proceshandelingen te verrichten en die geen wettelijke vertegenwoordiger heeft en voor een partij waarvoor geen bevoegde vertegenwoordiger is benoemd, stelt de rechtbank op verzoek van de tegenpartij een waarnemer aan indien deze partij een urgente proceshandeling tegen de andere partij moet verrichten.

Krachtens artikel 87 WvBR kunnen de volgende personen worden benoemd als feitelijke gevolmachtigde: een advocaat of juridisch adviseur, een octrooigemachtigde in geval van industriële-eigendomszaken, een persoon die de bezittingen of belangen van de partij beheert, een persoon die een vast contract met de partij heeft mits de zaak binnen dit contract valt, een betrokkene bij een geschil, of een ouder, echtgenoot, broer, zus of kind van de partij of een persoon die middels adoptie een familieband met de partij heeft.

De feitelijke gevolmachtigde van een rechtspersoon of onderneming, waaronder die zonder rechtspersoonlijkheid, kan ook een werknemer of het hoogste gezag van de betreffende entiteit zijn. Een rechtspersoon die op basis van andere wettelijke bepalingen juridische diensten aan een onderneming, rechtspersoon of andere organisatievorm levert, kan uit naam van de entiteit waaraan hij deze juridische diensten verleent een procesvolmacht afgeven aan een advocaat of juridisch adviseur, mits hij hiervoor door deze entiteit is gemachtigd.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

In zaken over afstamming of alimentatie kan de feitelijke gevolmachtigde ook een vertegenwoordiger zijn van een lokaal overheidsorgaan voor welzijnszorg of van een maatschappelijke organisatie voor gezinszorg.

In zaken die verband houden met de bedrijfsvoering van een landbouwbedrijf kan de feitelijke gevolmachtigde van de agrariër ook een vertegenwoordiger zijn van een landbouwvereniging waarvan de betrokken agrariër lid is.

In zaken die verband houden met consumentenbescherming kan de feitelijke gevolmachtigde een vertegenwoordiger zijn van een organisatie die consumentenbescherming als statutaire taak heeft.

In zaken die verband houden met de bescherming van industriële eigendom kan de feitelijke gevolmachtigde van de ontwerper ook een vertegenwoordiger zijn van een organisatie die als statutaire taak heeft industriële eigendommen te beschermen en ontwerpers te steunen.

2. Tot wie moet ik mij wenden: tot de receptie van het gerecht of tot de griffie van het gerecht of enige andere dienst?

U wendt zich tot de rechtbank door een conclusie van eis (processtuk) bij de rechtbank in te dienen. Dit kan bij de griffie of per post.

3. In welke taal kan ik mijn vordering stellen? Kan het mondeling of moet het schriftelijk? Kan het per fax of per e-mail?

De conclusie van eis en andere processtukken moeten in het Pools worden ingediend of worden voorzien van een Poolse vertaling.

De conclusie van eis moet schriftelijk worden ingediend. Een uitzondering hierop vormen zaken die betrekking hebben op arbeidsrecht of sociale zekerheid. In dergelijke zaken kan de werknemer of verzekerde partij het rechtsgeding en de inhoud van enig beroep en andere processtukken, zonder tussenkomst van een advocaat of juridisch adviseur, mondeling indienen bij de bevoegde rechtbank, die dit in een register vastlegt (artikel 466 WvBR).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Voor zaken genoemd in artikel 1871-2 WvBR en bij een kort geding (zie het gedeelte over kort gedingen) moeten standaardformulieren worden ingevuld.

Indien de conclusie van eis (het processtuk) per e-mail of fax wordt ingediend, moet het stuk ook nog worden afgegeven bij de griffie van de rechtbank of per post worden toegezonden.

4. Bestaan er standaardformulieren om een zaak aanhangig te maken en, zo niet, hoe moet een vordering worden ingediend? Zijn er elementen die een dossier noodzakelijk moet bevatten?

Een zaak wordt aanhangig gemaakt door het indienen van een conclusie van eis. De conclusie van eis moet voldoen aan de eisen van een processtuk (artikel 125 tot en met 128 WvBR) en moet tevens de elementen bevatten die worden genoemd in artikel 187 en volgende van het WvBR.

Een processtuk bevat in elk geval:

  1. de aanduiding van de rechtbank waaraan het stuk is gericht, de namen en voornamen of de bedrijfsnamen van de partijen, hun wettelijke vertegenwoordigers en feitelijke gevolmachtigden;
  2. de waarde van het onderwerp van het geschil (of de waarde van het onderwerp van beroep) in Poolse zloty's, afgerond op een hele zloty;
  3. de aanduiding van de woonplaats of de vestigingsplaats van de statutaire zetel van de partijen, hun wettelijke vertegenwoordigers en feitelijke gevolmachtigden (in het eerste processtuk van een zaak) of het referentienummer van de zaak (in alle daarop volgende processtukken);
  4. de aanduiding van het soort processtuk;
  5. de hoofdpunten van het verzoek of de verklaring, en bewijzen om deze punten te staven;
  6. in processtukken ter voorbereiding op een zitting (voorbereidende stukken): een korte beschrijving van de status van de zaak, een reactie op de verklaringen van de tegenpartij en het door de tegenpartij ingediende bewijs, en tot slot een opsomming van het bewijs dat ter zitting zal worden gepresenteerd; deze bewijzen kunnen ook als bijlage worden bijgevoegd;
  7. een handtekening van de partij of van zijn of haar wettelijke vertegenwoordiger of feitelijke gevolmachtigde; of een handtekening van een persoon die hiervoor is aangewezen indien de partij het stuk niet zelf kan tekenen, en de reden waarom deze partij niet zelf heeft getekend;
  8. een lijst van officiële bewijsstukken;
  9. elk processtuk moet vergezeld gaan van kopieën van het stuk zelf en van de bewijsstukken, voor alle personen die bij de zaak betrokken zijn, en – indien de originele bewijsstukken niet bij de rechtbank zijn ingediend – een kopie van elk bewijsstuk voor het archief van de rechtbank; in handelszaken is het verplicht rechtstreeks een kopie van het processtuk met bewijsstukken naar de tegenpartij te sturen en aan het processtuk zelf een verklaring te hechten dat een kopie bij de tegenpartij is afgegeven of per aangetekende post aan deze is toegezonden (artikel 4799 WvBR);
  10. het processtuk moet vergezeld gaan van een volmacht indien het stuk wordt ingediend door een feitelijke gevolmachtigde die niet eerder een volmacht heeft ingediend.

Overeenkomstig artikel 187 WvBR moet de conclusie van eis tevens het volgende bevatten:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  1. een gedetailleerde omschrijving van de eis;
  2. een onderbouwing van de eis en, indien nodig, van de bevoegdheid van de rechtbank.

De conclusie van eis kan tevens het volgende bevatten:

  • een verzoek om waarborgen, een verzoek om de beslissing direct uitvoerbaar te maken en een verzoek om een zitting te houden in afwezigheid van de eiser;
  • een verzoek om een zitting voor te bereiden, door met name de door eiser genoemde getuigen en deskundigen te dagvaarden, een visuele inspectie uit te voeren, de verweerder te bevelen eventuele documenten die hij in bezit heeft en die nodig zijn voor de bewijsvoering of voor visuele inspectie mee te nemen naar de zitting, of eventueel bewijsmateriaal dat in bezit is van rechtbanken, officiële instanties of derden op te vragen ten behoeve van de zitting.

5. Moeten er aan het gerecht kosten worden betaald? Zo ja, wanneer? Moet de advocaat meteen bij aanvang worden betaald?

Volgens de wet van 28 juli 2005 inzake gerechtskosten in civiele zaken komen de gerechtskosten (inclusief honoraria en vergoeding van onkosten) ten laste van de partij die bij de rechtbank een eis indient waarvoor honorarium moet worden betaald of waarvoor onkosten moeten worden gemaakt. Het honorarium moet worden betaald op het moment dat een dergelijke de eis bij de rechtbank wordt ingediend. Indien het honorarium niet wordt betaald, zal de rechtbank geen actie ondernemen (artikel 1262 WvBR).

Indien een processtuk niet naar behoren in behandeling kan worden genomen omdat het niet voldoet aan de formele eisen, er geen standaardformulier is gebruikt of het honorarium niet is betaald, wordt de partij overeenkomstig artikel 130 en 1301 WvBR verzocht dit binnen een week te corrigeren, aan te vullen of te betalen. Indien aan dit verzoek geen gehoor wordt gegeven, wordt de eis aan de partij geretourneerd. Indien het processtuk is ingediend door een persoon die in het buitenland woont of daar een statutaire zetel heeft zonder vertegenwoordiger in Polen, mag de termijn om alsnog aan de verplichtingen te voldoen niet korter zijn dan één maand. Als er binnen de in de kennisgeving gestelde termijn geen actie is ondernomen, wordt het processtuk geretourneerd. De in de wet beschreven gevolgen van het indienen van een processtuk bij de rechtbank zijn niet van toepassing op een geretourneerd processtuk. Een processtuk dat binnen de gestelde termijn is gecorrigeerd of aangevuld, is van kracht vanaf het moment dat het is ingediend (artikel 130 WvBR).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Processtukken met formele gebreken of waarvoor niet is betaald, die zijn ingediend door een advocaat, een juridisch adviseur, een octrooigemachtigde of voor handelszaken door een onderneming, worden krachtens artikel 1302 WvBR geretourneerd zonder afzonderlijke ingebrekestelling. In principe worden door bovengenoemde entiteiten ingediende rechtsmiddelen of beroepsmiddelen (beroep, klacht, finale klacht, verzoek om een wettelijk geldige beslissing onwettig te laten verklaren, bezwaar tegen een verstekvonnis, verweer tegen een betalingsbevel, klacht tegen de beslissing van een functionaris van een rechtbankafdeling) die formele fouten bevatten of waarvoor niet is betaald, eveneens zonder nadere ingebrekestelling afgewezen.

De vergoeding van de proceskosten door de andere partij vindt plaats volgens de regels die zijn vastgelegd in de artikelen 98 tot en met 110 WvBR en in artikel 520 WvBR. Als basisregel, vastgelegd in artikel 98 WvBR, geldt dat de partij die in het ongelijk wordt gesteld de kosten van de andere partij voor het verdedigen en ten uitvoer leggen van zijn of haar rechten op verzoek moet vergoeden (proceskosten). Verder geldt krachtens artikel 100 WvBR dat als de eis slechts gedeeltelijk wordt toegewezen, de kosten evenredig over beide partijen worden verdeeld. De rechtbank kan echter één van de partijen veroordelen tot betaling van alle kosten, indien de tegenpartij slechts een klein deel van de eis heeft ingewilligd of als het bedrag dat deze partij aan de ander verschuldigd is, tot stand is gekomen middels een schikking of door de rechtbank is vastgesteld. Bij vrijwillige rechtspraak betaalt elke partij de kosten die betrekking hebben op zijn of haar aandeel in de zaak. Indien de omstandigheden van de zaak dit rechtvaardigen, kan de rechtbank de kosten ook toewijzen op basis van schuld of billijkheid.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De kosten voor een procedure die wordt gevoerd door een partij in persoon of via een feitelijke gevolmachtigde anders dan een advocaat of juridisch adviseur, bestaan uit de gerechtskosten voor die partij, de reiskosten naar de rechtbank van de partij of de feitelijke gevolmachtigde, en de inkomstenderving op de momenten dat de partij voor de rechtbank moet verschijnen. De som van de totale reiskosten en de inkomstenderving mag niet hoger zijn dan de vergoeding van één advocaat die zijn of haar beroep uitoefent in de plaats van de rechtbank die de zaak behandelt. De proceskosten van een partij die wordt vertegenwoordigd door een advocaat, bestaan uit het honorarium (dat niet hoger mag zijn dan de tarieven die in afzonderlijke bepalingen zijn vastgelegd) en de onkosten van één advocaat, de gerechtskosten en de kosten voor het persoonlijk ter zitting verschijnen van de partij op bevel van de rechtbank (artikel 98 en 99 WvBR).

De hoogte van de gerechtskosten is vastgelegd in de wet van 28 juli 2005 inzake gerechtskosten in civiele zaken. Het minimumhonorarium voor advocaten en juridisch adviseurs is vastgelegd in twee verordeningen van het ministerie van justitie van 28 september 2002. Alle andere zaken die betrekking hebben op de vergoeding van advocaten en juridisch adviseurs, worden geregeld in artikel 735 en volgende van het burgerlijk wetboek. De betalingstermijn voor het honorarium wordt door partijen onderling vastgesteld.

Vrijstelling van de gerechtskosten wordt geregeld door de artikelen 94 tot en met 118 van de wet van 28 juli 2005 inzake gerechtskosten in civiele zaken. In de artikelen 94-98 van deze wet wordt een overzicht gegeven van alle categorieën entiteiten en zaken die volgens deze wet zijn vrijgesteld van de verplichting tot betaling van gerechtskosten. Tot de categorie entiteiten die zijn vrijgesteld van deze verplichting behoren bijvoorbeeld personen die de rechtbank verzoeken om vaststelling van vaderschap of alimentatie.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Een persoon die heeft verklaard dat hij niet in staat is de gerechtskosten te dragen zonder dat dit nadelige gevolgen heeft voor zijn eigen levensonderhoud of dat van zijn gezin, kan eveneens verzoeken om vrijstelling van deze kosten (artikel 102). De rechtbank kan vrijstelling van de gerechtskosten verlenen aan een rechtspersoon of aan een organisatie niet zijnde een rechtspersoon waaraan bij wet rechtsbevoegdheid is toegewezen, indien deze kan aantonen over onvoldoende middelen te beschikken om deze kosten te dragen (artikel 103). Verder kan de rechtbank maatschappelijke organisaties zonder winstoogmerk vrijstelling van de gerechtskosten verlenen voor zaken die zij zelf aanspannen en die verband houden met activiteiten op sociaal, wetenschappelijk, educatief, cultureel of charitatief gebied of met zelfhulpactiviteiten op het gebied van consumentenbescherming, milieubescherming en maatschappelijk welzijn. Voor het verlenen van vrijstelling van de gerechtskosten beziet de rechtbank hoofdzakelijk de statutaire doelstellingen en mogelijkheden van de organisatie, evenals de noodzaak om deze doelstellingen te bereiken via civiele procedures.

Verzoeken om vrijstelling van de gerechtskosten moeten schriftelijk of mondeling worden ingediend en geregistreerd bij de rechtbank waar de zaak wordt behandeld of reeds in behandeling is. Een verzoek om vrijstelling van de gerechtskosten moet vergezeld gaan van een verklaring met gegevens over de gezinssamenstelling, bezittingen, inkomsten en levensonderhoud van de partij die om vrijstelling verzoekt. De verklaring moet op de voorgeschreven manier zijn opgesteld. Indien er geen verklaring is bijgevoegd of indien deze niet alle vereiste gegevens bevat, wordt de partij verzocht deze binnen de gestelde termijn alsnog in te dienen of aan te vullen. Indien de partij hieraan geen gehoor geeft, wordt de aanvraag teruggestuurd. Personen die niet in het rechtsgebied van de rechtbank wonen, kunnen het verzoek om vrijstelling van de gerechtskosten indienen bij de districtsrechtbank van hun eigen woonplaats. De rechtbank verwijst dergelijke aanvragen direct door naar de bevoegde rechtbank.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Voor procedures die betrekking hebben op hypotheken en het kadaster kan uitsluitend vrijstelling van de kosten worden verleend voordat het verzoek om inschrijving in het kadaster en hypotheekregister is ingediend. Indien het verzoek om inschrijving in het kadaster en hypotheekregister via een notariële akte moet worden ingediend, kan uitsluitend vrijstelling van gerechtskosten worden verleend voordat deze notariële akte is getekend.

Gerechtskosten waarin de partij niet is veroordeeld of die niet zijn verschuldigd door de sekwester of officier van justitie worden door de rechtbank in de einduitspraak van de zaak in die aanleg opgelegd aan de tegenpartij, mits daar redenen voor zijn en volgens de regels voor vergoeding van de proceskosten. Alle kosten die niet worden opgelegd aan de tegenpartij, worden in de einduitspraak van de zaak in die aanleg door de rechtbank afgetrokken van de eis die aan de partij is toegewezen. In zaken waarvoor dat wenselijk is, kan de rechtbank afzien van het opleggen van deze kosten (artikel 113).

Vrijstelling van de gerechtskosten ontslaat de partij niet van de verplichting de proceskosten van de andere partij te vergoeden.

6. Kom ik in aanmerking voor rechtsbijstand? (Thema 'Rechtsbijstand')

Volgens artikel 117 WvBR kan een partij die geheel of gedeeltelijk door een rechtbank is vrijgesteld van gerechtskosten of een partij die statutair is vrijgesteld van kosten, een schriftelijk verzoek indienen of een mondeling verzoek laten registreren voor ambtshalve toewijzing van een advocaat of juridisch adviseur. De partij moet dit verzoek indienen bij de rechtbank die de zaak in behandeling zal nemen of reeds in behandeling heeft. Partijen die niet in het rechtsgebied van de rechtbank wonen, kunnen het verzoek indienen bij de districtsrechtbank van hun eigen woonplaats. De rechtbank verwijst een dergelijk verzoek direct door naar de bevoegde rechtbank. Een verzoek om toewijzing van een advocaat of juridisch adviseur dat eerst wordt ingediend in een beroepsprocedure of een laatste beroepsprocedure, kan door de rechtbank ter toetsing worden voorgelegd aan de rechtbank van eerste aanleg.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Het verzoek zal worden ingewilligd indien de rechtbank de medewerking van een advocaat of juridisch adviseur in de zaak in kwestie noodzakelijk acht. De rechtbank verzoekt de bevoegde districtsraad van advocaten of de districtsraad van juridisch adviseurs een advocaat of juridisch adviseur aan te wijzen. Indien de op deze wijze benoemde advocaat of juridisch adviseur handelingen moet verrichten die buiten het rechtsgebied van de behandelend rechtbank vallen, benoemt de bevoegde districtsraad van advocaten of de districtsraad van juridisch adviseurs op verzoek van de benoemde advocaat of juridisch adviseur hiervoor indien nodig een advocaat of juridisch adviseur uit een andere plaats. Door het indienen van een verzoek om toewijzing van een advocaat of juridisch adviseur of het instellen van beroep tegen de afwijzing ervan worden lopende procedures niet opgeschort, tenzij de aanstelling van een advocaat of juridisch adviseur voortvloeit uit een motie in de conclusie van eis of tenzij het verzoek is ingediend voordat de zaak in behandeling is genomen. De rechtbank kan het onderzoek in een zaak echter opschorten totdat het verzoek op rechtsgeldige wijze is afgehandeld en kan derhalve afzien van het vaststellen van een zittingsdatum, of een reeds geplande zitting annuleren dan wel naar latere datum verschuiven (artikel 124 WvBR).

Vrijstelling van de kosten en het ambtshalve toewijzen van een advocaat bij grensoverschrijdende geschillen is geregeld bij wet van 17 december 2004 inzake rechtsbijstand in civiele zaken in EU-lidstaten en rechtsbijstand voor het schikken van dergelijke geschillen voordat een procedure wordt gestart (zie het thema rechtsbijstand).

« Aanhangigmaking van zaken bij de rechter - Algemene informatie | Polen - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 12-05-2009

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk