Europese Commissie > EJN > Faillissement > Zweden

Laatste aanpassing: 29-11-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Faillissement - Zweden

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke soorten van insolventieprocedures bestaan er en welke doelstellingen hebben die? 1.
2. Wat zijn de voorwaarden van elk van deze procedures? 2.
3. Welke rol hebben de deelnemers bij elk type procedure? 3.
4. Welke gevolgen heeft het starten van de procedure? 4.
5. Welke bijzondere regels zijn van toepassing op bepaalde typen vorderingen? 5.
6. Welke regels worden toegepast op handelingen die de boedel benadelen? 6.
7. Wat zijn de voorwaarden voor het indienen en verifiëren van schuldvorderingen? 7.
8. Welke voorschriften zijn van toepassing op de reorganisatie en sanering? 8.
9. Wat zijn de voorwaarden voor de afwikkeling en beëindiging van de procedure? 9.

 

1. Welke soorten van insolventieprocedures bestaan er en welke doelstellingen hebben die?

Insolventie wordt in de Zweedse faillissementswet (1987:672) omschreven als de situatie waarin men niet in staat is om schulden op een passende manier te voldoen in die gevallen waarin een dergelijk onvermogen niet van tijdelijke aard is. Personen die insolvent zijn, kunnen failliet (i konkurs) worden verklaard, ongeacht of zij natuurlijke of rechtspersonen zijn.

Alternatieve oplossingen voordat de insolventie definitief is

Zowel bedrijven als particulieren kunnen vrijwillig een regeling treffen met schuldeisers om de schulden te verminderen. Dergelijke regelingen worden niet expliciet in de wet geregeld, maar worden op dezelfde wijze als andere overeenkomsten behandeld.

Ondernemingen kunnen verzoeken indienen tot herstructurering (rekonstruktion) krachtens de wet op de herstructurering (1996:764). De herstructureringsprocedure kan alleen plaatsvinden indien de onderneming niet in staat is de achterstallige schulden te voldoen of hiertoe in de nabije toekomst niet in staat zal zijn. Ook dienen er redelijke gronden te zijn om aan te nemen dat met de herstructurering het beoogde doel kan worden bereikt. De schuldenaar dient daartoe hetzij een verzoek in te dienen, dan wel te hebben ingestemd met het verzoek tot herstructurering (zie vraag 8).

Zowel bij faillissement als bij herstructurering is het toegestaan om een akkoord te bereiken met de schuldeisers waarin wordt bepaald dat slechts een deel van de schuld behoeft te worden terugbetaald. Een dergelijk akkoord kan vrijwillig zijn, maar kan ook worden opgelegd door de rechtbank, in welk geval het bindend is voor alle schuldeisers (gerechtelijk dwangakkoord).

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Natuurlijke personen kunnen een verzoek indienen tot schuldsanering (skuldsanering) krachtens de schuldsaneringswet (2006:548). De voorwaarden zijn dat de persoon in Zweden woont, dat hij zo diep in de schulden zit dat niet te verwachten is dat hij zijn schulden in de nabije toekomst kan betalen, en dat het gepast is om akkoord te gaan met de sanering van de schuld (zie vraag 8).

2. Wat zijn de voorwaarden van elk van deze procedures?

Een schuldenaar (ongeacht of het een particulier of een onderneming betreft) die insolvent is, dat wil zeggen dat de schuldenaar niet in staat is om zijn schulden op passende wijze te voldoen en dat dit onvermogen niet van tijdelijke aard is, kan failliet worden verklaard.

Een faillissementsaanvraag wordt ingediend bij de rechtbank in de plaats waar de schuldenaar woont, of in het geval van een onderneming, bij de rechtbank in de plaats waar de schuldenaar is gevestigd. Het verzoekschrift kan worden ingediend door de schuldenaar of door een schuldeiser. De rechter oordeelt over het faillissement en benoemt een curator. De rechterlijke uitspraak over het faillissement dient te worden gepubliceerd in de staatscourant (Post- och Inrikes Tidningar) en in een of meer regionale kranten.

3. Welke rol hebben de deelnemers bij elk type procedure?

De rechtbank

Faillissement is een gerechtelijke procedure. De rechter bepaalt of een faillissementsprocedure wordt gestart of beëindigd. Bepaalde tijdens de procedure te nemen beslissingen dienen ook door de rechter te worden genomen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De curator

De curator beheert de failliete boedel. Hij dient rekening te houden met de gezamenlijke rechten van de schuldeisers en de boedel zo snel mogelijk te vereffenen. De curator beheert het vermogen van de schuldenaar, verkoopt activa en verdeelt de opbrengst onder de schuldeisers op basis van de wettelijke bepaalde preferentie.

Het toezichthoudend bureau

Het toezichthoudend bureau (Tillsynsmyndigheten), dat deel uitmaakt van de tenuitvoerleggingsautoriteit (Kronofogdemyndigheten), houdt toezicht op het beheer van de activa.

De gefailleerde

Op de gefailleerde (in het geval van een onderneming op de directeuren) rust een wettelijke plicht om samen te werken met de curator, de rechtbanken en het toezichthoudend bureau en hen van informatie voorzien. De gefailleerde dient onder ede voor de rechter te verklaren dat zijn staat van activa en passiva juist is. Na de rechterlijke uitspraak over het faillissement en voordat de gefailleerde onder ede heeft verklaard dat zijn staat van activa en passiva juist is, mag de gefailleerde het land niet zonder toestemming van de rechter verlaten.

De schuldeisers

De curator dient de gezamenlijke rechten van de schuldeisers te beschermen. Bij belangrijke kwesties kan de curator vragen stellen aan schuldeisers die een bepaald belang hebben. De schuldeisers kunnen worden gedagvaard om onder ede voor de rechter te verschijnen. In de faillissementswet (1987:672) worden de regels ten aanzien van de rechten van schuldeisers in de procedure nader uitgewerkt.

4. Welke gevolgen heeft het starten van de procedure?

Alle goederen van de schuldenaar maken deel uit van de failliete boedel en moeten voor zover mogelijk worden gebruikt om de schulden te betalen. Een natuurlijk persoon die failliet is verklaard, mag echter bepaalde persoonlijke bezittingen houden die volgens de beslagleggingsregels in de wet op de tenuitvoerlegging bij schulden niet in beslag mogen worden genomen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De gefailleerde mag goederen die tot de boedel behoren niet vervreemden. Hij kan daarom geen overeenkomsten aangaan, of bijvoorbeeld activa verkopen of schulden betalen die tot de boedel behoren. Direct na de faillietverklaring kan op goederen die tot de boedel behoren geen beslag worden gelegd, tenzij een goed voor een bepaalde vordering in onderpand is gegeven.

Artikel 21 en 22 van Verordening (EG) nr. 1346/2000 van de Raad

Deze artikelen hebben betrekking op de openbaarmaking van beslissingen om insolventieprocedures te starten en op de inschrijving van de beslissing in een openbaar register, in beide gevallen in een andere lidstaat. Wanneer besloten is om de hoofdinsolventieprocedure in een andere lidstaat te laten plaatsvinden en de schuldenaar heeft een bedrijfsvestiging in Zweden, dient de beslissing kenbaar te worden gemaakt aan het Zweedse ondernemingsregistratiebureau (Bolagsverket). Er zijn ook andere gevallen waarin een dergelijke kennisgeving dient plaats te vinden. Het ondernemingsregistratiebureau zal de beslissing in de staatscourant publiceren.

Het ondernemingsregistratiebureau zal ook de openbare registers bedoeld in artikel 22 op de hoogte stellen. In Zweden behoort de wettelijk verplichte inschrijving krachtens artikel 22, lid 2 tot de verantwoordelijkheid van de curator of, indien van toepassing, tot die van de bewindvoerder die is belast met de herstructurering.

5. Welke bijzondere regels zijn van toepassing op bepaalde typen vorderingen?

Verrekening

Een persoon met een vordering tegen de schuldenaar kan die verrekenen met een vordering die de schuldenaar jegens hem heeft, mits de vorderingen van dezelfde aard zijn (bijvoorbeeld allebei geldelijke vorderingen) en mits de vordering van de schuldeiser dateert van vóór de faillietverklaring.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Preferente vorderingen (förmånsrätt)

Schuldeisers die beschikken over een zekerheid in de vorm van een bijzonder preferente vordering hebben recht op betaling uit de activa vóór andere schuldeisers. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een bepaald goed tot zekerheid is verpand.

Schuldeisers die beschikken over een zekerheid in de vorm van een algemeen preferente vordering hebben recht op betaling vóór schuldeisers met minder preferente vorderingen en op schuldeisers die in het geheel geen preferente vorderingen hebben. Zo zou een vlottende vordering een algemeen preferente vordering opleveren. Vorderingen zonder preferentiële rechten worden allemaal gelijk behandeld bij de verdeling van de activa.

Vlottende vorderingen

Een vlottende vordering is een zekerheid in de vorm van een algemeen preferente vordering. Deze wordt echter op een zodanige manier beperkt dat de preferente vordering uitsluitend van toepassing is op 55 % van de waarde van de activa die resteren nadat de schuldeisers met sterkere vorderingen zijn betaald.

Arbeidsovereenkomsten

Arbeidsovereenkomsten houden niet van rechtswege op te bestaan als de werkgever failliet wordt verklaard. De curator dient te beslissen of hij een kennisgeving van beëindiging uitbrengt. De vordering van een werknemer met betrekking tot betaling van salaris of andere beloning geniet een algemeen preferente status voor een bepaalde periode. De grondregel is dat vorderingen die zijn ingediend binnen drie maanden voordat de rechtbank de faillissementsaanvraag heeft ontvangen en binnen een maand na de faillietverklaring een preferente status hebben. Vorderingen met betrekking tot salaris of andere beloningen met preferente status worden ook tot een bepaald punt gedekt door een ‘salarisgarantie’, hetgeen betekent dat als de failliete boedel onvoldoende activa omvat om de vorderingen te voldoen, de werknemer in aanmerking komt voor schadevergoeding door de staat. De omvang van de salarisgarantie is beperkt; dergelijke garanties kunnen ook in de loop van de herstructurering van de onderneming worden betaald.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

6. Welke regels worden toegepast op handelingen die de boedel benadelen?

Zodra de faillietverklaring definitief is, kan de schuldenaar niet langer beschikken over de activa die deel uitmaken van de failliete boedel. Indien de schuldenaar niettemin de voorkeur geeft aan een bepaalde schuldeiser ten nadele van de andere schuldeisers, is hij strafbaar. De curator heeft ook een aantal mogelijkheden tot vernietiging van een rechtshandeling die werd verricht door de schuldenaar vóór de faillietverklaring, indien die rechtshandeling nadelig was voor de schuldeisers.

Indien de schuldenaar een schuldeiser bevoordeelt ten nadele van andere schuldeisers, kan de rechtshandeling van de schuldenaar worden vernietigd in die gevallen waarin de schuldenaar als resultaat van de handeling insolvent werd en de bevoordeelde schuldenaar zich van dat feit bewust was of zich daarvan bewust had moeten zijn. Deze bepaling geldt wanneer de transactie werd uitgevoerd binnen vijf jaar voorafgaande aan de datum waarop de faillissementsaanvraag werd ingediend. Indien de betaling echter werd verricht aan iemand die dichtbij de schuldenaar stond, zoals een familielid, is de termijn van vijf jaar niet van toepassing.

Onder bepaalde omstandigheden kan de betaling van een schuld worden teruggevorderd, indien deze betaling werd verricht binnen drie maanden voordat de faillissementsaanvraag werd ingediend. Dit is het geval indien de betaling op een ongebruikelijke manier werd verricht (dat wil zeggen met gesloten beurs), indien de betaling werd verricht voordat zij invorderbaar werd, of indien zij een zodanig grote geldsom betrof dat de financiële situatie van de schuldenaar hierdoor aanzienlijk verslechterde. Dit is echter niet het geval indien de betaling als normaal kan worden beschouwd. Dit betekent dat betalingen van invorderbare schulden normaal gesproken niet kunnen worden teruggevorderd.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

7. Wat zijn de voorwaarden voor het indienen en verifiëren van schuldvorderingen?

De schuldeiser die de faillissementsaanvraag heeft ingediend, wordt gedagvaard voor de aflegging van een eed ten overstaan van de rechter. Andere schuldeisers worden gedagvaard via de openbaarmaking van de faillietverklaring. De schuldenaar is verplicht om de curator, de rechtbank en het toezichthoudend bureau ervan op de hoogte te stellen wie de schuldeisers zijn.

Indien de rechter oordeelt dat de activa voldoende zijn om de schuldenaren te betalen die niet in het bezit zijn van een preferente vordering, wordt een procedure voor het bewijs van schulden uitgevoerd. De curator verzoekt de procedure te mogen uitvoeren en de rechter neemt daarover de beslissing. De rechter bepaalt de duur van de procedure. Deze termijn dient tussen de vier en tien weken te liggen. De beslissing om de procedure voor het bewijs van schulden uit te voeren, dient te worden gepubliceerd in de staatscourant en in een of meer regionale kranten. De schuldeisers kunnen daarna hun vorderingen schriftelijk indienen bij de rechtbank.

8. Welke voorschriften zijn van toepassing op de reorganisatie en sanering?

Herstructurering van de onderneming

Ondernemingen die op de lange termijn levensvatbaar lijken, maar in dermate ernstige financiële moeilijkheden verkeren dat ze niet in staat zijn hun schulden te betalen wanneer die invorderbaar worden, kunnen worden geherstructureerd. Het verzoek daartoe wordt gedaan door de onderneming zelf of door een schuldeiser. De rechter beslist over de herstructurering en stelt een bewindvoerder aan, wiens taak het is te onderzoeken of voortzetting van de bedrijfsactiviteiten gelet op de omstandigheden mogelijk is en of een financieel akkoord met de schuldeisers haalbaar is.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Bij de herstructureringsprocedure behoudt de schuldenaar het beschikkingsrecht over zijn activa. Het is hem echter niet toegestaan om schulden te betalen, nieuwe verplichtingen aan te gaan of eigendom van activa van substantieel belang over te dragen zonder toestemming van de bewindvoerder. Zolang de procedure loopt, kan er geen uitdeling aan de schuldeisers plaatsvinden. Evenmin kan de schuldenaar failliet worden verklaard, tenzij er bijzondere gronden zijn om aan te nemen dat de rechten van een schuldeiser ernstig in gevaar worden gebracht. De herstructureringsperiode duurt drie maanden en kan steeds met drie maanden worden verlengd. Indien het proces om te komen tot een akkoord echter niet succesvol kan worden afgerond, kan de herstructureringsprocedure niet langer dan een jaar duren.

Indien niet op een vrijwillige basis een financieel akkoord met de schuldeisers kan worden bereikt, kan de rechter een rechterlijk dwangakkoord opleggen, hetgeen betekent dat de schulden verplicht worden gesaneerd. Schuldeisers met preferente vorderingen nemen geen deel aan de onderhandelingen over het akkoord. Een voorstel voor een akkoord dat de schuldeisers ten minste 50 % van het bedrag van de vordering oplevert, wordt beschouwd als te zijn aanvaard indien 60 % van de schuldeisers met stemrecht (die ook ten minste 60 % van het vorderingsbedrag vertegenwoordigen) het voorstel aanvaarden. Indien het voorstel voor een akkoord minder oplevert, wordt het beschouwd als te zijn aanvaard, als het wordt aanvaard door 75 % van de stemmende schuldeisers (die ook ten minste 75 % van het vorderingsbedrag vertegenwoordigen). Zodra het akkoord is goedgekeurd, is het bindend voor alle schuldeisers die gerechtigd waren om deel te nemen aan de onderhandelingen over het akkoord.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Schuldsanering

Een natuurlijk persoon die zo diep in de schulden steekt dat hij niet in staat zal zijn om zijn schulden in de nabije toekomst te betalen, kan een verzoek tot schuldsanering indienen. Een verdere vereiste is dat het in het licht van de persoonlijke en financiële omstandigheden van de schuldenaar gepast moet zijn om schuldsanering goed te keuren.

Schuldsanering houdt in dat alle schulden waarop de procedure betrekking heeft, worden verminderd of geheel worden kwijtgescholden. Verzoekschriften tot schuldsanering worden ingediend bij de tenuitvoerleggingsautoriteit. Alle schuldeisers die betrokken zijn bij een voorstel tot schuldsanering dienen de gelegenheid te krijgen commentaar op het voorstel te leveren. Een schuldsaneringsbeslissing omvat het deel van de schuld dat de schuldenaar dient te betalen. Het omvat ook een betalingsplan dat doorgaans vijf jaar loopt.

Volgens het betalingsplan dient de schuldenaar wiens schulden zijn gesaneerd op het bestaansminimum te leven. Indien de schuldenaar geen inkomen boven het bestaansminimum heeft, hoeft hij niets te betalen; dit is in ongeveer een derde van de zaken het geval.

9. Wat zijn de voorwaarden voor de afwikkeling en beëindiging van de procedure?

De regels over de afwikkeling van de failliete boedel worden uiteengezet in de faillissementswet. Zodra de activa zijn verkocht, dienen de opbrengsten te worden uitgedeeld. Indien de activa ten tijde van het faillissement onvoldoende zijn om de kosten van de faillissementsprocedure te dekken, beëindigt de rechter de procedure. Indien er activa resteren, wordt de procedure afgesloten bij de uitspraak van de rechter over de uitdeling van de activa aan de schuldeisers in overeenstemming met de rangorde zoals bepaald bij de wet op de preferente vorderingen (1970:979).

Indien de schuldenaar een onderneming is of een andere rechtspersoon en de faillissementsprocedure wordt zonder overschot afgesloten, wordt de rechtspersoon aan het einde van de procedure ontbonden. Indien er sprake is van een overschot, wordt overgegaan tot vereffening en uitdeling aan de schuldeisers.

« Faillissement - Algemene informatie | Zweden - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 29-11-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk