Europese Commissie > EJN > Faillissement > Slowakije

Laatste aanpassing: 29-11-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Faillissement - Slowakije

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke soorten van insolventieprocedures bestaan er en welke doelstellingen hebben die? 1.
2. Wat zijn de voorwaarden van elk van deze procedures? 2.
3. Welke rol hebben de deelnemers bij elk type procedure? 3.
4. Welke gevolgen heeft het starten van de procedure? 4.
5. Welke bijzondere regels zijn van toepassing op bepaalde typen vorderingen? 5.
6. Welke regels worden toegepast op handelingen die de boedel benadelen? 6.
7. Wat zijn de voorwaarden voor het indienen en verifiëren van schuldvorderingen? 7.
8. Welke voorschriften zijn van toepassing op de reorganisatie en sanering? 8.
9. Welke voorschriften zijn van toepassing op de vereffening? 9.
10. Wat zijn de voorwaarden voor de beëindiging van de procedure? 10.

 

1. Welke soorten van insolventieprocedures bestaan er en welke doelstellingen hebben die?

Soorten en doelstellingen van faillissementsprocedures:

  • Definitie van faillissement: beëindiging van de insolventie van een schuldenaar door vereffening van de activa van de schuldenaar en voldoening van de gezamenlijke vorderingen van schuldeisers.
  • Doel: evenredige voldoening van de vorderingen van schuldeisers.
  • Procedures gericht op beheer of vereffening: faillissements-, sanerings- en kwijtscheldingsprocedures.

2. Wat zijn de voorwaarden van elk van deze procedures?

Voorwaarden van elk van deze insolventieprocedures:

  • Materiële voorwaarden voor de faillietverklaring: een schuldeiser kan een faillissementsaanvraag indienen als de schuldenaar meer dan 30 dagen achterstand heeft bij het nakomen van zijn geldelijke verplichtingen aan de schuldeiser en hij naar redelijke verwachting insolvent zal worden.
  • Deelnemers bij faillissementsprocedures:
    • Deelnemers bij faillissementsprocedures zijn de schuldenaar (de gefailleerde), de eiser en de schuldeisers die hun vorderingen hebben aangemeld op de wijze zoals bepaald bij wet.
    • Tot aan de uitspraak over de faillietverklaring kan iedere schuldeiser zich voegen in de procedure als hij bewijst dat hij anderszins aanspraak zou kunnen maken op het indienen van een faillissementsaanvraag.
    • Deelnemers bij een faillissementsprocedure zijn ook personen wier rechten of plichten voorwerp zijn van de procedure.
  • Een faillissementsaanvraag kan worden ingediend bij de schuldenaar, een schuldeiser, een curator of een ander persoon genoemd in de wet inzake faillissement en schuldsanering.
  • Openbaarheidsvereisten:
    • De rechtbank doet een uitspraak over de aanvang van een faillissementsprocedure en maakt deze onverwijld openbaar via de Obchodný vestník (zakencourant); de faillissementsprocedure begint op de dag van publicatie van deze uitspraak in de Obchodný vestník. De rechtbank publiceert in de Obchodný vestník geen uitspraken waarin een faillissementsaanvraag is afgewezen.
    • De rechtbank publiceert onverwijld in de Obchodný vestník de aanstelling van een bewindvoerder.
    • De bewindvoerder publiceert kennisgevingen met betrekking tot de veiling in de Obchodný vestník.

3. Welke rol hebben de deelnemers bij elk type procedure?

De rol van de deelnemers bij elk type procedure:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Verplichtingen van de schuldenaar:
    • De schuldenaar is verplicht om insolventie te voorkomen. Bij dreigende insolventie dient de schuldenaar zonder onnodige vertraging passende en toereikende maatregelen te treffen om deze af te wenden.
  • Verplichtingen van de schuldeisers:
    • Een schuldeiser is aansprakelijk voor eventuele fouten in de gegevens die staan vermeld in het verzoekschrift.
  • Verplichtingen van de bewindvoerder:
    • De bewindvoerder is verplicht de activa te beheren met de vereiste professionele zorgvuldigheid teneinde de activa te beschermen tegen schade, verlies, vernietiging of andere achteruitgang en de bewindvoeringskosten tot het noodzakelijke te beperken met grondige overweging van de gepastheid en doelmatigheid. Bij het beheer van activa die voorwerp zijn van een faillissement, mag de bewindvoerder geen schuldeiser bevoordelen noch zijn eigen belangen dan wel de belangen van anderen boven het gemeenschappelijke belang van alle schuldeisers stellen.
  • Rechten van de schuldeisers:
    • Deze omvatten de rechten die voortvloeien uit hun vorderingen (bijvoorbeeld in die gevallen waarin een vordering tegen de gefailleerde wordt zekergesteld door een zekerheidsrecht (een “zekergestelde schuldeiser”). De schuldeiser heeft in een faillissementsprocedure het recht dat zijn vordering wordt voldaan in overeenstemming met de prioriteit van de vordering.
  • Verplichtingen van de bewindvoerder:
    • Tijdens een faillissementsprocedure beheert de bewindvoerder de activa die voorwerp zijn van het faillissement, vereffent ze en gebruikt de opbrengsten om de schuldeisers van de gefailleerde te voldoen in overeenstemming met de wet; de bewindvoerder heeft ook andere rechten en plichten in een faillissementsprocedure.
    • Na de faillietverklaring gaat het recht van de gefailleerde om te beschikken over de activa die voorwerp zijn van het faillissement en de handelingsbevoegdheid in kwesties met betrekking tot deze activa over naar de bewindvoerder; de bewindvoerder handelt namens en ten behoeve van de gefailleerde.
  • De bevoegdheid van de rechtbank:
    • De rechtbank houdt toezicht op de gehele faillissementsprocedure in de mate zoals bepaald door het recht.
    • Tijdens een faillissementsprocedure houdt de rechtbank toezicht op het handelen van de bewindvoerder.

4. Welke gevolgen heeft het starten van de procedure?

Gevolgen van de faillietverklaring:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Activa die voorwerp zijn van het faillissement
    • De volgende activa zijn voorwerp van faillissement:
      1. Activa die toebehoorden aan de gefailleerde ten tijde van de faillietverklaring.
      2. Activa verworven door de gefailleerde tijdens de faillissementsprocedure.
      3. Activa ter zekerstelling van de verplichtingen van de gefailleerde.
      4. Andere activa in die gevallen waarin de wet voorziet.
    • De activa die voorwerp zijn van het faillissement omvatten de boedel, die wordt verdeeld in de algemene boedel en individuele, afzonderlijke boedels van de zekergestelde schuldeisers.

  • Beschikking over de activa van de gefailleerde:
    • Na de faillietverklaring gaat het recht van de gefailleerde om te beschikken over de activa die voorwerp zijn van het faillissement en de handelingsbevoegdheid in kwesties met betrekking tot deze activa over naar de bewindvoerder; de bewindvoerder handelt namens en ten behoeve van de gefailleerde.
    • Rechtshandelingen verricht door de gefailleerde tijdens de faillissementsprocedure zijn niet geldig jegens zijn schuldeisers indien zij de activa die voorwerp zijn van het faillissement verminderen; de geldigheid van deze handelingen wordt niet aangetast.
    • Schulden die voorwerp zijn van het faillissement dienen tijdens de faillissementsprocedure door schuldenaren te worden betaald aan de bewindvoerder. In die gevallen waarin een schuldenaar desondanks zijn verplichting voldoet aan een ander dan de bewindvoerder, is de verplichting van de schuldenaar niet voldaan, tenzij de kwijting wordt ontvangen door de bewindvoerder.

  • Gerechtelijke en andere procedures
    • Tenzij de wet inzake faillissement en schuldsanering anders bepaalt, schort de faillietverklaring alle gerechtelijke en andere procedures op.
    • De faillietverklaring heeft geen opschortende werking voor procedures met betrekking tot belastingen, douane, onderhoud van minderjarige kinderen of strafbare feiten; bij strafprocessen is het echter niet mogelijk om uitspraken over schadevergoeding te doen; het voorgaande geldt onverminderd artikel 48.
    • Er kunnen geen procedures met betrekking tot de tenuitvoerlegging van een rechterlijke beslissing of een executoriale titel worden gestart ten aanzien van activa die voorwerp zijn van faillissement; lopende procedures met betrekking tot de tenuitvoerlegging van een rechterlijke beslissing of een executoriale titel worden na een faillietverklaring opgeschort.

  • Zekerheidsrechten:
    • Tijdens een faillissementsprocedure mag geen zekerheidsrecht worden gevestigd op activa die voorwerp zijn van faillissement, met uitzondering van een pandrecht op toekomstige activa indien dit recht tot stand werd gebracht en ingeschreven in het centraal notarieel register van pandrechten, het kadaster, of een ander bijzonder register voordat het faillissement werd uitgesproken; er kan geen zekerheidsrecht worden gevestigd op de opbrengsten van de vereffening van activa, ook niet als op toekomstige activa.

  • Ontbinding van de huwelijksgoederengemeenschap:
    • De huwelijksgoederengemeenschap van de gefailleerde wordt ontbonden bij de faillietverklaring. In die gevallen waarin een huwelijksgoederengemeenschap wordt ontbonden na een faillietverklaring of in die gevallen waarin de huwelijksgoederengemeenschap is ontbonden voorafgaande aan de faillietverklaring, maar er geen akkoord is bereikt, is het noodzakelijk om de huwelijksgoederengemeenschap te regelen.

5. Welke bijzondere regels zijn van toepassing op bepaalde typen vorderingen?

Bijzondere regels die van toepassing zijn op bepaalde typen vorderingen:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Een schuldeiser met een vordering tegen de gefailleerde die was ontstaan voorafgaande aan de faillietverklaring, heeft in de faillissementsprocedure het recht om zijn vordering af te wikkelen in overeenstemming met de bepalingen van deze wet, via uitdeling van de opbrengsten van de vereffening van de activa die voorwerp zijn van het faillissement. Van dit recht dient in de faillissementsprocedure gebruik te worden gemaakt door de vordering naar behoren en tijdig aan te melden; anders kan de vordering niet worden voldaan tijdens de faillissementsprocedure en wordt er geen rekening gehouden met de bijbehorende rechten; hetzelfde geldt ook voor toekomstige vorderingen waarop door aanmelding rechten gelden.
  • Een schuldeiser met een vordering tegen de gefailleerde die was veilig gesteld door een zekerheidsrecht ("een zekergestelde schuldeiser") heeft in de faillissementsprocedure het recht om zijn vordering af te wikkelen in overeenstemming met de bepalingen van deze wet, via uitdeling van de opbrengsten van de vereffening van de activa die voorwerp zijn van het faillissement. Van dit recht dient gebruik te worden gemaakt door de vordering naar behoren en tijdig aan te melden; anders houdt de vordering op te bestaan.
  • In een faillissementsprocedure kunnen ook voorwaardelijke vorderingen door schuldeisers worden aangemeld. Tenzij deze wet anders bepaalt, kunnen schuldeisers met voorwaardelijke vorderingen uitsluitend hun rechten op voorwaardelijke vorderingen in een faillissementsprocedure doen gelden, indien ze bij de bewindvoerder aantonen dat er sprake is van voorwaardelijke vorderingen.
  • Daarnaast kunnen degenen die aan de gefailleerde zekerheid hebben verstrekt, medeschuldenaren en pandhouders hun toekomstige vorderingen tegen de gefailleerde aanmelden als voorwaardelijke vorderingen; hetzelfde geldt voor personen jegens wie een vordering tegen de gefailleerde zal ontstaan na de faillietverklaring wanneer zij ten behoeve van de gefailleerde een verplichting nakomen. Andere personen kunnen hun toekomstige vorderingen tegen de gefailleerde aanmelden in de gevallen waarin deze wet voorziet.

6. Welke regels worden toegepast op handelingen die de boedel benadelen?

Regel die van toepassing zijn op de veroorzaking van schade:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Beëindiging van de faillissementsprocedure:
    • De rechter besluit een faillissementsprocedure te beëindigen vanwege gebrek aan baten, ook zonder enig verzoek daartoe, indien hij vaststelt dat de activa van de gefailleerde onvoldoende zijn om de vorderingen tegen de boedel te voldoen.
    • In die gevallen waarin de gefailleerde een natuurlijk persoon is en hij tijdens de faillissementsprocedure overlijdt, nemen zijn erfgenamen zijn rol over naar rato van de activa die voorwerp zijn van het faillissement; in die gevallen waarin er geen erfgenamen zijn of waarin zij de erfenis verwerpen, wordt de plaats van de gefailleerde overgenomen door de staat.
  • Beëindiging van de faillissementsprocedure:
    • In die gevallen waarin de rechter tijdens een faillissementsprocedure een schuldsaneringsprocedure start met betrekking tot dezelfde schuldenaar, dient de lopende faillissementsprocedure te worden opgeschort totdat de schuldsaneringsprocedure is beëindigd of totdat de schuldsanering is goedgekeurd; in die gevallen waarin de rechter tijdens een schuldsaneringsprocedure de schuldsanering van de schuldenaar toestaat, dient de opgeschorte faillissementsprocedure onverwijld door middel van een uitspraak te worden ingetrokken. Hetzelfde geldt wanneer een schuldsaneringsprocedure reeds loopt en de rechter een faillissementsprocedure opent met betrekking tot dezelfde schuldenaar.
    • Indien de schuldenaar voorafgaande aan de faillietverklaring, aantoont dat hij alle invorderbare vorderingen heeft betaald aan de schuldeisers die partij zijn bij de faillissementsprocedure, dient de rechter onverwijld door middel van een uitspraak de faillissementsprocedure te beëindigen.
    • Indien in een faillissementsprocedure die was gestart op verzoek van een schuldeiser de schuldenaar zijn solventie aantoont, dient de rechter de procedure te beëindigen met een uitspraak.
    • Indien de rechter in een faillissementsprocedure na een voorlopige bewindvoerder voor de schuldenaar te hebben benoemd, vaststelt dat de activa van de schuldenaar zelfs niet voldoende zijn om de kosten van de faillissementsprocedure te dekken, dient hij de faillissementsprocedure te beëindigen wegens gebrek aan baten. In andere gevallen dient de rechter het faillissement met betrekking tot de activa van de schuldenaar niet later dan 30 dagen na de aanstelling van de voorlopige bewindvoerder uit te spreken.

7. Wat zijn de voorwaarden voor het indienen en verifiëren van schuldvorderingen?

Voorwaarden voor het indienen en verifiëren van schuldvorderingen:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Aanmelding van vorderingen:
    • Een schuldeiser met een vordering tegen de gefailleerde die was ontstaan voorafgaande aan de faillietverklaring, heeft in de faillissementsprocedure het recht om zijn vordering af te wikkelen in overeenstemming met de bepalingen van deze wet, via uitdeling van de opbrengsten van de vereffening van de activa die voorwerp zijn van het faillissement. Van dit recht dient in de faillissementsprocedure gebruik te worden gemaakt door de vordering naar behoren en tijdig aan te melden; anders kan de vordering niet worden voldaan tijdens de faillissementsprocedure en wordt geen rekening gehouden met de bijbehorende rechten; hetzelfde geldt voor toekomstige vorderingen waarop door aanmelding rechten gelden.
    • In een faillissementsprocedure kunnen ook voorwaardelijke vorderingen door schuldeisers worden aangemeld. Tenzij deze wet anders bepaalt, kunnen schuldeisers met voorwaardelijke vorderingen uitsluitend hun rechten op voorwaardelijke vorderingen in een faillissementsprocedure doen gelden, indien ze bij de bewindvoerder aantonen dat er sprake is van voorwaardelijke vorderingen.
    • Daarnaast kunnen degenen die aan de gefailleerde zekerheid hebben verstrekt, medeschuldenaren en pandhouders hun toekomstige vorderingen tegen de gefailleerde aanmelden als voorwaardelijke vorderingen; hetzelfde geldt voor personen jegens wie een vordering tegen de gefailleerde zal ontstaan na de faillietverklaring wanneer zij ten behoeve van de gefailleerde een verplichting nakomen. Andere personen kunnen hun toekomstige vorderingen tegen de gefailleerde aanmelden in de gevallen waarin deze wet voorziet.
    • Een schuldeiser dient de aanmelding samen met de bijlagen in twee afschriften in te dienen bij de bewindvoerder (op diens kantooradres) en in één afschrift bij de rechtbank. De aanmelding dient niet later dan 45 dagen na de faillietverklaring aan de bewindvoerder te worden bezorgd. Aanmeldingen die na deze periode worden ontvangen of die uitsluitend bij de bewindvoerder dan wel uitsluitend bij de rechtbank zijn ontvangen, blijven buiten beschouwing.
    • De bezorging van de aanmelding bij de rechtbank heeft hetzelfde rechtsgevolg voor het lopen van de verjaringstermijn en het tenietgaan van het recht als de uitoefening van het recht ten overstaan van de rechter.
    • Een schuldeiser is aansprakelijk voor eventuele fouten in de vermelde gegevens. Indien de bewindvoerder de vordering van de schuldeiser afwijst en de rechter in een procedure met betrekking tot de afgewezen vordering beslist dat de schuldeiser geen recht had op betaling van het aangemelde bedrag of dat hij slechts recht had op betaling van minder dan 75% van het aangemelde bedrag, dient de schuldeiser een door de rechter bepaalde boete te betalen aan de desbetreffende boedel, tenzij de schuldeiser aantoont dat hij bij zijn aanmelding van de vordering handelde met de vereiste professionele zorgvuldigheid; het recht om de boete betaald te krijgen, kan door de bewindvoerder worden geëxecuteerd. Deze bepaling is ook van toepassing in die gevallen waarin de rechter in de procedure met betrekking tot de afgewezen vordering bepaalt dat de schuldeiser geen recht had op het aangemelde zekerheidsrecht, dat deze was gerechtigd tot een zekerheidsrecht met een lagere prioriteit dan het aangemelde recht of dat hij recht had op voldoening van een vordering uit de boedel met een lagere prioriteit dan de vordering die was aangegeven in de aanmelding.
  • Toelating van vorderingen:
    • De bewindvoerder schrijft steeds de aangemelde vorderingen met de gegevens in op de lijst van vorderingen met het doel niet later dan 10 dagen na het einde van de aanmeldingstermijn te komen tot een definitieve uitdelingslijst.
    • In die gevallen waarin de bewindvoerder bij het onderzoek van een aangemelde vordering vaststelt dat deze vordering dubieus is wat betreft rechtsgronden, uitvoerbaarheid, prioriteit van de vordering, zekerheidstelling door middel van een zekerheidsrecht of prioriteit van het zekerheidsrecht, is hij verplicht om het dubieuze deel van de aangemelde vordering af te wijzen.
    • In die gevallen waarin de bewindvoerder de vordering afwijst op initiatief van een schuldeiser en de schuldeiser van de afgewezen vordering bij de rechter een verzoek indient om de vordering vast te stellen, heeft de schuldeiser die het initiatief tot afwijzing nam, in de procedure met betrekking tot de afgewezen vordering de status van tussenkomende partij naast de bewindvoerder; de status van een tussenkomende partij gaat teniet als de status van partij bij de faillissementsprocedure teniet gaat. Indien de bewindvoerder, op initiatief van een zekergestelde schuldeiser een zekergestelde vordering van een andere zekergestelde schuldeiser in verband met de zekerstelling door middel van een zekerheidsrecht of de prioriteit van het zekerheidsrecht ten onrechte heeft afgewezen, is de zekergestelde schuldeiser die het initiatief nam, aansprakelijk jegens de schuldeiser van de afgewezen vordering voor de opgelopen schade als gevolg van de onterechte afwijzing van zijn zekergestelde vordering.
    • In die gevallen waarin de schuldeiser van de afgewezen vordering niet binnen de wettelijk gestelde termijn een procedure instelt bij de rechtbank of een bij de rechtbank ingediend verzoekschrift ter vaststelling van de vordering intrekt, wordt het afgewezen deel van de vordering bij de faillissementsprocedure buiten beschouwing gelaten.
    • Een rechterlijke beslissing over de vaststelling van een afgewezen vordering geldt jegens alle partijen bij de faillissementsprocedure.
    • Totdat de termijn voor het instellen van een procedure met betrekking tot de afgewezen vordering is verstreken of totdat de rechter een definitieve beslissing heeft genomen over de vaststelling van de vordering, kan de bewindvoerder de afgewezen vordering schriftelijk erkennen; als gevolg van een dergelijke erkenning wordt de afgewezen vordering beschouwd als te zijn vastgesteld in die mate waarin zij wordt erkend. Indien de bewindvoerder de vordering heeft afgewezen op initiatief van een schuldeiser, kan hij de vordering alleen erkennen met de instemming van die schuldeiser.
    • De bewindvoerder schrijft de toelating van een aangemelde vordering onmiddellijk in op de lijst met vorderingen zodra de aangemelde vordering wordt beschouwd als te zijn vastgesteld of zodra hij de aangemelde vordering heeft erkend.

8. Welke voorschriften zijn van toepassing op de reorganisatie en sanering?

Voorschriften met betrekking tot de reorganisatie en sanering:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Wet nr. 7/2005 inzake faillissement en schuldsanering en inzake wijziging van enige wetten.
  • Voorwaarden:
    • In die gevallen waarin de schuldenaar wordt bedreigd met een faillissement of in die gevallen waarin de schuldenaar failliet is, kan hij de bewindvoerder machtigen een advies over schuldsanering te geven (“advies”) teneinde vast te stellen of aan de vereisten voor de schuldsanering van de schuldenaar is voldaan. Dit laat de verplichting van de schuldenaar onverlet om tijdig een verzoek in te dienen om faillietverklaring.
    • In die gevallen waarin een of meer schuldeisers instemden met de schuldenaar over de noodzakelijke samenwerking, kunnen zij de bewindvoerder machtigen om zelf het advies op te stellen.
    • Uitsluitend personen die zijn ingeschreven op de lijst van bewindvoerders kunnen worden gemachtigd om het advies te geven.
  • Verzoek:
    • Het verzoek tot goedkeuring van de schuldsanering wordt ingediend bij de bevoegde rechtbank. Het verzoek kan worden ingediend door de schuldenaar of een schuldeiser.
    • De schuldenaar kan een verzoek indienen tot goedkeuring van de schuldsanering indien hij de bewindvoerder had gemachtigd om een schuldsaneringsadvies te geven en indien het advies van de bewindvoerder waarin hij de aanbeveling deed tot schuldsanering over te gaan minder dan 30 dagen oud is.
    • Een schuldeiser kan een verzoek indienen tot goedkeuring van de schuldsanering indien hij de bewindvoerder had gemachtigd om een schuldsaneringsadvies te geven en indien het advies van de bewindvoerder waarin hij de aanbeveling deed tot schuldsanering over te gaan minder dan 30 dagen oud is. Bovendien moet de schuldenaar ingestemd hebben met de indiening van het verzoek.

9. Welke voorschriften zijn van toepassing op de vereffening?

Voorschriften met betrekking tot de vereffeningsprocedure:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Vereffening van activa:
    • Vereffening betekent het omzetten van alle activa die voorwerp zijn van het faillissement in Slowaaks geld teneinde de schuldeisers te voldoen. Vereffening houdt eveneens in het zekerstellen van het kasgeld van de gefailleerde, het ontvangen van de geldelijke vorderingen van de gefailleerde en beschikking over de onderneming van de gefailleerde of zijn deel tegen betaling.
    • Vereffening van activa die voorwerp zijn van het faillissement heeft tot doel de opbrengsten in de kortst mogelijke tijd en tegen de laagst mogelijke kosten zo hoog mogelijk te maken. Bij de vereffening van activa die voorwerp zijn van het faillissement dient de bewindvoerder te handelen met de vereiste professionele zorgvuldigheid teneinde op de best mogelijke manier het doel van de vereffening te bereiken met inachtneming van de vereffeningsregels die in deze wet zijn vastgelegd.
    • De bij de faillietverklaring aangestelde bewindvoerder dient onverwijld de activa te vereffenen die op korte termijn aan bederf onderhevig zijn of waarschijnlijk worden vernietigd of aan andere substantiële achteruitgang lijden; daarvoor is geen aanwijzing van het bevoegd gezag of een rechterlijke beslissing nodig.
    • De bewindvoerder legt de vereffening van activa die voorwerp zijn van het faillissement duidelijk vast; er dienen afzonderlijke gegevens te worden bijgehouden voor de algemene boedel en voor iedere afzonderlijke boedel. Na de vereffening van een onderdeel van de inboedelinventaris dient de bewindvoerder de opbrengsten toe te wijzen aan het vereffende inventarisgoed. In die gevallen waarin de bewindvoerder verschillende inventarisgoederen tegelijkertijd vereffent en het niet mogelijk is om de afzonderlijke opbrengsten vast te stellen, dient hij de totale opbrengsten naar rato toe te delen aan de desbetreffende goederen volgens hun tegenwaarde; deze berekening is gebaseerd op de in de inventarislijst vermelde waarde.
    • De bewindvoerder dient de opbrengsten van de vereffening van de activa die voorwerp zijn van het faillissement op een bankrekening te storten; de door de bank uitgekeerde rente over het saldo op de rekening dient te worden beschouwd als opbrengsten van de vereffening van de activa die voorwerp zijn van het faillissement.
  • Vereffeningsmethoden van activa:
    • Teneinde de activa te vereffenen, kan de bewindvoerder:
      1. een openbare aanbesteding uitbrengen;
      2. een veilingmeester de verkoop van activa toevertrouwen;
      3. een effectenhandelaar de verkoop van activa toevertrouwen;
      4. een veiling, openbare inschrijving of enige andere competitieve procedure gericht op de verkoop van de activa organiseren;
      5. de activa verkopen met behulp van een andere geschikte methode.
  • Verdeling van de opbrengsten:
    • Een zekergestelde vordering of een zekergestelde schuldeiser dient in de vastgestelde mate te worden voldaan uit de resterende opbrengsten van de vereffening van de activa die de afzonderlijke, individuele boedel van de zekergestelde schuldeiser vormen, na aftrek van de vorderingen tegen de boedel in verband met de inventarisgoederen die de afgezonderde boedel vormen. In die gevallen waarin een vordering van een zekergestelde schuldeiser niet volledig kan worden voldaan, dient het resterende deel te worden voldaan als een vordering zonder zekerheidstelling.
    • Een vordering zonder zekerheidstelling dient in de vastgestelde mate te worden voldaan uit de resterende opbrengsten van de vereffening van de activa die de algemene boedel vormen na aftrek van de vorderingen tegen de boedel in verband met de inventarisgoederen van de algemene boedel. In die gevallen waarin vorderingen zonder zekerheidstelling niet geheel kunnen worden voldaan, dienen zij naar rato te worden voldaan.
    • Achtergestelde vorderingen in gevolge een specifieke wettelijke bepaling ("achtergestelde vorderingen") dienen in de vastgestelde mate te worden voldaan uit de resterende opbrengsten van de vereffening van de activa die de algemene boedel vormen nadat volledig is voldaan aan de andere niet zekergestelde vorderingen. In die gevallen waarin achtergestelde vorderingen niet geheel kunnen worden voldaan, dienen zij naar rato te worden voldaan.

10. Wat zijn de voorwaarden voor de beëindiging van de procedure?

Voorwaarden voor de beëindiging van de procedure:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • Beëindiging van de faillissementsprocedure:
    • De rechter besluit een faillissementsprocedure te beëindigen vanwege gebrek aan baten, ook zonder dat hem daartoe om een uitspraak is verzocht, indien hij vaststelt dat de activa van de gefailleerde onvoldoende zijn om aan de vorderingen tegen de boedel te voldoen; bij zijn uitspraak dient de rechter te beslissen over de vergoeding en de kosten van de bewindvoerder die uit de activa van de schuldenaar dienen te worden betaald, over het voorschot op de vergoeding en de kosten van de tijdelijke bewindvoerder of over het voorschot op de kosten van de faillissementsprocedure.
    • De rechtbank beslist op verzoek van de bewindvoerder over de beëindiging van de faillissementsprocedure nadat de slotuitdeling van de opbrengsten is geschied.
    • Op de dag van de beëindiging van de faillissementsprocedure dient de bewindvoerder de boeken af te sluiten en een afzonderlijke financiële verklaring op te stellen krachtens specifieke wettelijke regels. De bewindvoerder dient eveneens aan de gefailleerde, of, indien van toepassing aan de curator, alle vereiste bescheiden en de overblijvende activa te overhandigen en ervoor te zorgen dat eventuele verdere handelingen met betrekking tot de beëindiging van de faillissementsprocedure worden verricht. Zodra deze handelingen zijn verricht, dient de rechter de bewindvoerder van zijn taak te ontheffen.
    • In die gevallen waarin de gefailleerde een natuurlijk persoon is en tijdens de faillissementsprocedure overlijdt, nemen zijn erfgenamen diens rol over naar rato van de activa die voorwerp zijn van het faillissement; in die gevallen waarin er geen erfgenamen zijn of waarin zij de erfenis verwerpen, wordt de plaats van de gefailleerde overgenomen door de staat.

« Faillissement - Algemene informatie | Slowakije - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 29-11-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk