Europese Commissie > EJN > Faillissement > Engeland en Wales

Laatste aanpassing: 02-08-2007
Printversie Voeg toe aan favorieten

Faillissement - Engeland en Wales

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

1. Welke soorten insolventieprocedures zijn er en wat zijn de doelen ervan? 1.
2. Wat zijn de voorwaarden voor het inleiden van een insolventieprocedure? 2.
3. Welke rol spelen de verschillende deelnemers in de procedure? 3.
4. Welke gevolgen heeft het inleiden van een procedure? 4.
5. Wat zijn de specifieke voorschriften bij bepaalde categorieën van vorderingen? 5.
6. Wat zijn de voorschriften met betrekking tot schadelijke handelingen? 6.
7. Wat zijn de voorwaarden voor de indiening en de toewijzing van vorderingen? 7.
8. Wat zijn de voorschriften voor reorganisatieprocedures? 8.
9. Wat zijn de voorschriften voor de liquidatieprocedure? 9.
10. Wat zijn de voorwaarden voor beëindiging van de procedure? 10.

 

1. Welke soorten insolventieprocedures zijn er en wat zijn de doelen ervan?

Insolventie wordt gedefinieerd als het hebben van onvoldoende activa om alle schulden te betalen, ofwel als het niet in staat zijn om de schulden op de vervaldatum te betalen.

“Pre-insolventie”-procedures

Ondernemingen en natuurlijke personen kunnen een formele overeenkomst met hun schuldeisers sluiten, waarbij dezen genoegen nemen met minder dan het volledige verschuldigde bedrag; deze overeenkomsten zijn bindend voor alle schuldeisers die ervan op de hoogte zijn.

Ondernemingen en natuurlijke personen kunnen informele overeenkomsten met hun schuldeisers sluiten, waarbij dezen genoegen nemen met minder dan het volledige verschuldigde bedrag; deze overeenkomsten zijn niet bindend.

Procedures bij de insolventie van ondernemingen
Administration -procedure

Deze procedure is in de eerste plaats bedoeld om de onderneming te redden of een beter resultaat voor de schuldeisers te bereiken dan met een liquidatieprocedure mogelijk zou zijn. De administrator (‘administrateur’) moet de belangen van de gezamenlijke schuldeisers behartigen.

Administrative Receivership

Er wordt een insolvency practitioner (beroepscurator) aangesteld door de schuldeiser met een zekerheid in de vorm van een vlottende vordering waaronder alle of vrijwel alle activa van de onderneming vallen. Een vlottende vordering geeft de houder geen onmiddellijk zakelijk recht op de eronder vallende activa. De onderneming mag vrij over de onder de vordering vallende activa beschikken tot het moment waarop de vordering opeisbaar wordt. De administrative receiver heeft als taak deze activa namens de houder van de vlottende vordering te gelde te maken. In eerste instantie is hij dan ook alleen aan die houder verantwoording schuldig.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Winding-up (liquidatie)

Met deze procedure worden de activa van de onderneming te gelde gemaakt en verdeeld en wordt de onderneming doorgaans opgeheven. Er zijn drie soorten liquidatie:

  • gedwongen ‑ het gerecht geeft een bevel tot liquidatie, doorgaans op verzoek van een schuldeiser;
  • op verzoek van de schuldeiser ‑ wanneer de onderneming insolvent is en besluit zichzelf op te heffen, en
  • op verzoek van de vennoten ‑ wanneer de onderneming besluit zichzelf op te heffen hoewel zij solvent is.
Procedures bij persoonlijke insolventie
Faillissement

Deze procedure houdt in dat de activa van een natuurlijke persoon te gelde worden gemaakt en verdeeld, en gewoonlijk ook dat eventuele ondernemingen worden gesloten. Natuurlijke personen worden door het gerecht failliet verklaard op verzoek van een schuldeiser of van de betrokkene zelf.

2. Wat zijn de voorwaarden voor het inleiden van een insolventieprocedure?

Procedures bij de insolventie van ondernemingen
Administration -procedure

De onderneming moet in de onmogelijkheid zijn, of dreigen te komen, om haar schulden te betalen in de zin van artikel 123 van de Insolvency Act 1986 (faillissementswet). Wanneer er een houder van een kwalificerende vlottende vordering is, is de enige voorwaarde dat de vordering opeisbaar moet zijn.

Het verzoek tot inleiding van een administration-procedure kan bij het gerecht worden ingediend door:

  • de onderneming;
  • de directie;
  • één of meer schuldeisers van de onderneming;
  • de eerste rechter van een magistrate’s court (correctionele rechtbank);
  • een combinatie van bovengenoemde personen;
  • de toezichthouder bij een vrijwillige bedrijfsovereenkomst (company voluntary arrangement ‑ CVA); of
  • de vereffenaar van de onderneming.

De houder van een kwalificerende vlottende vordering en de onderneming of haar directie kunnen een administrateur benoemen door deze bij het gerecht aan te melden.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De administrateur maakt zijn benoeming op verschillende manieren bekend, zoals door middel van een advertentie in de meest geschikte krant en in de London Gazette, en door een kennisgeving van zijn benoeming aan het handelsregister en aan alle bekende schuldeisers te sturen.

Administrative Receivership

De vlottende vordering van de schuldeiser die de curator heeft aangesteld, moet opeisbaar zijn.

De voorwaarden voor de benoeming van een administrative receiver worden geregeld in het document waarin de zekerheid is vastgelegd en dat de schuldeiser zekerheid verschaft over de activa van een onderneming of een natuurlijke persoon. De zekerheid kan vast zijn, d.w.z. aan bepaalde activa verbonden, maar in het geval van een onderneming ook vlottend zoals aangegeven in het antwoord op vraag 1.

De administrative receiver maakt zijn benoeming op verschillende manieren bekend, zoals door middel van een advertentie in de meest geschikte krant en in de London Gazette, en door een kennisgeving van zijn benoeming aan alle bekende schuldeisers te sturen.

Winding-up (liquidatie)
  • Gedwongen

De voorwaarden waaronder het gerecht een onderneming mag liquideren, zijn opgenomen in artikel 122 van de Insolvency Act 1986. De meeste ondernemingen die worden geliquideerd, zijn niet in staat om hun schulden te betalen zoals omschreven in artikel 123 van die wet.

Een afschrift van het rechterlijk bevel moet aan het handelsregister worden verzonden en de uitvaardiging ervan moet worden meegedeeld in een advertentie in een hiervoor geschikte krant en in de London Gazette.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Wanneer in plaats van de Official Receiver (officiële vereffenaar) een insolvency practitioner als vereffenaar is benoemd, moet een afschrift van het benoemingscertificaat bij het gerecht worden ingediend. De vereffenaar maakt zijn benoeming op verschillende manieren bekend, zoals door middel van een advertentie in de meest geschikte krant en in de London Gazette, en door een kennisgeving van zijn benoeming aan het handelsregister en aan alle bekende schuldeisers te sturen.

  • Vrijwillig

De voorwaarden waaronder een onderneming vrijwillig mag worden geliquideerd, zijn vastgelegd in artikel 84 van de Insolvency Act 1986.

  • Op verzoek van de schuldeisers

Voor een vrijwillige liquidatie op initiatief van de schuldeisers beslist de onderneming in een buitengewone verklaring dat zij haar activiteiten gezien haar schulden niet kan voortzetten en dat het daarom raadzaam is tot opheffing over te gaan.

Binnen veertien dagen na deze verklaring moet de onderneming gegevens over de liquidatie bekendmaken in een advertentie in de London Gazette.

De onderneming moet binnen veertien dagen na de verklaring een schuldeisersvergadering bijeenroepen om een vereffenaar te benoemen.

De vereffenaar maakt zijn benoeming bekend door middel van een advertentie in de meest geschikte krant en in de London Gazette, en door een kennisgeving aan het handelsregister te sturen.

  • Op verzoek van de vennoten

Het verschil tussen een vrijwillige liquidatie op verzoek van de schuldeisers en op verzoek van de vennoten is dat de onderneming bij een vrijwillige liquidatie op verzoek van de vennoten solvent moet zijn.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Binnen veertien dagen na de verklaring moet de onderneming gegevens over de liquidatie bekendmaken in een advertentie in de London Gazette.

De vereffenaar maakt zijn benoeming bekend door middel van een advertentie in de meest geschikte krant en in de London Gazette, en door een kennisgeving aan het handelsregister en aan alle bekende schuldeisers te sturen. .

Procedures bij de insolventie van natuurlijke personen
Faillissement

Het gerecht kan een natuurlijke persoon failliet verklaren indien deze zijn/haar schulden niet kan betalen.

De mededeling van de faillietverklaring wordt gestuurd aan de Chief Land Registrar (houder van het kadaster) en er wordt een advertentie geplaatst in een geschikte krant en in de London Gazette.

Wanneer in plaats van de Official Receiver een insolvency practitioner als trustee wordt benoemd, moet er een afschrift van het benoemingscertificaat bij het gerecht worden ingediend. De trustee maakt zijn benoeming op verschillende manieren bekend, afhankelijk van de wijze van benoeming, zoals door middel van een advertentie in de meest geschikte krant en door het sturen van een kennisgeving van de benoeming aan alle bekende schuldeisers.

3. Welke rol spelen de verschillende deelnemers in de procedure?

Het gerecht

De rol en functie van het gerecht is afhankelijk van de soort procedure:

Administration- procedure

Dit is een gerechtelijke procedure waarbij de administrateur (die als curator optreedt) een gerechtsambtenaar is die het gerecht om instructies kan verzoeken. De maatregelen van de administrateur kunnen door het gerecht worden onderzocht en schuldeisers kunnen zich tot het gerecht wenden indien zij van mening zijn dat de administrateur handelt of wil gaan handelen op een wijze die hun belangen op een onbillijke wijze schaadt.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Administrative Receivership

Dit is geen gerechtelijke procedure.

Winding-up (Liquidatie)
Gedwongen

Dit is een gerechtelijke procedure waarbij een onderneming op rechterlijk bevel wordt geliquideerd. De vereffenaar kan het gerecht om instructies verzoeken.

Vrijwillig

Dit is geen gerechtelijke procedure, maar er kan bij het gerecht een verzoek worden ingediend tot vervanging van de vereffenaar of wanneer er geschillen zijn.

Procedures bij de insolventie van natuurlijke personen
Faillissement

Dit is een gerechtelijke procedure waarbij een natuurlijke persoon door het gerecht failliet wordt verklaard. De trustee kan het gerecht om instructies verzoeken.

Beroepscuratoren (Insolvency Practitioners)

Om als lasthebber in insolventieprocedures te mogen optreden, moet een insolvency practitioner als zodanig zijn toegelaten door de minister of door een van de zeven erkende beroepsorganisaties.

De bevoegdheden van de lasthebber in administration-procedures, liquidaties en faillissementen zijn vastgelegd in de Insolvency Act 1986. Bovendien moeten insolvency practitioners handelen overeenkomstig de “beste praktijk” en ethische richtlijnen.

De bevoegdheden van de administrative receiver worden voornamelijk geregeld in het document waarin de zekerheid is vastgelegd.

Schuldeisers

Bij administration-procedures, liquidaties en faillissementen moet rekening worden gehouden met de belangen van alle schuldeisers. Bij administrative receiverships is de belangrijkste taak van de lasthebber de belangen te behartigen van de schuldeiser die hem heeft aangesteld.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Directie

Bij alle soorten insolventieprocedures is de directie wettelijk verplicht om samen te werken met, en informatie te verschaffen aan de betrokken lasthebber en, ingeval van gedwongen liquidatie, aan de officiële vereffenaar.

Faillissementen

De gefailleerde is wettelijk verplicht om samen te werken met en informatie te verschaffen aan de officiële vereffenaar en de trustee.

Hoger beroep

Hoger beroep in insolventieprocedures wordt geregeld in de artikelen 7.47 tot en met 7.50 van de Insolvency Rules 1986. Hoewel artikel 7.47 liquidaties betreft, heeft de rechter bepaald dat dit voorschrift ook op administration-procedures van toepassing is.

4. Welke gevolgen heeft het inleiden van een procedure?

Onder activa wordt verstaan alle eigendommen van de onderneming of de debiteur die kunnen dienen om de schulden te betalen.

Insolventie van ondernemingen

De onderneming blijft ook na het begin van de insolventieprocedure eigenaar van de activa.

Insolventie van natuurlijke personen

De eigendom van de activa van de gefailleerde wordt automatisch overgedragen aan de trustee.

Vorderingen

De vorderingen van schuldeisers bestaan uit de volgende categorieën:

  • vorderingen die zijn gewaarborgd door een vaste of een vlottende vordering (op een onderneming);
  • bevoorrechte vorderingen; sinds 15 september 2003 betreft dit voornamelijk schulden aan werknemers, en
  • concurrente vorderingen.
Surséance e.d.

Wanneer een onderneming aan een administration-procedure wordt onderworpen of een voorstel hiertoe doet, wordt een surséance van kracht die onder meer voorkomt dat schuldeisers een procedure tegen de onderneming inleiden.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Wanneer een bevel tot liquidatie van een onderneming is uitgevaardigd, is er geen maatregel of procedure tegen de onderneming of haar activa mogelijk, tenzij het gerecht dit toestaat.

Wanneer er een faillissement is uitgesproken of een aanvraag hiertoe is ingediend, kan het gerecht alle juridische procedures tegen de betrokkene stopzetten.

De artikelen 21 en 22 van Verordening (EG) nr. 1346/2000 van de Raad

Er is in Engeland en Wales geen specifieke wetgeving ingevoerd om aan deze artikelen te voldoen. Indien een vereffenaar hier echter om verzoekt, moeten de gewone procedures van de Insolvency Act 1986 en de Insolvency Rules worden opgevolgd.

5. Wat zijn de specifieke voorschriften bij bepaalde categorieën van vorderingen?

Zakelijke rechten

De houders van vaste zekerheden met betrekking tot de activa van een onderneming of een natuurlijke persoon hebben, met voorrang op de andere schuldeisers, recht op alle opbrengsten van deze activa.

Verrekening

De insolventiewetgeving schrijft verrekening voor wanneer er tussen de onderneming of de natuurlijke persoon en derde partijen wederzijdse verplichtingen zijn aangegaan voordat de administration-procedure, de liquidatie of het faillissement is ingegaan.

Eigendomsvoorbehoud

Schuldeisers die goederen onder eigendomsvoorbehoud hebben geleverd, kunnen hun goederen in bepaalde omstandigheden terugvorderen bij de lasthebber.

Arbeidsovereenkomsten

De gevolgen van een insolventieprocedure voor de werknemers is afhankelijk van de soort procedure. Bij administration-procedures en administrative receiverships heeft de lasthebber veertien dagen de tijd om te beslissen of hij al het personeel of een deel ervan wenst aan te houden. Daarentegen worden bij een gedwongen liquidatie de arbeidscontracten automatisch beëindigd op het moment dat het gerecht liquidatie gelast.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Schulden aan werknemers zijn bevoorrecht en worden uitbetaald met voorrang boven houders van vlottende vorderingen en concurrente schuldeisers.

Voorrang van schuldeisers

Doorgaans worden schuldeisers in de onderstaande volgorde uitbetaald:

  • houders van een vaste vordering;
  • bevoorrechte schuldeisers; sinds 15 september 2003 betreft dit voornamelijk werknemers;
  • houders van een vlottende vordering;
  • concurrente schuldeisers.

6. Wat zijn de voorschriften met betrekking tot schadelijke handelingen?

Op grond van enkele bepalingen die op administration-procedures, liquidaties en faillissementen van toepassing zijn, kan de lasthebber het gerecht verzoeken geld terug te vorderen ten behoeve van de schuldeisers. De belangrijkste bepalingen zijn:

Transacties tegen een te lage prijs
Administration -procedures en liquidaties

Indien de lasthebber kan bewijzen dat activa van de onderneming kosteloos of tegen een aanzienlijk lagere prijs dan de werkelijke waarde zijn overgedragen, kan hij de rechter verzoeken om een bevel tot herstel van de situatie alsof de betrokken transactie niet had plaatsgehad.

Deze bepaling is alleen van toepassing indien de transactie hoogstens twee jaar voor de relevante datum heeft plaatsgehad: hetzij het begin van de liquidatie, hetzij de datum waarop een verzoek om een administration-procedure of een kennisgeving van het voornemen tot benoeming van een vereffenaar bij het gerecht is ingediend. Indien er geen verzoek of voornemen tot benoeming is ingediend, gaat het om de datum waarop de administration-procedure van de onderneming is ingeleid.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Transacties in de periode tussen de indiening van de documenten bij het gerecht en het moment waarop de administration- of liquidatieprocedure ingaat, zijn ook inbegrepen.

Faillissementen

Indien de lasthebber kan bewijzen dat activa van de onderneming kosteloos, tegen een aanzienlijk lagere prijs dan de werkelijke waarde of in verband met een huwelijk zijn overgedragen, kan hij de rechter verzoeken om een bevel tot herstel van de situatie alsof de betrokken transactie niet had plaatsgehad.

Deze bepaling is alleen van toepassing indien de transactie hoogstens vijf jaar voor de datum waarop het faillissement is uitgesproken, heeft plaatsgehad.

Voorrang
Administration -procedures en liquidaties

Indien de lasthebber kan bewijzen dat een derde partij, een schuldeiser of een borg van een schuld in een betere positie is gebracht dan het geval zou zijn geweest indien de transactie niet had plaatsgehad, kan hij de rechter verzoeken om een bevel tot herstel van de situatie alsof de onderneming dat voorrecht niet had toegekend.

Deze bepaling is alleen van toepassing indien het voorrecht in het geval van een verwante persoon hoogstens twee jaar voor de relevante datum is verleend: hetzij het begin van de liquidatie, hetzij de datum waarop een verzoek om een administration-procedure of een kennisgeving van het voornemen tot aanstelling van een vereffenaar bij het gerecht is ingediend; indien er geen verzoek of voornemen tot aanstelling is ingediend, gaat het om de datum waarop de administration-procedure van de onderneming is ingeleid. In andere gevallen bedraagt de relevante periode zes maanden.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Transacties in de periode tussen de indiening van de documenten bij het gerecht en het moment waarop de administration- of liquidatieprocedure wordt ingeleid, zijn ook inbegrepen.

Faillissementen

Indien de trustee kan bewijzen dat een derde partij, een schuldeiser of een borg van een schuld in een betere positie is gebracht dan het geval zou zijn geweest indien de transactie niet had plaatsgehad, kan hij de rechter verzoeken om een bevel tot herstel van de situatie alsof de betrokkene dat voorrecht niet had toegekend.

Deze bepaling is alleen van toepassing indien het voorrecht in het geval van een verwante persoon hoogstens twee jaar voor de datum waarop het faillissement is uitgesproken is toegekend. In andere gevallen bedraagt de relevante periode zes maanden.

7. Wat zijn de voorwaarden voor de indiening en de toewijzing van vorderingen?

Iedere lasthebber in insolventiezaken is verplicht informatie te verstrekken aan concurrente schuldeisers; deze informatieverplichting is vastgelegd in de Insolvency Act 1986 en de Insolvency Rules 1986.

Bij een administrative receivership vindt er geen uitkering aan concurrente schuldeisers plaats, zodat er ook geen regels met betrekking tot het bewijs van hun vorderingen bestaan.

In alle andere insolventieprocedures, zowel bij ondernemingen als bij natuurlijke personen, zijn er in grote lijnen soortgelijke regels voor het indienen van vorderingen bij de lasthebber; de bepalingen zijn opgenomen in de Insolvency Rules 1986. Deze tekst omvat ook bepalingen over de toewijzing van deze vorderingen door de lasthebber.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Binnen de categorieën van de bevoorrechte en de concurrente schuldeisers staan alle schuldeisers van dezelfde categorie op gelijke voet en ontvangen zij een gedeelte van de beschikbare activa dat evenredig is met de hoogte van hun vordering.

Indien er sprake is van meer dan een schuldeiser met een zekerheid bestaande uit een vlottende vordering, worden zij uitbetaald in volgorde van prioriteit: deze is afhankelijk van hetzij de datum waarop de aanspraak is ontstaan, hetzij de afspraken in een prioriteitsovereenkomst.

8. Wat zijn de voorschriften voor reorganisatieprocedures?

Ondernemingen

Levensvatbare ondernemingen die in financiële problemen raken, kunnen een oplossing zoeken in de vorm van een administration-procedure of een company voluntary arrangement (vrijwillige bedrijfsovereenkomst – CVA). Bij het redden van ondernemingen door middel van een administration-procedure wordt vaak gebruikgemaakt van een CVA. Om een CVA te bereiken, moet ten minste 75% van de schuldeisers akkoord gaan met de voorstellen van de directie of, in geval van een administration-procedure, de curator. Zodra de overeenkomst is goedgekeurd, is deze bindend voor alle schuldeisers aan wie de voorstellen zijn meegedeeld.

De voorschriften met betrekking tot CVA’s en administration-procedures zijn respectievelijk vastgelegd in de delen I en II van de Insolvency Act 1986 en de delen 1 en 2 van de Insolvency Rules 1986.

Natuurlijke personen

Natuurlijke personen in financiële moeilijkheden kunnen een faillissement voorkomen door middel van een individuele vrijwillige overeenkomst (individual voluntary arrangement ‑ IVA). Om een IVA te bereiken, moet ten minste 75% van de schuldeisers akkoord gaan met de voorstellen van de debiteur. Zodra de overeenkomst is goedgekeurd, is deze bindend voor alle schuldeisers aan wie de voorstellen zijn meegedeeld.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De voorschriften met betrekking tot IVA’s zijn vastgelegd in deel VIII van de Insolvency Act 1986 en in deel 5 van de Insolvency Rules 1986.

9. Wat zijn de voorschriften voor de liquidatieprocedure?

De voorschriften voor de liquidatieprocedure zijn vastgelegd in deel IV van de Insolvency Act 1986 en deel 4 van de Insolvency Rules 1986. Punt 6 van bijlage 4 bij de Insolvency Act 1986 verleent de vereffenaar de bevoegdheid om de activa van de onderneming te verkopen. De voorschriften met betrekking tot uitkeringen aan schuldeisers zijn vastgelegd in hoofdstuk 14 van deel 4 en in deel 11 van de Insolvency Rules 1986.

10. Wat zijn de voorwaarden voor beëindiging van de procedure?

De voorschriften voor beëindiging van een administration-, liquidatie- of faillissementsprocedure zijn vastgelegd de Insolvency Act 1986 en de Insolvency Rules 1986.

De voorwaarden voor beëindiging van een administrative receiverschip worden geregeld in het document waarin de zekerheid is vastgelegd.

Sociaal stigma bij een faillissement

De Enterprise Act 2002 probeert het sociale stigma bij een faillissement te verminderen en de redding van ondernemingen te bevorderen.

De regering erkent dat een faillissement niet per definitie aan de debiteur is te wijten. Deze wet moet ervoor zorgen dat iedere gefailleerde op zijn eigen merites wordt beoordeeld, en een einde maken aan de gewoonte om elk geval op dezelfde wijze te beoordelen. De faillissementsperiode is teruggebracht van de gebruikelijke drie jaar tot maximaal een jaar. Daar staat tegenover dat er een nieuwe regeling van beperkingen voor gefailleerden (Bankruptcy Restrictions Orders) is ingevoerd, op grond waarvan personen met laakbaar of roekeloos gedrag beperkingen kunnen worden opgelegd voor een periode van twee tot vijftien jaar. Deze wetgeving is op 1 april 2004 in werking getreden.

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Voor de ondernemingen heeft de Enterprise Act geleid tot een snellere en rechtvaardigere administration-procedure die meer op redding is gericht. De bedoeling is dat levensvatbare ondernemingen die in financiële problemen raken, in een eerder stadium hulp zoeken zodat er meer kans is op redding en liquidatie kan worden voorkomen. Deze wetgeving is op 15 september 2003 in werking getreden.

Sancties

Er zijn civiel- en strafrechtelijke sancties mogelijk tegen directieleden die misbruik maken van het voorrecht van de beperkte aansprakelijkheid.

Civielrechtelijke sancties

Wanneer een onderneming een administration- of administrative receivership-procedure ondergaat of wordt geliquideerd, en een directielid heeft gehandeld op een wijze die hem voor die functie ongeschikt maakt, kan hem voor een periode van twee tot vijftien jaar worden verboden als directeur of anderszins bij de leiding van een onderneming betrokken te zijn.

In geval van liquidatie kan het gerecht een directielid ook veroordelen tot een bijdrage aan de activa van onderneming indien het van oordeel is dat de directeur de activiteiten van de onderneming ten nadele van de schuldeisers heeft voortgezet terwijl hij van de insolventie van de onderneming op de hoogte was.

Strafrechtelijke sancties

In de Insolvency Act 1986 is met betrekking tot ondernemingen in liquidatie een aantal specifieke misdrijven opgenomen waarvoor een directeur kan worden vervolgd. Bovendien kan een directeur worden vervolgd voor overtredingen van het ondernemingenrecht en voor elk ander misdrijf zoals diefstal.

Nadere inlichtingen

« Faillissement - Algemene informatie | Verenigd Koninkrijk - Algemene informatie »

Terug

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 02-08-2007

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk