Europese Commissie > EJN > Toepasselijk recht > Frankrijk

Laatste aanpassing: 04-12-2008
Printversie Voeg toe aan favorieten

Toepasselijk recht - Frankrijk

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


 

INHOUDSOPGAVE

I. Bronnen van geldend recht I.
I.1. Regels van nationaal recht I.1.
I.2. Geldende multilaterale verdragen I.2.
I.3. De belangrijkste bilaterale verdragen I.3.
II. Toepassing van de conflictregels II.
II.1. Ambtshalve toepassing van de conflictregels II.1.
II.2. Renvoi (herverwijzing, doorverwijzing) II.2.
II.3. Wijziging aanknopingspunt II.3.
II.4. Niet-toepassing van de conflictregels in uitzonderingsgevallen II.4.
II.5. Vaststelling van de inhoud van het buitenlands recht II.5.
III. Conflictregels III.
III.1. Contractuele verbintenissen en rechtshandelingen III.1.
III.2. Niet-contractuele verbintenissen III.2.
III.3. Afstamming en adoptie III.3.
III.3.1. Afstamming III.3.1.
III.3.2. Adoptie III.3.2.
III.4. Huwelijk, ongehuwd samenwonen en verschillende vormen van geregistreerd partnerschap, echtscheiding, scheiding van tafel en bed, alimentatieverplichtingen III.4.
III.4.1. Huwelijk III.4.1.
III.4.2. Ongehuwd samenwonen en verschillende vormen van geregistreerd partnerschap III.4.2.
III.4.3. Echtscheiding en scheiding van tafel en bed III.4.3.
III.4.4. Alimentatie III.4.4.
III.5. Huwelijksvermogensregimes III.5.
III.6. Erfrecht III.6.
III.7. Zakenrecht (materiële zaken) III.7.
III.8. Faillissement III.8.

 

I. Bronnen van geldend recht

I.1. Regels van nationaal recht

Het Franse internationaal privaatrecht is tot op heden op geen enkele wijze gecodificeerd en derhalve zijn de conflictregels verspreid over de verschillende wetboeken (Burgerlijk Wetboek -code civil-, Wetboek van Koophandel -code de commerce-, Wetboek inzake Consumentenrecht -code de la consommation-). De conflictregels worden echter grotendeels in de jurisprudentie bepaald en sommige conflictregels zijn opgenomen in het afgeleide Europees recht.

I.2. Geldende multilaterale verdragen

Een aanzienlijk aantal conflictregels komt voort uit internationale multilaterale verdragen waarbij Frankrijk partij is. De meeste van deze verdragen zijn opgesteld in het kader van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht.

I.3. De belangrijkste bilaterale verdragen

De in de Franse rechtspraak meest gebruikte bilaterale verdragen gaan over de staat van personen. Het gaat hierbij in het bijzonder om:

  • het tussen Frankrijk en Marokko gesloten verdrag van 10 augustus 1981 inzake de staat van personen en gezin en de gerechtelijke samenwerking.
  • het tussen Frankrijk en Polen gesloten verdrag van 5 april 1967 inzake het toepasselijk recht, de rechtsbevoegdheid en het exequatur in het personen- en familierecht.

II. Toepassing van de conflictregels

II.1. Ambtshalve toepassing van de conflictregels

Volgens de jurisprudentie dient de rechter die de zaak behandelt, te bepalen of het recht waarover het geding handelt, een recht is waarop een beroep kan worden gedaan (“droit disponible”) of een recht waarop geen beroep kan worden gedaan (“droit indisponible”). Dit dient aan de hand van de eigen wettelijke regels te worden vastgesteld.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

De rechter dient de conflictregel alleen ambtshalve toe te passen indien het geding een recht betreft waarover niet beschikt kan worden (voornamelijk in geschillen betreffende de staat van personen: handelingsbekwaamheid, materiële rechtsgeldigheid van een huwelijk, echtscheiding, etc.) Als het een recht betreft waarover wel beschikt kan worden, is het aan partijen om de toepassing van het buitenlands recht dat normaal gesproken van toepassing zou zijn, in te roepen.

II.2. Renvoi (herverwijzing, doorverwijzing)

In het Frans internationaal privaatrecht wordt renvoi gedefinieerd als een negatief conflict tussen aanknopingspunten: de Franse conflictregel wijst een buitenlands rechtsstelsel aan als toepasselijk recht, maar het land waarnaar het geschil door Frankrijk is verwezen, bepaalt op zijn beurt dat op grond van de aanknopingspunten het Frans recht (herverwijzing in de eerste graad) of het recht van een andere staat (doorverwijzing in de tweede graad) dient te worden toegepast.

Deze gang van zaken, die moeilijk te verenigen is met de autonomie van de wil, vormt een aanhoudend probleem en wordt met name op het gebied van contracten- en huwelijksgoederenrecht uitgesloten. Zelfs op het gebied van de staat van personen is tegenwoordig sprake van een duidelijke vermindering van renvoi.

II.3. Wijziging aanknopingspunt

Als een aanknopingspunt in tijd en/of plaats verandert, wordt het toepasselijk recht dan bepaald aan de hand van het oude of het nieuwe aanknopingspunt?

In sommige gevallen biedt de wet de oplossing. Indien dit niet het geval is, geeft de jurisprudentie de oplossing. Deze oplossing verschilt al naar gelang de betreffende conflictregel die wordt toegepast, maar er is een zekere tendens om rekening te houden met veranderingen, waarbij het aanknopingspunt meestal ten tijde van het aanhangig maken van de zaak wordt beoordeeld.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

II.4. Niet-toepassing van de conflictregels in uitzonderingsgevallen

De conflictregel die normaliter wordt toegepast, wordt in twee gevallen buiten toepassing gelaten.

  • Uitzondering internationale openbare orde

    Het aangewezen buitenlands recht wordt door de rechter buiten toepassing gelaten, indien de toepassing ervan in strijd komt met de openbare orde, welke wordt gedefinieerd als “de algemene rechtsbeginselen die naar algemeen geldende opvattingen absolute geldigheid hebben”. In plaats van het buitenlands recht, past de rechter in dat geval de Franse rechtsregel toe.

    De beoordeling van de openbare orde speelt vooral een belangrijke rol als het geding moet leiden tot het ontstaan van een recht op Frans grondgebied, maar kan soepeler worden toegepast als het slechts gaat om het toekennen van (rechts)gevolgen in Frankrijk aan rechten die gewoonlijk in het buitenland worden verkregen.

  • Voorrangsregels

    Deze regels worden gedefinieerd als “wettelijke regels die dienen te worden nageleefd voor het waarborgen van de politieke, sociale en economische organisatie van het land".

    Deze wettelijke regels kunnen rechtstreeks, zonder tussenkomst van een conflictregel, worden toegepast. In sommige gevallen wordt de regel in de wet zelf uitgewerkt. Als dit niet het geval is, is het de taak van de rechter om te bepalen of een wet rechtstreeks dient te worden toegepast. Dit is met name het geval bij het Franse en Europese mededingingsrecht, de Franse arbeidsrechtelijke bepalingen op het gebied van gezondheid, veiligheid, arbeidsduur en wijze van uitvoering van het werk en de regels ter bescherming van en hulp aan in Frankrijk wonende minderjarigen. De rechter is gehouden de Franse voorrangsregels van rechtswege toe te passen. De rechter heeft de bevoegdheid om buitenlandse voorrangregels toe te passen, tenzij een internationaal verdrag dit verbiedt (bijvoorbeeld artikel 7 § 1 van het Verdrag van Rome).

    Bovenkant paginaBovenkant pagina

II.5. Vaststelling van de inhoud van het buitenlands recht

Van oudsher had de partij die de toepassing van buitenlands recht inriep, de plicht om de inhoud ervan vast te stellen, en meer in het bijzonder om aan te tonen op welke punten toepassing van het Franse recht niet tot een vergelijkbaar resultaat zou leiden.

Volgens relatief recente jurisprudentie (1998) is het aanvaard dat de rechter zelf de inhoud van het buitenlands recht dient te onderzoeken, zodra hij verklaart dat dit van toepassing is. Dit onderzoek dient van rechtswege plaats te vinden als het geding gaat om rechten waarover niet kan worden beschikt.

De inhoud van het buitenlands recht kan door middel van de in het nieuwe Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (le nouveau Code de procédure civile) genoemde onderzoeksmiddelen (onderzoek, comparitie van partijen, verzoek tot overlegging van stukken door een derde, etc.) worden vastgesteld.

In de rechtspraktijk wordt vaak gebruik gemaakt van een zogenaamd “certificat de coutume” (verklaring betreffende geldend recht) Het “certificat de coutume” is een in het Frans opgesteld document, afkomstig van een consulaat of ambassade van een buitenlandse mogendheid in Frankrijk, dan wel van een buitenlandse of Franse jurist die deskundig is op het gebied van het betreffende recht.

III. Conflictregels

III.1. Contractuele verbintenissen en rechtshandelingen

De overeenkomst kan worden beheerst door de rechtskeuze van partijen. Bij gebreke van een expliciete rechtskeuze door partijen, dient de rechter het toepasselijke recht vast te stellen aan de hand van de opzet en inrichting van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Bovendien komen specifieke conflictregels voor in verschillende internationale verdragen waarbij Frankrijk partij is:

  • Verdrag van Rome van 19 juni 1980 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, waarin wordt bepaald (artikel 3 § 1) dat de overeenkomst wordt beheerst door de rechtskeuze van partijen. Deze keuze dient expliciet te zijn gemaakt of op stellige wijze af te leiden zijn uit de contractsbepalingen of de omstandigheden van het geval. Bijzondere regels gelden voor consumentenovereenkomsten (art. 5) en voor de individuele arbeidsovereenkomst (art. 6), met het oog op bescherming van de zwakst geachte partij. De keuze voor een contractenrechtsstelsel mag de zwakke partij niet de bescherming ontnemen die hem door de dwingendrechtelijke bepalingen van het rechtsstelsel waarmee hij de nauwste banden heeft, wordt geboden. De toekomstige verordening Rome I, waarover de onderhandelingen momenteel gaande zijn, dient een modernere en meer Europese versie te worden van bovengenoemd verdrag.
  • het Haags Verdrag van 1955 nopens de op de internationale koop van roerende lichamelijke zaken toepasselijke wet. Volgens dit verdrag hebben partijen ook een keuzevrijheid betreffende het toepasselijk recht (artikel 2). Als partijen geen rechtskeuze hebben gemaakt, wordt de koop beheerst door het nationaal recht van het land waar de verkoper op het moment van ontvangst van de bestelling zijn gewoonlijke verblijfplaats heeft (artikel 3).

De wet die op de overeenkomst van toepassing is, bepaalt van oudsher:

  • de voornaamste voorwaarden voor materiële rechtsgeldigheid van de overeenkomst (met uitzondering van de handelingsbekwaamheid) en eventueel de vormvereisten;
  • de gevolgen van de overeenkomst (interpretatie, nakoming van de verbintenissen, gevolgen van het geheel of gedeeltelijk niet-nakomen, waardebepaling van de schadevergoeding);
  • de gevolgen van het tenietgaan van verbintenissen van partijen.

III.2. Niet-contractuele verbintenissen

De Europese verordening Rome II (inzake het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen) zal voortaan een groot deel van deze materie gaan bestrijken. Buiten het materiële en geografische toepassingsgebied van deze verordening volgt het Franse regime de algemene regel waarin wordt bepaald dat het recht van de plaats van de onrechtmatige daad van toepassing is. Daarnaast zijn er een groot aantal bijzondere bepalingen die gelden voor specifieke situaties en die voortvloeien uit jurisprudentie of uit mede door Frankrijk gesloten internationale verdragen:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • toepassing van het recht van de plaats waar de schadeloosstelling tot vergoeding van de door oneerlijke concurrentie geleden schade zal plaatsvinden;
  • toepassing van het recht van de plaats waar de schadeloosstelling tot vergoeding van milieuschade zal plaatsvinden;
  • bepalingen van het Haags Verdrag van 4 mei 1971 inzake de wet welke van toepassing is op verkeersongevallen op de weg;
  • bepalingen van het Haags Verdrag van 2 oktober 1973 inzake productaansprakelijkheid.

III.3. Afstamming en adoptie

III.3.1. Afstamming

De afstamming wordt bepaald door het persoonlijk recht (recht van de nationaliteit) van de moeder op de geboortedag van het kind of door het persoonlijk recht van het kind als de moeder onbekend is.

De gevolgen van de afstamming worden beheerst door het persoonlijk recht van het kind of door het recht dat de gevolgen van het tussen de ouders gesloten huwelijk regelt.

Deze bepalingen worden echter opzij gezet door het internationale verdragsrecht in geschillen waarbij de betrokken staten verdragen hebben gesloten die materieel op deze geschillen van toepassing zijn: geschillen inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid waarbij de betrokken kinderen hun gewoonlijke verblijfplaats in Frankrijk hebben of in een andere staat die partij is bij het Haags Verdrag van 1961; onwettige verplaatsing van kinderen tussen staten die partij zijn bij het Haags Verdrag van 25 oktober 1980; geschillen betreffende alimentatieverplichtingen, in het licht van het Haags Verdrag van 2 oktober 1973.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

III.3.2. Adoptie

Zowel de voorwaarden voor als de gevolgen van adoptie worden, zoals bepaald in de jurisprudentie, beheerst door het nationaal recht van de adoptant, terwijl de voorwaarden voor goedkeuring of voor vertegenwoordiging van de geadopteerde, worden beheerst door het recht van het kind.

III.4. Huwelijk, ongehuwd samenwonen en verschillende vormen van geregistreerd partnerschap, echtscheiding, scheiding van tafel en bed, alimentatieverplichtingen

III.4.1. Huwelijk

De basisvoorwaarden voor het sluiten van een huwelijk (handelingsbekwaamheid, toestemming, etc.) vallen onder het persoonlijk recht van de echtgenoten (artikel 3 van het Burgerlijk Wetboek). Bovendien dienen Fransen die in het buitenland trouwen, de basisvoorwaarden van de Franse wet (artikel 170 Burgerlijk Wetboek) in acht te nemen. Als de toekomstige echtgenoten verschillende nationaliteiten hebben, worden de twee persoonlijke rechtsstelsels distributief toegepast; als het gaat om huwelijksbeletsels, zal het meest strenge rechtsstelsel worden toegepast.

De vormvereisten (te vervullen formaliteiten, burgerlijk of kerkelijk huwelijk, etc.) zijn in principe onderworpen aan het recht van de plaats van de huwelijksvoltrekking.

Het persoonlijk recht van de echtgenoten is ook van toepassing op de gevolgen van het huwelijk. Indien sprake is van verschillende nationaliteiten, is het recht van de gemeenschappelijke woonplaats van toepassing. Indien een gemeenschappelijke woonplaats ontbreekt, zal de Franse rechter het Franse recht toepassen, als het rechtsstelsel waaronder de zaak aanhangig is.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Onder dit recht vallen in het bijzonder de persoonlijke verplichtingen die uit het huwelijk voortvloeien (plicht van trouw, bijstand en samenleven) en de tussen echtgenoten gesloten contracten, met uitzondering van giften van toekomstige goederen tussen echtgenoten, die onder het successierecht vallen.

III.4.2. Ongehuwd samenwonen en verschillende vormen van geregistreerd partnerschap

Ongehuwd samenwonen zonder registratie wordt niet in de wet geregeld. Het positief recht beschouwt de verschillende rechtsverhoudingen die tussen de partners ontstaan als afzonderlijke verhoudingen die elk, al naar gelang hun aard, aan een bepaald recht worden onderworpen. (TGI Paris, 21/11/1983).

Wat betreft het recht dat op het geregistreerd partnerschap, zoals het PACS (Pacte Civil de Solidarité), van toepassing is, ontbreekt een duidelijk antwoord in de jurisprudentie en zijn de opvattingen in de doctrine verdeeld. Sommigen zijn van mening dat het recht inzake rechtshandelingen van toepassing is. Anderen menen dat het recht inzake de persoonlijke staat van betrokkenen van toepassing is. Weer anderen zouden de voorkeur geven aan het instellen van een geheel eigen aanknopingscategorie – het recht van het instituut. Tenslotte zijn sommigen van mening dat, op zijn minst voor het PACS, het Franse recht als voorrangsregel zou moeten worden toegepast.

III.4.3. Echtscheiding en scheiding van tafel en bed

Krachtens artikel 310 van het Burgerlijk Wetboek is Frans recht van toepassing op echtscheiding en scheiding van tafel en bed indien:

Bovenkant paginaBovenkant pagina

  • beide echtgenoten de Franse nationaliteit hebben;
  • beide echtgenoten hun woonplaats op Frans grondgebied hebben;
  • geen enkel buitenlands rechtsstelsel heeft erkend bevoegd te zijn, terwijl echtscheiding en scheiding van tafel en bed onder de competentie van de Franse rechtsinstellingen vallen.

De Hoge Raad (Cour de cassation) heeft geoordeeld dat er bij instelling van het rechtsgeding sprake moet zijn van de Franse nationaliteit en een woonplaats in Frankrijk.

In het recht dat van toepassing is op echtscheiding of op scheiding van tafel en bed, worden de rechtsgronden voor een dergelijke uitspraak (schuld, onverenigbaarheid van karakters, breuk in het samenleven, wederzijds goedvinden, etc.) en de financiële gevolgen van de echtscheiding of de scheiding van tafel en bed (toegekende schadevergoedingen, compensaties of alimentatiebetalingen tussen echtgenoten) vastgesteld.

III.4.4. Alimentatie

De conflictregel uit het gemene recht die tegenwoordig in Frankrijk wordt toegepast, vloeit voort uit de artikelen 4, 5 en 6 van het Haags Verdrag van 2 oktober 1973 inzake de wet die van toepassing is op onderhoudsverplichtingen. In genoemde artikelen wordt het nationaal recht van de gewoonlijke verblijfplaats van de onderhoudsgerechtigde aangewezen. Indien deze gerechtigde echter op basis van genoemd recht geen alimentatie kan verkrijgen, zal het recht van de gemeenschappelijke nationaliteit van de alimentatieverstrekker en -gerechtigde van toepassing zijn (artikel 5), en indien een gemeenschappelijke nationaliteit ontbreekt, het rechtsstelsel waaronder de zaak aanhangig is gemaakt.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Het op deze manier aangewezen recht is van toepassing op de financiële verhoudingen tussen de echtgenoten staande huwelijk (bijdrage in de kosten van het huwelijk) en op de onderhoudsverplichtingen tegenover de kinderen van het echtpaar. Het is echter mogelijk dat dit recht in strijd komt met het recht dat van toepassing is op echtscheiding en scheiding van tafel en bed krachtens artikel 8 van bovengenoemd Haags Verdrag van 1973.

III.5. Huwelijksvermogensregimes

Het door de echtgenoten gekozen recht, indien zij onder huwelijkse voorwaarden zijn gehuwd, is van toepassing.

Indien een expliciete keuze ontbreekt, dient te worden onderzocht wat de impliciete keuze van de echtgenoten is. In dit opzicht bestaat een vermoeden ten gunste van het recht van de eerste echtelijke woonplaats van het echtpaar; hieronder wordt de plaats verstaan waar het echtpaar zich voor het eerst duurzaam vestigt.

Deze keuze komt ook voor in het Haags Verdrag van 14 maart 1978, waarbij Frankrijk partij is. Dit verdrag voegt twee aanknopingscriteria toe aan de rechtskeuze door partijen en hun eerste gemeenschappelijke woonplaats: de gemeenschappelijke nationaliteit van de echtgenoten of het recht dat het meest met hun situatie is verbonden.

Het toepasselijk recht bepaalt de veranderbaarheid of onveranderbaarheid van het regime, de soorten goederen en de bevoegdheden van de echtgenoten ten aanzien van deze goederen, de wijze van beheer en de opheffing van het regime.

III.6. Erfrecht

Op vererving van onroerende zaken is het recht van de plaats van ligging van de onroerende zaak van toepassing. Verervingen van roerende zaken zijn onderworpen aan het recht van de laatste woonplaats van de erflater.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Het erfrecht regelt alle vragen betreffende de rechtsovergang, de erfrechtelijke verkrijging en de afwikkeling van de nalatenschap.

Bij erfopvolgingen ab intestato, bepaalt het erfrecht welke erfgenamen worden opgeroepen voor de erfopvolging. Het bewijs van verwantschap dat nodig is om als erfgenaam te worden toegelaten, is daarentegen afhankelijk van de staat van een persoon en niet van het erfrecht.

Voor testamentaire erfopvolgingen zijn er twee internationale rechtsinstrumenten die toegepast kunnen worden. Het gaat hier om het Haags Verdrag van 5 oktober 1961 inzake de wetsconflicten betreffende de vorm van testamentaire beschikkingen en om het Verdrag van Washington van 26 oktober 1973 betreffende uniforme regels voor de vorm van een internationaal testament.

III.7. Zakenrecht (materiële zaken)

Het toepasselijk recht wordt bepaald door de plaats van ligging van de roerende of onroerende zaak. Als roerende zaken van de ene staat naar de andere worden verplaatst, is het vaststellen van het toepasselijk recht problematisch. Dit conflict wordt in de jurisprudentie opgelost door uit te gaan van de plaats waar de roerende zaak zich op het moment van het indienen van de rechtsvordering bevindt.

Voor roerende transportmiddelen (boten, luchtvaartuigen, etc.), bepaalt het internationale verdragsrecht dat het recht van de staat van registratie van toepassing is.

Het toepasselijk recht bepaalt de hoofd- en aanvullende zakelijke rechten en de voorrechten van de rechthebbende, evenals de wijzen waarop het recht kan worden verkregen. Het toepasselijk recht kan in dat opzicht gecombineerd worden met het recht dat de overdrachtshandeling die het recht doet ontstaan, regelt, met name een eigendomsoverdracht.

III.8. Faillissement

In het algemeen is het recht dat van toepassing is op faillissement, het recht van de vestigingsplaats van het gerecht waar het faillissement is aangevraagd. Er dient gekeken te worden naar eventuele jurisdictieconflicten om vervolgens vast te stellen welk recht van toepassing zal zijn. Er zij op gewezen dat in Verordening (EG) nr.1346/2000 van 29 mei 2000 een conflictregel is opgenomen, die in casu bepaalt dat het recht van de lidstaat waar de faillissementsprocedure is geopend, van toepassing is (artikelen 4 en 28).

Het faillissementsrecht kan strijdig zijn met het recht van de plaats van ligging van de zaken, vooral met betrekking tot door partijen overeengekomen waarborgen, privileges en wettelijke hypotheken op in het buitenland gelegen zaken.

« Toepasselijk recht - Algemene informatie | Frankrijk - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 04-12-2008

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk