Europese Commissie > EJN > Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting > Griekenland

Laatste aanpassing: 14-06-2006
Printversie Voeg toe aan favorieten

Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting - Griekenland

EJN logo

Deze pagina is vervallen. De pagina wordt bijgewerkt en verplaatst naar het Europees e-justitieportaal.


In het informatieblok “Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting - Algemene informatie” vindt u een overzicht van de alternatieve wijzen van geschillenbeslechting.

In dit nieuwe informatieblok vindt u meer praktische informatie over alternatieve wijzen van geschillenbeslechting in Griekenland.



 

INHOUDSOPGAVE

Welke alternatieve wijzen van geschillenbeslechting bestaan er in Griekenland? Welke alternatieve wijzen van geschillenbeslechting bestaan er in Griekenland?
VERZOENINGSPROCEDURE VERZOENINGSPROCEDURE
BUITENGERECHTELIJKE GESCHILLENBESLECHTING BUITENGERECHTELIJKE GESCHILLENBESLECHTING
ARBITRAGE ARBITRAGE
In bepaalde gevallen heeft u toegang tot een van deze alternatieve wijzen van geschillenbeslechting. Kies uit onderstaand overzicht de situatie die op u van toepassing is: In bepaalde gevallen heeft u toegang tot een van deze alternatieve wijzen van geschillenbeslechting. Kies uit onderstaand overzicht de situatie die op u van toepassing is:
Geschillen tussen consumenten en bedrijven Geschillen tussen consumenten en bedrijven
Geschillen tussen beroepsbeoefenaren Geschillen tussen beroepsbeoefenaren
Arbeidsgeschillen Arbeidsgeschillen
Huurgeschillen Huurgeschillen
Familieconflicten Familieconflicten
Geschillen tussen particulieren Geschillen tussen particulieren

 

Welke alternatieve wijzen van geschillenbeslechting bestaan er in Griekenland?

In het algemeen is alternatieve geschillenbeslechting in Griekenland niet sterk ontwikkeld. De buitengerechtelijke werkwijze is zo goed als onbekend.

Op grond van de artikelen 208 tot en met 214 van hoofdstuk 1 van de Κώδικα Πολιτικής Δικονομίας (wetboek van burgerlijke rechtsvordering — hierna: WBR) kan voorafgaand aan een vordering in rechte een poging tot verzoening worden ondernomen, maar van deze mogelijkheid wordt weinig gebruikgemaakt.

VERZOENINGSPROCEDURE

Iedereen die van plan is een gerechtelijke procedure in te leiden, kan eerst verzoeken om een poging tot verzoening door de ter plaatse bevoegde vrederechter, zelfs indien deze inhoudelijk niet bevoegd zou zijn voor die zaak. Hiertoe moet ofwel een verzoekschrift met een korte beschrijving van het geschil bij de rechter worden ingediend, ofwel moeten de partijen spontaan in persoon voor hem verschijnen. Wanneer een verzoek om een verzoeningsprocedure is ingediend, nodigt de rechter alle partijen uit om op een bepaalde dag en tijd voor hem te verschijnen. De uitnodiging van de rechter moet een korte beschrijving van het geschil omvatten. Wanneer de partijen spontaan voor hem verschijnen, kan de rechter meteen overgaan tot de verzoeningspoging. De besprekingen hoeven niet in het openbaar plaats te vinden, maar van de interventie van de rechter moeten notulen worden bijgehouden. Bij zijn poging tot verzoening onderzoekt de rechter het hele geschil met de partijen zonder daarbij gebonden te zijn aan de geldende formele en materiële wetsbepalingen, beoordeelt hij de feiten naar eigen goeddunken en probeert hij een manier te vinden om de partijen te verzoenen. Hierbij mag de rechter een bevel geven tot uitvoering van een inspectie ter plaatse, tot inwinning van advies van deskundigen en tot overlegging van alle soorten documenten. Ook mag hij de partijen sommeren in persoon te verschijnen, getuigen — al dan niet onder ede — ondervragen en in het algemeen elke actie ondernemen met het oog op beslechting van het geschil. De verzoening kan betrekking hebben op het hele geschil of op een deel ervan. De handelingen van de rechter bij zijn poging tot verzoening worden in beknopte vorm in de notulen bijgehouden. Indien de poging mislukt, wordt dit in de notulen vermeld en geeft rechter de reden van de mislukking aan. Wanneer het wel tot verzoening komt, worden alle voorwaarden gedetailleerd in de notulen opgenomen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

BUITENGERECHTELIJKE GESCHILLENBESLECHTING

In 1995 is het initiatief genomen om een andere alternatieve wijze van geschillenbeslechting te ontwikkelen. Artikel 214A WBR (dat na verschillende keren uitstel pas in 1999 in werking is getreden voor vorderingen die vanaf 16 september 2000 zijn ingediend) luidt als volgt: “Vorderingen naar aanleiding van privaatrechtelijke geschillen die in gewone procedures inhoudelijk binnen de bevoegdheid van de meervoudige kamer van het gerecht van eerste aanleg vallen, en waarvoor volgens materiële wetsbepalingen een verzoeningsprocedure is toegestaan, mogen niet in behandeling worden genomen voordat er is geprobeerd buitengerechtelijke overeenstemming te bereiken. Bij het registreren van het verzoek en het vaststellen van de zittingsdatum, voorziet de griffier het origineel en de kopieën van een duidelijk stempel met de vermelding dat de zaak niet in behandeling kan worden genomen zonder voorafgaande poging om het geschil buitengerechtelijk te beslechten.” De dagvaarding voor de terechtzitting moet ook een uitnodiging aan de verweerder omvatten om op een bepaalde dag en tijd te verschijnen op het kantoor van de advocaat van de eiser of op het kantoor van diens beroepsorganisatie, om te proberen een buitengerechtelijke regeling te treffen. De aldus opgeroepen partij moet verschijnen met een advocaat of zich laten vertegenwoordigen door een advocaat met een bijzondere volmacht. De advocaten mogen samen een andere datum voor de zitting vaststellen of de zitting uitstellen tot een andere dag en tijd op een afgesproken plaats. De besprekingen om een buitengerechtelijke beslechting van het geschil te bereiken, vinden plaats tussen de vijfde dag na de bekendmaking van de vordering aan de verweerder en de 35e dag voor de vastgestelde datum van de terechtzitting. Tijdens de bijeenkomsten moeten de partijen, met hun advocaat of vertegenwoordigd door een advocaat aan wie zij een bijzondere volmacht hebben verleend, en desgewenst bijgestaan door een gezamenlijk gekozen derde persoon, het geschil en eventuele tegeneisen van de verweerder in hun geheel onderzoeken, zonder daarbij gebonden te zijn aan materiële wetsbepalingen. Zij mogen alle passende middelen gebruiken voor het vaststellen van de belangrijkste feiten en van de punten waarover zij het wel of niet eens zijn, en van de consequenties die zij aanvaarden of betwisten, om een voor beide partijen aanvaardbare volledige of gedeeltelijke oplossing van het geschil te vinden. Indien de partijen hierin slagen, wordt er kosteloos een akte opgesteld waarin de inhoud van de overeenkomst en vooral de aard van het erkende recht, het bedrag dat met de verschuldigde prestatie is gemoeid en alle aan de prestatie verbonden voorwaarden moeten worden vermeld. De overeenkomst wordt beperkt tot het geschil dat aan de vordering ten grondslag ligt. Daarnaast worden de kosten vastgesteld en opgelegd overeenkomstig de bepalingen van artikel 176 en volgende. De akte wordt gedateerd en ondertekend door de partijen of hun advocaten in evenveel exemplaren als er partijen of groepen partijen zijn. Elke partij kan een origineel van de akte indienen bij de president van de meervoudige kamer van het gerecht van eerste aanleg waar de procedure aanhangig is en hem om bekrachtiging verzoeken. De president bekrachtigt de akte nadat hij heeft vastgesteld a) dat het geschil buitengerechtelijke mag worden beslecht overeenkomstig lid 1, b) dat de akte rechtsgeldig is ondertekend en c) dat de aard van het erkende recht en de bedragen die aan de verschuldigde prestatie zijn verbonden duidelijk in de akte zijn vermeld. Indien er ook om een bevel tot het verrichten van een prestatie is verzocht, maakt de akte tenuitvoerlegging mogelijk zodra deze bekrachtigd is, en geeft de president op hetzelfde moment het daaraan verbonden bevel tot tenuitvoerlegging. Indien er alleen om een verklarend vonnis is verzocht, vormt de akte het bewijs voor het erkende recht. In alle gevallen eindigt de gerechtelijke procedure met de bekrachtiging van de akte.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien het niet tot overeenstemming komt, wordt er een akte opgesteld en ondertekend waarin wordt vermeld dat de poging om een buitengerechtelijke overeenkomst te bereiken mislukt is en wat hiervan de oorzaken waren. Indien er geen gezamenlijke akte wordt ondertekend, stelt de advocaat van de verzoeker of van een andere verzoekende partij een verklaring op waarin de oorzaken van de mislukking kunnen worden aangegeven. De advocaat van de tegenpartij kan een soortgelijke verklaring opstellen. De akte waarin de mislukking wordt vastgesteld of de verklaringen worden samen met de pleidooien ingediend tijdens de terechtzitting. Wanneer er gedeeltelijke overeenstemming wordt bereikt, hoeft er geen speciale akte of verklaring over de mislukking te worden opgesteld.

Helaas heeft dit alternatieve mechanisme voor geschillenbeslechting niet de verwachte resultaten opgeleverd en fungeert het slechts als een procedurele voorwaarde om de gerechtelijke procedure te kunnen inleiden.

Het enige mechanisme voor alternatieve geschillenbeslechting dat in Griekenland werkelijk functioneert, is arbitrage.

ARBITRAGE

De arbitrageprocedure wordt geregeld in hoofdstuk 7 WBR (artikelen 867 tot en met 903).

Arbitrage is mogelijk voor alle privaatrechtelijke geschillen, met uitzondering van die in verband met arbeid in dienstverband, mits de betrokken partijen de vrije beschikking over het voorwerp van het geschil hebben. De partijen kunnen zelfs toekomstige geschillen aan arbitrage onderwerpen, maar in dat geval moet de overeenkomst schriftelijk zijn en betrekking hebben op een specifieke rechtsverhouding waaruit geschillen kunnen ontstaan. Een overeenkomst om een zaak aan arbitrage te onderwerpen, kan ook worden gesloten tijdens een terechtzitting. Als arbiter kunnen een of meer personen of zelfs een heel gerecht worden aangewezen.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Indien in de arbitrageovereenkomst geen arbiters worden aangewezen en de wijze van benoeming niet wordt vastgelegd, benoemt elke partij een arbiter. Indien er meerdere arbiters zijn en in de overeenkomst niet anders wordt bepaald, wijzen de arbiters de voorzitter aan. De benoeming van een arbiter door een van de partijen, de aanwijzing van de voorzitter door de andere arbiters en de benoeming van arbiters door een derde persoon zijn onherroepelijk.

Alle gerechten van eerste aanleg met enkelvoudige kamer beschikken over een lijst van arbiters die door het gerecht van eerste aanleg met meervoudige kamer is opgesteld. Wie als arbiter wordt aangewezen, is niet verplicht deze aanwijzing te aanvaarden. Op grond van artikel 882 WBR moet de partij die om arbitrage verzoekt, de helft van het honorarium van de arbiter(s) vooruitbetalen. In de arbitrale uitspraak wordt bepaald welke partij het honorarium en de kosten moet betalen.

De procedure wordt gevoerd ten overstaan van de arbiters, die handelen in onderling overleg. De arbiters stellen de plaats en het tijdstip van de arbitrage en de te volgen procedure naar eigen goeddunken vast, tenzij in de arbitrageovereenkomst anders is bepaald. In de arbitrageprocedure hebben de partijen dezelfde rechten en plichten en wordt het gelijkheidsbeginsel in acht genomen. De partijen moeten worden gedagvaard om te verschijnen en hun argumenten mondeling of schriftelijk — naar beslissing van de arbiters — mee te delen en bewijsstukken in te dienen. De voorzitter leidt de discussie. Het mag de partijen niet verboden worden, zich door een advocaat te laten bijstaan of zich door hem te laten vertegenwoordigen. Er kunnen getuigen en deskundigen worden gehoord, al dan niet onder ede. Tenzij in de arbitrageovereenkomst anders wordt bepaald, passen de arbiters de bepalingen van het materiële recht toe. De uitspraak moet schriftelijk worden vastgelegd en door de arbiters worden ondertekend. Deze moet de volgende gegevens bevatten: a) de voor- en achternamen van de arbiters; b) de plaats en het tijdstip van de uitspraak; c) de voor- en achternamen van de deelnemers aan de arbitrageprocedure; d) de arbitrageovereenkomst waarop de uitspraak is gebaseerd; e) de gronden en f) de beslissing. Tegen de arbitrale uitspraak staat geen beroep open. Wel kan de uitspraak bij gerechtelijk vonnis geheel of gedeeltelijk worden vernietigd, maar enkel om een van de volgende redenen: 1) de arbitrageovereenkomst was ongeldig; 2) de uitspraak is gedaan nadat de arbitrageovereenkomst niet meer geldig was; 3) de uitspraak is gedaan door arbiters die zijn benoemd in strijd met de bepalingen van de arbitrageovereenkomst of de wet, of van wie de benoeming door de partijen was herroepen, of ten aanzien van wie een verzoek om uitsluiting was aanvaard; 4) de arbiters die de uitspraak hebben gedaan, hebben de hun door de arbitrageovereenkomst of bij wet toegekende bevoegdheden overschreden; 5) schending van de bepalingen van artikel 886, lid 2 (stopzetting van de overeenkomst) of de artikelen 891 en 892 (inhoud van de arbitrale uitspraak); 6) de uitspraak is in strijd met de openbare orde of de goede zeden; 7) de uitspraak is onbegrijpelijk of bevat tegenstrijdige bepalingen; 8) er is reden voor herziening op grond van artikel 544 WBR.

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Op grond van artikel 902 WBR mogen kamers van koophandel en soortgelijke instellingen, effecten- en handelsbeurzen en beroepsorganisaties met rechtspersoonlijkheid die door het publiekrecht worden geregeld, door middel van een besluit een arbitrageregeling invoeren op voorstel van de minister van justitie en de minister die verantwoordelijk is voor het toezicht op de betrokken rechtspersoon, na advies van het bestuur van de betrokken instantie.

In bepaalde gevallen heeft u toegang tot een van deze alternatieve wijzen van geschillenbeslechting. Kies uit onderstaand overzicht de situatie die op u van toepassing is:

Geschillen tussen consumenten en bedrijven

Zoals vermeld onder Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting – Gemeenschapsrecht, geeft de Commissie op haar website een overzicht van een groot aantal instanties voor alternatieve beslechting van consumentengeschillen in alle lidstaten. Daar vindt u praktische informatie om te bepalen of u toegang tot een van deze stelsels heeft: structuur en werkingssfeer, gevolgde procedure, kosten en andere gegevens. Zie voor dit overzicht: English

Het is mogelijk dat u zich tot een instantie voor alternatieve geschillenbeslechting in een andere lidstaat moet wenden. Om precies te weten tot welke, kunt u de website EEJ-Net raadplegen: http://www.eejnet.org/ of FIN-NET indien het een geschil over financiële diensten betreft

Geschillen tussen beroepsbeoefenaren

Zoals reeds opgemerkt, bestaat hiervoor geen specifieke alternatieve wijze van geschillenbeslechting.

Arbeidsgeschillen

Er bestaat een vorm van alternatieve geschillenbeslechting door de plaatselijke arbeidsinspectie. Bij een geschil wordt de werkgever op verzoek van de werknemer ontboden op het kantoor van de plaatselijke arbeidsinspectie, en helpt een medewerker van de inspectie bij het vinden van een oplossing. Deze procedure is kosteloos.

Huurgeschillen

Zoals reeds opgemerkt, bestaat hiervoor geen specifieke alternatieve wijze van geschillenbeslechting.

Familieconflicten

Zoals reeds opgemerkt, bestaat hiervoor geen specifieke alternatieve wijze van geschillenbeslechting.

Geschillen tussen particulieren

Zoals reeds opgemerkt, bestaat hiervoor geen specifieke alternatieve wijze van geschillenbeslechting.

« Alternatieve wijzen van geschillenbeslechting - Algemene informatie | Griekenland - Algemene informatie »

Bovenkant paginaBovenkant pagina

Laatste aanpassing: 14-06-2006

 
  • Gemeinscheftsrecht
  • Internationaal recht

  • België
  • Bulgarije
  • Tsjechië
  • Denemarken
  • Duitsland
  • Estland
  • Ierland
  • Griekenland
  • Spanje
  • Frankrijk
  • Italië
  • Cyprus
  • Letland
  • Litouwen
  • Luxemburg
  • Hongarije
  • Malta
  • Nederland
  • Oostenrijk
  • Polen
  • Portugal
  • Roemenië
  • Slovenië
  • Slowakije
  • Finland
  • Zweden
  • Verenigd Koninkrijk